Home / Belgische politiek / Nationaal / Het leugenpaleis van Michel 1

Het leugenpaleis van Michel 1

Foto: PPICS

Foto: PPICS

 

We hebben in ‘De Linkse Socialist’ de regering-Michel steeds omschreven als Thatcheriaans. De genomen maatregelen zijn effectief geïnspireerd door het neoliberalisme van Ronald Reagan en Margaret Thatcher in de jaren 1980. Het resultaat bestond toen uit een toegenomen ongelijkheid en armoede, een grotere publieke schuld en een fenomenale toename van de rijkdom van de allerrijksten. Hetzelfde doen leidt doorgaans tot dezelfde resultaten. De maatregelen van de regering-Michel zijn helemaal niet modern. Het zijn dezelfde oude leugens maar dan in een nieuwe verpakking.

Artikel door Alain (Namen) uit maandblad ‘De Linkse Socialist’

Jobs, jobs, jobs…

De Duitse kanselier Helmut Schmidt verklaarde in 1974: “De winsten van vandaag zijn de investeringen van morgen en de jobs van overmorgen.” De regering-Michel heeft deze oude leugen overgenomen om een cadeaubeleid voor de werkgevers te voeren. Na de tax shift wordt nu gesproken over een verlaging van de vennootschapsbelasting tot ongeveer 20%. Het argument hiervoor: “jobs, jobs, jobs.”

Nochtans maken de recente afdankingen bij ING, Caterpillar, P&V, Axa, CP Bourg, MS Mode, Douwe Egbert en tal van andere bedrijven duidelijk dat dit beleid niet werkt. Bij Caterpillar worden al sinds 1990 grote dividenden uitbetaald. In 2014 bijvoorbeeld kregen de aandeelhouders 1,2 miljard dollar of 43% van de winst. De winsten van vandaag zijn met andere woorden niets anders dan de winsten van vandaag.

Deze regering (en zijn voorgangers) kent maar één manier om het aantal werklozen te verminderen: massale uitsluiting waarbij tienduizenden mensen tot nog ergere armoede veroordeeld worden. De werkgelegenheidsgraad is tussen het eerste kwartaal van 2015 en het eerste kwartaal van 2016 met 0,5% gedaald. Enkel de uitsluiting van 45.000 werklozen (met een inschakelingsuitkering) droeg bij tot de ‘daling’ van de werkloosheidscijfers.

De koopkracht neemt toe

Op 23 juli 2014, tijdens de regeringsvorming, verklaarde Charles Michel dat het verbeteren van de koopkracht een absolute prioriteit was. Daartoe herneemt Michel de oude ideeën van de economische school van Chicago die beweerde dat rijkdom aan de top van de samenleving doorsijpelt naar de rest. Dat was hoe Ronald Reagan zijn fiscale cadeaupolitiek voor de rijksten verdedigde.

Reeds in de jaren 2000 ging de regering-Verhofstadt over tot het afschaffen van de hoogste belastingschijven en het verminderen van werkgeversbijdragen aan de sociale zekerheid. In de huidige context van de crisis worden de cadeaus aan de rijksten betaald door drastische besparingen op de sociale zekerheid. Dat zet het sociaal weefsel onder druk waarbij steeds meer mensen uit de boot vallen. Het doet bovendien de publieke schuldenberg aangroeien. Vandaar dat dit en volgend jaar nog eens 2,4 miljard euro moet bespaard worden. De tax shift is nog niet volledig gefinancierd en er komt al een verlaging van de vennootschapsbelasting. Dit terwijl de gewone werkenden al sinds 2009 loonmatiging ondergaan gevolgd door een indexsprong, versnelde daling van de werkloosheidsuitkeringen en afbouw van de sociale zekerheid.

De rijkdom sijpelt niet door naar de grote meerderheid van de bevolking, het blijft steken bij de superrijken. De rijken dragen niet bij tot de ontwikkeling van de samenleving, maar tot de economische, sociale en ecologische vernietiging ervan. In 2014 sliep er maar liefst 240 miljard euro in de koffers van de niet-financiële Belgische bedrijven. De regering zou dat geld moeten activeren om de vele tekorten aan te pakken. De infrastructuur is er bijvoorbeeld slecht aan toe, wat toekomstige economische ontwikkeling nog meer ondermijnt.

Creatieve vernietiging

Er verdwijnt dan wel productie, maar dit biedt volgens de neoliberalen ruimte voor nieuwe initiatieven. “Snoeien om te bloeien,” heet het dan. Dat idee komt van de Oostenrijkse econoom Joseph Schumpeter. Innovatie werd omschreven als het hart van economische groei. Economische vernietiging werd gezien als de basis voor de creatie van een nog grotere welvaart in de samenleving. Vernietiging als opstap naar creatie dus.

Vandaag blijft er weinig van die mythe overeind, enkel de economische vernietiging blijft over. De besparingen leiden niet tot nieuwe bloei. Een econome van ING moest erkennen dat het harde besparingsbeleid in Nederland een rem vormt op groei: “We weten nu: je moet niet snoeien in de tuin als het vriest. Zeker niet als je tegelijk hervormt. Pas met de wijsheid achteraf zie ik dat snijden in de economie op het verkeerde moment soms groei kost.”

Nieuwe sectoren leiden evenmin tot een forse toename van de productiviteit. Wie dacht dat de nieuwe deeleconomie op basis van internet 2.0 of zelfs 3.0 hiervoor zou zorgen, werd met beide voeten op de grond gezet door het failliet van Take Eat Easy (4.500 jobs weg) of de strijd van het personeel bij Uber of Deliveroo.

De oude paradox van Solow duikt opnieuw op: “We zien overal computers behalve in de productiviteitscijfers.” Economen hebben het zelfs over het gevaar van een eeuwige stagnatie. Voor België wordt door het Planbureau een economische groei van ongeveer 1,5% voorzien in de periode tussen 2016 en 2021. Dat is dan nog zonder de hypothese van een grote economische schok die de vooruitzichten onderuit haalt.

Voor een betere toekomst, moeten we strijden!

Het beleid van de regering-Michel is achterhaald en het falen ervan wordt elke dag opnieuw aangetoond. Het bestaat uit oude recepten die reeds meermaals gefaald hebben en in laatste instantie enkel tot doel hebben om de door arbeid gecreëerde meerwaarde voor de grote bedrijven te vergroten. De arbeidersbeweging heeft methoden en organisaties ontwikkeld om daartegen in te gaan. We moeten deze methoden en tradities opnieuw opnemen om voor onze rechten op te komen en een alternatief uit te bouwen op het falende neoliberalisme.