Miljoenen protesteren in Soedan. Breng de coup ten val, geen compromissen meer!

De militaire staatsgreep die de Soedanese generaals op 25 oktober hebben gepleegd, heeft een woedende reactie van de massa’s ontketend. De strijd tussen de revolutie en de contrarevolutie, die in december 2018 is begonnen, wordt hierdoor op het scherpst van de snede gevoerd.

Analyse door Serge Jordan (International Socialist Alternative)

Meteen na de staatsgreep gingen honderdduizenden mensen herhaaldelijk de straat op. Ze hebben een veelheid aan barricades en revolutionaire controleposten opgericht in alle Soedanese steden en dorpen. Een grote golf van stakingen heeft de ene sector na de andere overspoeld. “Alle straten zijn geblokkeerd door comités, en niemand werkt op dit moment,” meldde Satti, een ISA-aanhanger in Khartoem, op vrijdag 29 oktober. Op dit moment zijn de meeste hoofdwegen in de hoofdstad nog gebarricadeerd. Terwijl troepen van het regime hebben geprobeerd de barricades te verwijderen om de wegen weer te openen, haasten jonge betogers zich om de barricades terug op te bouwen zodra deze troepen vertrekken.

Belangrijk is dat de arbeidersbeweging vanaf de eerste dag van de staatsgreep haar handtekening onder de beweging heeft gezet, in wat neerkwam op een de facto algemene staking in het hele land.

Na de militaire machtsovername vaardigde de belangrijkste architect van de staatsgreep, generaal Abdel Fattah al-Burhan, een decreet uit waarbij de vakbonden en beroepsverenigingen werden ontbonden. Deze maatregel maakte duidelijk dat achter het ‘burgerbewind’ de revolutie, de arbeidersklasse en haar organisaties in de vuurlinie van de generaals liggen. Maar dit besluit bleef vooral op papier. Veel vakbonden riepen op tot stakingsacties en de werkonderbrekingen verspreidden zich snel over heel Soedan. Universitaire docenten, bankpersoneel, artsen, ingenieurs, apothekers, werknemers in de olie-industrie, ambtenaren, piloten en luchthavenpersoneel, spoorwegpersoneel en vele anderen gingen in staking, samen met talrijke kleine bedrijven en winkeliers die hun activiteiten stopzetten en het economische leven van het land bijna volledig tot stilstand brachten.

Deze stortvloed van protesten, wegblokkades en stakingen verraste de coupplegers aanvankelijk grotendeels. “Ze hadden niet verwacht dat de mensen zouden protesteren,” zegt Jihad Mashamoun, een Soedanese politiek analist. “Ze hadden verwacht dat de mensen gewoon kalm zouden blijven omdat ze de economische crisis beu waren.” Vrouwen, die vrezen dat hun rechten drastisch zullen worden ingeperkt, behoren tot de frontlinies van de mobilisaties van de afgelopen week.

Al-Burhan voelde de druk van de verzetsbeweging die zijn staatsgreep in gang had gezet en kondigde donderdag aan dat hij een nieuwe premier zou kiezen om een nieuw overgangskabinet te vormen en te leiden. Hij voegde eraan toe dat Abdallah Hamdok – de premier die door de militairen was afgezet en gearresteerd – zijn favoriete kandidaat voor de baan bleef!

Op zaterdag 30 oktober culmineerde de massale burgerlijke ongehoorzaamheidscampagne in een “miljoenenmars”, waartoe opgeroepen en gemobiliseerd werd door de in de wijken gevestigde verzetscomités en de Soedanese Beroepsvereniging (SPA). Naar verluidt hebben tot drie miljoen mensen in meer dan 700 betogingen in het hele land opgeroepen tot de val van het militaire bewind. Dit waren de grootste protesten tot nu toe tegen de staatsgreep. In een interview met het radioprogramma VOA Africa vanuit Khartoem, verklaarde een betoger: “Ik heb geen idee over wie al-Burhan gaat regeren, want dit land, iedereen, is buiten, iedereen is ertegen.” Over de hele wereld, van Belfast tot Beiroet, van San Francisco tot Sydney, vonden betogingen plaats uit solidariteit met het Soedanese protest.

Wat staat er op het spel?

De legerleiders voelden zich in een hoek gedrukt en besloten om verschillende redenen tot actie over te gaan. Het vooruitzicht van een grotere civiele controle over het overgangsproces boezemde hen ongetwijfeld angst in, omdat het de Soedanese bevolking nog vastberadener zou hebben gemaakt om gerechtigheid te eisen voor alle misdaden die de generaals en andere hoge officieren hebben begaan, zowel onder de dictatuur van al-Bashir als sinds diens afzetting.

Maar de politieke en militaire macht van de junta is ook nauw verweven met haar zakelijke belangen: onder het oude regime hebben de generaals, het inlichtingenapparaat en krijgsheren zoals de beruchte Mohamed Hamdan Dagalo (“Hemedti”) aan het hoofd van de Snelle Ondersteuningsmacht (een uitwas van de Janjaweed-militie die in het verleden in Darfoer bloedbaden aanrichtte) geprofiteerd van hun monopolie over belangrijke sectoren van de economie van het land. Zij beheren een groot netwerk van bedrijven, woningen, landbouwgrond en andere bezittingen die miljarden dollars waard zijn.

De regering van Hamdok zat klem tussen enerzijds de druk van de straat om de rijkdommen van het land terug te geven aan de bevolking door de militaire bedrijven onder staatsbeheer te brengen en anderzijds de druk van het IMF om deze bedrijven uit de handen van de handlangers van Al Bashir te bevrijden zodat ze aan buitenlandse investeerders konden worden verkocht. Beide hebben, op hun eigen manier, de kern van de financiële belangen van de militaire junta geraakt.

ISA eist de volledige nationalisering van alle bedrijven en bezittingen die in handen zijn van de militaire top, de veiligheidstroepen en de RSF, en dat deze onder controle en beheer van democratisch gekozen arbeiderscomités worden gebracht – als een eerste stap naar de invoering van een democratisch productieplan.

Dergelijke maatregelen zouden niet alleen de economische macht van de contrarevolutie neutraliseren, maar zouden ook de materiële ruimte bieden om een begin te maken met de aanpak van de ernstige problemen van honger, armoede en werkloosheid waarmee het grootste deel van de bevolking te kampen heeft en die sinds de omverwerping van de tiran al-Bashir alleen maar erger zijn geworden.

Het karakter van de officiële leiding

De civiele leiders die sinds de zomer van 2019 samen met de generaals het land besturen, hebben meer dan één aandeel in de schuld voor de economische rampspoed waarmee de Soedanese armen en arbeiders te kampen hebben, en voor het feit dat de macht van de met bloed besmeurde generaals tot op de dag van vandaag overeind is gebleven.

Het is niet de eerste keer dat de gewelddadige zweep van de contrarevolutie een krachtige revolutionaire uitbarsting van onderaf uitlokt. Begin juni 2019 werd de poging van de generaals om de revolutie in de kiem te smoren met een bloedbad tegen de sit-in in het centrum van Khartoem gevolgd door een drie dagen durende, keiharde algemene staking die eiste dat de Militaire Raad zou worden neergehaald, en door een ‘Miljoenenmars’ aan het eind van die maand.

Maar zoals de leider van de Russische revolutie in 1917, Leon Trotski, ooit zei: de overwinning in een revolutie vereist “de wil om de beslissende slag toe te brengen.” In plaats daarvan maakte de toenmalige verzoenende aanpak van deze civiele leiders korte metten met de revolutionaire energie van de massa’s en leidde het tot een akkoord over machtsdeling dat de moordzuchtige generaals aan de macht liet – zij het getooid met een civiel vijgenblad. Hoewel de Soedanese revolutionaire activisten er fel tegen gekant waren, werd dit rotte compromis tragisch genoeg gesteund door de leiders van de SPA en de toenmalige Soedanese Communistische Partij, die beide deel uitmaakten van de coalitie van de “Krachten voor Vrijheid en Verandering” (FFC) – een brede oppositiealliantie met een hele reeks rechtse, conservatieve en liberale pro-kapitalistische partijen.

Veel van deze politici werden minister in de regering onder leiding van Hamdok, die hand in hand met het IMF een reeks besparingen doorvoerde om de arbeiders en de armen te laten opdraaien voor de economische crisis, waardoor de levensstandaard van het Soedanese volk precies in de richting ging waartegen het in december 2018 in opstand was gekomen.

Het moet dus duidelijk zijn dat de generaals hun recente staatsgreep konden plegen vanwege het eerdere verraad en de onwil van deze civiele leiders om de contrarevolutionaire militaire leiders in de eerste plaats te confronteren, en vanwege hun impopulaire, pro-kapitalistische beleid.

De FFC is een ongelijksoortige, wankele en onbetrouwbare groepering gebleken, waarvan de pogingen om de moordzuchtige generaals en krijgsheren te kalmeren volledig zijn mislukt. Naarmate de polarisatie tussen de civiele en militaire vleugels van de Soevereine Raad de afgelopen maanden toenam, kwam het binnen de FFC begin oktober tot een openlijke splitsing, waarbij sommige delen (omgedoopt tot “FFC-Stichtingsplatform”, of FFC-FP) zich aansloten bij de krachten van het oude regime en de pro-militaire sit-in steunden die in de weken voor de staatsgreep van de generaals in de buurt van het presidentieel paleis in Khartoem was georganiseerd. Deze splintergroepering omvat twee rebellengroeperingen uit Darfoer. Geloofwaardige bronnen bevestigen de medeplichtigheid van de leiders van deze fracties bij de staatsgreep, aangezien beide naar verluidt in de dagen voor de staatsgreep een deel van hun strijdkrachten van Darfoer naar de hoofdstad hebben overgebracht om het vuile werk van Al-Burhan, Hemedti en hun trawanten te vergemakkelijken.

Deze episode zou ons er opnieuw aan moeten herinneren dat de miljoenen arbeiders, jongeren en armen die strijden voor een werkelijk nieuw Soedan, alleen op hun collectieve kracht kunnen vertrouwen om hun revolutionaire eisen te verwezenlijken. Door hun eigen politieke kracht op te bouwen – een revolutionaire massapartij georganiseerd rond hun eigen klasse-eisen – kunnen zij deze kracht op de meest effectieve manier aanwenden, en voorkomen dat hun heroïsche strijd herhaaldelijk wordt bedrogen, gekaapt en verraden.

Dit is ook relevant in het licht van de nieuwe verwoede manoeuvres van het imperialisme om de massale strijd nog maar eens te verraden.

De rol van het imperialisme

De regering van Joe Biden, de meeste westerse regeringen, de Europese Unie, de Verenigde Naties en de Afrikaanse Unie hebben zich allemaal aangesloten bij de publieke veroordelingen van de staatsgreep. Sinds de omverwerping van voormalig president Omar al-Bashir in april 2019 had geen van deze mensen er moeite mee om samen te werken met brute krachtpatsers die hun hele carrière en fortuin hebben gebouwd op het vergieten van het bloed van het Soedanese volk – zolang de schijn werd opgehouden dat er een burgerregering aan het roer stond.

Alle recente verklaringen van buitenlandse regeringen en internationale instellingen over de staatsgreep in Soedan hebben één ding gemeen: zij willen niet de daadwerkelijke omverwerping van de militaire junta, maar een terugkeer naar de status quo van voor 25 oktober. “Tijd om terug te keren naar de legitieme constitutionele regelingen,” zei VN-secretaris-generaal Antonio Gueterres in een tweet, alsof die regelingen niet net voor zijn ogen waren afgebrokkeld. Met andere woorden, deze mensen willen over het hoofd van de Soedanese massa’s heen een nieuw machtsdelingsakkoord opleggen met dezelfde generaals die zojuist de staatsgreep hebben georkestreerd, en aan wie zielige oproepen tot “terughoudendheid” en “gematigdheid” worden gericht.

De strategen van het imperialisme willen de sterke vuist van het leger handhaven als een verzekeringspolis tegen de Soedanese revolutie; maar zij zijn bezorgd dat de eenzijdige stap van al-Burhan en zijn kliek ernstigere volksexplosies kan ontketenen, met het risico dat de arbeidersklasse en de werkende mensen in andere landen worden geïnspireerd. Dit is de ware betekenis van de woorden van de speciale gezant van de VS voor de Hoorn van Afrika, Jeffrey Feltman, die het Soedanese leger waarschuwde voor het feit dat het “zou ontdekken dat het niet gemakkelijk is om opnieuw een militair regime in Soedan te vestigen.” Dit is ook de reden waarom Volker Perthes, de speciale vertegenwoordiger van de VN in Soedan, al dagenlang probeert om in allerijl een nieuw compromis met de beulsknechten in Khartoem in elkaar te flansen. Het ziet ernaar uit dat Hamdok – die zelf een terugkeer naar de machtsdeling van voor de staatsgreep heeft geëist – een “kabinet van technocraten” heeft benoemd.

Het Soedanese volk schreeuwt met miljoenen om afwijzing van elk compromis, elke dialoog of elk partnerschap met de militaire junta. Ondertussen willen de ‘bemiddelaars’ van het imperialisme hen zo’n rotte deal door de strot duwen. Dit ondanks het overduidelijke feit dat de misnoemde “democratische overgang”, die gebaseerd is op het opnieuw beschilderen van de façade van de machine van onderdrukking en uitbuiting in het hart van de dictatuur van al Bashir, jammerlijk gefaald heeft om iets anders op te leveren dan een terugkeer naar dezelfde oude rotzooi.

Om haar eisen van “Vrijheid, Vrede en Rechtvaardigheid” te verwezenlijken, kan de Soedanese revolutie haar lot niet verbinden aan (nationale of internationale) krachten die zich de afgelopen twee jaar bereid hebben getoond compromissen te sluiten met de generaals, en die zich opmaken om het allemaal opnieuw te doen. De overweldigende roep om een ‘burgerregering’ zou elke betekenis verliezen als deze wordt vertaald in een nieuwe deal met de coupplegers, of in de reanimatie van een bemanning van niet-gekozen politici die worden gebruikt als het vijfde wiel van de wagen van de contrarevolutie van het leger. Degenen die campagne voeren voor een opleving van dit beleid laten zich slechts leiden door wanhopige pogingen om de Soedanese revolutionaire massa’s te verhinderen hun eigen lot te bepalen.

De verzetscomités

In dit verband is het opvallend dat de meeste mainstream media, wanneer zij verslag doen van de gebeurtenissen die zich in Soedan afspelen, verzuimen melding te maken van de verzetscomités als de belangrijkste organisaties van de opstand.

Een ironische speling van het lot is dat de onderdrukking door het militaire regime ertoe heeft bijgedragen dat deze verzetscomités in het middelpunt van de belangstelling komen te staan. Satti legt uit dat de arrestatie van de meeste leiders van de “civiele” partijen – samen met de daadwerkelijke ondermijning van hun politieke gezag bij de meest gevorderde delen van de beweging – ertoe heeft geleid dat het zwaartepunt van de leiding van de strijd op de schouders van deze basiscomités is komen te liggen.

Net als in juni 2019 heeft het feit dat het internet en de mobiele netwerken door de junta zijn afgesneden, de tegenstanders van de staatsgreep ertoe aangezet meer ‘traditionele’ mobilisatiemethoden te gebruiken om de digitale communicatie te omzeilen. Het netwerk van lokale verzetscomités dat in veel steden en gemeenten bestaat, is daarbij uiterst handig om bijeenkomsten te beleggen, buren te verzamelen, betogingen te plannen en flyers uit te delen. “De activisten van de comités hebben hun manier ontwikkeld om met elkaar in contact te komen en de massa van het volk te bereiken,” aldus Satti. Deze innovatieve communicatiekanalen omvatten zelfs oproepen tot stakingen die door de luidsprekers van moskeeën worden verspreid.

Deze revolutionaire comités hebben ook allerlei andere taken op zich genomen, zoals het verlenen van eerste hulp aan gewonde betogers of het organiseren van de voedselvoorziening – een onmisbare taak voor de beweging om zich te organiseren in de context van tekorten aan basisgoederen, stijgende prijzen en de verstoring van distributienetwerken als gevolg van de huidige impasse. “De verzetscomités zijn niet overal zo goed georganiseerd als in Khartoum, maar ze hebben overal in Soedan voet aan de grond gekregen: in Atbara, in Port Soedan…” legt Satti uit.

Elke revolutie brengt collectieve zelforganiserende structuren voort die de wil vertegenwoordigen van het uitgebuite en onderdrukte volk in de strijd tegen de oude orde. Vanuit dat oogpunt is de nieuwe impuls die wordt gegeven aan de verzetscomités (die voor het eerst verschenen tijdens een golf van straatprotesten tegen het regime van al Bashir in 2013, en vervolgens op grotere schaal ontstonden na de ‘decemberrevolutie’ van 2018) ongetwijfeld de verst gevorderde indicatie van het revolutionaire karakter van de huidige situatie.

Er is wat marxisten ‘dubbelmacht’ noemen ontstaan: aan de ene kant staat de legertop, die vertrouwt op de oude staatsmachine, zijn militaire en paramilitaire troepen, en de belangen verdedigt van de corrupte en parasitaire elite van het land. Aan de andere kant staan de verzetscomités, die de revolutionaire massa’s vertegenwoordigen en hun verlangen naar een nieuwe samenleving. Maar om deze nieuwe maatschappij te verwezenlijken, moet nog een zware strijd worden geleverd om de oude orde omver te werpen.

Repressie

Eén van de uitdagingen houdt verband met de vraag hoe de revolutionaire beweging het geweld van het coupregime het hoofd moet bieden. Er is al een spervuur van repressie, ook al was dit nog relatief beperkt door de omvang van de mobilisaties. Het leger is bij deze repressie betrokken, maar er is vooral een grote aanwezigheid en betrokkenheid van de paramilitairen van de RSF waargenomen. Deze zijn voor de militaire junta een betrouwbaarder contrarevolutionaire stormram gebleken dan de gewone troepen.

Een wijdverspreide detentiecampagne heeft betogers, activisten, journalisten en aanhangers van de ten val gebrachte burgerregering getroffen. Satti legde uit dat in de aanloop naar de ‘miljoenenmars’ van zaterdag ook een golf van gerichte arrestaties van leidende figuren van de verzetscomités werd ondernomen, met als doel het verzet te onthoofden. Terwijl veel revolutionaire activisten en betogers wegkwijnen in de gevangenis, heeft de militaire leiding de laatste tijd ook enkele van de meest verguisde topfiguren van het regime van al-Bashir vrijgelaten, waaronder diens ex-minister van Buitenlandse Zaken, enkele ambtenaren van de inlichtingendienst en een ISIS-gezinde reactionaire geestelijke.

In de afgelopen week zijn er veel schietpartijen, moorden en folteringen geweest. Op zaterdag werden nog meer betogers gedood, raakten honderden gewond door geweerschoten en werden sommige eerstehulpposten van ziekenhuizen naar verluidt bestormd door misdadigers van de RSF om te verhinderen dat gewonde betogers medische verzorging kregen.

Over het exacte dodental doen verschillende cijfers de ronde. De exacte omvang van de wreedheden is moeilijk te meten, zelfs voor activisten ter plaatse, door het gebrek aan volledige verslaggeving en het platleggen van internet- en telefooncommunicatie. Netblocks, dat toezicht houdt op internetonderbrekingen over de hele wereld, heeft gemeld dat met uitzondering van een periode van vier uur, het internet in het hele land is afgesloten sinds de militaire machtsovername.

Tot nu toe lijkt de repressie tegen de beweging vooral olie op het vuur van de woede van de mensen te hebben gegooid. “Het zal ons niet doen terugkrabbelen; het versterkt alleen onze vastberadenheid,” zei een betoger in Khartoum, geciteerd door Ahram.org. Maar tenzij de revolutionaire beweging in het offensief gaat en een plan uitwerkt om de moorddadige machinerie in handen van de coupplegers te ontmantelen, zullen zij er niet voor terugschrikken om deze opnieuw tegen de beweging te ontketenen, met mogelijk verschrikkelijke gevolgen.

De roep van de bevolking om de opstand vreedzaam te laten verlopen is begrijpelijk, want de Soedanezen zijn de eindeloze oorlog en het bloedvergieten beu. Maar de bloedige bruten aan het hoofd van het leger en de RSF zullen nooit uit eigen beweging afzien van contrarevolutionair geweld. Zij hebben keer op keer laten zien dat zij bereid zijn de meest extreme vorm van geweld te gebruiken om hun macht en winsten te verdedigen. Nieuw bloedvergieten kan alleen worden voorkomen als zij door de massa’s volledig worden ontwapend.

In de tussentijd kan de revolutie zich niet beschermen tegen een genocidaal regime als het met de handen op de rug gebonden strijdt. Om zich voor te bereiden op de toekomstige botsingen die onvermijdelijk zullen komen met de contrarevolutie, moeten er dringend collectief georganiseerde, gedisciplineerde comités voor zelfverdediging worden gevormd in elke buurt, op elke werkplek en in elk dorp. De bestaande verzetscomités, samen met de SPA en militante vakbonden, hebben een primaire rol te spelen in het samen vorm geven hiervan.

Om de aanhangers van het militaire regime te neutraliseren, moeten ook de soldaten in het leger – van wie velen in het verleden hun sympathie voor de revolutie hebben betuigd en rechtstreeks te lijden hebben onder de diepe economische crisis – ervan overtuigd worden dat ze moeten weigeren als waakhonden van een onderdrukkende en corrupte elite te fungeren en dat ze zich in groten getale bij de revolutionaire strijd moeten aansluiten. Een oproep aan de gewone soldaten om zich te organiseren in revolutionaire soldatencomités, gebaseerd op een programma van vastberaden sociale eisen, zou het de junta al een heel pak moeilijker maken om gewelddadige op te treden tegen de beweging.

Strijden om de macht

Belangrijk is dat er actief gestreefd wordt naar de vorming van revolutionaire comités in alle bedrijven, fabrieken en werkplaatsen, democratisch gekozen door vergaderingen van stakende arbeiders. Op deze manier kan de arbeidersklasse niet alleen besluiten over de voortzetting van de stakingen, zoals veel sectoren al hebben gedaan, maar zich ook voorbereiden op het overnemen van de controle over het economische leven van het land uit de handen van de pro-regime bazen en corrupte zakenlieden.

Door zich uit te breiden op de werkplaatsen en in de kazernes, en door zich te verenigen op de schaal van het hele land, kunnen de verzetscomités een concurrerend centrum van politiek gezag worden ten opzichte van de heerschappij van de generaals, de vuile trucs van het imperialisme en zijn plaatselijke agenten te slim af zijn, en strijden om de macht.

In plaats van de verkiezingsfraude, die onvermijdelijk het gevolg zou zijn van de door al Burhan beloofde verkiezingen, zouden er werkelijk democratische verkiezingen kunnen worden georganiseerd onder toezicht van het Soedanese volk via hun comités, met als doel het bijeenroepen van een revolutionaire grondwetgevende vergadering van democratisch gekozen vertegenwoordigers uit alle regio’s van Soedan, die rechtstreeks verantwoording verschuldigd zijn aan de massabeweging. Dit zou de weg openen naar een revolutionaire regering van de arbeidersklasse, de arme boeren en alle onderdrukte volkeren. Zo’n regering kan de militaire junta voor de rechter zou brengen en haar van al haar posities zou ontheffen – binnen de staat, de strijdkrachten en de economie. Zo’n regering kan ook een begin maken met de wederopbouw van de samenleving op een volledig nieuwe basis.

Door de schulden volledig kwijt te schelden, de rijkdommen van het oude regime te onteigenen en de economie in te richten volgens de sociale behoeften, zou de revolutie een beslissende breuk maken met de kapitalistische belangen in het land, en op weg gaan naar een vrij en socialistisch Soedan. Dit zou meteen een brede steun krijgen van werkenden en onderdrukte massa’s in de regio en de rest van de wereld.

Delen: Printen: