Home / Belgische politiek / Nationaal / 70% wil geen nieuwe Zweedse regering. Maar dat volstaat niet: heel het besparingsbeleid moet weg!

70% wil geen nieuwe Zweedse regering. Maar dat volstaat niet: heel het besparingsbeleid moet weg!

De bevolking wil niet weten van een terugkeer van de Zweedse coalitie. Volgens Le Soir wil 70% van de Belgen geen heruitgave van deze Thatcheriaanse besparingsregering. Ook hier geen grote verschillen tussen Vlaanderen, Brussel en Wallonië: 67% van de Vlamingen moet niet weten van de droomcoalitie van Bart De Wever (N-VA). Hét belangrijkste argument van Michel en co, dat van de gecreëerde jobs, werd onderuit gehaald door een studie van Gert Peersman van de UGent. Die stelde dat er zonder het gevoerde beleid van de afgelopen jaren meer groei en meer jobcreatie zou geweest zijn. Het enige waarin ons land excelleerde, was de stijging van de winsten van de bedrijven (gemiddeld gestegen met 3,2% tegenover 2,3% in de Eurozone en 1,8% in de buurlanden). Paul De Grauwe vatte het regeringsbeleid in De Morgen samen als “een verdere herverdeling ten voordele van kapitaalbezitters.”

door Geert Cool

Na alle aanvallen op onze pensioenleeftijd, lonen (indexsprong, loonstop, …) en sociale zekerheid (gebrek aan middelen voor zorg), de besparingen op openbaar vervoer en andere publieke diensten en de toenemende taksen, is het niet verwonderlijk dat het enthousiasme voor de regeringspartijen klein is. Alle peilingen zetten de Zweedse partijen op verlies. Langs Nederlandstalige kant hadden ze natuurlijk meer marge, maar ook daar staan N-VA, CD&V en Open VLD samen op fors verlies in vergelijking met 2014. Langs Franstalige kant is de afkeer tegenover de vorige regering zo groot dat CDH-topman Prévot nu een coalitie met N-VA uitsluit. Wat zo’n verklaring waard is, zagen we in 2014 met de liberale MR die ook plechtig beloofde niet met N-VA te regeren. Het is echter vooral een uitdrukking van een gevoel dat langs Franstalige kant leeft. Om de meubels voor CDH enigszins te redden, heeft Prévot een uithaal naar N-VA nodig. Ook de aanval op De Wever wegens ‘Air Franckenstein’ – zijn uitspraak van enkele jaren terug waarin hij aangaf de politie doelgerichte razzia’s te laten uitvoeren met het oog op het gedwongen uitwijzingen – levert langs Franstalige kant applaus op. Op basis van de peilingen is een terugkeer van een Zweedse coalitie niet mogelijk. De optie die in de Franstalige media het meest opduikt, is die van paarsgroen op regionaal en federaal niveau. De terugval van de sterke groei van Groen in de Vlaamse peilingen, samen met de verdere achteruitgang van zowel SP.a als Open VLD vormt een complicerende factor: langs Nederlandstalige kant is er geen paarsgroene meerderheid. Dat opent scenario’s van afwijkende meerderheden op de verschillende beleidsniveau’s en een terugkeer van communautair gekibbel.

De stelling van De Wever dat een verdere verhoging van de pensioenleeftijd noodzakelijk is, zal zijn partij ongetwijfeld stemmen kosten. Het Vlaams Belang probeert zich voor te stellen als ‘socialer’ dan N-VA en was wellicht in de wolken met de uitspraak van De Wever. Nochtans is er niets sociaal aan het VB. Deze partij stemde in Europa tegen een minimumloon en liet zich in ons land opmerken door protest tegen diegenen die zich actief verzetten tegen het besparingsbeleid, met name tegen de vakbonden. Werkenden die protesteren tegen de verhoging van de pensioenleeftijd of tegen een onhoudbare werkdruk, werden niet gesteund door extreemrechts maar net aangevallen. In het geval van de bende van Dries Van Langenhove gebeurde dit letterlijk. Toen de Gentse afvalophalers het werk neerlegden uit protest tegen de onhoudbare werkdruk, kwam er geen steun van het Vlaams Belang. Integendeel: Van Langenhove plaatste een filmpje waarin hij met enkele medestanders een paar vuilniszakken ophaalde om de staking te breken. Hij hield het maar zo lang vol als de camera draaide… Het geeft aan dat het Vlaams Belang niet aan onze kant staat. Er zal een antifascistische campagne nodig zijn, zeker onder jongeren waar het VB een bredere passieve steun heeft opgebouwd en pogingen doet om die invloed om te zetten in actievere betrokkenheid.

