Lesbiennes, Gays, Biseksuelen, Transseksuelen, Queers en Interseksen (LGBTQI)

regenboogOp zaterdag 17 mei is er in Brussel de 19de editie van de Pride4Every1, de jaarlijkse optocht voor holebirechten. Maandblad De Linkse Socialist had hierover een gesprek van LGBTQI-activist Stéphane Passelecq, lid van LSP en kandidaat voor Gauches Communes bij de verkiezingen voor de Kamer in Brussel.

Het homohuwelijk werd in 2003 ingevoerd, vanaf 2006 is adoptie door partners van hetzelfde geslacht mogelijk. Zijn er nog juridische rechten die moeten afgedwongen worden?

Stéphane: “Er is ook op juridisch vlak nog een hele weg af te leggen op het vlak van het ouderschap, draagmoederschap of het verbod op holebi’s om bloed te geven. Het belangrijkste is dat de Belgische wet van transseksuelen en interseksen fysiologische veranderingen of medische ingrepen vereist als voorwaarde om hun geslacht legaal te erkennen. Zelfs de Verenigde Naties hebben deze eis omschreven als een vorm van marteling.

“Interseksen [mensen met zowel mannelijke als vrouwelijke kenmerken] worden van bij geboorte door de medische wereld gecatalogeerd als ‘man’ of ‘vrouw’. We moeten ons verzetten tegen iedere niet-levensbelangrijke chirurgische ingreep op interseksuele kinderen. We moeten ook terugkomen op de indeling die het geslacht beperkt tot man of vrouw, die indeling houdt geen rekening met alle menselijke realiteiten. We moeten andere mogelijkheden van geslacht erkennen, of waarom de opdeling niet meteen aan de kant schuiven?

“Transseksuelen in ons land kunnen niet vrij over hun leven beschikken, er is nog steeds de wet inzake transseksualiteit uit 2007 die transseksuelen als psychiatrische patiënten bestempelt en zelfs een gedwongen sterilisatie oplegt als ze hun geslacht wettelijk willen erkennen. Er blijft dus werk aan de winkel op juridisch vlak om gelijke rechten te bekomen voor onder meer transseksuelen en interseksen.”

In 2012 waren er verschillende homofobe moorden in ons land. Ihsane Jarfi en Jacques Kotnik kwamen daarbij om het leven. De verschillende regeringen reageerden met een “interfederaal actieplan tegen homofoob en transfoob geweld.” Hoe staat het met de destijds aangekondigde maatregelen?

Stéphane: “Het is belangrijk om ook lesbofobie op te nemen aangezien dit anders is dan homofobie. Het combineert doorgaans twee vormen van geweld: seksisme en homofobie. Het interfederaal actieplan bestond vooral uit papieren beloften. In het dagelijkse leven is er niets veranderd. Zelfs de officiële organisaties laten zich erg kritisch over dit actieplan uit. In dat plan werd overigens niets gezegd over de nodige financiële middelen om het te concretiseren.”

Er werd toch voorzien in strengere straffen voor daders van homofoob, lesbofoob of transfoob geweld. Is dat geen stap vooruit?

Stéphane: “Neen, ik denk niet dat we discriminatie kunnen oplossen door matrakken en boetes boven te halen. Er bestaan al langer strenge wettelijke maatregelen tegen geweld op vrouwen, maar toch ondergaan 36% van de vrouwen ouder dan 15 jaar in ons land een vorm van fysiek of seksueel geweld. Dat soort oplossing werkt niet. De verschillende gevestigde partijen en ook een aantal holebi-organisaties verdedigen de misvatting dat dergelijke problemen juridisch kunnen opgelost worden. Ze willen ons hiermee doen geloven dat homofobie, lesbofobie of transfobie individuele uitingen zijn die los staan van de samenleving en van de economische en sociale ongelijkheid.”

Volgens jou kan er geen kapitalisme zijn zonder dat er ook sprake is van homofobie en transfobie?

