Home / Edito - Belgische politiek / Klimaat en koopkracht koppelen in strijd voor ‘system change’

Klimaat en koopkracht koppelen in strijd voor ‘system change’

Nooit eerder kreeg een regering in lopende zaken zoveel protest over zich heen. Duizenden jongeren betogen week na week voor ernstige klimaatmaatregelen. Op 27 januari werden ze vervoegd door hun ouders, grootouders en kleinere broers en zussen waardoor we met 100.000 waren. Het enthousiasme van het klimaatprotest had ongetwijfeld een sterke invloed op de succesvolle algemene staking van 13 februari. Daarmee werd de roep naar koopkracht hoog op de agenda gezet.

Artikel door Geert Cool uit maandblad ‘De Linkse Socialist’ 

Wat beide bewegingen gemeen hebben, is een gevoel van dringendheid en een offensieve opstelling die niet vertrekt van wat voor het establishment mogelijk is, maar van wat voor mens en planeet nodig is. De stakers op 13 februari stelden uitdrukkelijk dat de loonwet die onze koopkracht op dieet zet weg moet. Offensieve eisen als het optrekken van het minimumloon tot 14 euro per uur en het minimumpensioen tot 1.500 euro per uur zijn eveneens populair: voor heel veel mensen zouden deze eisen een belangrijke stap vooruit zijn.

De politici beweren dat ze hard werken rond het klimaat en dat het met onze koopkracht de goede kant uitgaat. In de praktijk merken we daar niets van. Een steeds grotere laag van de bevolking gelooft de gevestigde politici dan ook niet meer. Vlaams minister Schauvliege (CD&V) moest onder druk van de protestbeweging ontslag nemen. Ze kon zich als stemmenkanon veel bizarre uitspraken permitteren. Maar om de klimaatbeweging te paaien of naar onschadelijker kanalen te leiden, werd Schauvliege een obstakel voor het establishment.

Ook N-VA komt in de problemen. Uiteraard kan die partij terugvallen op een brede passieve steun, maar het is moeilijker om de politieke agenda te bepalen. Het plan van een lange kiescampagne rond asiel en migratie enerzijds en het confederalisme anderzijds, botst op het protest rond klimaat en koopkracht. Op de N-VA-partijconferentie waar het communautaire luik van het kiesprogramma op scherp werd gesteld, kreeg voorzitter Bart De Wever nadien door zowat alle media vooral vragen over het klimaatprotest.

Offensieve acties voor onze eisen en bekommernissen veranderen het politieke debat. Velen zullen aandachtig de verkiezingen van 26 mei volgen. De grootste sterkte van de regering-Michel 1 was de zwakte van de oppositie ertegen. De PS probeert wel om in woorden aansluiting te vinden bij onze eisen, maar heeft net iets te lang de rol van beheerder van besparingsmachines op federaal, regionaal en lokaal niveau uitgeoefend. De groenen zullen in de parlementsverkiezingen van 26 mei groeien, sommige peilingen geven aan dat ze de grootste politieke familie van het land worden. Na de gemeenteraadsverkiezingen zagen we echter dat de groenen met om het even wie coalities vormen en in het beleid geen verschil maken. De inzet waarvoor zovele duizenden mensen betogen ligt een pak hoger dan wat de groene partijen te bieden hebben. Zij schrijven zich in de logica van het kapitalisme in, terwijl de roep naar ‘system change’ luid klinkt.

De PVDA gaat zowel rond klimaat als koopkracht verder dan wat voor het establishment aanvaardbaar is. De partij is ook aanwezig in de beweging en versterkt ons door tot in het parlement onze stem te laten weerklinken. Wij schreven een brief naar de PVDA om haar kiescampagne te ondersteunen, los van onze meningsverschillen. Wij willen samen met PVDA strijden voor hervormingen als gratis openbaar vervoer, energie in publieke handen en echte loonsverhogingen. Maar wij koppelen dat aan de nood van een socialistische samenleving: onder het kapitalisme zijn hoogstens tijdelijke hervormingen mogelijk. Wij waarschuwen daar meteen voor en formuleren een reeks overgangseisen zoals de nationalisatie van de sleutelsectoren van de economie als antwoord op pogingen tot sabotage door de kapitalisten. Om tot een breuk met het kapitalisme te komen, is een breed gedragen massabeweging nodig. Verkozen posities spelen daar een rol in, maar mogen geen centraal doel op zich worden.

De regering is verzwakt en ook het patronaat heeft het moeilijk, de roep naar meer koopkracht weerklinkt bijzonder luid. Dit is een uitstekend ogenblik om verder in het offensief te gaan en het niet bij een eenmalige actie te laten. Een strijdplan zoals in 2014 kan ervoor zorgen dat we verder opbouwen naar nieuwe en nog grotere acties. Ook in het jongerenprotest is een actieplan nodig: elke week op donderdag betogen, houden de meeste jongeren niet vol. Met syndicalisten en jongeren opbouwen naar een gezamenlijke actiedag op 15 maart, de dag van de internationale scholenstakingen, zou de enthousiaste energie van de klimaatactivisten koppelen aan de economische slagkracht van de werkenden.

In actie groeit instinctief het besef dat we onze strijd moeten uitbreiden en organiseren. Het jongerenprotest werkt aanstekelijk: het verspreidt zich als een lopend vuurtje door de hele wereld. Dat internationalisme is belangrijk: we zullen de rampzalige klimaatverandering niet in één land stoppen. Syndicalisten zijn beïnvloed door hun kinderen die een erg klimaatbewuste generatie vormen met ervaringen inzake collectieve actie. Deze jongeren zijn de volgende generatie syndicalisten! Omgekeerd herkennen veel jongeren zich in de stakingsacties zoals op 13 februari. Dat sluit beter aan bij hun methode van actievoeren dan de patronale pogingen om het protest onschadelijk te maken met initiatieven als ‘Sign for my future’. De strijd voor klimaat en koopkracht koppelen, beantwoordt de pogingen om verdeeldheid te creëren door het klimaatprotest te beperken tot eisen als hogere vliegtaksen en andere belastingen die de gewone werkenden laten opdraaien voor de vervuiling door het kapitaal.

Doorheen strijd leren jongeren en de werkende klasse in het algemeen op enkele weken tijd soms meer dan anders in jaren. We mogen dat niet laten verloren gaan. Onze strijd uitbreiden, betekent ons programma verfijnen en duidelijk zijn over wie onze bondgenoten zijn en wie de noodzakelijke verandering in de weg staat. Laten we ‘system change’ concreet invullen. LSP draagt daaraan bij met een programma van socialistische maatschappijverandering zodat een rationele planning in het belang van de meerderheid van de bevolking en de planeet mogelijk wordt.