Home / Internationaal / Europa / Frankrijk: samen sterk tegen Macron en zijn asociaal beleid

Frankrijk: samen sterk tegen Macron en zijn asociaal beleid

Foto: Els

In mei zat het eerste jaar van de ambtstermijn van president Macron er op. In dat jaar heeft zijn regering hard gewerkt om een programma te realiseren dat wel heel sterk lijkt op een verlanglijstje van de Franse werkgeversfederatie Medef. Om het met Balzac te zeggen: we zien het ‘hoogtepunt van de geldkluizen.’

Artikel door Nicolas Croes uit maandblad ‘De Linkse Socialist’

Spoorpersoneel geeft het voorbeeld

Volgens een peiling van Cevipof die tussen 25 april en 2 mei werd afgenomen, meent 55% van de Fransen dat Macron en zijn regering te autoritair zijn. Maar liefst 76% denkt dat het gevoerde beleid enkel de rijksten ten goede komt.

Het ontbrak niet aan betogingen en stakingen tegen dit beleid. Macron probeert overigens om het verzet uit te putten en te verdelen door op een adembenemend tempo tot aanvallen over te gaan. Met het asociaal offensief tegen het spoorpersoneel kwam er een nieuwe fase in het beleid. Hiermee wilde de regering een goed georganiseerde en strijdbare laag van de Franse arbeidersklasse treffen. Het idee is dat een nederlaag van het spoorpersoneel de rest van de werkenden en jongeren zou demoraliseren, naar het voorbeeld van wat Margaret Thatcher in de jaren 1980 deed met de Britse mijnwerkers.

Het spoorpersoneel reageerde met stakingsacties die over drie maanden gespreid werden waarbij twee dagen per week gestaakt wordt. Dit actieplan begon in april en duurt tot eind juni. De staking werd voorbereid met de verspreiding van een gratis krant op 500.000 exemplaren. Dit was een belangrijk instrument om discussies tussen vakbondsmilitanten en reizigers aan te gaan. Laurent Brun, de algemeen-secretaris van CGT Spoor, stelde dat de krant twee functies had: “De band tussen gebruikers van het spoor en spoorwegpersoneel herstellen en het spoorwegpersoneel weer in beweging krijgen, hen opnieuw aanzetten tot militeren.” (1) De solidariteitskas van het spoorpersoneel raakte snel gevuld: er werd meer dan 700.000 euro opgehaald. Een solidariteitskas opgezet door artiesten en intellectuelen haalde zelfs meer dan een miljoen euro op. Dat is een uitdrukking van de brede steun voor het stakend spoorpersoneel.

Over de eisen tegenover de regeringsplannen legt Laurent Brun uit: “We hebben ons personeel aangesproken: ‘Jullie gaan jullie lokaal urgentieplan uitwerken, jullie gaan opschrijven wat er moet gebeuren om de dienst te doen draaien in goede werkomstandigheden.’ Daarna hebben we dat omgevormd tot een nationaal urgentieplan.” Eind mei, na twee maanden van strijd, was de deelname aan de staking even groot als bij het begin van de beweging.

Daarnaast kwam het tot stakingen in een aantal ziekenhuizen en postkantoren. De studenten kwamen in actie met blokkades en bezettingen van universiteitsgebouwen. De politieke situatie is bijzonder instabiel. De regering neemt grote risico’s, maar blijft hopen op een uitputting van het verzet.

Een golf van verzet

In de herfst van vorig jaar riepen Jean-Luc Mélenchon en France Insoumise al op tot verenigd verzet van syndicalisten en linkse partijen in een betoging om “met een miljoen mensen naar de Elysée te trekken.” Jammer genoeg werd die oproep tot een gemeenschappelijk front tegen Macron toen niet opgenomen.

Sindsdien is er echter aanzienlijke vooruitgang geboekt. In april betuigden François Ruffin (France Insoumise), Benoît Hamon (Génération-s), Pierre Laurent (PCF) en Olivier Besancenot (NPA) samen hun solidariteit met de spoorstaking. Op 14 april was er in Marseille een betoging met tienduizenden deelnemers na een oproep van de regionale afdeling van de CGT, samen met onder meer France Insoumise dat sterk vertegenwoordigd was op de betoging. Op 5 mei was er met de “Fête à Marcon” in Parijs nog een grote actie tegen de president.

Tenslotte werd voor 26 mei een mobilisatie aangekondigd om in heel het land een “golf van verzet” te houden. Het initiatief komt van France Insoumise en werd opgenomen door de CGT – dat hiermee breekt met de syndicale traditie om afstand te houden van politieke partijen – en de vakbonden Solidaires, FSU, UNEF, SAF, de vakbond van de magistratuur, naast verenigingen en bewegingen zoals Attac, Droit au logement, Collectif pour les droits des femmes, en de partijen links van de PS. Een dergelijke eenheid is nooit gezien.

Mélenchon legde uit: “Ik ben voor een soort van volkse eenheid die de grenzen tussen syndicalisme, politiek en de verenigingen afbouwt.” Hij riep op om actiecomités voor 26 mei op te zetten om samen te mobiliseren in sectoren, bedrijven of wijken. Deze aanpak staat in een schril contrast met de meeste linkse formaties in Europa die de neiging hebben om een kunstmatig onderscheid te maken tussen het politieke en het syndicale, waarbij ze zich vooral op verkiezingen richten.

Deze opstelling van Mélenchon is een belangrijke stap vooruit om France Insoumise te kunnen uitbouwen tot een politiek instrument van het sociaal verzet, een echte massapartij die zich moet structureren om echt democratisch te zijn en een antikapitalistisch programma te realiseren.

De samenwerking tussen vakbondsmilitanten, politieke activisten en mensen uit het verenigingsleven op 26 mei was van groot belang. Het is een voorbeeld voor het verzet tegen het besparingsbeleid in andere landen. Nu moet een volgende stap bediscussieerd worden. Dat kan in de vorm van een actieplan dat opbouwt naar een nationale staking van alle sectoren en een hernieuwbare algemene staking om de economie volledig te blokkeren.

 

 

Voetnoot
(1) http://solidair.org/artikels/laurent-brun-cgt-spoor-het-isolement-doorbreken-steunen-op-overwinningen-en-doorgaan-tot