Home / Op de werkvloer / Publieke sector - algemeen / Alles wordt duurder, maar loon volgt niet

Alles wordt duurder, maar loon volgt niet

Bijna de helft van de Belgische werknemers bevindt zich in een onzekere situatie of heeft moeite om rond te komen. Een studie uit 2016 gaf al aan dat 4 op 10 werknemers de eindjes moeilijk aan elkaar kan knopen. Dat is wellicht nog een onderschatting als de hoge schulden erbij genomen worden. Op 1 juli 2017 bedroeg het interprofessionele minimumloon 1.562,59 euro bruto, ongeveer 9,5 euro per uur. Zelfs voor wie voltijds werkt, is dat onvoldoende om een waardig leven te leiden. Deze vaststelling vormde de basis voor de campagne voor een minimumloon van 14 euro per uur, onder meer gevoerd door het Luikse ABVV en de voedingscentrale Horval.

Artikel door Nicolas Croes uit maandblad ‘De Linkse Socialist’

In Brussel komt het gemeenschappelijk vakbondsfront in actie rond de lage lonen en onzekere arbeidsvoorwaarden. Er is een actieplan opgesteld met offensieve eisen: verhoging van alle loonschalen met 10%, arbeidsduurvermindering met bijkomende aanwervingen en zonder loonverlies, eindejaarspremie in heel de publieke sector voor een bedrag gelijk aan een 13e maand en tenslotte verbetering van de arbeidsvoorwaarden (bijkomend personeel en omzetten van contractuele in statutaire tewerkstelling) om de kwaliteit van de openbare diensten te verbeteren.

Er werd een petitie rond deze eisen opgezet om ze onder het personeel te populariseren waarmee de basis gelegd werd voor een actieplan dat door ACOD-LRB (Lokale en Regionale Besturen) werd besproken op de algemene vergadering van 11 september. Op 20 september trokken enkele tientallen militanten van de drie vakbonden met 10.000 handtekeningen naar het kabinet van Brussels Minister-President Rudi Vervoort (PS).

Bij de overhandiging van de handtekeningen merkte ACOD-LRB op: “We zijn niet naïef. Aangezien de lokale overheden verantwoordelijk zijn voor hun personeelsbeleid, zullen we hen vragen om hun verantwoordelijkheid te nemen. We zullen dit doen met acties in gemeenschappelijk vakbondsfront op 11 oktober en dit bij alle lokale overheden. De strijd is pas begonnen.” Op 11 oktober waren er werkonderbrekingen van twee uur door het personeel van de gemeenten, OCMW’s en van de publieke ziekenhuizen.

Het succes van deze actiedag (zie foto’s) was meteen een opstap naar een volgende actie: een regionale staking met betoging op 8 november gevolgd door een algemene vergadering waarop het vervolg van de beweging wordt besproken.

Het pamflet van ACOD-LRB stelt onder meer: “Ik wil niet leven om te werken.” Wie herkent zich daar niet in? Het opbouwend actieplan van het gemeentepersoneel in Brussel is een inspirerend voorbeeld van hoe we offensieve eisen in actie kunnen verdedigen waarbij we steeds meer collega’s in de strijd betrekken.

Foto’s: werkonderbreking in het Brugman-ziekenhuis op 11 oktober

1/ De petitie was een belangrijk instrument om de acties te populariseren onder de collega’s en om zoveel mogelijk werkenden te mobiliseren.

2/ Algemene vergadering bij het begin van de werkonderbreking. Na de toespraken door de delegees, kon iedereen die dit wenste het woord nemen om te spreken over concrete ervaringen.

3/ Vervolgens werd een actie gehouden aan de ingang van het ziekenhuis. Op de spandoeken werd een lege ruimte gelaten waarop alle personeelsleden hun mening konden schrijven.

4/ Tenslotte was er een betoging op het domein van het ziekenhuis. Het was onmogelijk om de eisen van het personeel niet te horen. Maar om de directie te overtuigen, zal er meer nodig zijn …

Print Friendly, PDF & Email