Home / Dossier / Geen kapitalisme zonder seksisme… Geen socialisme zonder feminisme!

Geen kapitalisme zonder seksisme… Geen socialisme zonder feminisme!

“De emancipatie van vrouwen, net als die van de hele mensheid, zal pas werkelijkheid worden op de dag dat de arbeid zich emancipeert van het kapitaal” (Clara Zetkin)

Clara Zetkin en Rosa Luxemburg. Foto vanop Wikipedia

Socialisten hebben al heel vroeg aangetoond dat de specifieke onderdrukking van vrouwen, net als andere vormen van onderdrukking, een economische basis heeft. Onder het kapitalisme is seksisme als onderdeel van de verdeel-en-heerstactiek een krachtig wapen om de werkende klasse te verdelen. Die verdeeldheid is gunstig voor de winsten: de loonkloof tussen mannen en vrouwen zet een neerwaartse druk op alle lonen, huishoudelijk werk wordt niet beloond en wordt vooral door vrouwen uitgevoerd, het lichaam van vrouwen wordt handelswaar om verkoop te maximaliseren, …

Het is niet verwonderlijk dat vrouwen vaak aan de basis van stakingen en opstanden lagen, en nog steeds liggen. Zo was er de beweging van de textielarbeidsters van New York op 8 maart 1908. Daar ligt de oorsprong van de internationale vrouwendag. De februarirevolutie in Rusland in 1917 werd op gang getrokken door textielarbeidsters in Petrograd. Dat gebeurde op 8 maart (volgens onze kalender). De Russische revolutie maakte een einde aan het kapitalisme en zorgde voor een gigantische stap richting gelijke rechten: stemrecht, gelijke lonen, zwangerschapsverlof van 16 weken, bescherming van moeders die borstvoeding geven, wettelijk maken van abortus, gelijkheid voor ‘onwettige’ kinderen, faciliteren van echtscheiding op eenvoudig verzoek van een van de echtgenoten, …

Bovendien werkte revolutionair Rusland aan de socialisering van huishoudelijk werk om de dubbele dagtaak van vrouwen te bestrijden. Dit gebeurde door het opzetten van kwaliteitsvolle publieke kantines, wasserijen, kinderopvang, … Heel wat van die projecten botsten echter op de enorme armoede in het economisch achtergebleven land op een ogenblik dat de revolutie haar verworvenheden moest verdedigen tegen een meedogenloze oorlog gevoerd door de vroegere heersende klasse en de kapitalistische landen. Desondanks liep de jonge socialistische staat decennia voor op de rest van de wereld door vrouwen gelijk te stellen aan mannen, dankzij de rol die ze in de strijd hadden gespeeld. Het stalinisme heeft nadien belangrijke verwezenlijkingen, zoals het recht op abortus en echtscheiding, terug afgeschaft.

In de rest van Europa, en vooral in Duitsland, ontstonden de eerste feministische kranten en organisaties. Er werd gestreden voor het vrouwenstemrecht. Geradicaliseerde vrouwelijke werkenden organiseerden zich in de strijd voor stemrecht en gelijkheid. Ze verdedigden hun eisen in de organisaties van de arbeidersbeweging, zelfs indien daar aanvankelijk soms mee gespot werd. Door hun lagere lonen werden vrouwen logischerwijze ook militanten in de strijd voor meer loon.

In Duitsland was de “proletarische vrouwenbeweging” vastberaden om vrouwen te organiseren en een gezamenlijke strijd van de volledige arbeidersklasse te voeren voor betere levensomstandigheden. Onder druk van de Duitse revolutie van 1918 werden een aantal zaken afgedwongen: stemrecht voor vrouwen, toegang tot een aantal beroepen en functies, wet op bescherming van zwangere vrouwen. De intensieve strijd tegen de contrarevolutie zette de viering van de internationale vrouwendag tijdelijk op een laag pitje. In 1922 kwam er een oproep van de Communistische Internationale om van 8 maart een vaste dag van strijd voor vrouwenrechten te maken.

Kwestie van gender of klasse?

Een van de centrale voortrekkers van de proletarische vrouwenbeweging, Clara Zetkin, waarschuwde tegen illusies in het burgerlijk feminisme dat gericht is op het hervormen van de gevestigde orde en niet op een klassenstrijd voor een andere samenleving gericht op de behoeften van iedereen. Ze voegde er nog aan toe dat deze aanpak een bedrieglijke en verlammende impact had op brede lagen van de werkenden.

In de jaren 1960 en 1970 hebben verschillende stromingen, in het bijzonder in het Westen, veel gediscussieerd over de verhouding tussen gender en overheersing. Er ontstond een nieuw burgerlijk feminisme dat onderdrukking op basis van geslacht los zag van klassenonderdrukking. Dit feminisme riep op tot eenheid van vrouwen over klassen heen. Nadien werd deze strekking verdergezet door feministen die de neiging hadden om alle problemen toe te schrijven aan mannen in plaats van aan de samenleving.

Vrouwelijke werkenden hebben nochtans duizend keer meer gemeen met hun mannelijke collega’s dan met een minister als Maggie De Block, staatssecretaris van asiel en migratie en voorheen minister van gezondheidszorg. In die hoedanigheid ging ze over tot forse bezuinigingen in de zorg. Dit ging ten koste van het personeel in de sector, waaronder heel wat vrouwen, en van onze gezondheid. Vrouwelijke werkenden hebben ook meer gemeen met hun mannelijke collega’s dan met Dominique Leroy die als topvrouw bij Proximus 1.900 jobs op de helling zet. Miljardair Alice Watton is één van de erfgenamen van Walmart, de multinational met het grootste omzetcijfer ter wereld. Het personeel van Walmart, waaronder veel vrouwen, werkt vaak aan een loon onder de armoedegrens. Het kapitalisme wordt er niet beter op als het geleid wordt door vrouwen.

Emancipatie van vrouwen vereist strijd tegen een systeem dat fundamenteel gebaseerd is op ongelijkheid en discriminatie. Het is een systeem dat dagelijks een pak vooroordelen verspreidt om de arbeidersklasse te verdelen. De enige manier om tot een echt gelijke samenleving te komen, is door de strijd tegen seksisme te koppelen aan die voor een socialistische samenleving. Er is een eerste stap daartoe gezet in België, wat de campagne ROSA toejuicht. We zorgden er mee voor dat dit een succes werd door steun te geven aan de werkenden in die bedrijven waar de staking van 8 maart georganiseerd werd, en door de strijd op te bouwen met betogingen op 8 maart.