Home / Sociaal / Ecologie / Klimaattop in Katowice: gebakken lucht

Klimaattop in Katowice: gebakken lucht

Het rapport van het IPCC maakte nog maar eens duidelijk dat radicale actie nodig is. Zelfs een temperatuurstijging van 1,5°C zou extreem weer doen toenemen, voedselschaarste in bepaalde werelddelen verergeren en klimaatvluchtelingen creëren. Eilandstaten worden bedreigd en globale waterschade door overstromingen zal letterlijk miljarden kosten. Dit is pijnlijk genoeg nog een optimistisch scenario. Onveranderd zal het huidige klimaatbeleid leiden tot een temperatuurstijging van ongeveer 3°C. De mensheid wordt geconfronteerd met een existentiële bedreiging.

Artikel door Stef (Antwerpen) uit maandblad ‘De Linkse Socialist’

Met het rapport van het IPCC in het achterhoofd moest de klimaatconferentie van 2018 in Katowice een ambitieuze affaire worden. De bedoeling was om op COP 24, zoals deze conferentie officieel heette, te beslissen hoe het klimaatakkoord van Parijs uit 2015 precies zou doorgevoerd worden. Die conferentie had als bedoeling om een akkoord te sluiten die de temperatuurstijging “ruim beneden” 2°C moet houden. De beloftes van toen zijn echter allesbehalve voldoende. Het eerder vermelde klimaatbeleid, dat voor een stijging van 3°C kan zorgen, veronderstelt het respecteren van het akkoord. Heel wat landen hebben nog niet de nodige stappen gezet om zelfs deze beloftes na te komen.

Volgens toonaangevende klimaatwetenschappers bereikt de opwarming van de aarde op een bepaald moment een kentering, een ‘tipping point’, die opwarming onherroepelijk zal doen doorgaan. Het keerpunt ligt waarschijnlijk onder de beoogde 2°C. Tenslotte heeft het Parijse klimaatakkoord geen enkele afdwingbaarheid en is het dus in se een lege doos.

Het was aan COP 24 om te besluiten hoe de beloftes uit Parijs waarheid moesten worden. Het ging vooral om hoe men de resultaten zou rapporteren. Gezien de ernst van de zaak zou men ook extra doelstellingen verwachten. Op de conferentie werden deze echter nauwelijks besproken. Ze komen er pas in 2020. De urgentie werd in Polen kennelijk niet ervaren. Ondanks het voorafgaande massaprotest in Brussel onderschreef de Belgische delegatie in Katowice de erg beperkte oproep voor meer klimaatambitie niet.

Terwijl het water ons bijna letterlijk aan de lippen staat, rommelen onze politici in de marge. Sprekend zijn de ‘giften’ van verschillende landen en grote bedrijven aan een fonds dat arme landen moet voorbereiden op komende natuurrampen. Liever genezen dan voorkomen.

Er is zelfs een zekere terugkeer van klimaatscepticisme. De Verenigde Staten stonden vooraan om de bevindingen van het IPCC te miskennen. Brazilië, met de racistische en klimaatsceptische Jair Bolsonaro als nieuwe president, trok haar voorstel om de volgende conferentie te ontvangen in. Ook wilde het land extra uitstootrechten omdat het een groot deel van het Amazonewoud binnen haar grenzen heeft. Dat Amazonewoud moet volgens Bolsonaro nochtans plaats ruimen voor de multinationals. Het waren vooral de kleinere ontwikkelende landen die zich ertoe verbonden de doelstelling van 1,5°C te halen. Deze inzet is echter niet voldoende.

Het Zweedse schoolmeisje Greta Thunberg zorgde voor het enige lichtpunt in Katowice. Ze verweet de wereldleiders “niet volwassen genoeg” te zijn “om te zeggen waar het op staat.” Ze legde de vinger op de wonde: “Onze beschaving wordt opgeofferd voor de mogelijkheid voor een zeer klein aantal mensen om door te gaan met het verdienen van een enorme hoeveelheid geld.” En ze kwam tot een belangrijke conclusie die gedeeld wordt door duizenden jongeren: “Als oplossingen binnen het bestaande systeem niet te vinden zijn, dan moeten we misschien het systeem zelf veranderen.”