Sociale woningen: niet meer voor mensen met laag inkomen?

Binnenkort wordt de regelgeving over sociaal huren herbekeken door de Vlaamse regering. Er gaan steeds meer stemmen op die stellen dat er te veel mensen met een laag inkomen wonen in een sociale woning (of te weinig met een hoger inkomen) en dat dit slecht is voor de sociale en financiële leefbaarheid van de huisvestingsmaatschappijen. Mensen met een laag inkomen betalen minder huur en hoe meer mensen met een laag inkomen een woning huren hoe minder inkomsten een huisvestingsmaatschappij ontvangt.

Karel Mortier

In haar programma voor de verkiezingen stelde de SP-a dat een sociale woning ook toegankelijk moest zijn voor de "postbode en zijn gezin". De SP-a wil daarom een derde van de nieuwe sociale woningen voorzien voor gezinnen met een inkomen tot 35.000 EUR.

Daarnaast moeten huisvestingsmaatschappijen al dan niet in samenwerking met de privé ook de mogelijkheid krijgen om woningen buiten het sociaal huurstelsel te verhuren aan mensen met een hoger inkomen. De meeste partijen zijn ook een voorstander van het verkopen van sociale huurwoningen maar na een klacht van de huisvestingsmaatschappijen heeft het Arbitragehof dit ongedaan gemaakt. De regering zal echter een nieuw decreet indienen om dit opnieuw mogelijk te maken. Een land is dixit Stevaert immers niet sociaal als er veel sociale woningen zijn wel als de wachtlijsten voor de woningen kort zijn. Dat het één wel iets met het andere te maken zou kunnen hebben is duidelijk nog niet tot iedereen doorgedrongen.

De CD&V wil nog een stap verder gaan en wil zelfs de inkomensgrenzen voor sociale huurwoningen volledig schrappen. "Hoe beter ze mikken op het publiek waarop ze moeten mikken, hoe meer ze in moeilijkheden raken. Een sociaal huurbeleid dat zich uitsluitend richt op de laagste inkomens, rijdt zichzelf vast” stelt Veerle Heeren (CD&V) in De Standaard (28/12). Een bepaald percentage van de sociale woningen zou dan voorzien worden voor mensen met een laag inkomen. De rest zou dan gaan naar mensen met een hoger inkomen. Op die manier zou de sociale maar vooral de financiële leefbaarheid van de huisvestingsmaatschappijen verbeteren volgens de CD&V.

Een te hoge concentratie van mensen met een laag inkomen zorgt ook voor allerlei sociale problemen stelt men. Daarom wil de CD&V de huisvestingsmaatschappijen ook meer mogelijkheden geven om lastige huurders uit hun huis te zetten. Het zogenaamde "Flodder"-amendement. Dit amendement werd genoemd naar de gelijknamige Nederlandse TV familie. Nieuwe bewoners van een sociale woning zouden als het van de CD&V afhangt ook eerst een proefperiode van 6 maanden moeten doorlopen. Ook nadien zou een huurcontract nog slechts tijdelijk zijn. In het nieuw sociaal huurbesluit moet er volgens de regering ook meer aandacht komen voor de aanpak van sociale fraude, domiciliefraude, huurachterstal en overlast. Positief is wel dat huurders niet meer dan een vijfde van hun inkomen zouden moeten besteden aan huur. Op dit ogenblik besteden 29% van de sociale huurders meer dan een vijfde van hun inkomen aan huur wat onmiddellijk ook aantoont dat sociale huur nu ook weer niet zo sociaal is.

De regering wil de lokale overheden en de huisvestingsmaatschappijen meer vrijheid geven om tot een eigen toewijzingsbeleid te komen. De huidige regeling die sociale woningen toewijst op basis van objectieve criteria en wachtlijsten kwam er in 92 nadat De Batselier (SP-a) vond dat er een einde moest komen aan de vriendjespolitiek bij de toewijzing van sociale woningen. De huidige regering vindt echter dat dit heeft gezorgd voor financiële en sociale problemen. De regering hoopt wellicht ook dat lokale gemeentebesturen meer interesse krijgen in sociale woningen als die besturen weer zelf mogen bepalen wie er voor in aanmerking komt. Zo wil de CD&V gemeenten bijvoorbeeld de mogelijkheid bieden om voorrang te geven aan mensen die al in de gemeente wonen. Het risico bestaat echter dat bepaalde groepen huurders uitgesloten zullen worden en dat lokale politici sociale huisvesting weer zullen gebruiken om stemmen te winnen.

Het probleem is echter dat er 320.000 sociale huurwoningen nodig zijn om iedereen die nu al in aanmerking komt te voorzien van een sociale woning terwijl er momenteel slechts zo’n 140.000 sociale huurwoningen zijn in Vlaanderen. Minder dan 6% van het woningbestand in Vlaanderen bestaat uit sociale huurwoningen. Er is dus theoretisch een behoefte aan 180.000 bijkomende sociale huurwoningen. Meer dan 72.000 gezinnen die beantwoorden aan inkomensvoorwaarden staan op een wachtlijst voor een sociale woning. In de beleidsnota wonen 2004-2009 staat dat de Vlaamse overheid een "hoog" investeringsniveau zal blijven aanhouden, wat in concreto betekend dat het decennia zal duren vooraleer er voldoende sociale woningen zullen zijn voor mensen met een laag inkomen. Nergens in de beleidsnota staat hoeveveel, wanneer en hoe die woningen er zullen komen.

Het klopt ook helemaal niet dat enkel mensen met een (heel) laag inkomen in een sociale woning wonen, wat vroeger moest maar vandaag blijkbaar een probleem is geworden. Het is vreemd dat men enerzijds probeert om sociale huurders af te schilderen als een stelletje marginalen aan de rand van de samenleving die voor allerlei problemen zorgen omdat ze met teveel zijn en te weinig huur betalen. Anderzijds zou er volgens dezelfde politic bij sociale huurders een grote vraag zijn om de woning die ze huren te kopen. Als we hen moeten geloven worden ze dagelijks aangeklampt door mensen die hun woning willen kopen. De beroemde baksteen in de maag theorie stelt immers dat iedere Vlaming genetisch bepaald is om een eigen woning te kopen. Hoe kunnen mensen met een (heel) laag inkomen echter een woning kopen? In België zijn er 700.000 gezinnen niet in staat om een woning te kopen maar blijkbaar zijn er toch een pak mensen die een sociale woning huren die dat wel kunnen.

De verwijzing naar de familie Flodder is misschien ook een illustratie van hoe politici denken over mensen met een laag inkomen. Het voorbeeld is echter verkeerd gekozen. In Vlaanderen zet men mensen in arme wijken uit hun huis en moeten die mensen maar hun plan zien te trekken en verhuizen naar nog armere wijken al dan niet in een andere stad/gemeente. Die mensen moeten plaats maken voor mensen met een hoger inkomen om de sociale mix van armere wijken te verbeteren. In Nederland biedt men de familie Flodder aan villa aan in een residentiële wijk en een persoonlijke sociaal-assistent om die familie te begeleiden en zijn het de rijken die plaats maken voor de armen (althans zo wordt het voorgesteld in de film over de familie Flodder, de realiteit verschilt daar nogal sterk van). Als er nog eens een woning vrijkomt in het Gentse miljoenenkwartier dan weet Frank Beke (SP-a) in ieder geval wat gedaan wanneer door middel van het "ma-Flodder" amendement iemand uit zijn sociale woning wordt gezet!

Het maximum inkomen die gezinnen mogen hebben om in aanmerking te komen voor een sociale huurwoning bedraagt momenteel 24.391 euro netto voor alleenstaanden, te verhogen met 1.356 euro per persoon ten laste. Huisvestingsmaatschappijen met een hoge concentratie mensen met een laag inkomen kunnen, mits ze een leefbaarheidsplan hebben opgesteld, zelfs gezinnen toelaten met een inkomen van 32.521 euro netto. Zo’n 70% tot 80% van de Vlaamse gezinnen heeft een inkomen dat lager is dan de bovengrenzen om in aanmerking te komen voor een sociale woning. In vergelijking met vroeger werden de inkomensgrenzen overigens al een aantal keren opgetrokken. Dat belet de CD&V niet om te stellen dat sociale huurwoningen in het huidig huurbesluit voorzien zijn voor de "minst kansrijke groepen en de laagste inkomens", met allerlei problemen tot gevolg. Het toont ook aan hoe hypocriet iemand als Stevaert is wanneer hij het voorbeeld van de "postbode" gebruikt om zijn asociale voorstellen een progressief tintje te geven (zeker nu duidelijk geworden is hoeveel van die postbodes dit jaar werden afgedankt bij de Post onder impuls van een SP-a minister.)

Het klopt dat steeds meer mensen in Vlaanderen problemen hebben om een betaalbare woning te vinden. In een stad als Leuven is nog geen 30% van de huishoudens in staat om een eigen woning te kopen. Tussen 1988 en 2002 zijn de prijzen voor een woning in Leuven met niet minder dan 70% gestegen. Tussen 1997 en 2001 zijn de huisprijzen in Vlaanderen met maar liefst 32% gestegen. Op dit moment echter voorstellen om iedereen, dus ook de resterende 30% van de gezinnen die momenteel een te hoog inkomen hebben, in aanmerking te laten komen voor een sociale woning is vragen om problemen, zeker als huidig aanbod blijft wat het is. De meeste mensen moeten nu al 3 tot zelfs 5 jaar wachten voor ze terecht kunnen in een sociale woning. Al die tijd besteden die gezinnen een groot deel van hun inkomen aan een woning die in veel gevallen dan nog niet eens beantwoord aan de meest elementaire normen qua comfort en veiligheid. Het is ook maar zeer de vraag of iedereen in Vlaanderen staat te springen om de "sociale mix" van de huisvestingsmaatschappijen te gaan verbeteren door een sociale woning te huren wetende dat regering ieder jaar miljarden euro spendeert om de eigendomsverwerving te stimuleren. Het is echter onduidelijk in welke mate dit beleid invloed heeft op de beslissing om over te gaan tot de aankoop van een woning.

De voorstellen van de CD&V hollen het recht op wonen uit. Men wil mensen met een laag inkomen laten opdraaien voor de financiële problemen van de overheid en huisvestingsmaatschappijen. Het is beschamend dat dezelfde politici die al decennia lang nagelaten hebben om de nodige maatregelen te nemen om mensen van een degelijke en betaalbare woning te voorzien nu een hetze voeren tegen mensen met een laag inkomen die een sociale woning huren omdat ze nergens anders terecht kunnen. De werklozen zijn verantwoordelijk voor de werkloosheid, de armen voor de armoede en blijkbaar zijn nu ook de sociale huurders verantwoordelijk voor de financiële problemen van de Vlaamse regering. Naar beneden trappen is blijkbaar in.

Het is veelzeggend dat de Vlaamse regering liever de interesten betaald op hun schulden dan investeert in goedkope en degelijke sociale (huur)woningen. Het is dan ook ronduit hypocriet dat politici van o.a de CD&V in aanloop van de verkiezingen met veel plezier een nachtje gingen slapen in de woning van mensen met een laag inkomen om voor de camera’s te zeggen hoe erg het allemaal wel niet was om dan na de verkiezingen een mes in hun rug te steken met dergelijke asociale voorstellen. Het is nog te vroeg om algemene conclusies te trekken omdat nog niet duidelijk is hoeveel geld er zal worden uitgetrokken om al die voorstellen te realiseren en omdat een aantal voorstellen nog niet concreet zijn. Voorlopig zou wonen één van de weinige beleidsdomeinen zijn waar niet op wordt ingeleverd door de Vlaamse regering, maar het huidig budget (amper 2,3% van de totale begroting) is nog steeds ruim onvoldoende om de grootste problemen op te lossen. De voorstellen van de CD&V die al werden uitgelekt naar de pers beloven echter niet veel goeds voor de toekomst en zijn een stap terug op een aantal punten.

Delen: Printen: