Gebrek aan middelen voor onderwijs doet ons meer betalen voor minder kwaliteit

Op de eerste schooldag laten de jongste kinderen wel eens een traantje. Dit jaar zouden ze gezelschap kunnen krijgen van heel wat ouders. De kosten om te studeren nemen snel toe en vragen zware offers van gezinnen. Dat komt bovenop alle andere prijsstijgingen. De scholen zelf gaan gebukt onder tekorten. Moet er straks elke week een wafelenbak komen om een beetje verwarming te kunnen betalen? 

door Jeremiah (Luik) 

De Franstalige zender RTL sprak met de moeder van een scholiere. Ze vertelde dat de kosten voor het nieuwe schooljaar erg hoog zijn. Op het einde van vorig schooljaar kreeg ze een brief met informatie over het verplichte schoolgeld en de benodigdheden voor het nieuwe jaar. Het schoolgeld omvat kosten voor kopieën en verschillende verplichte excursies en activiteiten. Het ging om maar liefst 330 euro per kind voor de boeken en het schoolgeld. “Het was eigenlijk nog meer, maar ik besloot om de aanbevolen woordenboeken niet te kopen.”

Als leerkrachten kunnen we niet naast de tekorten kijken. Lege brooddozen, geen tassen of schriften, moeite met rekeningen betalen aan het einde van het jaar. Dit zal nog erger worden. Schriften en papierproducten werden gemiddeld 20% duurder. En dat is basismateriaal! 

De Franstalige Gezinsbond (Ligue des Familles) deed een onderzoek naar de schoolkosten in het schooljaar 2021-22. Daarin stelt het vast dat er geen sprake is van gratis onderwijs. Boeken en kopies alleen al kosten gemiddeld 255 euro per jaar voor een scholier in het lager onderwijs en 428 euro voor een scholier in het algemeen secundair onderwijs. Als daar nog informatica bijkomt, lopen de kosten op tot respectievelijk 483 en 655 euro, een stijging met 90% en 70%. Aan meer dan de helft van de leerlingen in het secundair onderwijs (56%) vraagt de school om over een computer te beschikken. Hetzelfde geldt voor 13% van de kinderen in het basisonderwijs. Vijf jaar geleden moesten ouders nog bijna niets betalen voor informatica. 

In het technisch en beroepsonderwijs schiet de rekening eveneens de hoogte in. “Ouders betalen iets meer dan voorheen, in vergelijking met vijf jaar geleden of onze vorige studie. We stellen echter vast dat de rekening in het technisch en beroepsonderwijs fors is gestegen. Dat is extra moeilijk. Vaak gaat het om kinderen van arme ouders, die dan plots tot 1.000 euro moeten ophoesten voor slagersmessen, gereedschap voor loodgieters of computers voor meer kantoorgerichte opleidingen,” aldus de directeur-generaal van de Franstalige Gezinsbond. 

Dit alles zet druk op gezinnen die elders besparen, bijvoorbeeld op vrijetijdsbesteding of de begeleiding van hun kinderen. Sommige scholen gebruiken de hoge kosten om de armste kinderen niet te moeten inschrijven, zelfs indien dit niet wettelijk is. 

Zowat alle scholen kreunen onder de tekorten. Geen geld voor verwarming, slechte gebouwen en op veel plaatsen een tekort aan leraren. Dat lerarentekort is een nationaal fenomeen. In Vlaanderen waren er vlak voor de start van het schooljaar nog 1570 openstaande vacatures voor het secundair onderwijs en 824 voor het lager en kleuteronderwijs. In de Federatie Wallonië-Brussel zoeken scholen eveneens wanhopig naar leraren. Dit tekort heeft gevolgen voor het begeleidend personeel, dat meer taken krijgt of moet inspringen zonder ervoor opgeleid te zijn. Een schooldirecteur merkte op: “Normaal moet je een diploma hebben om aan de slag te gaan als leraar, maar ik nam al mensen aan die uit de wereld van het toerisme of de kunst komen en die geen pedagogische opleiding volgden, maar wel willen werken.” Zowel in het onderwijs als de zorg schrikken zowel de werkdruk als de lonen af. 

Nieuwe acties in het Franstalig onderwijs

Scholen moeten plaatsen zijn waar het leren centraal staat, niet de boekhouding. Het onderwijs moet worden gegeven door vakmensen die erkenning krijgen door middel van goede arbeidsvoorwaarden en lonen. Het onderwijs moet gratis zijn, zeker in deze tijden van galopperende inflatie. 

Voor de zomer waren er langs Franstalige kant drie grote onderwijsbetogingen met 10.000 deelnemers in Brussel, 7.000 in Bergen en 15.000 in Luik. Het gemeenschappelijk vakbondsfront kondigde nieuw protest in oktober aan. Geen enkele van de eisen van het onderwijspersoneel is ingewilligd. Het personeel wil kleinere klassen. Het verzet zich ook tegen een nieuw beoordelingssysteem dat tot doel heeft om personeel gemakkelijker te ontslaan. Dat systeem is onder druk van het protest uitgesteld, maar slechts tot januari 2024. 

De strijd moet verdergaan en opgevoerd worden. Dat is nodig om gratis en degelijk onderwijs te bekomen.

 

Te weinig middelen? Verantwoordelijkheid doorgeschoven naar leraren en werklozen …

  • Koen Pelleriaux, directeur van het Gemeenschapsonderwijs, stelde dat het niveau moet opgekrikt worden. Daarvoor wil hij grotere klassen en ‘meer ambitieuze’ leerkrachten uit de privésector aantrekken. Toen daar veel kritiek op kwam, verontschuldigde Pelleriaux zich. “De overgrote meerderheid van onze leerkrachten is natuurlijk wel ambitieus.” Over de kritiek op zijn voorstel van grotere klassen zweeg hij. Voor de pedagogische kant van het onderwijs heeft Pelleriaux blijkbaar geen tijd.
  • Vlaams minister van Onderwijs Ben Weyts weet waarom er een tekort aan leraren is. Het zijn niet de lonen en arbeidsomstandigheden, of het algemeen tekort aan voldoende middelen. Het komt evenmin door de snelle uitstroom van wie start in het onderwijs. Neen, het zijn die luie werklozen voor wie het “interessanter is om niet actief te zijn dan om te werken.” Weyts stelt daarom een beperking van de werkloosheidsuitkering in de tijd voor.
Delen: Printen: