Home / Dossier / Het kapitalisme met eigen middelen beconcurreren?

Het kapitalisme met eigen middelen beconcurreren?

Het kapitalisme met eigen middelen beconcurreren?

De afkeer tegenover de bankiers die hun gokschulden uit de wereldwijde casino’s afschoven op de gemeenschap is groot. Dat blijkt ook uit het enthousiasme voor New B, het project van nieuwe coöperatieve bank waar zich inmiddels bijna 40.000 mensen op ingeschreven hebben. De Baskische coöperatieve van Mondragon stelt meer dan 80.000 mensen te werk in ruim 250 bedrijven. 100 jaar nadat de Gentse Vooruit haar ‘arbeiderskathedraal’ opende, is er een terugkeer van de coöperatieven.

Artikel uit de mei-editie van ‘De Linkse Socialist’

In de socialistische beweging is er historisch heel wat debat geweest over de voordelen en de beperkingen van coöperatieven. Het idee dat wordt samengewerkt voor de productie of de aankoop en distributie van goederen zonder dat het winstprincipe centraal staat, baseert zich op de solidariteit die instinctief sterk aanwezig is bij de werkende bevolking. Het is bovendien een poging om de sociale wonden die geslagen worden te verzachten en om de levenskwaliteit te verbeteren.

Maar er zijn ook beperkingen. Binnen het kader van het kapitalisme is ieder bedrijf onderworpen aan de wetten van het huidige systeem. Wie niet concurrentieel is, verdwijnt. Hierdoor zitten coöperatieven soms tussen hamer en aambeeld: in welke mate wordt het eigen personeel uitgebuit om de concurrentie aan te kunnen?

In een periode van economische neergang kan de nadruk sterker op ethisch bankieren liggen, maar wat indien er binnen het kader van de algemene crisis van het kapitalisme een kortstondige periode van beperkte groei is waarbij de ruimte voor speculatie en bijhorende winsten groter wordt? Zal een coöperatieve bank bestand zijn om niet in dat casino mee te stappen? Het voorbeeld van Arco, de coöperatieve van de christelijke arbeidersbeweging, ligt nog te vers in het geheugen om deze vragen aan de kant te schuiven. Er is ook het historische voorbeeld van de Bank van de Arbeid die in 1934 failliet ging en bijna de volledige beweging rond de Vooruit neerhaalde.

De Duitse marxiste Rosa Luxemburg wees er in 1900 op dat een productiecoöperatieve betekent dat “de arbeiders verplicht zijn om zelf de rol van kapitalistische ondernemer” te spelen, “een tegenstelling die doorgaans aan de basis ligt voor het falen van coöperatieven die ofwel omgevormd worden tot puur kapitalistische bedrijven of, als ze de belangen van de arbeiders centraal blijven stellen, uiteindelijk worden ontbonden.”

Een consumptiecoöperatieve vertrekt van het terechte idee dat een gezamenlijke aankoop een betere prijs oplevert omwille van de grotere schaal. Het verklaart het succes van de groepsaankopen voor energie, niet toevallig een sector waar de prijzen als gevolg van de liberaliseringspolitiek de pan uitswingen. Wij zijn voorstander van maatregelen die de gevolgen van de liberalisering verzachten, maar koppelen dat meteen aan een alternatief op de liberalisering zelf.

Het nieuwe SP.a-programma zou een bocht naar links vormen, maar de mooie woorden vertrekken wel allemaal van het uitgangspunt van de markt nu eenmaal de motor van de economie is. “Een diverse markt doet leven”, stelt het nieuwe programma, dat er aan toevoegt: “ondernemers maken mee de welvaart en creëren jobs”. SP.a beperkt zich tot ‘sociale correcties’ en “marktregulering in die markten waar geen eerlijke concurrentie bestaat.” Maar hoe kan je fundamentele sociale correcties aanbrengen als de samenleving geen enkele controle heeft? De dictatuur van de markten laat zich niet gewillig aan banden leggen. Ofwel wordt die dictatuur gebroken om tot verandering te komen, ofwel beperken we ons tot mooie maar holle woorden over ‘sociale correcties’ terwijl tegelijk een besparingsbeleid wordt gevoerd.

Het kapitalisme laat zich niet aan banden leggen, maar moet bestreden worden. Het Charter van Quaregnon – het historische programma van de socialistische arbeidersbeweging in ons land – beperkte zich niet tot groepsaankopen voor energie of meer toezicht op de banken, maar eiste dat de volledige financiële sector en de energiesector in publieke handen kwamen. Dat zou de basis kunnen vormen om de middelen te voorzien voor gratis en degelijk onderwijs, het uitroeien van armoede, het aanbieden van degelijke en betaalbare sociale woningen, de creatie van goed betaalde jobs,…

Leave a Reply