Nog vier jaar Bush

De uitslag van de VS-verkiezingen is voor velen een grote teleurstelling. In de VS en ook wereldwijd was er hoop op een nederlaag van het gehate Bush-regime. Bij velen rijst onbegrip en ongeloof. Hoe kan men opnieuw een president verkiezen die verantwoordelijk is voor uitzichtloze oorlogen en een asociaal beleid?

Katrijn Zaman

12,5% van de Amerikaanse bevolking leeft in armoede. Per jaar sterven 18.000 Amerikanen omdat ze geen gezondheidsverzekering hebben. 1 op 3 kinderen wordt arm geboren. 50% van het federaal budget gaat naar het militaire apparaat. Meer dan 1.000 soldaten en tienduizenden burgers zijn gestorven in de oorlog en bezetting in Irak.

Bush heeft al aangegeven dat hij, met een meerderheid in beide kamers, deze overwinning ten volle zal gebruiken om zijn programma verder te zetten. Dit betekent dus verdere snoepjes aan de rijken in de VS en een verderzetting van zijn imperialistische agenda. Op economisch vlak zou Bush de belastingverlaging voor de rijkste Amerikanen permanent maken. Hij heeft ook beloofd om de sociale zekerheid nog verder te privatiseren.

Waarom won Bush de verkiezingen?

Volgens het Witte Huis heeft geen enkele verkiezingskandidaat in de geschiedenis van de VS ooit zoveel kiezers kunnen bekoren als Bush op dinsdag 2 november 2004. 58 miljoen Amerikanen gaven hun stem aan Bush. Ook in het Huis van Afgevaardigden en de Senaat wonnen de Republikeinen meer zetels.

Betekent deze overwinning een goedkeuring van het beleid van Bush, in het binnen- en buitenland? Of waren de kiezers niet overtuigd dat Bush-light, de liberaal Kerry, het verschil zou maken? Hoewel de Democraten er in slaagden meer kiezers dan ooit te mobiliseren, zijn ze er niet in geslaagd om Bush te counteren. Het nieuws van de laatste maanden leek nochtans vernietigend voor de president: chaos in Irak, geplunderde munitiedepots, een enorm begrotingstekort, stagnatie van de tewerkstelling, stijging van de armoede. Uit peilingen blijkt dat 52% van de kiezers de oorlog in Irak afkeurt. 53% vindt dat de economie slecht draait. 55% zegt dat Bush meer zorgt voor grote bedrijven dan voor de gewone Amerikanen. Toch wil dit niet zeggen dat Bush wordt teruggefloten. Bush kreeg zelfs 34% van de stemmen van diegenen die in de afgelopen jaren hun baan verloren.

Vooral jongeren en 88% van de Afro-Amerikanen, stemden voor Kerry. Hun stemmen echter konden niet opwegen tegen de miljoenen anderen, en vooral die van de christelijke evangelisten die Bush zagen als de verdediger van de traditionele Amerikaanse waarden.

Veel Bush-kiezers stemden in realiteit voor hun onderdrukkers, de kapitalisten die Bush steunen en financieren tegen de belangen van de meerderheid van de bevolking in. Er zijn veel historische en culturele redenen, waaronder de drang om vast te houden aan zekerheden (zoals het gezin en de kerk) in een onstabiele wereld, in een periode van angst en onzekerheden.

Een aantal intellectuelen, die een oproep deden om voor Kerry te stemmen, proberen vandaag een analyse van de nederlaag te maken. Zo is er Michael Moore die 17 redenen opsomt waarom we nu niet moeten wanhopen. Reden 12: “Geef toe, we zien de Bush-tweeling graag en we willen niet dat zij verdwijnen”. Reden 14: … “Bush zal nu geen zin hebben om al het harde werk dat van hem verwacht wordt, te doen. Het zal zijn zoals ieders laatste maand op school: je hebt het al gemaakt, dus nu is het tijd voor feest!” Dit is echter geen tijd om grapjes te maken. Van Michael Moore verwachten we vandaag een degelijke analyse over de nederlaag. Zijn enorm apolitieke reactie is een totale miskenning van de gevolgen voor de arbeidersklasse in de VS en wereldwijd.

Een Amerikaans progressief historicus legt de verantwoordelijkheid bij de kiezers zelf. “Dit toont nog maar eens hoe vreselijk slecht geïnformeerd de Amerikaanse bevolking is.” Dat de Amerikaanse media de desinformatie zelve zijn, komt niet ter sprake. Dat deze media in handen zijn van een klein groepje rijken die niks liever doen dan desinformeren, wordt ook niet vermeld.

Was Kerry een alternatief?

De overwinning van Bush wordt gezien als het falen van Kerry om een duidelijk alternatief te vormen. Nog nooit waren de gelijkenissen tussen twee kandidaten zo sprekend. Kerry maakt deel uit van dezelfde rijke elite als Bush en komt op voor diezelfde elitebelangen. Slechts 40% van zijn kiezers stemde op hem uit overtuiging. De anderen stemden op hem als protest tegen Bush. Hij verloor uiteindelijk de verkiezingen in de staat Ohio. Daar verloren de voorbije vier jaar een kwart miljoen mensen hun job. Zelfs in die staat repte Kerry tijdens zijn campagne met geen woord over de economie!

Wat absoluut niet spannend was bij deze verkiezingen, was de vraag naar het beleid dat de nieuwe president de komende vier jaar zou voeren. Zowel Bush als Kerry stonden daarbij voor een neo-liberaal besparingsbeleid dat cadeau’s geeft aan de rijken terwijl de arbeiders en hun gezinnen moeten opdraaien voor de crisis van het systeem.

Beiden stonden voor een oorlogspolitiek. Als Kerry had gewonnen, zou het bloedbad in Irak niet verdwijnen. Kerry had in de campagne duidelijk gemaakt dat hij niet de intentie had de VS-troepen naar huis te brengen. Beide partijen, democraten en republikeinen, kunnen geen uitweg bieden uit de catastrofe in Irak.

Kerry hoopte de verkiezingen te winnen door het programma van Bush grotendeels over te nemen. Er waren hierin wel een aantal verschillende klemtonen, maar geen fundamentele inhoudelijke verschillen. Het enige verschil was dat Kerry niet Bush was. De poging om een "light"-versie van Bush neer te poten, is de Democraten zuur opgebroken.

Het breken van het tweepartijsysteem

De onafhankelijke presidentskandidaat Ralph Nader heeft tijdens zijn verkiezingscampagne een enorme oppositie gekend. Die kwam van Republikeinen, Democraten en ook heel wat progressieven. Verschillende Democraten probeerden hem met juridische kneepjes te beletten om op te komen. De Democraten investeerden 70 miljoen dollar in een campagne tegen Ralph Nader.

Hij werd beschuldigd een instrument van de Republikeinen te zijn om de Democraten een stok in de wielen te steken. Zo werd gesteld dat hij gesteund werd door rechtse campagnedonors. Republikeinse donors gaven 10 miljoen $ aan de Democraten, 100 keer meer dan alle donaties aan Nader samen.

Uiteindelijk haalde Nader minder dan 1% van de stemmen. Dit heeft te maken met de sterke sfeer die er heerste om Bush te verslaan en te stemmen voor "Anybody but Bush". Dit lage resultaat komt ook deels door de weigering van Nader om na de sterke resultaten van 2000 zijn campagne om te zetten in een politiek orgaan in de vorm van een nieuwe partij. Nader is na 2000 van het toneel verdwenen om pas met de presidentsverkiezingen van 2004 terug op te duiken. Zo’n puur electorale strategie is onvoldoende om te bouwen aan een echt politiek verlengstuk voor de anti-oorlogsbeweging en de strijd tegen de aanvallen op de sociale zekerheid, de arbeids- en loonsvoorwaarden.

De oppositie van de baan?

De overwinning van Bush betekent niet dat het verzet gebroken is. De oppositie zal opnieuw terugkeren. Zoals Irak aantoont, zal er een grote tegenkracht worden opgebouwd tegen Bush en zijn neoconservatieven, in de VS, en wereldwijd. In de eerste plaats op straat, niet in het Witte Huis of de Kamers van Volksvertegenwoordiging. De overwinning van Bush zal door de meesten niet gezien worden als een bevestiging van zijn politiek of een goedkeuring om zijn beleid gewoon verder te zetten. Het falen van de VS in Irak en de rampzalige situatie daar zal de mogelijkheden voor het Bush-regime verder beperken. De escalerende militaire kosten zullen de grootste militaire supermacht tot een breekpunt leiden. 2 Divisies 1 jaar inzetten in operaties in Irak, kost evenveel als het volledige BNP van Nieuw-Zeeland. De VS wordt geconfronteerd met een imperialistische overstretch, gecombineerd met een zwakke onstabiele economie.

Bush blijft een president die door een groot deel van de bevolking wordt verworpen. Een kwart van de kiezers is woedend op hun president. Zijn asociale maatregelen en plunderingen wereldwijd zullen gepaard gaan met protest van de arbeiders en hun gezinnen in de Verenigde Staten en wereldwijd.

Bush haalt het van Bush-light

Het was van meet af aan duidelijk dat de burgerij een trouwe bondgenoot en uitvoerder van haar politiek als president zou krijgen. Een overwinning van Kerry zou geen fundamenteel verschil gemaakt hebben. Maar toch is de overwinning van Bush een nederlaag. Het zal ertoe leiden dat de Amerikaanse burgerij vol zelfvertrouwen op een arrogante wijze de aanval op de arbeiders en hun gezinnen zal opdrijven.

Om die aanval te kunnen tegengaan, zal er nood zijn aan een eigen politiek instrument van de arbeiders en hun gezinnen. Uit de anti-kapitalistische, anti-globaliserings- en anti-oorlogsbeweging groeit een nieuw bewustzijn. Ook in de VS-verkiezingen zag je een grote polarisering. Een belangrijke laag van arbeiders en jongeren zal niet meer akkoord gaan met het beleid van ‘hun leiders’.

De afgelopen maanden zagen we een groeiend arbeidersverzet (o.a. met de stakingsacties in de warenhuizen in Californië). Dat verzet moet politiek vertaald worden. De onafhankelijke presidentskandidaat Nader moet nu van het electorale veld de stap zetten naar het organiseren van een politieke organisatie die op dagelijkse basis actief is. Dat zou een goed vertrekpunt vormen om te bouwen aan een politiek instrument van de arbeiders in de VS.

Dat zal de enige methode zijn om te vermijden dat ook bij komende verkiezingen in de VS de discussie beperkt is tot een debat tussen twee klonen die een zelfde asociaal neo-liberaal en imperialistisch beleid verdedigen. De grote bedrijven en banken hebben 2 grote partijen, de Republikeinen en de Democraten. Daartegenover is nood aan een partij die van ons is, een partij die los staat van de grote bedrijven en banken.

Delen: Printen: