Studeren is een voltijdse bezigheid, voor een studentenloon om de precariteit te stoppen

Onzekerheid onder studenten mag niet langer de norm zijn

Vandaag is precariteit de norm voor studenten. Alles is onzeker. We moeten steeds meer betalen om te studeren, van inschrijvingsgeld over verplichte boeken en vervoerskosten tot fors stijgende voedsel- en huisvestingsprijzen. Het is geen verrassing dat de meeste studenten naast hun studie moeten werken. 

door Odile (Luik) uit maandblad De Linkse Socialist

Veel studenten worden regelmatig voor onmogelijke dilemma’s geplaatst. Een maaltijd overslaan om een verplicht lesboek te betalen? Niet naar de dokter gaan omdat de bus- of treinpas moet betaald worden? Kiezen om te werken aan een laag loon om het inschrijvingsgeld te betalen? Dit zijn geen echte keuzes. Het is niet aanvaardbaar dat we onze gezondheid moeten verwaarlozen om te kunnen studeren of dat we onze studies moeten verwaarlozen om te werken voor ons inschrijvingsgeld.

Volgens de cijfers van Randstad hebben 77% van de studenten een job in de zomer en 72% in de rest van het jaar. In 2004 was dit nog maar 30% tijdens het schooljaar. Nu moet één op de drie ook tijdens de examenperiode werken!

Deze ‘keuzes’ hebben directe gevolgen: minder tijd en energie om naar de les te gaan, om te studeren, maar ook om tijd door te brengen met familie of vrienden, om onze hobby’s te beoefenen, om een pauze te nemen. Dit alles zet onze mentale gezondheid onder druk. 

Het feit dat steeds meer studenten moeten werken om rond te komen, leidt ertoe dat een groeiend aantal studenten niet in eerste zit slaagt en langer over de studies doet. Studenten in alle delen van ons land doen gemiddeld langer over hun studietraject dan het gemiddelde in de OESO-landen. Slechts 32% van de Nederlandstalige en 20% van de Franstalige studenten werkt een bacheloropleiding in de voorziene drie jaar af.   

Het antwoord van de politici? De federale regering besliste in de begroting om studentenwerk soepeler te maken, lees: studenten mogen meer werken aan een voor de werkgevers goedkoop tarief. De toegang tot studiebeurzen blijft erg moeilijk en lijkt soms willekeurig. De regionale ministers gaan over tot manieren om de studieduur te beperken. Zo is er de knip van Ben Weyts  waardoor wie nog vakken van het eerste jaar moet doen niet aan het derde jaar mag beginnen. 

Ik ken studenten in Luik die een volledig inschrijvingsgeld van 835 euro moesten betalen, maar geen vakken van het volgende jaar mochten starten en dus een half studiejaar moesten doen. Bovendien heeft dit gevolgen voor de kinderbijslag omdat je voor een minimum aantal cursussen moet ingeschreven zijn om die te krijgen. Dit is onaanvaardbaar!

Je bent niet alleen

Deze problemen staan niet op zichzelf. In het kapitalistisch systeem in crisis zullen malaise en onzekerheid altijd deel uitmaken van ons leven. Het feit dat studenten moeten werken om te overleven en hun studie te betalen, is een manier om de winsten van de kapitalisten te garanderen, om een neerwaartse druk uit te oefenen op de lonen en arbeidsvoorwaarden van alle werknemers, en om te proberen het verzet van jongeren te beperken. Traditionele politici willen vooral vermijden dat jongeren in verzet komen tegen de onderwerping van het hoger onderwijs aan ‘economische’ belangen (lees: de belangen van de kapitalistische klasse).

Het 12 euro-abonnement van de  TEC (in Wallonië) en de MIVB (in Brussel) voor jongeren van 18 tot 24 jaar is zeker welkom. Maar het blijft een druppel op een steeds hetere plaat. Het openbaar vervoer zou voor iedereen gratis moeten zijn. En waarom blijft De Lijn achter? Een Buzzy Pas kost 215 euro per jaar… 

De onzekerheid en precariteit worden steeds groter onder studenten. Gezamenlijke actie is nodig. Langs Franstalige kant eisen studentenverenigingen georganiseerd rond de FEF (Franstalige studentenfederatie) de afschaffing van de maatregelen die de toegang tot studeren moeilijker maken. 

Dit is een goed initiatief, maar er is zoveel meer nodig. Met een studentenloon zouden we niet moeten werken om te kunnen studeren. Gratis en kwaliteitsvol onderwijs betekent onder meer de afschaffing van het inschrijvingsgeld, gratis cursusmateriaal, goedkope studentenrestaurants, gratis openbaar vervoer, toegang tot hygiënische producten …  Het betekent ook drastisch meer publieke middelen voor onderwijs en andere ondergefinancierde overheidssectoren. Daarnaast is er nood aan een massaal plan voor de creatie van sociale huisvesting, waaronder studentenkoten, aan betaalbare prijzen. Om dit alles te financieren moeten de middelen gezocht worden waar ze zitten: niet bij de studenten of in het onderwijs, maar bij de grote bedrijven. De staking van 9 november is een eerste stap, het begin van de strijd. 

Studenten kunnen die strijd versterken door solidair te zijn met het sociaal protest. Er waren stakingen bij het spoor en van de Franstalige leerkrachten, op 9 november is er de algemene staking. Studenten kunnen op 9 november aanwezig zijn met solidariteitsbezoeken aan piketten, maar daarnaast kunnen we er ook gebruik van maken om zelf actie te voeren voor democratisch hoger onderwijs dat voor iedereen toegankelijk is en voor eisen die ons toelaten om ons volledig op onze studies te concentreren. 

We delen onze strijd met miljoenen werkenden die zich overal ter wereld mobiliseren en organiseren. De arbeidersklasse heeft het beste wapen tegen het kapitalisme: dat van het blokkeren van de economie met stakingen! Als de Franse studentenbeweging in 1968 toegevingen afdwong, was dit vooral te danken aan de algemene staking van 10 miljoen Franse arbeiders.

Delen: Printen: