Nederland: Wilders I kan alleen gestopt door breed verzet van werkende klasse

In de periode tussen ruwweg 2015 en 2020 gingen er een aantal stormen door de wereld. Eén daarvan was die rond de groei van het aantal migranten o.a. door de oorlog in Syrië. In Duitsland kwam Angela Merkel toen met de uitspraak over vluchtelingenopvang “Wir schaffen das!”. Ook was er in die tijd een sterke nieuwe feministische golf rond de “Me Too” affaires die naar boven kwamen. Het bewustzijn rond LGBTI+ kwesties werd door acties sterk naar voren gebracht. En ten slotte was er een versterkt besef van het klimaatprobleem (Klimaatakkoord Parijs 2015) en het gevoel dat het zou worden aangepakt met plannen voor uitfaseren van fossiele brandstoffen en verduurzaming van de economie.

Analyse door Socialistisch Alternatief (Nederland)

Tijdens de COVID epidemie, maar zeker daarna is er een periode begonnen van reactie. Migranten moesten boven alles buiten de deur worden gehouden (Midden- en Oost-Europese landen gingen daarbij voorop) door middel van akkoorden of desnoods met geweld, het feminisme kreeg de schuld van het lage geboortecijfer en allerlei mannelijk onbehagen, het zou geleid ook hebben tot de opkomst van de tradwives, vrouwen die hechten aan het leven van traditionele huisvrouwen. De #MeToo-beweging werd bijna bedolven onder de smaad en aantasting van de ‘goede naam’ rechtszaken door de daders. Voorbeelden van onterechte aantijgingen door vrouwen deden het goed in de pers.

De LGBTI+ community maakte na jaren van stappen vooruit een periode van groeiende tegenstand door. De klimaattransitie werd in een slecht daglicht geplaatst omdat de kosten daarvan vooral bij de werkende mensen gelegd werden, terwijl de middenklasse profiteerde van subsidies op de peperdure elektrische auto’s, zonnepanelen en warmtepompen. De kapitalistische aanpak van de verduurzaming heeft als uitgangspunt dat er aan verdiend moet worden en in sommige gevallen heel veel, zoals bijvoorbeeld in het geval van infrastructuur zoals warmtenetten.

Ook in Nederland is er sprake van een golf van reactie. Die leidde, aangemoedigd door een aantal politieke blunders van de VVD-leiding die politiek wel eens wilde profiteren van deze rechtse golf, tot de uitslag van de verkiezingen van 22 november toen de extreemrechtse PVV met 37 zetels de grootste partij werd. En halverwege mei is daar zowaar het eerste rechtse kabinet dat geleid wordt door de partijleider van extreemrechts, al ging het niet van harte… en al is een nieuwe golf van problemen, zoals rond de benoeming van de premier en ministers, in zicht.

Wij willen hier niet ingaan op de concrete maatregelen in het nieuwe regeerakkoord. Die krijgen uitgebreid aandacht in de burgerlijke media en zijn daar gemakkelijk terug te vinden. Het is een soort groothandel in symboolpolitiek: 130 km/u op de snelwegen, goedkope diesel voor de landbouw terug, visserij weer in de naam van het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, geen loonsverhoging voor de rijksambtenaren, geen verhoging van het minimumloon e.d. De VVD heeft op de achtergrond een aantal belangrijke dingen voor de ondernemers binnengehaald en de bepaling dat toekomstige tegenvallers moeten worden gecompenseerd door bezuinigingen. Het gaat het kabinet Wilders om het stoppen van migratie en het afschaffen van het stikstofbeleid (BBB).

De burgerlijke media staan vol van de boodschap dat het nieuwrechtse kabinet maar een kort leven beschoren zal zijn. Brussel gaat het ze moeilijk maken. Het beleid stuit op praktische moeilijkheden. De ministers zullen geen kant op kunnen. Over een paar jaar komt iedereen tot bezinning en beseft dat uitstel van de stikstofmaatregelen geen optie is. De aanpak van migratie is grotendeels symbolisch, houden ze ons voor, en zelfs Wilders onderstreept dat de afschrikkende werking het halve werk is op dit terrein. Politiek is het geen sterk verhaal. Het ontbreekt ze aan politiek draagvlak om hun eigen ideeën door te zetten.

Het zou daarom wel eens anders kunnen uitpakken. Zoals we ook eerder hebben uitgelegd: er is een vleugel van de ondernemersklasse die naar een duurzamer kapitalisme wil. De klimaatuitdaging is vooral opgepakt door kleinere ondernemingen in de sector energie, techniek en voeding. Ook zijn er kleinere of middelgrote voedingsbedrijven die zich toeleggen op vleesvervangers en voedsel zonder vlees en verspilling. Ondernemers in het transport zoeken naar mogelijkheden om nieuwe brandstoffen in te zetten. En er is meer natuurlijk: producenten en installateurs van warmtepompen maken gouden tijden door.

En dan is er de vleugel van ondernemers die zoveel mogelijk winst willen peuren uit oude productiemethodes, zolang het gaat, desnoods ten koste van het klimaat. Olie- en gasreuzen zoals Shell zijn daar het voorbeeld van. Maar ook bedrijven als Unilever, die de schappen in de supermarkten vullen met 80% ongezond voedsel, grote autofabrikanten. Die vleugel van de behoudende kapitalisten heeft na de eerste golf van enthousiasme over ‘vergroening’ nu de overhand.

Grote agribusiness bedrijven op het gebied van kunstmestleveranciers, leveranciers van pesticiden, afnemers van vlees en melk beheersen samen met de supermarktketens beheersen de voedselproductie. Zij zijn de boeren en de consumenten gemakkelijk de baas. Een kip snapt nog dat de Nederlandse positie als tweede grootste voedselproducent (na de VS) op den duur niet houdbaar is. Dat houdt de bodem, dat houden die planten en de dieren in het productieproces en de kleine restjes natuur die overspoeld wordt door stikstof niet lang meer vol. Ook de mensen niet trouwens: de groei van obesitas en diabetes II is een massaal probleem voor de gezondheidszorg geworden nu grote voedselbedrijven en agribusiness de schappen in de supermarkt volstouwen met ongezonde brokken.

Een machtige groep van kapitalistische ondernemers wil doorgaan met winst maken tot het water ons letterlijk over de voeten spoelt (na ons de zondvloed, weet u wel). Zij beschikken met zijn allen over een stevige meerderheid van rechtse en extreemrechtse partijen in de politiek. De andere groep van meer progressieve ondernemers die binnen de grenzen van het kapitalisme zoeken naar meer duurzame productiemethodes, is nu in de oppositie. Je vindt ze vooral terug bij partijen als D66 en PvdA/GL. Zolang deze partijen zwak staan is er in de Tweede Kamer geen alternatief voor het rechtse blok.

De kans bestaat dat het nieuwe kabinet van Wilders het niet eens zo slecht doet in de ogen van de bourgeoisie. Natuurlijk worden er geen problemen opgelost, maar aan de andere kant lijkt doormodderen (ook vanwege de mindere kosten vanwege de uitstel van de ‘groene’ transitie) een optie. Brussel maakt niet al te veel problemen nadat rechts de verkiezingen voor het Europees Parlement heeft gewonnen. De groene plannen van Timmermans gaan in de ijskast in Brussel. Onder druk van de rechtse partijen komt er een strenger migratiebeleid voor de hele EU. Technocratische ministers krijgen her en der nog wat gedaan ook. Niet alles natuurlijk, maar dit ligt aan allerlei oorzaken buiten hun bereik. Natuurlijk voor het grootste deel allemaal symboolpolitiek en de echte problemen worden niet aangepakt, maar het oog wil ook wat toch? Wilders claimt de successen en geeft de schuld voor de mislukte onderdelen aan anderen. BBB-leider Van der Plas heeft vertelt nu al dat niet alles gaat lukken “maar dan hebben we het tenminste geprobeerd”. Drie keer raden wie de verkiezingen wint. Waar rechts ‘links’ zelfs al afstraft voor vermeende fouten, vergeeft rechts zichzelf bij voorbaat al zijn zonden.

Premier Rutte had ook zo zijn dieptepunten, maar die heeft het toch maar 13 jaar volgehouden. Dat is geen voorspelling voor hoe lang Wilders in het centrum van de macht blijft (het blijft natuurlijk altijd mogelijk dat het kabinet ergens over valt), maar het is wel een indicatie. Wilders zit al zo’n dertig jaar in de politiek. Hij is een clubje technocratische ministers, dat veel weet van hun vakgebied, maar niet van politiek, gemakkelijk de baas. Er zijn altijd wel weer mensen die graag minister willen worden, of premier. Vaak zijn dat de verkeerde personen, maar daar staat tegenover dat ze vervangbaar zijn…

De poging om Plasterk als premier aan te stellen, was een dieptepunt. Het onderzoek van de AMC naar patentenfraude is nog gaande, maar het was voldoende om zijn kandidatuur te torpederen. Plasterk blijft zichzelf verdedigen en geeft alleen toe dat zijn excuses aan Omtzigt “niet gelukkig” waren…

Dick Schoof is uiteindelijk uit de hoed van de PVV en de andere partijen gekomen: de ex-chef van de Nederlandse inlichtingendienst. Een typerend feitje: op zijn aandringen werd Kick Out Zwarte Piet aangemerkt als “terroristische organisatie”. Na een klacht van KOZP is dit ongedaan gemaakt. Hij staat bekend als iemand die “de grenzen van de wet opzoekt”, d.w.z. dat hij er overheen gaat en laat iemand maar zien dat hij hem tegenhoudt. Na alle beloftes en beweringen dat het in Nederland allemaal anders moet, van vooral PVV, BBB en NSC is hij de bevestiging dat alles bij het oude blijft: Schoof is geen buitenstaander maar zo ongeveer de verpersoonlijking van de man van het overheidsapparaat.

Een lang en droevig verhaal, maar waar laat dat de klasse van werkende mensen in Nederland? Op het eerste gezicht staat hun positie er beroerd voor. De arbeidersklasse heeft geen politieke vertegenwoordiging en dus geen politieke kracht. Een partij als de SP heeft door een combinatie van twintig jaar van verkiezingsnederlagen en een gebrek aan partijdemocratie niet het vertrouwen van de massa van werkende mensen. BIJ1 is bij de vorige verkiezingen als mogelijk alternatief door de mand gevallen en de PvdD heeft sympathieke punten, maar kan onmogelijk als arbeiderspartij worden aangeduid.

De vakbeweging heeft meer dan een miljoen leden. Her en der zijn er tekenen van strijd, zoals rond het vroegpensioen voor zware beroepen, maar de kracht van de vakbeweging en de steun voor vakbonden onder jongeren is er de laatste jaren ondanks goede acties voor bijvoorbeeld een minimumloon van 14 Euro niet beter op geworden. Op het gebied van pensioenen hebben de vakbonden misschien te veel concessies gedaan. Ondanks forse loonsverhogingen en successen in CAO’s lopen de lonen achter op de inflatie.

De kracht van de arbeidersklasse is in termen van klassenbewustzijn, programma en organisatie al meer dan 40 jaar op zijn retour. En het zou een vergissing zijn om te denken dat het dieptepunt nu is bereikt. Demoralisatie en een blijvend gebrek aan vertrouwen liggen op de loer. Jaren van rechts beleid onder leiding van de VVD (die het CDA en de PvdA en voor een deel de eigen partij hebben leeggezogen) zullen worden gevolgd door, ja, jaren van rechts tot extreem rechts beleid onder de aansturing van Geert Wilders, de leider van de grootste partij in het parlement. Veel kiezers hebben hem als oppositieleider in de afgelopen 25 jaar keer op keer weer de kans gegeven, er is geen reden waarom dat met Wilders als feitelijk regeringsleider niet het geval zou zijn.

De conclusie is simpel: alleen onder grote druk vanuit de maatschappij zal de positie van Wilders en de PVV (dat is één en hetzelfde) aan het wankele gebracht kunnen worden.

Laten we het potentieel van een echte oppositie eens onder de loupe nemen. Er is verzet tegen het rechtse beleid: vanuit de vakbeweging, de klimaatbeweging, (socialistisch) feminisme, de antiracismebeweging en de LGBTI+ beweging. Onder de klimaatbeweging rekenen we ook de groep mensen die minder vlees willen consumeren, biologisch willen boeren enz. Dan is er ook een stevige beweging ontstaan rond solidariteit met het Palestijnse volk in Gaza. Al deze laatste bewegingen hebben baat bij aansluiting bij de arbeidersbeweging, die ze de nodige slagkracht kan geven. Hoewel het om heel diverse bewegingen gaat, is in de huidige situatie samenwerking hard nodig om successen te boeken. Die zullen gezamenlijk moeten worden bevochten. Als iedere beweging voor zich storm loopt op rechts is de uitkomst voorspelbaar… Rechts is niet zo sterk als je op grond van hun aanwezigheid in sociale media zou denken, maar het vertegenwoordigt alles bij elkaar een groot aantal mensen, sentimenten en vooral ook: grote belangen.

Een gezamenlijk optrekken van klimaatactivisten, feministen, LGBTI+ en de arbeidersbeweging onder de vlag van het socialisme is een effectieve manier om Wilders en het nieuwe rechtse kabinet af te stoppen. We kunnen het ons eenvoudigweg niet permitteren om af te wachten of het door interne strubbelingen in elkaar zakt. De weg naar het fossiele en homogene Nederland van vroeger inslaan biedt geen enkel perspectief  en er staat veel op het spel. Een gezamenlijke optrekken is de weg naar de toekomst.

Delen:
Printen:
Voorpagina van De Linkse Socialist