Stéphane: “Het kapitalisme is een ongelijk systeem gebaseerd op de uitbuiting van de werkende bevolking om een kleine minderheid te verrijken. Dat alles gebeurt op perfect legale wijze en het wordt gedekt door wetten die in de parlementen gestemd worden. Dit systeem is gebaseerd op  een fundament van economische discriminatie, de kleine elite wordt steeds rijker op de kap van de overgrote meerderheid van de bevolking.

“De strijd tegen alle vormen van discriminatie kan geen blijvend succes opleveren als we geen einde maken aan de economische en sociale discriminatie die eigen is aan het kapitalisme. We moeten opkomen voor een economisch en sociaal systeem dat vertrekt van gelijkheid zonder de heerschappij van de ene klasse over de andere. Een geplande economie waar de werkenden niet tegen elkaar worden uitgespeeld, los van hun verschillen, en dit onder democratische controle van de werkenden gericht op de reële behoeften en met respect voor ons milieu. Kortom, we hebben nood aan een socialistische samenleving. Dat is de basis om een einde te kunnen stellen aan homofobie, lesbofobie, transfobie en alle andere vormen van discriminatie.”

Welke concrete voorstellen zijn er om efficiënt te strijden tegen homofoob, lesbofoob en transfoob geweld?

Stéphane: “De regeringen en gevestigde partijen hebben het vaak over het belang van het onderwijs om in te gaan tegen homofobie, lesbofobie en transfobie. Er wordt dan gewezen op onderwijsmodules over persoonlijke relaties en seksualiteit. Daar is natuurlijk niets op tegen, maar als het komt van dezelfde partijen die met hun besparingsbeleid verantwoordelijk zijn voor een tekort aan middelen voor het onderwijs klinkt het wel erg hypocriet. Het gebrek aan middelen leidt tot overvolle klassen, een gebrek aan personeel en afgeleefde gebouwen. Moeten lessen in tolerantie van daar komen? Er is dringend nood aan meer publieke middelen voor onderwijs zodat het volledig gratis en van goede kwaliteit kan zijn.

“Veel jonge holebi’s die thuis problemen hebben, kunnen niet zomaar zelfstandig wonen omdat de huurprijzen onbetaalbaar zijn. Als een eigenaar kan kiezen tussen tientallen kandidaten, zal steeds voor een ‘goede’ huurder gekozen worden. Ook holebi’s vallen dan al eens uit de boot. Er is nood aan een radicaal plan van publieke investeringen om in Brussel alleen al 60.000 nieuwe sociale wooneenheden te realiseren en dit onder democratische controle.

“Het allereerste Belgische onderzoek naar seksisme, homofobie en transfobie (‘Beyond the box’, 2014) concludeert: “Het scheppen van een diverse sociale omgeving op de werkvloer (…) is essentieel voor een open en tolerante blik.” Daartoe moet er natuurlijk wel voldoende werk zijn. Momenteel zijn er 600.000 werkzoekenden in ons land tegenover 40.000 openstaande vacatures. Het is niet in een dergelijke context van tekorten dat de mentaliteit zal veranderen. We moeten opkomen voor werk voor iedereen door een algemene arbeidsduurvermindering zonder loonverlies en met bijkomende aanwervingen.

“Dat soort sociale maatregelen kunnen we niet verwachten van een regering onder leiding van de PS of N-VA met  hun groene, blauwe of oranje vrienden. Na de verkiezingen van mei zullen de regeringen vier jaar lang zonder verkiezingen kunnen overgaan tot een besparingsbeleid. Dat zal leiden tot afbraak van onze openbare diensten, een afbouw van onze levensomstandigheden en sociale achteruitgang. Dat vormt een vruchtbare voedingsbodem voor discriminatie en homofobie, lesbofobie of transfobie.

“Al wie vandaag gediscrimineerd wordt heeft nood aan eigen woordvoerders in de parlementen om onze standpunten naar voor te brengen en tegen de besparingen in te gaan. Maar dat volstaat niet. We moeten met de LGBTQI-mensen zelf actief in strijd gaan en politiek actief zijn in onze buurt, werkplaats, school, vakbond,… zelfs indien dit vaak moeilijker is dan voor hetero’s. Het is door tegen het kapitalisme te strijden dat we de basis kunnen leggen om voor echte gelijkheid op te komen.”