Home / Belgische politiek / Nationaal / Hoe stoppen we de besparingen in de culturele sector?

Hoe stoppen we de besparingen in de culturele sector?

Een maand terug kwam de kunstensector in het vizier van de Vlaamse besparingsregering. Die zal 60% besparen op de projectsubsidies, subsidies die vooral beginnende kunstenaars ten goede komen. Deze komen er in een sector die al decennia op haar tandvlees zit, waar onzekerheid de regel is. Ook vandaag is de culturele sector de tweede snelst groeiende freelance-sector in België.

Verzet

Er kwam de laatste weken al heel wat verzet. Eerst aangestuurd door State of the Arts, nu samen met het middenveld door Vuurwerk. Her en der springen ook lokale actiegroepen op. In de komende twee weken staan verschillende acties op stapel, al dan niet in samenwerking met de VRT of het bredere middenveld. Om de strijd te winnen is een opbouwend actieplan, met 24-uursstaking, brede solidariteit tussen alle sectoren die slachtoffer worden van het besparingsbeleid en een programma met eisen die tegemoet komen aan de noden van de sector nodig.

Ideologische provocatie

De besparingen van de regering zijn een ideologisch geïnspireerde provocatie. Jambon en de zijnen willen alle kritische stemmen die zich tegen hun beleid verzetten de mond snoeren. Ze willen de “hardwerkende Vlaming” opzetten tegen de “culturo’s” en de “subsidiesponzen”. Bovenal willen ze, door kunstenaars afhankelijk te maken van private financiering, de kunsten onder financiële en inhoudelijke controle brengen van hun Vlaamse ondernemers.

Regering voor en door elite: strijd is nodig

Natuurlijk is de cultuursector niet de enige sector die werd geraakt door de besparingen. De vorige en huidige Vlaamse regering namen al onder andere de zorg, het onderwijs, sociaal werk, openbaar vervoer en vele andere sectoren onder vuur. Tegelijkertijd verdubbelde de bedrijfssubsidies in de regio naar 400 miljoen euro en krijgt petroleumgigant ExxonMobil 32,5 miljoen euro uit het klimaatfonds (!) om haar energiefactuur te betalen. Dit is een omgekeerde Robin Hood regering, ze steelt van de armen en geeft aan de rijken. Het is een regering van klassenoorlog, die de belangen van een kleine bedrijfselite verdedigt tegenover de belangen van de meerderheid van de bevolking. 

Jambon I gaat dan ook niet zomaar luisteren naar goede argumenten. Integendeel, de voorbije weken werd enkel olie op het vuur gegooid. Jambon stelde voor dat de culturele sector zelf de besparingen vormgeeft, De Roover verweet kunstenaars geen oog voor schoonheid te hebben en recent werd Joachim “Duchamp is geen kunst” Pohlmann aangesteld als kabinetschef cultuur, deze liet zich eerder al ontvallen dat cultuur het best zonder subsidies zou kunnen stellen.

Staken

Om te winnen zullen we deze regering moeten raken waar het pijn doet: haar stemmen en haar portemonnee. De beste manier om dat te doen is een opbouwend actieplan in de steigers te zetten met massaprotesten en stakingen. 

De geschiedenis leert dat de culturele sector een luide stem en een groot bereik heeft. Het middenveld heeft een enorme achterban. Wanneer zij actievoeren, dan heeft heel Vlaanderen het gezien. De zwakte van de sector is dan weer dat ze een relatief kleine economische impact hebben. Wanneer de NMBS staakt, raken duizenden werknemers niet op hun werk, wanneer de haven van Antwerpen plat ligt verliezen bedrijven miljoenen euro’s winst. Dat maakt meteen duidelijk wie de economische macht in handen heeft en creëert een sterke krachtsverhouding.

Solidariteit

Zoals al gezegd zijn er tal van sectoren die onder vuur worden genomen door deze regering. Bovendien zijn er tal van bewegingen aan de gang. Zondag 24/11 kwamen 15.000 mensen op straat in Brussel tegen geweld op vrouwen en voor economische gelijkheid. Vrijdag 29/11 zullen opnieuw duizenden in België en miljoenen wereldwijd in actie gaan tijdens de vierde internationale klimaatstaking. Het zijn bewegingen die evenzeer geraakt worden door het beleid van deze regering. Denk maar aan de weigering van Vlaams klimaatminister Zuhal Demir om betekenisvol klimaatbeleid te voeren wegens “niet realistisch”.

Lessen uit 2014

In 2014 slaagde een opbouwend actieplan met regionale en nationale mobilisaties en stakingen erin de regering terug te dwingen. NV-A verloor op een aantal maanden meer dan 5% in de opiniepeilingen. Jammer genoeg koos de vakbondsleiding toen, naïef, voor onderhandelingen en overleg. Bovendien slaagde de regering erin om na de aanslagen in Parijs het maatschappelijk debat af te leiden naar veiligheid en migratie.

Gezamenlijke strijd

Enkel een gezamenlijke strijd van deze sectoren en bewegingen kan de regering op haar knieën dwingen. De culturele sector kan hierin een voorbeeldrol opnemen. Dat de sector één van de weinige is met een gezamenlijke stakingsaanzegging van de drie grote bonden is enorm belangrijk. Het toont de bereid tot gemeenschappelijke strijd voor de belangen van elke werknemer. Laten we de losse acties deze week en in de Vuurwerk-week gebruiken om ons te organiseren, te discussiëren met collega’s uit verschillende sectoren en om op te bouwen naar grotere acties. Een effectieve 24-urenstaking in de cultuursector zou in die zin enorm belangrijk zijn, het zou de aanleiding kunnen vormen voor andere sectoren om aan te sluiten en zo deze regering een eerste slag toe te dienen. De tijd dringt, de nieuwe projectsubsidies lopen vanaf één januari 2020.

De geschiedenis leert dat de culturele sector de grootste impact heeft wanneer ze zich collectief organiseert in solidariteit met en op basis van de methodes van de arbeidersbeweging. De artiesten in de New Yorkse Artists and Workers Coalition organiseerden piketten in solidariteit met de arbeidersbeweging, speelden zo een rol in de strijd tegen de oorlog in Vietnam en dwongen de (tot op vandaag geldende) gratis dag af in het MoMa. De tekenaars van Rick and Morty en Bojack Horseman richtten elk een vakbond op en wonnen een cao met degelijke loon- en arbeidsvoorwaarden. 

Collectieve actie

De Belgische culturele sector heeft een erg lage syndicalisatiegraad. Enerzijds heeft dat te maken met het bijzonder hoge aandeel precaire contracten. Anderzijds heeft de sector de afgelopen decennia veelal zelf de tekorten verdeeld in plaats van zich ertegen te verzetten. Iedereen leverde kleine beetjes in op loon en voorwaarden, er werden creatieve constructies opgezet om nieuwe producties op poten te kunnen zetten. Al te vaak werden de grote instituten en hun vast personeel opgezet tegen de kleine kunstenaars en freelancers. Het wordt tijd om collectieve actie weer op de cultuuragenda te zetten.

Programma

Dit kan niet zonder een programma met duidelijke eisen. Natuurlijk is de eerste eis een stop op elke besparing. Er is echter meer nodig. We moeten uitgaan van de noden van artiesten, in plaats van te stoppen bij de tekorten die ons door neoliberale besparingsregeringen worden opgelegd. Degelijke contracten en een 14-euro minimunloon zijn levensnoodzakelijk voor kunstenaars, bovendien is het een eis die een weerklank vindt tot ver buiten de sector. Verder eisen we:

  • Gratis vol- en deeltijds kunstonderwijs
  • Gratis musea in publieke handen en onder controle van artiesten en bezoekers
  • Investeringen in publiek materiaal, repetitieruimtes en ateliers
  • Een 30-uren week, met behoud van loon en verplichte extra aanwervingen: tijd voor iedereen om zich te ontplooien