Op 28 november voerden een duizendtal poetshulpen uit de dienstenchequesector actie in Brussel, de eerste nationale actie in de sector ooit. De loononderhandelingen waren immers afgesprongen toen bleek dat de bazen niet bereid waren een bruto verhoging met 1,1% te voorzien. Het resultaat van de algemene nationale loononderhandelingen in het IPA voorziet dat dit mogelijk is. Hun voorstel is een verhoging van 0,6% en zelfs dat slechts in de vorm van een eenmalige netto premie, wat voor de meeste werkneemsters neerkomt op een premie van 65 euro.

Socialisme.be vroeg een reactie aan Levi Sollie, secretaris Algemene Centrale afdeling Antwerpen-Waasland, die de dienstensector opvolgt.

“Deze werkenden hebben al zeer lage lonen, het minimum uurloon ligt op 11,04 euro/u, gemiddeld verdienen ze 11,5 euro/u. De meesten onder hen werken ook slechts deeltijds, voor velen is het ook niet mogelijk meer te werken, gezien het niet gaat om aaneengesloten uren op dezelfde werkplaats en de tijd voor verplaatsingen snel kan oplopen. Een deel van hen zijn ook 50-plussers, voor wie een voltijdse betrekking – als het al zou worden aangeboden – niet haalbaar zou zijn. Onderzoeken wijzen immers uit dat het beroep leidt tot allerlei gezondheidsklachten, o.a. chronische rugpijn en gewrichtspijnen. Het voorstel van het patronaat in de sector is dan ook schandalig en toont dat sommige werkgevers eigenlijk niet bekommerd zijn om hun personeel.

“We kregen geen formele reacties op de actie van 28 november. Een aantal bedrijven liet uitschijnen akkoord te gaan met een verhoging van 1,1%, maar de patroonsfederatie Federgon blijft bij het lagere voorstel. Om extra druk te zetten, wordt dan ook deze week opnieuw actie gevoerd. We hopen op de voorziene onderhandelingen vrijdag 13/12 stappen vooruit te kunnen zetten.”

In de pers verschenen een aantal reacties van bazen uit de sector, die beweren dat het nu eenmaal niet mogelijk om meer te bieden?

“De actie op 28 november trok langs Randstad-Tempo Team, één van de grote spelers in de sector, die sindsdien heeft aangegeven bereid te zijn de loonsverhoging van 1,1% toe te kennen. Deze week viseren de acties twee andere grote bedrijvengroepen die zeker over meer dan voldoende middelen beschikken, maar wel dwars blijven liggen: Groep Daenens en Trixxo. Hun situatie toont dat er van een “gebrek aan middelen” zeker geen sprake is.

“Groep Daenens maakte in 2018 meer dan 3 miljoen euro winst en beschikt over zo’n 15 miljoen euro aan reserves. De groep heeft ondertussen al meer dan 60 overnames gedaan, waardoor het aantal werkneemsters al meer dan 12000 bedraagt. Dienstenaanhuis, Smile 4 you, Makkie, Greenhouse zijn enkele bedrijven die behoren tot de groep en Daenens is ook mede-eigenaar van Plus Home Services, TS Wallonie, …

“Ook Trixxo is met ruim 6500 werknemers een mastodont in de sector. De voorbije jaren waren er blijkbaar voldoende middelen om o.a. Clixx en nog een reeks kleinere concurrenten over te nemen. In oktober stuurde CEO Luc Jeurissen nog een brief naar een hele reeks kleine bedrijven met een overnamebod. Jeurissen beweert echter tegelijkertijd dat er geen geld is voor een loonsverhoging.

“Als dergelijke grote en groeiende winstgevende bedrijven beweren dat de middelen er niet zijn, dan toont dat enkel dat zij enkel gericht zijn op hun winsten, zelfs als dat voor hun werknemers betekent dat ze in armoede moeten leven. Veel van hen komen met hun deeltijdse job slechts aan een 1000 euro nettoloon – wie kan daarvan leven?”

Hoe gaat het nu verder?

“Vrijdag zullen we op de onderhandelingen zien of er stappen vooruit gezet kunnen worden. De acties hebben ervoor gezorgd dat er media-aandacht is en dat voor het eerst ook licht wordt geworpen op de moeilijke werkomstandigheden en de lage waardering, die zich niet enkel uit in het loon. Ook politici werden door de actie onder druk gezet en waren verplicht te stellen dat meer nodig is dan het belachelijke patronale aanbod van O,6%. De patroons moeten met andere voorstellen komen, zoniet zullen wij gemobiliseerd blijven.”

[divider]

Campagne ROSA solidair met dienstenchequewerkneemsters!

De dienstenchequesector kan als voorbeeld gelden voor veel jobs waarin vooral vrouwen terechtkomen: lage lonen, slechte werkomstandigheden, het soort jobs waarvoor je nauwelijks waardering krijgt. Het zijn ook werkneemsters die moeilijker te organiseren zijn door de vakbonden, velen van hen zien nooit hun collega’s, de werkuren zijn zeer flexibel en maken het moeilijk gezamenlijk te overleggen wat er moet gebeuren om zaken te veranderen. Deze acties zijn een zeer goede eerste stap, ook om de syndicalisatiegraad in de sector op te drijven.

Die lage waardering die zich uit in lonen waarvan je niet kunt leven, uit zich ook in bijvoorbeeld het gebrek aan aandacht voor het materiaal waarmee gewerkt wordt – veel werkneemsters ontwikkelen problemen met de luchtwegen door de gebruikte producten – of in de aandacht voor werkbaarheid: wijd verspreide rugklachten tonen dat er een te hoge werklast is en te weinig aandacht, o.a. met opleidingen, voor goede werkomstandigheden. Die lage waardering uit zich ook in een hoog aantal vrouwen die seksistische opmerkingen vanwege hun klanten ondergaan, zoals een vroegere studie van het CSC aantoonde.

We waren met Campagne ROSA aanwezig op de acties van de poetshulpen om onze solidariteit te tonen. Het is schandalig dat zelfs een loonsverhoging van 1,1% door het patronaat geweigerd wordt. We steunen de eisen van de vakbonden om op korte termijn minimum te komen dat het personeel dezelfde opslag kan hebben als de rest van de werkenden. Het zou een belangrijke stap vooruit zijn als de syndicale strijd dat kan bekomen.

Op langere termijn is uiteraard meer nodig om tot volwaardige jobs in de sector te komen: aandacht voor beter werkmateriaal en maatregelen om gezondheidsklachten te voorkomen, maar zeker ook verdere loonsverhogingen. Zelfs met een voltijdse job in deze sector, wat al niet gemakkelijk te bekomen is, kom je niet aan een inkomen waarmee je een waardig leven kunt uitbouwen.

Het is juist voor deze laagbetaalde sectoren dat de eis van het ABVV voor een 14 euro/uur minimumloon zo belangrijk is. Enkel een opbouwende strijd waarbij de werknemers met de laagste lonen de steun krijgen van de beter betaalde werkenden kan een algemene overwinning boeken. Een overwinning in één bedrijf zou al een belangrijke stap zijn, omdat het als voorbeeld en precedent zou kunnen dienen om de strijd ook concreet in alle werkplaatsen te voeren.

Naar de komende internationale vrouwendag – 8 maart 2020 – toe zullen we deze eis centraal stellen, naast andere broodnodige eisen zoals de individualisering van de sociale uitkeringen en het opvoeren van de strijd tegen pesterijen op de werkvloer. Enkel als we op straat blijven komen en onze stemmen laten horen, zal er aandacht zijn voor onze noden!

Protest eerder deze week in Brugge.