Home / Internationaal / Afrika / Crisis in Zimbabwe verdiept zich: massaal protest en brutale repressie

Crisis in Zimbabwe verdiept zich: massaal protest en brutale repressie

Op 16 augustus viel het regime in Zimbabwe op brutale wijze betogingen aan tegen de schijnbaar eindeloze economische en politieke crisis van het land. De heersende elite vreest een opstand zoals in Soedan, omdat ze duidelijk de kracht van de massa’s in actie heeft gezien tijdens de driedaagse algemene staking in januari.

Door Leonard Chiwoniso Mhute en Sodindwa Malandelilanga – Verslaggevers van het CWI in Zimbabwe

Na de omverwerping van dictator Robert Mugabe door een militaire staatsgreep in november 2017 was er enige verwachting dat het ZANU-PF-regime, onder leiding van Emmerson Mnangagwa, een andere weg zou inslaan en zich zou afwenden van de onderdrukking en de barbaarsheid die kenmerkend waren voor Mugabe’s bewind. De staatsgreep was een reactie van de elite op de massale protestbeweging die in 2016 begon. De massa’s juichten de ondergang van Mugabe grotendeels toe, maar hadden weinig illusies in de vraag of dit ook het einde van zijn regime betekende.

In 2019 blijft Mugabe’s regime aan de macht, waarbij een van zijn luitenanten hem heeft opgevolgd en erin geslaagd is om een coalitie van fracties binnen het regime zelf te vormen. Sinds hij aan de macht is, heeft Mugabe’s voormalige rechterhand Mnangagwa de toch al ernstige crisis nog verergerd. Een derde van de 16 miljoen inwoners zou nu naar schatting uitgehongerd zijn, volgens de VN. De crisis is verergerd door jaren van droogte en de cycloon Idai, die begin dit jaar delen van het land heeft geteisterd en waarvoor het regime slecht voorbereid was.

Besparingen verscherpen extreme armoede

De regering heeft het zogenaamde Transitional Stabilisation Programme, een besparingsbeleid, als belangrijkste economische blauwdruk ingevoerd. Het heeft een belasting van twee procent opgelegd op elektronische transacties, die voorheen het tekort aan cash geld voor de massa’s opving. Het regime heeft deze belasting onlangs aangeprezen als de oorsprong van een begrotingsoverschot van 500 miljoen dollar. In januari van dit jaar kondigde Mnangagwa een stijging van de brandstofprijzen van 150% aan. Dit heeft de tekorten aan voedsel en de elementaire voorzieningen zoals water en elektriciteit voor de massa’s nog verder vergroot. In juni nam de inflatie een exponentiële wending en steeg van 98% naar maar liefst 176%.

Deze reactionaire maatregelen hebben de hongersnood en de vreselijke armoede van de massa’s alleen maar verergerd. Dit alles is niet nieuw, want het regime heeft er altijd naar gestreefd om de arbeidersklasse en de verarmde massa’s te laten betalen voor de door haar veroorzaakte crises. Sinds het begin van de jaren negentig zijn neoliberale besparingsmaatregelen die in de praktijk politieke vriendjes en bureaucraten vrijstellen, permanente kenmerken geworden. Te midden van tekorten aan basisbehoeften zoals voedsel, brandstof en basismedicatie in openbare ziekenhuizen en klinieken, zien we dat de ZANU-PF-elites miljoenen dollars uitgeven aan luxegoederen zoals exotische luxewagens. Onlangs werd onthuld dat ambtenaren en vrienden in totaal 16 miljoen dollar van de NSSA, het centrale pensioenbureau van het land, hadden verduisterd.

Arbeidersklasse toont kracht

Naarmate de crisis erger wordt, heeft Zimbabwe te maken gehad met frequente en spontane episodes van massale bewegingen, van de Tadzjamoeka/Sesijikile protesten in 2016 tot de recentere opstand tegen verkiezingsfraude, die in augustus 2018 op brute wijze in de kiem werd gesmoord door het regime.

De Zimbabwaanse vakbondsfederatie (ZCTU) reageerde op de stijging van de brandstofprijs in januari met een driedaagse algemene staking die het regime op zijn grondvesten deed schudden en het verlangen van de massa’s toonde om van spontaniteit over te stappen op meer georganiseerde en gecoördineerde vormen van verzet. De effectiviteit van de algemene staking van de ZCTU was opmerkelijk, omdat het initiatief uitging van een vakbondsfederatie die opereert tegen de achtergrond van een duizelingwekkende werkloosheidsgraad van 90% en twee decennia van deïndustrialisatie.

Het succes kan voor een groot deel worden toegeschreven aan de strijd van werknemers in de publieke sector, vooral onderwijzers en personeel uit de zorgsector. Leraren en verpleegkundigen ontvangen een armzalig loon van 80 dollar per maand of 2,50 dollar per dag. De totale staking gedurende drie dagen toonde het falen van de regering. De impact was enorm. De oproerpolitie kon niet tussenkomen omdat ook zij niet aan het werk was (ofwel uit solidariteit ofwel omdat het onmogelijk was om tegen de ongelooflijk sterke beweging in te gaan die tegelijk in de townships van Harare en Bulawayo actief was). De opkomst van werkloze jongeren, studenten, arbeidersklasse en arme gemeenschappen was massaal. Dit was een opstand die werd aangewakkerd en mogelijk gemaakt door de algemene staking van de ZCTU.

Wat volgde op de staking was de verwachte wreedheid, typisch voor het regime. Na de driedaagse staking liet het regime soldaten los in de townships om de mensen te slaan, te martelen, te verminken, te doden, te verkrachten en allerlei wreedheden te begaan.

De vakbondsleiders, de voorzitter en de secretaris-generaal van de ZCTU, zitten sinds de staking van januari afwisselend in en uit de gevangenis. Ze worden voortdurend met de dood bedreigd. Sinds deze acties van de massa’s in januari is het regime doorgegaan met het ontvoeren, martelen, aanvallen en vasthouden van activisten die zich tegen het regime uitspreken, van vakbondsleiders en van het maatschappelijk middenveld.

Ook leden van de oppositiepartij (MDC) werden niet gespaard van het spervuur van het regime. Voor de massa’s is de overstap naar steeds gewelddadigere methoden van het regime een barometer voor de toenemende onzekerheid van het regime.

Regime in crisis

Wij zijn het eens met Alex Magaisa van de Big Saturday Read Blog die opmerkt dat het regime zich momenteel in een ‘doodlopende straat’ bevindt, niet in staat is om te onderhandelen over een uitweg uit het failliet en de onoverkomelijke schuld, en niet in staat is om zelfs een aantal van zijn traditionele geldschieters in Peking en Pretoria ervan te overtuigen om schuldverlichting te verlenen.

Het regime heeft het structurele aanpassingsbeleid van het Internationaal Monetair Fonds overgenomen, zoals de verlaging van de loonkosten van de overheid, die snel werd doorgevoerd en die resulteerde in het ontslag van duizenden ambtenaren en de uitholling van de arbeidsvoorwaarden. In het licht van de protesten, de stakingen van leraren, de algemene staking en de mogelijke totale opstand is het angstige regime tot driemaal toe terug gekomen op de aanvallen en kwamen er (volstrekt ontoereikende) loonsverhogingen als compensatie voor de welig tierende inflatie. Een deel van het besparingsbeleid is de herinvoering, in juni, van de Zimbabwaanse dollar die in 2009 werd afgeschaft.

De solidariteit van de regionale heersende klasse met het regime in Harare is echter onaangetast gebleven: onlangs is Mnangagwa benoemd tot voorzitter van de SADC-trojka voor politiek, vrede en veiligheid (de Zuid-Afrikaanse Ontwikkelingsgemeenschap telt 15 lidstaten). Ondanks herhaalde veroordelingen wegens schendingen van de mensenrechten blijft de EU openstaan voor een “hervatting van de betrekkingen met het regime.”

De MDC was bereid deel te nemen aan de frauduleuze verkiezingen in juli 2018. Ook buiten de verkiezingen pleit de partij al lang voor een dialoog met het regime als uitweg uit de crisis. Na de verdieping van de crisis in 2009 is de MDC een coalitieregering aangegaan, die het regime heeft gered van een totale ondergang.

De oproep van de MDC vandaag tot massale protesten, is onderdeel van de benadering om het regime tot onderhandelingen te dwingen. De MDC probeert een kapitalistische crisis te hervormen door met de makers ervan te onderhandelen en samen met haar in dezelfde regering te stappen. Het programma van de MDC bestaat uit goed klinkende termen als “goed bestuur”, maar er is geen echt alternatief. Uiteindelijk wordt er enkel gerekend op buitenlandse leningen.

Het toenemende protest tegen het ZANU-PF-regime geeft aan dat de door de regering toegepaste angsttactieken, hoewel nog steeds effectief genoeg om de meeste mensen te ontmoedigen, niet meer zo effectief zijn als voorheen.

De periode sinds 2017 toonde dat een verandering van president op zich niet volstaat om tot echte verandering te komen. Het is van cruciaal belang dat de ZANU-PF van de macht wordt verdreven. Het is echter zinloos om de ZANU-PF te verjagen als er geen duidelijk alternatief programma is. Er is nog steeds een groot vacuüm dat de MDC, ZCTU en de sociale protestgroep Tajamuka niet kunnen opvullen.

De betogingen van 16 augustus konden niet zoals gepland doorgaan en de MDC werd gedwongen om de betogingen af te blazen na een mislukte rechtszaak. Toch gingen enkele betogers de straat op. De gewelddadige reactie van de politie toonde de gewapende misdadigers van de staat in actie! In Zimbabwe zien we erg duidelijk de rol van de staat in het behoud van de macht van de elite en de bescherming van hun belangen.

De taak blijft om ZANU-PF en het kapitalistische systeem omver te werpen. Er is een grote inspanning nodig om de werkende delen van de bevolking, zowel de stedelijke als de plattelandsbevolking, te verenigen. Bijna veertig jaar “vrijheid” in Zimbabwe toont dat echte vrijheid socialisme moet betekenen en het is een socialistisch programma – een programma voor de georganiseerde arbeiders, jongeren en arme massa’s die alle belangrijke economische middelen zoals de mijnen, de grote boerderijen, fabrieken en banken overnemen en democratisch beheren voor de behoeften van de meerderheid, en niet voor de plundering van een elite – dat de opborrelende strijd kan verenigen en eindelijk tot de overwinning kan leiden. Het volstaat niet om ZANU-PF te verwijderen en een andere partij aan de macht te brengen als het kapitalisme, met zijn inherente uitbuiting en plundering van menselijke en natuurlijke middelen, blijft bestaan. In een dergelijk geval zouden we in de nabije toekomst tegen dat regime moeten betogen.