Sociale thema’s hadden wat ons betreft centraler in het debat mogen staan. De vakbonden, maar ook de PVDA, hadden daar een actievere rol in kunnen spelen. De actiedag van het ABVV rond de minimumlonen op 14 mei was een goede zaak, maar het had ambitieuzer gemogen. In verschillende bedrijven en sectoren werd eveneens geprotesteerd: van de zorgbetoging over de eerdere onderwijsacties (met nu ook berichten dat geen leerkrachten of directeurs gevonden worden) en het ongenoegen bij het personeel van De Lijn of NMBS tot de acties van de luchtverkeersleiders: de roep om een einde te maken aan het besparingsbeleid weerklinkt bij heel veel werkenden. We zullen deze roep niet op de politieke agenda zetten met een afwachtende houding, maar door er offensief, zelfverzekerd en strijdbaar voor op te komen.

Rond klimaat geeft het tijdelijke dipje in de beweging extra ruimte aan de rechterzijde. Bij gebrek aan offensieve campagnes die de verantwoordelijkheid bij de grote vervuilers leggen en opkomen voor eisen als gratis en degelijk openbaar vervoer, energiesector in publieke handen, publieke investeringen in onder meer hernieuwbare energie, … kunnen onze tegenstanders het protest herleiden tot een pleidooi voor een vliegtaks of andere ecotaksen die niet de grote vervuilers, maar de gewone werkenden treffen. De opstelling van Groen, maar ook de ervaring van de vorige groene regeringsdeelname, helpt niet om dat beeld bij te stellen. De tijdelijk verminderde aandacht voor klimaat – tijdelijk omdat de problematiek dermate ingrijpend is en de bezorgdheid torenhoog blijft – bood ruimte aan N-VA en VB om andere thema’s opnieuw in de campagne te brengen, thema’s als veiligheid en migratie (met onder meer de schrijnende situatie van de transmigranten in Brussel-Noord). Deze thema’s waren niet de enige, maar kwamen opnieuw sterker naar voor dan in de periode januari-maart toen de klimaatacties een historisch momentum kenden.

Dat bewegingen op straat een effect hebben op het politieke debat zagen we ook na de moord op Julie Van Espen. De groeiende vrouwenbeweging – met op 8 maart nog een grote betoging van 10.000 in Brussel – maakt dat seksueel geweld meer als een maatschappelijke kwestie en minder als een individueel fait divers wordt gezien. De groeiende bezorgdheid rond seksisme in alle vormen, is een probleem voor extreemrechts en populistisch rechts. Onder jongens tussen 12 en 24 jaar zijn Vlaams Belang en N-VA volgens een peiling van VTM en Het Laatste Nieuws het populairst, maar onder meisjes is dat absoluut niet het geval.

Het sociaal verzet had wat ons betreft offensiever aan bod mogen komen, maar het zal ook nu reeds een stempel op de verkiezingen drukken. Dat is zeker het geval langs Franstalige kant, waar de aanwezigheid van de PVDA in het parlement en de politieke debatten de PS dwingt om wat linkser uit de hoek te komen. LSP hoopt dat dit na 26 mei ook in Vlaanderen het geval zal zijn met minstens één, maar mogelijke enkele PVDA-verkozenen. Het jarenlange zwaktebod van SP.a en Groen heeft rechts heel veel ruimte gelaten in Vlaanderen, waardoor het minder evident is om een tegenstem op te bouwen. Het sterkste punt van N-VA was al te vaak de zwakheid van de oppositie ertegen.

De vele noden van de bevolking aan de ene kant en het begrotingstekort aan de andere kant zijn niet met elkaar verenigbaar. Die vaststelling maakt dat de gevestigde politici zich in alle bochten wringen om niet toe te geven dat ze verder zullen besparen op onze kap of om aan te tonen dat ze enkele positieve hervormingen voorstellen die wel degelijk betaalbaar zijn. Er is nood aan hervormingen, maar elke maatregel in het voordeel van de meerderheid van de bevolking botst op de winsthonger van de grote bedrijven die aan de basis ligt van het begrotingstekort. Om tot verandering te komen, zal harde strijd nodig zijn. We moeten een krachtsverhouding opbouwen en dat wordt versterkt als we een programma van maatschappijverandering populariseren. Zo’n programma is nodig als antwoord op de onvermijdelijke sabotage en tegenkanting van het kapitaal tegen elke hervorming in het belang van de werkenden. Vandaar de nadruk die LSP legt op socialistische maatregelen zoals de nationalisatie van de sleutelsectoren van de economie onder democratische controle en beheer van de werkenden en hun gezinnen. Stem PVDA voor een regering van de miljonairstaks, sluit aan bij LSP om het perspectief van socialistische maatschappijverandering te versterken!