Home / Belgische politiek / Nationaal / 29 miljardairs in ons land en hogere winstmarges, maar voor besparingen wordt naar ons gekeken?!

29 miljardairs in ons land en hogere winstmarges, maar voor besparingen wordt naar ons gekeken?!

De regeringsvorming verloopt nog steeds moeizaam, maar over de grote lijnen van het te voeren beleid zijn alle traditionele politiekers het eens. De concurrentiepositie van de bedrijven moet verbeterd worden en de lasten moeten naar beneden. Die dogma’s zijn ondertussen gemeengoed geworden. Wat het in de praktijk betekent, weten we ondertussen ook: een select clubje superrijken gaat er steeds meer op vooruit, terwijl de overgrote meerderheid van de bevolking het lastig heeft.

Is die vaststelling propagandapraat van een links clubje? Neen, het zijn de feiten. Zo werd de voorbije weken bekend dat er ondertussen 29 miljardairs in ons land zijn. De samensteller van de lijst van superrijken in ons land merkte op: “Dit bevestigt vooral dat rijke mensen altijd rijker worden.” Dat is een wereldwijd fenomeen: volgens Bloomberg gingen de 500 rijksten er vorig jaar met 1,2 biljoen dollar op vooruit! Dat was een vermogensstijging met 25% op één jaar tijd. Met enkel de groei van dat vermogen alleen kan wereldwijd een einde gemaakt worden aan armoede. Maar dat gebeurt niet: het zou niet goed zijn voor de concurrentiepositie.

Het beleid van de regeringen in ons land is volledig gericht op deze concentratie van rijkdom bij een kleine minderheid. Zo titelde De Tijd onlangs dat de indexsprong en de taxshift door de bedrijven gebruikt werden om hun winsten op te krikken. Deze maatregelen moesten de lonen ‘matigen’ (opvallend toch hoe aanvallen op onze levensstandaard altijd zo zacht worden omschreven) om de concurrentiepositie van de bedrijven te versterken. De Tijd merkte op dat de ‘loonkostenhandicap’ tegenover Nederland, Duitsland en Frankrijk is weggewerkt, maar dat België toch marktaandeel verloor omdat de bedrijven ervoor kozen om zaken als indexsprong en taxshift vooral te gebruiken voor hogere winstmarges (die beduidend hoger liggen dan die in de eurozone).

Voor besparingsmaatregelen wordt ondertussen naar ons gekeken: onze pensioenen, ziekteverzekering of openbaar vervoer zouden onbetaalbaar zijn. Onze lonen zouden te hoog liggen en we zouden allemaal een beetje moeten inleveren. Desnoods worden er nog wat sukkelaars van asielzoekers bijgesleurd die zouden ‘profiteren’. Maar naar de echte profiteurs wordt nooit gekeken. Voor hen rollen de traditionele politici de rode loper uit. Het beleid van de afgelopen jaren had steeds als doel om het de superrijken zo gemakkelijk mogelijk te maken.

De cijfers wijzen op een concentratie van rijkdom is een kleine toplaag van de bevolking. Sijpelt deze rijkdom door naar de rest van de bevolking, zoals de neoliberalen ons willen laten geloven? Kijk naar de aftakelende openbare dienstverlening of naar je eigen budget en je weet wel beter. Ongelijkheid is geen uitwas van het kapitalisme, het zit in het DNA van dit systeem. Dit systeem is er op gericht om de beschikbare middelen niet te gebruiken ten dienste van de meerderheid van de bevolking, maar om deze door te sturen naar een kleine groep superrijken. Om daar verandering in te brengen, moeten we het hele systeem bestrijden en opkomen voor iets anders. Dat is wat wij socialisme noemen: een systeem waar de meerderheid van de bevolking op democratische wijze beslist over hoe de beschikbare middelen worden ingezet.