Home / Op de werkvloer / Wij eisen ons deel van de koek: hoger minimumloon nu!

Wij eisen ons deel van de koek: hoger minimumloon nu!

In Seattle voerden de linkse socialisten een offensieve campagne voor een hoger minimumloon. Dit leverde resultaat op, het minimumloon van 15 dollar per uur werd effectief afgedwongen.

Op het ABVV-congres eind mei werden offensieve eisen centraal gesteld: hoger minimumloon van 14 euro per uur, minimumpensioen van 1500 euro per maand en arbeidsduurvermindering. Deze eisen realiseren, zou een enorme stap vooruit betekenen voor honderdduizenden werkenden en hun gezinnen. Het mag niet bij woorden blijven, er is een opbouwende offensieve campagne voor nodig. We gaan in op enkele vragen rond het minimumloon.

Artikel door Geert Cool uit maandblad ‘De Linkse Socialist’

Waarom het minimumloon optrekken tot 14 euro per uur?

Terwijl er nog nooit zoveel rijkdom geconcentreerd zat bij een kleine elite, hebben bredere lagen van de bevolking moeite om de eindjes aan elkaar te knopen. Alles wordt duurder: huisvesting, transport, ontspanning, kinderopvang, bejaardenzorg, … Alles gaat omhoog, behalve onze lonen. Tussen 2000 en 2016 zijn we gemiddeld 14% productiever geworden, terwijl de lonen met maar 7% toenamen. Het zorgt voor een grote werkdruk, maar zonder bijhorend inkomen. Of denken die hoge heren en dames echt dat enkel zij hard werken? Ze moeten misschien eens een paar weken wisselen met een fabrieksarbeider, een personeelslid in een supermarkt of een verpleger.

We werken harder en daar mag iets tegenover staan: een hoger loon. Door de minimumlonen op te trekken tot 14 euro per uur wordt de opmars van het virus van lage lonen gestopt. Het is een maatregel om armoede terug te dringen. En het zet een algemene opwaartse tendens voor de lonen in. Met een minimumloon van 14 euro per uur kom je als voltijds werkende aan een netto maandloon van 1.700 euro (2.300 euro bruto). Daarmee is het mogelijk om rond te komen.

Zou een basisinkomen geen beter alternatief zijn?

De roep naar een basisinkomen vertrekt van de terechte vaststelling dat velen moeite hebben om rond te komen en dat steeds meer mensen uit de boot vallen. Het probleem zit echter niet zozeer bij het stelsel van lonen en uitkeringen, maar wel bij de verdeling van de rijkdom. Als we van de huidige voor de gewone werkenden beschikbare middelen iedereen elke maand een basisinkomen toekennen, dan zal dat erg laag liggen en bovendien de sociale zekerheid ondermijnen (nu wordt de sociale zekerheid betaald door bijdragen van onze lonen). Met een basisinkomen van 500 of 600 euro per maand zal de armoede enkel toenemen.

Om een hoger inkomen af te dwingen, zal strijd voor een herverdeling van middelen nodig zijn. We kunnen die strijd het beste voeren door gebruik te maken van onze plaats in het productieproces: het zijn de werkenden die de rijkdom creëren met hun arbeid, de werkenden kunnen dan ook de elite raken door het werk neer te leggen. Het verband tussen rijkdom en arbeid is essentieel, dit verband losser maken met een basisinkomen zal onze strijd niet ten goede komen.

Door te gaan voor een minimumloon van 14 euro per uur, minimumpensioen van 1500 euro en minimale werkloosheidsuitkering van 1200 euro komt iedereen boven de armoedegrens terecht. Dan is er geen nieuw stelsel zoals een basisinkomen nodig.

Zijn andere eisen, zoals rond arbeidsduur, niet belangrijker?

We vertrekken vanuit wat nodig is voor de werkenden en hun gezinnen. Dat omvat verschillende maatregelen die niet los van elkaar kunnen gezien worden. Een hoger minimumloon volstaat op zich niet om tot werkbaar werk en een leefbaar leven te komen. Daarvoor moet de werkdruk effectief verlagen door het beschikbare werk te verdelen onder wie kan werken. Een algemene arbeidsduurvermindering zonder loonverlies en met bijkomende aanwervingen is daarvoor nodig. Daarnaast zijn er meer publieke investeringen nodig in openbare diensten, zoals onderwijs, zorg, sociale huisvesting, … En ook de uitkeringen en pensioenen moeten omhoog.

Bij het stellen van eisen moeten we vertrekken van wat nodig is. Door op bepaalde eisen een bedrag te plakken, zoals 14 euro minimumloon per uur, wordt ons programma concreter en is het gemakkelijker om een bredere informatie- en mobilisatiecampagne te voeren.

Is 14 euro per uur wel haalbaar?

De 8 rijksten die evenveel bezitten als de armste helft van de wereldbevolking weerleggen alle argumenten rond de onbetaalbaarheid van eisen voor de verbetering van het leven van de bevolking.

In Noord-Amerika heeft actieve strijd in  heel wat steden en regio’s een minimumloon van 15 dollar per uur afgedwongen. Seattle was de eerste grote stad waar dit gebeurde. Deze maatregel was goed voor een transfer van rijk naar arm van 3 miljard dollar. Het leidde niet tot jobverlies: in het eerste jaar na de invoering kwamen er 2,5% jobs bij en steeg het gemiddelde loon in de stad met 3,5%, deze cijfers lagen boven het nationale gemiddelde.

Er is strijd nodig om hogere lonen af te dwingen. Deze strijd moet zowel op het syndicale als het politieke terrein gevoerd worden. Dat is hoe in het verleden de 8-urendag en de sociale zekerheid werden afgedwongen. De kapitalisten zullen pas toegevingen doen als ze geen andere uitweg zien om een groeiende en radicaliserende beweging voor maatschappijverandering te stoppen of af te remmen. De dreiging van revolutie in ons land leidde tot het toegeven van betaald verlof of nog het algemeen stemrecht. Voor ons is de strijd voor een hoger minimumloon onderdeel van de opbouw van een krachtsverhouding voor maatschappijverandering: een socialistische samenleving die vertrekt van de noden van de meerderheid van de bevolking.

Print Friendly, PDF & Email