Home / Dossier / Mélenchon en France Insoumise: welk programma voor verandering?

Mélenchon en France Insoumise: welk programma voor verandering?

Foto: Parti de Gauche

Het minste wat je kan zeggen, is dat de dynamiek van de campagne ‘France Insoumise’ indrukwekkend is. Op het internet gaan presidentskandidaat Jean-Luc Mélenchon en zijn campagne viraal, zijn kanaal op YouTube heeft meer dan 240.000 volgers. Het ‘reële leven’ moet niet onderdoen: de oproep om in Parijs te betogen om het begin van de Commune van Parijs uit 1871 – de “eerste aanzet tot een sociale republiek” – te herdenken, werd opgevolgd door maar liefst 130.000 mensen.

Dossier door Stéphane Delcros en Nicolas Croes

In februari 2016 werden comités van ‘France Insoumise’ opgezet. Vandaag organiseren die bijna 300.000 militanten die via hun deelname aan de comités een rol speelden in de uitwerking van het programma van de campagne. Er was een grote bijeenkomst van ‘France Insoumise’ in oktober 2016 om dit programma te finaliseren. Op 1 december verscheen het boekje “L’avenir en Commun” met 83 voorstellen van ‘France Insoumise.’ Het boek wordt verkocht aan 3 euro en de eerste 50.000 exemplaren vlogen de deur uit. In de eerste week reeds stond het op de negende plaats van de best verkochte boeken in Frankrijk. Ondertussen zijn er meer dan 100.000 van verspreid.

Het succes van Mélenchon beperkt zich niet tot de boekhandels. Zoals bij zijn kandidatuur in 2012 nodigen Mélenchon en ‘France Insoumise’ alle sympathisanten aan om zelf actief te worden, politieke stands te zetten op straat en op de markten (of om gewoon voor de eigen deur een tafeltje met informatie te plaatsen), om collega’s en vrienden aan te spreken, … In 2012 kregen alle aanwezigen op zijn meetings al een ‘militantenkit’ met enkele pamfletten, affiches, … Mélenchon stelde toen: “Mijn team houdt zich liever bezig met de gevolgen van actie dan met die van gebrek aan actie.” Deze benadering is gericht op het omzetten van de passieve steun in een actieve betrokkenheid. Dit is erg belangrijk om te komen tot een linkerzijde die hoop geeft en daarmee ingaat tegen zowel het Front National als de gevestigde partijen. Het is niet uitgesloten dat ‘France Insoumise’ in de eerste ronde van de presidentsverkiezingen de PS zal inhalen. Dit zou de discussies en initiatieven voor een radicale hertekening van het verzet tegen het besparingsbeleid versterken.

Wij steunen de campagne van ‘France Insoumise’, al hebben we zeker ook kritieken. De programmavoorstellen zijn een stap in de goede richting. Ze dragen bij tot de noodzakelijke bewustmaking van de Franse werkenden en jongeren na jaren van desillusies, wanhoop en afkeer. Deze benadering wordt verdedigd langs de verschillende kanalen waarover ‘France Insoumise’ beschikt: niet alleen de stands en fysieke campagnemomenten maar ook op sociale media. Daardoor worden ook lagen die zich de afgelopen jaren van de politiek afkeerden bereikt. Mélenchon en zijn rechterhand Alexis Corbière waagden zich zelfs in het milieu van de liefhebbers van videogames met een kritiek op “Assassin’s Creed Unity” omwille van het erg onvolledige beeld op de Franse Revolutie. Tegelijk erkenden ze de grafische sterkte van de game.

Een investeringsplan voor sociale en ecologische behoeften

Solidariteit tegen de angst
“We moeten op de bevolking rekenen; op haar intelligentie, humor, spot en haar finesse om te overtuigen en aan te leren. We moeten immers overtuigen en aanleren. We moeten weg uit het duister, (…) de angst achter ons laten, de angst die nog de enige nieuwe sociale band is die rechts aanbiedt om de bevolking bijeen te brengen. (…) Vroeger was de grote sociale band die van de solidariteit, van de verbroedering en niemand vond dat fout, zelfs niet wie rechts was. Inhaligheid werd gezien als een smet; vandaag wordt het gezien als de belangrijkste motor van activiteit. Iedereen wordt aangemoedigd om zijn persoonlijk egoïsme te ontwikkelen als een vorm van zelfbevestiging.”
-L’Avenir en Commun

In zijn inleiding op ‘L’Avenir en Commun’ stelt Mélenchon: “In onze ogen zijn de ecologische behoeften, de sociale ramp en de ontsporing van de democratie de drie gezichten van eenzelfde realiteit. We verstikken onder het bewind van het financiewezen. Het financiewezen regeert de wereld met zijn onverzadigbare hebzucht, zijn absurde zekerheid dat enkel de particuliere belangen legitiem zijn, dat alles kan gekocht en verkocht worden, dat de vrije handel van koopwaar en het ongecontroleerde kapitaalverkeer de beste organisatoren van alle menselijke activiteit zijn. Dat is wat de planeet en de mensen kapot maakt. En het ergste van al is dat de heerschappij van het financiewezen een einde maakt aan de fantastische capaciteiten van mensen om samen te werken om hun problemen op te lossen, wat wij democratie noemen.”

Wat moet er dan gebeuren? ‘France Insoumise’ stelt dat het nodig is om “een bijeenkomst te houden van vertegenwoordigers die nooit eerder in een parlement verkozen werden om een nieuwe grondwet te schrijven,” die van de Zesde Republiek. Er wordt ook gepleit voor een “ecologische planning” om te komen tot een “wereldwijde verandering van onze manier van productie, handel en consumptie in harmonie met de natuur waarvan we deel zijn.” Dit moet gebaseerd zijn op niet-industriële landbouw, visvangst aangepast aan het milieu en een overgang naar 100% hernieuwbare energie. ‘France Insoumise’ pleit verder onder meer voor investeringen in onderwijs, uitstap uit de NAVO, … Dat alles is gebaseerd op een “verregaande en methodologische reorganisatie van het gebruik en de verdeling van de geproduceerde rijkdom (…) tegen het misbruik van geplande veroudering, stimulansen voor onverantwoordelijke consumptie en een schadelijke voedingswijze. Een meer gelijke samenleving is noodzakelijk om iedereen mogelijkheden te geven om zijn persoonlijk potentieel te ontwikkelen, maar ook om een einde te maken aan het model van arrogantie, accumulatie en opzichtelijke consumptie, een model dat even immoreel als schadelijk is.”

Om daartoe te komen, stelt het programma voor om een progressief belastingstelsel in te voeren met veertien belastingschijven. Ook wordt gepleit voor een maximale loonspanning van één op twintig: het hoogste loon mag maximaal 20 keer het laagste bedragen. Verder een vermindering van de arbeidstijd als gevolg van de automatisering en de technologische vooruitgang, waarbij de wekelijkse, maandelijkse en jaarlijkse arbeidstijd afneemt, alsook de duurtijd van een professionele loopbaan. ‘France Insoumise’ wil een beperking van de rechten van het kapitaal in functie van de duurtijd van investeringen of nog de vestiging van democratie in de bedrijven.

Ambitieus links programma dat niet ver genoeg gaat

Al deze eisen vormen een bijzonder interessante oefening om een links programma uit te werken met zowel directe eisen als perspectieven op langere termijn. Het ontbreekt ons aan ruimte om in te gaan op de details van dit project en de becijfering ervan.

De becijfering van het programma vertrekt in essentie van het idee van de “Keynesiaanse vermenigvuldiging” waarbij ervan uitgegaan wordt dat de geïnvesteerde middelen leiden tot meer economische activiteit en dus meer publieke inkomsten. Het IMF schat dat elke euro publiek geld die in de reële economie geïnvesteerd wordt 2 tot 3 euro oplevert aan economische activiteit en publieke inkomsten. De economen van ‘France Insoumise’ vertrekken van een “voorzichtige hypothese” van een opbrengst van 1,4 euro per geïnvesteerde euro. Ze stellen dat ze in het algemeen erg voorzichtig waren en zelfs een aantal ‘zekere inkomsten’ niet meegerekend hebben.

Een beperking van deze berekeningswijze is dat er een tendens is om de overproductiecrisis van het kapitalistische systeem te ontkennen. Alles wordt herleid tot onderconsumptie als gevolg van de lage lonen. De crisis van het kapitalistisch systeem is echter veel omvattender, het beperkt zich niet tot die onderconsumptie. De koopkracht verhogen is erg belangrijk, maar dat kan niet alles oplossen. Het is het volledige economische systeem dat moet veranderd worden, niet enkel de meest zichtbare uitwassen ervan.

Economie is geen wiskunde, maar hangt af van krachtsverhoudingen

Om het programma van ‘France Insoumise’ te financieren, wordt ook gepleit voor een “fiscale revolutie.” We delen de vaststelling dat de rijksten vandaag steeds gespaard worden en amper bijdragen aan de middelen van de gemeenschap. Elke ervaren militant weet echter uit ervaring dat op de minste dreiging om de rijksten en de grootste bedrijven meer te laten bijdragen, wordt geantwoord met de dreiging van kapitaalvlucht. Als ‘France Insoumise’ het heeft over de financiën op orde stellen, worden heel veel zaken aangehaald. Maar wat niet aan bod komt, is de nationalisatie van de banken onder democratische controle en beheer. Hoe zou het mogelijk zijn om het kapitaal te controleren en een kapitaalvlucht naar belastingparadijzen te stoppen zonder een dergelijke nationalisatie?

Hetzelfde geldt voor de maatregelen die de controle van de werkenden op de bedrijven moeten versterken of de maatregelen om collectieve afdankingen te stoppen. We zijn niet tegen die voorstellen, maar de reacties van de werkgevers zijn steeds dezelfde: dreigen met delokaliseren, een investeringsstaking organiseren of nog de economische activiteit saboteren. Het voorbeeld van Griekenland heeft aangetoond dat het kamp van het kapitaal liever het risico van een economische ramp neemt dan dat het een alternatieve linkse politiek een kans geeft. Dit stelt de noodzaak van de nationalisatie onder arbeiderscontrole van de bedrijven die willen overgaan tot collectieve afdankingen of delokalisaties. Ook is er nood aan een controle op kapitaalbewegingen en een overheidsmonopolie op buitenlandse handel.

Europese Unie: een onmogelijk ‘Plan A’

We denken dat het een illusie is om de bestaande Europese Unie te veranderen. De EU is sinds haar ontstaan een instrument in handen van de heersende klasse om haar belangen te verdedigen. Behalve het gebrek aan democratie zit ook het neoliberalisme in het DNA van de EU.

Mélenchon gaat gelukkig verder dan de visie die bekend staat als “links Europeanisme”, een stroming die staat voor een geleidelijke verandering van de EU van binnenuit op basis van linkse overwinningen in verschillende lidstaten. Hij pleit dan wel voor een Europese samenwerking met andere krachten die zich tegen het besparingsbeleid verzetten, maar dit ‘Plan B’ van een exit uit de EU gaat niet ver genoeg. Er moet niet alleen gebroken worden met dit ‘Europa van het kapitaal’, we moeten ook stappen zetten in de opbouw van een Europa van de werkenden met een socialistisch programma gebaseerd op mobilisatie van onderuit om de macht van de heersende klasse te betwisten. We moeten van bij het begin deze noodzaak uitleggen, zelfs indien dit vandaag nog niet volledig begrepen wordt door bredere lagen van de bevolking.

Rond de publieke schulden is het perfect redelijk en rationeel om een “burgeraudit” te eisen die “moet bepalen welk deel van de publieke schulden niet legitiem is met het oog op een onderhandelde herschikking (gespreide betaling, lagere rente, gedeeltelijke annulering).” We mogen echter niet vergeten wat er in Griekenland gebeurd is. Een audit heeft enkel zin als hulpmiddel om de werkenden bewust te maken en te mobiliseren in de richting van een weigering om schulden die niet de onze zijn verder af te betalen.

