Thailand. Grote beweging voor het ontslag van premier Thaksin

Een jaar nadat een nieuwe regering werd verkozen met een enorm groot stemmenaantal, wordt de Thaise premier Thaksin Shinawatra geconfronteerd met een politieke storm die mogelijk kan leiden tot de val van de regering. De afgelopen weken waren er massale betogingen van de People’s Alliance for Democracy (PAD), een coalitie van politieke tegenstanders van Thaksin, waaronder studenten, academeci, vakbonden,… Vorige zondag waren er zelfs 150.000 betogers!

Ravie Chandren

De actievoerders beschuldigen de premier van corruptie, machtsmisbruik, een foute aanpak van een opstand van moslims in het zuiden van Thailand, het miskennen van democratische instellingen en het toelaten van corruptie om de staatskas te plunderen. Deze recente politieke crisis is de grootste crisis in het land sinds 1992, toen straatacties komaf maakten met een regering die werd gesteund vanuit het leger.

Het massale ongenoegen onder voornamelijk de stedelijke bevolking kwam tot een uitbarsting na het bekendworden van het feit dat de familie van Thaksin geen belastingen moest betalen na een financieel akkoord waarmee ze zo’n 2 miljard dollar rijker werden. Op 23 januari verkocht de familie haar aandelen in de telecomreus Shin Corp aan de Tamasek Holding van Singapore voor 1,88 miljard dollar. Dat was de grootste verkoop uit de geschiedenis van Thailand. Daarop moesten geen belastingen worden betaald. Tegelijk moet de gewone bevolking steeds meer belastingen betalen en gebeurt de inning van de belastingen veel strikter.

De corruptie van premier Thaksin zorgde ervoor dat de zakenman Sondhi Limthongkul, een voormalige vriend van Thaksin, mee het verzet wil organiseren. In naam van een strijd voor persvrijheid en politieke vrijheid, vervoegt hij de rangen van heel wat middenklasse activisten in de Thaise steden om het ontslag van Thaksin te eisen. Sondhi en anderen gebruiken de vele beschuldigingen van corruptie om zich te verzetten tegen protectionistische maatregelen en markthervormingen. Ze beschuldigen het regime onder meer van fraude bij het aankopen van materiaal voor de nieuwe luchthaven Suvarnabhumi in Bangkok en belangenconflicten met de zakenlijke belangen van de familie van Thaksin. Het feit dat zakenmensen zoals Sondhi het kamp van Thaksin hebben verlaten, is een duidelijk teken van de problemen waarmee de premier te maken heeft. Zelfs een deel van de heersende elite spreekt zich uit tegen hem.

Tegelijk zien we een daling van de groei van de Thaise economie. Voorheen was er een sterke groei door de uitvoer van onafgewerkte producten en onderdelen naar China. Nu daalt de groei van 6,5% in 2004 tot 4,5% in 2005. Thaksin staat onder zware internationale druk om het land te openen voor buitenlandse investeringen. Vooral Washington dringt aan op een vrijhandelsakkoord tussen Thailand en de VS. Dat zorgt ervoor dat kleine handelaars beginnen deel te nemen aan de protestacties uit vrees voor de gevolgen van een mogelijk vrijhandelsakkoord met de VS.

De druk op het regime zorgde ervoor dat Thaksin het parlement heeft ontbonden en vervroegde verkiezingen heeft uitgeschreven voor 2 april. Zijn heersende partij zal wellicht die verkiezingen winnen op basis van de enorme financiële middelen waarover ze beschikt en de steun onder de kiezers op het platteland. Dit zal de politieke moeilijkheden verder groter maken. De belangrijkste rechtse oppositiepartijen – Democraten, Chart Thai en Mahachon – stellen dat ze de verkiezingen zullen boycotten omdat Thaksin weigert een grondwetshervorming door te voeren. Zo werd voorgesteld dat een premier zijn functie neerlegt tot na de samenstelling van een nieuw parlement.

De politieke crisis binnen de heersende klasse van Thailand maakt tevens duidelijk dat de bevolking nog steeds sterk verdeeld is tussen de plattelandsbevolking en de stedelijke bevolking. Op het platteland is er heel wat steun voor de regering, terwijl het verzet in de steden groeit. Er is echter geen duidelijke leiding in de steden. Onder de betogers zijn er heel wat arbeiders, onder meer uit de elektriciteitssector. Daar is er verzet tegen de privatisering van het elektriciteitsbedrijf (EGAT). De leraars betogen tegen de regeringsplannen om de controle over de scholen over te dragen naar de lokale autoriteiten. Er is echter geen massale revolutionaire arbeiderspartij die de arbeiders in de steden een weg vooruit kan aanbieden en tegelijk campagne voert op het platteland met de eis van een regering van arbeiders en arme boeren.

Bij de twee vorige massale opstanden in Thailand waren er illusies in de zogenaamde ’progressieve’ burgerij. De middenklasse, studenten en boeren hoopten op democratische rechten tegen de militaire overheersing. Op 14 oktober 1973 zorgde studentenprotest ervoor dat de militaire dictatuur ten val kwam. Er kwam een kortstondige periode van democratie tot 1976, toen rechtse krachten en elementen uit het leger de studentenbeweging gewelddadig onderdrukten. In mei 1992 werd de militaire dictator Suchinda Kraprayoon verdreven na protestacties. Maar hij werd vervangen door een rechtse regering die niet in staat was een antwoord te bieden op de sociale en economische problemen in het land.

De verstedelijking en industrialisatie in de jaren 1990 dwong de bevolking op het platteland en vooral de boeren tot strijd voor hun rechten. Maar die strijd werd niet verbonden aan bewegingen van de arbeiders in de steden. De Raad van Armen was een groot netwerk van dorpsbewoners, voornamelijk uit de armste regio in het noord-oosten en sommige bewoners uit de sloppenwijken rond de steden. Ze slaagden er uiteindelijk in om belangrijke toegevingen af te dwingen van de regering van premier Chavalit Yongchaiyudh in 1997. Toen het regime van Chavilit ten val kwam door de economische crisis, werd deze vervangen door de regering onder leiding van Chuan Leepak die terugkwam op de akkoorden met de plattelandsbevolking en die probeerde de autoriteit van de Raad van Armen te ondermijnen.

In januari 2001 zorgde de plattelandsbevolking ervoor dat Thaksin Shinawatra aan de macht kon komen. Sindsdien heeft zijn populistische retoriek hem onder de plattelandsbevolking heel wat steun opgeleverd. De meerderheid van de 64 miljoen inwoners van Thailand woont op het platteland. “Op het platteland is er het gevoel dat het belangrijk is om nauwe banden te hebben met de premier. Ze hebben hun hoop op hem gevestigd omdat hij heel veel beloofd heeft“, stelde Bantorn Ondam, een adviseur van de Raad van Armen.

Als reactie op alle kritiek op het regime toonde Thaksin zijn dubiezue taktieken door zich terug te trekken in de noordoostelijke provincie. Hij trok zich terug in een tent in de tuin van een lokale dorpsbewoner om zo zijn retoriek over armoedebestrijding naar voor te brengen en de kritiek van de oppositie te neutraliseren. Met de steun van de plattelandsbevolking slaagde hij erin om een betoging van zo’n 150.000 aanhangers bijeen te brengen in de aanloop naar de verkiezingen van 2 april.

Thaksin zal mogelijk de verkiezingen winnen op basis van de steun die hij krijgt in het landelijke noorden en oosten. Dat was de manier waarop hij werd verkozen in 2001 en 2005. Maar dat zal niet het einde betekenen van de politieke crisis. Zoals de politieke analist Sunai Phusuk stelde in de Financial Times: “Als Thai Rak Thai (de partij van Thaksin) alleen opkomt bij deze verkiezingen, kan dit leiden tot een regering die verkozen wordt zonder enige legitimiteit onder de stedelijke bevolking. De regering zal dan belegerd worden.“

Delen van de heersende elite zijn ontevreden over de economische en politieke gevolgen van de confrontatie tussen Thaksin en de dissidenten. Hoe langer de confrontatie duurt, hoe meer impact dit heeft op de prijzen van de aandelen, de koers van de munt en de investeringen. Het is ook mogelijk dat bredere lagen van de bevolking hun ongenoegen naar voor beginnen te brengen. In dergelijke omstandigheden kan het komen tot een interventie van het leger of de koning, of beiden. Dat gebeurde ook in het verleden om te vermijden dat een crisis uit de hand liep.

Suriyassai Katasila, een leider van de PAD, stelde: “De massamobilisatie zal verdergaan en we stoppen niet vooraleer we winnen.“ Het is echter duidelijk dat de overwinning die Katasila op het oog heeft beperkt is tot een verwijdering van Thaksin en de vervanging van de premier door een andere rechtse figuur of een militair regime.

De ervaringen van de Thaise strijdbewegingen hebben aangetoond dat de boeren, studenten en de middenklasse, ondanks enorme opofferingen, er niet in slagen om de progressieve rol te spelen van de leiding in de strijd tegen het kapitalisme. Het lijkt er momenteel op dat de plattelandsbevolking, de meerderheid van de bevolking, en de middenklasse op dit ogenblik leiders zoals Thaksin of Sondhi steunt. Beiden zijn verdedigers van het kapitalisme.

Om tot fundamentele verandering te komen en het kapitalisme omver te werpen, zal de arbeidersklasse van cruciaal belang zijn. De arbeiders zullen daarbij moeten rekenen op de steun van de armen op het platteland, de studenten en de middenklasse. Er is nood aan een revolutionaire arbeiderspartij waarmee de arbeiders het vertrouwen kunnen winnen van andere lagen van de bevolking. Daarnaast moet zo’n partij de noodzaak van democratische eisen koppelen aan de noodzaak om het systeem omver te werpen en op te komen voor een arbeidersstaat die regionaal en internationaal een enorme impact zou hebben en een begin zou vormen in de opbouw van een socialistische samenleving.

Delen: Printen: