Home / Internationaal / Europa / Harland & Wolff: Historische strijd in Noord-Ierland redt jobs

Harland & Wolff: Historische strijd in Noord-Ierland redt jobs

Interview met Susan Fitzgerald, regionale coördinator van de vakbond Unite en lid van de Socialist Party

Negen weken lang hebben arbeiders van de Harland & Wolff-scheepswerf in Belfast, waar ooit de Titanic werd gebouwd, het terrein bezet nadat het bedrijf de boeken neerlegde en de jobs op de werf bedreigd waren. De arbeiders van de scheepswerf – leden van de vakbonden Unite en GMB – eisten dat de regering de werf zou nationaliseren om de toekomst veilig te stellen. Werkenden, jongeren en vakbondsleden toonden zich solidair met de strijd om deze iconische mijlpaal te verdedigen, om jobs te redden en te creëren voor de komende generaties. De houding van deze arbeiders heeft de scheepswerf gered, met een nieuwe koper die de fabriek overneemt. De Socialist Party, het CWI in Ierland, sprak met een van de centrale leiders van de bezetting, de regionale coördinator van Unite en lid van de Socialist Party, Susan Fitzgerald. Dit is een licht bewerkte versie van dat interview.

De bezetting van de arbeiders op de scheepswerf Harland & Wolff was echt historisch. Kan je uitleggen hoe het conflict is uitgebroken?

In de weken voordat het conflict uitbrak, toen het bedrijf failliet was verklaard, hadden de door de rechtbank aangestelde curatoren zich uitsluitend gericht op één potentiële koper. Deze koper had beloofd de activa en het personeel van Harland & Wolff over te nemen, maar heeft vervolgens te elfder ure het bod aanzienlijk verlaagd en vooral geweigerd om jobs te garanderen. Op dat moment had het management geen oplossing.  Het werd aan de vakbonden overgelaten om een plan op te stellen dat, naast het organiseren van het personeel, in eerste instantie gericht was op overleg met de regering, de politici en de curatoren over wat er gedaan kon worden om de scheepswerf te redden.

Tijdens deze gesprekken hebben we regelmatig personeelsvergaderingen gehad en we hebben de werkenden niet alleen op de hoogte gehouden van wat er gaande was, maar ook gezegd dat het duidelijk was dat zij actie moesten ondernemen om hun stempel te drukken op de gebeurtenissen. We hebben verwezen naar de bezettingen van de Ford/Visteon-fabriek in Belfast en Waterford Crystal in de Ierse Republiek tien jaar geleden en de lessen die daaruit konden getrokken worden. We spraken ook over andere bezettingen, waaronder die van socialisten als Jimmy Reid die in de jaren 1970 de historische acties organiseerden tegen afdankingen van scheepswerfarbeiders op de Clyde in Schotland.

We hadden het over wat nodig is om de werf te redden: hernationalisatie. Het personeel was er zich terdege van bewust dat de scheepswerf van 1977 tot 1989 in publieke handen was. Het pleidooi voor nationalisatie werd niet op een of andere “ideologische” manier gebracht, maar vloeide voort uit de realiteit dat er geen eenvoudige oplossing vanuit de private sector bestond. Nochtans kan de scheepswerf gebruikt worden om te investeren in groene energie, een werkingsterrein waar de werf zich de afgelopen 10-15 jaar mee bezig hield.

Terwijl de gesprekken achter de schermen aan de gang waren, werden er plannen gemaakt om de werf te bezetten als dat nodig was. Er werd een “Cobra-comité” opgericht, naar het voorbeeld van het noodcomité van de Britse regering. Op 29 juli was het duidelijk dat er geen last-minute reddingsplannen waren.  De arbeiders verklaarden dat zij de scheepswerf zouden overnemen.

Dat nationalisatie mogelijk was, bleek uit de gebeurtenissen bij Ferguson Marine in Glasgow, waar de Schotse regering in augustus aankondigde dat zij die scheepswerf zou nationaliseren. Dit versterkte het pleidooi voor nationalisatie: als het in Schotland kon, waarom hier dan niet?

Dus het belangrijkste spandoek dat aan de beroemde Samson-kraan hing was “Red onze scheepswerf: Hernationaliseer nu!”.

Er was massale steun voor de werfarbeiders. Kan je iets zeggen over de getoonde solidariteit?

Nadat dat spandoek omhoog ging en de bezetting begon, verscheen er een enorme solidariteit van alle soorten arbeiders die je je maar kunt bedenken. De Bombardier-werknemers, die naast de scheepswerf gevestigd zijn, behoorden tot de eersten die langs kwamen. Zodra de bezetting begon, kregen ze een spandoek met de tekst: “Bombardier-arbeiders solidair met die van Harland & Wolff”. In een scène die doet denken aan het verleden, toen ze samen marcheerden voor een betere lonen, gingen de arbeiders van Bombardier de straat op en werden ze begroet met luid gejuich en geklap. Het was echt emotioneel.

Veel uitzendkrachten die in het recente verleden op de scheepswerf werkten, kwamen opdagen en stonden dagelijks op de werf om hun steun te betuigen en zagen de strijd om wat het was: een strijd voor fatsoenlijke jobs. Toen de scheepswerf van Ferguson Marine genationaliseerd werd, zeiden de arbeiders daar dat Harland & Wolff de volgende was en ze maakten een solidariteitsspandoek en stuurden een vakbondsdelegatie naar Belfast om solidariteitsgroeten te brengen.

Nog voor het begin van de bezetting, toen de ambtenaren in staking waren, namen ze foto’s met borden in solidariteit met de scheepswerf. Er kwamen mensen uit heel Noord-Ierland langs: voetballers, muzikanten, komieken, schrijvers, noem maar op. Toen het Ierse Congres van Vakbonden een meeting organiseerde, liet elke vakbond zijn vlag achter als boodschap dat dit een strijd was voor de hele beweging en om eenheid te tonen.

Er kwam ook solidariteit van werkenden uit het zuiden van Ierland, die de bezetting kwamen bezoeken. De bouw- en energiearbeiders van de vakbond Unite brachten duizenden euro’s mee voor het noodfonds. De t-shirts van de Unite bouwsector waren overal op de werf zichtbaar. Personeel van Waterford Crystal reisden naar het noorden om hun ervaring met een bezetting te delen. Ook zij brachten een fantastische donatie mee.

De arbeiders kregen solidariteit, maar waren ook bereid die terug te geven. In de week van Belfast Pride hebben de arbeiders twee Pridevlaggen opgehangen die tot vandaag nog steeds aan de poort hangen. Tijdens verschillende Pride demonstraties werden “Save Our Shipyard” vlaggen en t-shirts meegedragen ter ondersteuning van de werfarbeiders. Veel mensen namen ook de borden van de Socialist Party mee, waarop stond: “Pride betekent solidariteit: Steun de scheepswerfarbeiders”. Op de dag van de Earth Strike hadden arbeiders protestborden ter ondersteuning van de staking, droegen ze t-shirts van Earth Strike en droegen ze hun vakbondsspandoeken tijdens de mars.

Ook toen Boris Johnson naar Stormont kwam, waar de momenteel geschorste Noord-Ierse regering bijeenkomt, waren de arbeiders van de scheepswerf de eersten om te protesteren. Op de dag zelf werden ze vergezeld door anderen, die protesteerden om verschillende redenen, waaronder activisten voor de Ierse taal.  Op een gegeven moment discussieerden de scheepswerfarbeiders met de Ierse taalactivisten en vroegen ze hoe ze in het Iers “Red onze scheepswerf” konden zeggen. Vervolgens hebben we dit samen geroepen. Dit werd gedaan als een gebaar van de scheepswerfarbeiders, onder leiding van Unite-vertegenwoordiger Joe Passmore, om alle gemeenschappen in Noord-Ierland de hand te reiken en respect te tonen. Het is illustratief voor de mogelijkheden wanneer arbeiders samen strijden om kwesties die als controversieel worden beschouwd op basis van wederzijds respect en solidariteit daadwerkelijk aan te pakken.

Op dat punt hebben de media en anderen de geschiedenis van het sektarisme in het geschil geïnjecteerd. Hoe is hierop gereageerd?

De arbeiders waren erg boos toen de BBC oude beelden liet zien van een katholieke arbeider van veertig jaar geleden die werd geïnterviewd over sektarische intimidatie op het werk. Ze waren niet boos omdat ze de geschiedenis wilden witwassen, maar omdat het een luie en brute weergave was van de scheepswerf, vooral zoals die nu bestaat. Het werd vooral gezien als een brutale weergave van de scheepswerf in de context van een gezamenlijke strijd om de werkgelegenheid te verdedigen.

Het was ook een eenzijdige voorstelling van wat er op de scheepswerven gebeurde. Ik heb de redacteur van de BBC uitgedaagd om het verhaal te vertellen van de delegee Sandy Scott, die vorige maand, vijftig jaar geleden, toen de Troubles begonnen, een massabijeenkomst van de arbeiders organiseerde omdat katholieke werknemers niet naar hun werk kwamen uit angst voor sektarisch geweld. Tijdens de bijeenkomst hebben de scheepswerfarbeiders unaniem een motie aangenomen waarin een symbolische staking tegen sektarisme werd georganiseerd en de delegees hebben vervolgens een bezoek gebracht aan de huizen van de katholieke scheepswerfarbeiders en hen met succes opgeroepen om terug te keren. Tegelijkertijd kon Ian Paisley slechts 180 van de 8.000 werknemers mobiliseren. Er was veel discussie op de werf over de vraag waarom we deze verhalen nooit horen. Tot nu toe lijkt het er niet op dat de BBC onze suggestie heeft opgenomen, maar we hebben contact opgenomen met Sandy Scott om hem over de bezetting te vertellen en zijn rol te prijzen.

Het personeel eiste de nationalisatie van de scheepswerf. Wat bedoel je als socialist met nationalisatie?

De eis om de werf te nationaliseren is puur “gezond verstand”, met name in de context van de noodzaak om de milieucrisis aan te pakken en groene banen te creëren.

Niemand heeft een beter inzicht in wat er nodig is om de scheepswerf te runnen, of expertise in termen van wat er nodig is, dan de arbeiders. Niemand heeft meer in de werf geïnvesteerd dan de arbeiders zelf en niemand heeft blijk gegeven van een grotere bereidheid om voor de werf te strijden dan de arbeiders zelf. Ik denk dus dat het volkomen logisch is dat de scheepswerf niet alleen in handen van de overheid komt, maar dat het beheer van de werf wordt overgelaten aan de echte deskundigen – de arbeiders. Met andere woorden, dat er controle en beheer van de scheepswerf door de arbeiders komt. Dat zou betekenen dat de arbeiders beslissingen nemen, niet op basis van winstoogmerk, maar op basis van wat sociaal nuttig is en in het belang van ons milieu – zoals groene energie.

Dat er een nieuwe koper komt, is een belangrijke overwinning. Dit stelt de scheepswerven en de gekwalificeerde banen veilig. Dat was alleen mogelijk dankzij de strijd die is gevoerd om ervoor te zorgen dat arbeiders tijdelijk werkloos werden in plaats van ontslagen, en dat de kwestie van de scheepswerf op de agenda bleef staan. Toch zou nationalisatie de beste manier zijn en blijven om de scheepswerf voor de lange termijn veilig te stellen en ervoor te zorgen dat de vaardigheden van de arbeiders optimaal worden benut voor de samenleving als geheel. Het spreekt boekdelen over de politiek van de belangrijkste lokale partijen en de regering van de Tories in Londen dat hier nooit serieus rekening mee is gehouden.

Ik was verre van de enige socialist op de werf en een van de dingen die je echt duidelijk zag, was het vermogen van de arbeiders om snel vergaande lessen te trekken uit de strijd die ze voerden. Tegelijkertijd had je een personeelsbestand met veel verschillende politieke en religieuze opvattingen, ook met sterke overtuigingen. Toch toonden de arbeiders het vermogen om deze kwesties op een respectvolle manier te bespreken, zij het met de gebruikelijke woordenwisselingen op de werkplek.

Wat echter duidelijker werd, was dat noch de unionistische noch de nationalistische politici de belangen van de arbeidersklasse behartigen. Ik denk dat men begrepen heeft dat je in een strijd als deze alleen op andere werkenden en je eigen organisaties kan rekenen. Als socialist denk ik dat het meer dan ooit nodig is dat de vakbeweging haar eigen agenda op tafel legt en kijkt hoe zij de belangrijkste partijen kan uitdagen op een manier die de arbeidersklasse verenigt.

Er zijn de jongerenacties rond klimaatverandering, waaronder schoolstakingen. Is de strijd van de arbeiders op de scheepswerf relevant voor deze bewegingen?

Niemand begrijpt zo goed als Harland & Wolff-arbeiders de rol die de scheepswerf kan spelen in het creëren van groene energie. De laatste 10 tot 15 jaar zijn deze arbeiders betrokken bij het maken van prototypes en het bouwen van de fysieke infrastructuur die nodig is voor offshore windturbines. Als vakbond pleiten we er al jaren voor dat Harland & Wolff een specialist in groene energie wordt. Voor de recente crisis hebben de delegees en ikzelf het op ons genomen om onderzoek te doen en mogelijk werk in deze sector te identificeren. We gebruikten de positie van de Socialist Party in de Dáil, het parlement van de Ierse Republiek, om vragen te krijgen over aankomende projecten die werk kunnen opleveren. Via de aanwezigheid van Unite in Westminster hebben we ook daar druk gezet. Maar achteraf gezien is het duidelijk dat de directie geen echte interesse had en dat ze het had opgegeven.

Veel milieuactivisten kennen InfaStrata, het bedrijf dat de scheepswerf heeft overgenomen, voor zijn rol in de exploratieboringen naar olie in Woodburn Forest bij Carrickfergus en het huidige controversiële gasopslagproject op Islandmagee. Leden van de Socialist Party en veel vakbondsactivisten zijn betrokken geweest bij campagnes tegen deze projecten. Het lijdt geen twijfel dat veel van de werknemers willen dat hun vaardigheden worden ingezet om de milieuramp aan te pakken en de vakbond zal zich blijven inzetten voor groene banen en een rechtvaardige overgang. Het centrale probleem is echter dat je geen controle hebt over wat je niet bezit. De scheepswerf zal worden gebruikt voor wat het meest rendabel is, of het nu gaat om hernieuwbare energie of fossiele brandstoffen. De enige manier om ervoor te zorgen dat de scheepswerf op een ecologisch duurzame manier wordt gebruikt, is op basis van publiek eigendom en democratische controle van het personeel.

Het personeel weet natuurlijk ook dat veel van de jongeren die hen op de werf bezochten jonge socialisten en milieuactivisten waren. Alle werkenden zagen de strijd die zij leverden niet alleen als een strijd om hun baan te verdedigen, maar ook als een strijd voor een fatsoenlijke toekomst voor de jongeren. Het redden van de scheepswerf biedt de mogelijkheid om de vaardigheden die op de scheepswerf aanwezig zijn, over te dragen aan een jongere generatie door leerlingen in dienst te nemen, wat essentieel is als we de scheepswerf willen gebruiken voor groene jobs.

Staan we aan het begin van een opleving van arbeidersstrijd in Noord-Ierland? Er waren stakingen van ambtenaren en andere werkenden – van postpersoneel tot verpleegkundigen. Er is nu ook de dreiging dat 1.200 jobs verdwijnen bij bussenbouwer Wrightbus. Welke lessen kunnen er voor werkenden getrokken worden uit het conflict bij Harland&Wolff?

Vóór dit conflict werden de scheepswerf en het idee van de scheepsbouw in Belfast afgeschreven als een relikwie uit het verleden. Het waren de arbeiders zelf die er vertrouwen in hadden dat er een toekomst was voor de industrie en die zagen hoe hun vaardigheden kunnen worden ingezet.

De bezetting toonde het vermogen van de arbeiders om zich te organiseren en de uitdaging aan te gaan. Elke dag van de bezetting was ik getuige van vindingrijkheid en een enorm vermogen om problemen, groot of klein, aan te pakken. Deze arbeiders hebben zich ontwikkeld tot klassenstrijders waarbij ze alle behoeften van de strijd opnamen – van het organiseren van financiën over het opstellen van een aanwezigheidsschema, het ontwikkelen van structuren tot het allerbelangrijkste: een plan om te winnen. Ze hebben laten zien dat ze hun zaak kunnen beargumenteren, zowel in de media als in vergaderingen, terwijl ze gedurende die lange weken ook voor elkaar zorgen. Het is voor mij enorm indrukwekkend om de scherpte van het denken in vergaderingen en persoonlijke discussies te zien, gekoppeld aan een sterk vermogen om doorheen zakelijke onzin te kijken.

De andere les die we eerder hebben geleerd is dat wanneer een groep werkenden een standpunt inneemt, zij solidariteit kunnen krijgen van duizenden werknemers van alle achtergronden. We waren vooral verbaasd over de solidariteit van vakbondsleden uit Zuid-Afrika, die via de zusterorganisatie van de Socialist Party, de Workers and Socialist Party, van het conflict op de hoogte waren. Het idee dat deze werkenden, die het zwaar te verduren hebben, geïnspireerd waren en zich solidair verklaarden met de arbeiders in Belfast, was ongelofelijk en een punt van discussie dat steeds weer opnieuw aan de orde kwam.

Wrightbus, een Noord-Iers bedrijf dat in oktober een massale afdankingsronde heeft aangekondigd, is nogmaals een illustratie van de totale minachting van het kapitalistische systeem voor werkenden, zijn bereidheid om geschoolde werknemers die jaren van hun leven aan een onderneming hebben gegeven op de schroothoop te gooien. De les van Harland & Wolff is dat strijd en klassensolidariteit de sleutel zijn tot het verdedigen van banen. Op dit moment huren de arbeiders op de werf bussen in om zich bij de Wrightbus-werknemers in Ballymena aan te sluiten voor de strijd voor het behoud van jobs.

Zoals de militante vakbondsleider Bob Crow altijd zei: “Als je vecht, kan je winnen. Als je niet vecht, heb je al verloren”. Er waren geen garanties op een overwinning, maar de strijd van deze arbeiders stond centraal bij het veiligstellen van hun jobs en een toekomst voor de werf. Het laatste wat ik wil zeggen is dat de strijd van deze arbeiders laat zien dat een socialistisch alternatief op het falen van het kapitalisme mogelijk is en de belangrijkste factor om dat te bereiken is de arbeidersklasse.