Voor een plan om de sleutelsectoren te nationaliseren

Het programma van ‘France Insoumise’ gaat in op de noodzaak van nationaliseringen. Maar dit gebeurt slechts gedeeltelijk: er wordt nooit voorgesteld om een volledige sector in publieke handen te brengen, het blijft beperkt tot enkele sleutelbedrijven of tot een ‘publieke pool’. We hebben nochtans nood aan een democratisch beheer en controle van de werkenden en de gemeenschap op de productie in alle sleutelsectoren van de economie. De nationalisatie van de volledige financiële sector en het opzetten van een publieke kredietsector is de enige oplossing om het kapitaal te kunnen controleren en om te vermijden dat het de kapitalisten zijn die de investeringen controleren.

De sleutelsectoren van de economie (banken, financiewezen, telecom, staal, petrochemie, …) moeten volledig genationaliseerd worden zonder schadeloosstelling van de bestaande eigenaars/aandeelhouders, tenzij op basis van bewezen behoeften. Het is het enige efficiënte antwoord op de dreiging van delokalisatie vanwege grote werkgevers. Zonder dergelijke antwoorden kan de ‘Zesde Republiek’ waar Mélenchon voor oproept wel eens hetzelfde lot ondergaan als Syriza dat in Griekenland ook met een anti-besparingsprogramma aan de macht kwam.

Voor systeemverandering, voor een democratisch socialistische samenleving

Het project van de Zesde Republiek heeft als verdienste dat het huidige systeem in vraag wordt gesteld en daarmee ook de instellingen die de dominantie door de heersende klasse beschermen. Er worden een reeks voorstellen aan gekoppeld gericht op een breuk met het systeem, maar daarbij durft Mélenchon niet ver genoeg gaan.

Waarom dit schitterende project van ecologische planning niet toepassen op de volledige economie? Een democratisch geplande economie kan de productie afstemmen op wat nodig is voor de reële behoeften van de overgrote meerderheid van de bevolking en van de planeet.

We moeten de discussie aangaan over een ander economisch stelsel: een samenleving zonder uitbuiting en winsthonger. Kortom, een democratisch socialistische samenleving. Het is de enige manier om te vermijden dat een handvol superrijken alle touwtjes in handen heeft om de eigen belangen te verdedigen. Het gebrek aan durf rond een alternatieve samenleving die niet alleen ingaat tegen de “financiële oligarchie” maar ook tegen het kapitalisme zelf, leidt in het programma van ‘France Insoumise’ volgens ons tot andere zwakheden, zoals het terugplooien op de “soevereine natie” of het idee van een “nieuwe andersglobalistische alliantie van volkeren om ons volle gewicht in te zetten voor een wereld rond de gemeenschap van naties die de VN vormt.”

Om tot verandering te komen, moeten we ons organiseren en mobiliseren!

Een van de grootste sterktes van de campagne ‘France Insoumise’ is de nadruk op mobilisatie en het actief betrekken van bredere lagen van werkenden en jongeren rond een gezamenlijk project. Militanten van LSP namen reeds meermaals deel aan activiteiten van ‘France Insoumise’, zo ondersteunden we de tussenkomst van onze Franse zusterorganisatie Gauche Révolutionnaire tijdens de actie van 18 maart. We zagen daar hoe ‘France Insoumise’ een ruimte voor discussie opent.

Zoals Gauche Révolutionnaire schrijft: “Elke dag gaan duizenden werkenden in staking of actie. Die strijd gaat onverminderd door, zelfs indien de media er niet over bericht. De woede is groot, er is niet alleen berusting. Ook hiervoor kunnen we de campagne van Mélenchon gebruiken: om die strijd aan te moedigen en een politiek perspectief te geven. We kunnen onze stem gebruiken om onze klasse te verenigen rond een kandidaat die opkomt voor een radicaal ander beleid dan de gevestigde politici. Om een efficiënt verzet op te bouwen tegen het besparingsbeleid en om te strijden tegen het kapitalistische systeem, moeten we georganiseerd zijn. Het ontbreekt ons aan een echte strijdbare kracht, een massapartij die op democratische wijze niet alleen spreekt over het veranderen van dit ondemocratische en onrechtvaardige systeem, maar ook actief opkomt voor een samenleving zonder uitbuiting en winsthonger, voor een democratisch socialistische samenleving. Zo’n strijdpartij zou meteen ook een groot probleem vormen voor het Front National. Om de kapitalisten te stoppen en de voorstellen van Mélenchon te realiseren, is een strijdbeweging nodig, mogelijk met algemene stakingen, waarin alle werkenden en jongeren betrokken worden. De verkiezingscampagne kan dit mee voorbereiden.”

Enkele voorstellen van ‘France Insoumise’

Democratie op de werkvloer en nieuwe sociale rechten voor werkenden

  • Nieuwe controlerechten voor de bedrijfscomités die ook controle moeten uitoefenen op de boekhouding van het bedrijf
  • Werknemers moeten het recht krijgen om een motie van wantrouwen te stemmen tegen bedrijfsleiders of tegen strategische projecten van het bedrijf
  • Versterking van de mogelijkheden om in te gaan tegen afdankingen met het recht op een schorsend veto in de bedrijfscomités.

Een plan van economisch herstel en jobcreatie in functie van een ecologische transitie

  • 100 miljard euro bijkomend in de economie pompen voor ecologisch en sociaal nuttige investeringen
  • Alle publieke steun en belastingverlagingen voor bedrijven moeten bevroren worden om de efficiëntie ervan te evalueren. Intrekking van alle steun aan asociale en on-ecologische maatregelen.

Diverse voorstellen

  • Opzetten van publieke bedrijven op vlak van energie en transport
  • Bouw van 200.000 sociale woningen per jaar gedurende vijf jaar met inachtneming van ecologische normen
  • Verbod op uithuiszettingen zonder nieuwe huisvesting
  • Doelstelling van nul daklozen: iedereen moet toegang hebben tot noodopvang, huisvesting en duurzame begeleiding
  • Gratis toegang tot de hoeveelheid water, elektriciteit en gas die nodig is voor een waardig leven. Verbod op het afsluiten van de waterbevoorrading
  • Verbod op patenten voor al wat leeft, strijd tegen de biopiraten!
  • Geen GGO’s, geen schadelijke pesticiden en een onmiddellijk verbod op de meest gevaarlijke vormen ervan.
  • 100% terugbetaling van voorgeschreven gezondheidszorg, waaronder kosten voor tandheelkunde, oog- en gehoorkunde, verlaging van de kosten voor brillen en hoorapparaten.
  • Heropbouw van een publieke gezondheidszorg, afschaffing van de prestatiegeneeskunde en intrekking van de afbouw van het aantal bedden en personeelsleden. Een meerjarenplan voor een groter aantal dokters, verplegers, zorgkundigen en administratief personeel in de zorg.

Hoe kwam het programma van ‘France Insoumise’ tot stand ?

‘L’Avenir en Commun’ vertrok van het programma ‘L’Humain d’abord’ dat Mélenchon in 2012 verdedigde in de presidentsverkiezingen. Toen Mélenchon in februari 2016 zijn kandidatuur voor de presidentsverkiezingen van 2017 aankondigde, werd dit programma geactualiseerd onder leiding van de juriste Charlotte Girard en de econoom Jacques Généreux.

Tussen februari en augustus 2016 werden ongeveer 3.000 bijdragen ingediend via de website jlm2017.fr. Die werden gelezen en samengevat door een ploeg van een 20-tal rapporteurs die elk voor enkele thema’s instonden. Vervolgens waren er 16 hoorzittingen met diverse onderzoekers, technici en militanten. Verder kwamen er ook bijdragen van de politieke krachten die de campagne van Mélenchon ondersteunen. Tenslotte was er op 16 oktober 2016 een nationale conventie waarop het programma werd afgewerkt.

Zoals de nationale organisatoren van ‘France Insoumise’ opmerken, is dit geen eindpunt. “Deze tekst sluit de discussie niet af, het geeft er een nieuwe impuls aan.” Het programma van 2017 zet op een aantal punten grote stappen vooruit (we denken onder meer aan de voorstellen rond ecologie). We hopen dat er in de toekomst ook meer duidelijkheid zal komen rond de punten die we in dit dossier aanbrengen.