Home / Op de werkvloer / ABVV / Protestactie aan Antwerpse rechtbank: handen af van het stakingsrecht!

Protestactie aan Antwerpse rechtbank: handen af van het stakingsrecht!


Twee Antwerpse ABVV’ers, waaronder lokaal voorzitter Bruno Verlaeckt, worden vervolgd wegens deelname aan een stakerspost tijdens de staking van 24 juni 2016. Ze worden beschuldigd van kwaadwillige belemmering van de weg (artikel 406 Strafwetboek), een artikel waarvan alle voorbereiding en interpretatie achteraf meldt dat het niet van toepassing is op stakersposten. In het ergste geval riskeren de twee een celstraf van 6 maanden.

De twee werden opgepakt tijdens een blokkade van de Scheldelaan, zoals er tijdens stakingsacties de afgelopen jaren steeds blokkades werden opgezet. Plots werd besloten om de gangbare wijze van stakersposten zetten – de raadsmannen van de twee merkten terecht op dat er sprake is van een verworven recht – niet langer te tolereren. Dat werpt de vraag op wie deze beslissing tot koerswijziging nam. Het antwoord is duidelijk: het Antwerpse stadsbestuur en burgemeester De Wever in het bijzonder. Die verklaarde zelf dat het politie-optreden er anders had uitgezien moesten er enkele honderden dokwerkers aan de stakerspost gestaan hebben. Dat weerlegt de stelling dat het hier gaat om een juridische discussie over het al dan niet belemmeren van het verkeer, laat staan over de vraag of dit kwaadwillig gebeurde. Dit was een aanval op het recht op actievoeren, een bewuste politieke zet die bovendien gevolgd werd door een politieke vervolging.

Het proces kwam nu pas ten gronde voor, bijna twee jaar na de feiten. Opmerkelijk dat het zo lang duurde voor het parket om de zaak rond te krijgen. Blijkbaar raakte het dossier een tijdlang verloren. Het was immers niet dat de tussenliggende tijd benut werd om extra opsporingswerk te verrichten. De enige getuigenverklaringen door mensen ter plaatse werden toegevoegd door de verdediging van de twee ABVV’ers, het parket vond het niet nodig om andere aanwezigen te spreken.

Blijft een erg dubieuze vervolging over van twee militanten. Verlaeckt wordt eigenlijk vervolgd omdat hij als Antwerps ABVV-voorzitter de ‘aanstoker’ van het protest was. De tweede militant, Tom, wordt vervolgd omdat hij weerstand zou geboden hebben. “Zou” schrijven we, want feiten daaromtrent brengt de politie of het parket niet aan. Is dat tegenwoordig niet meer nodig om het vermoeden van onschuld te weerleggen? Wat overblijft is dat de twee zouden aangezet hebben tot een collectieve actie. Dat is niet verboden. Meer nog, het wordt internationaal erkend als een mensenrecht. In deze zaak lijkt het parket er alles aan te doen om die mensenrechten te omzeilen omdat het gaat om syndicalisten die zich collectief verzetten tegen het asociaal beleid van de rechtse regering. Dit is een politiek proces waarbij de krijtlijnen lijken uitgezet te worden door de N-VA.

Bij de zitting vandaag waren er honderden militanten aanwezig om de twee te ondersteunen. Positief was de solidariteit uit heel het land, zelfs vanuit Wallonië en, ook bijzonder belangrijk, van een groep ACV-militanten en enkele ACLVB-leden. Die solidariteit is belangrijk: wie aan één van ons raakt, raakt ons allen. Vandaag werd de zaak gepleit, uitspraak volgt op 29 juni. Mogelijk volgt nadien een beroepsprocedure (de kans dat het establishment het bij een vrijspraak hierbij laat, is wellicht beperkt en bij een veroordeling moet uiteraard verder geprocedeerd worden). Daarbij zullen nieuwe mobilisaties aan de orde zijn. Het stakingsrecht verdedigen, betekent het recht op protest en sociaal verzet tegen het asociaal beleid verdedigen.

Foto’s door Liesbeth:
Actie tegen vervolging 2 ABVV'ers // Liesbeth

Print Friendly, PDF & Email