Nigeria opnieuw plat door massale algemene staking

Vijf algemene stakingen sinds juni 2000!

In Nigeria is er opnieuw een enorme uitbarsting van woede en dit in de vorm van een algemene staking die het hele land plat legt. Op 11 oktober begon de algemene staking en net zoals de vier vorige keren was de aanleiding een stijging van de benzineprijs, de negende prijsstijging sinds het einde van het militaire regime in mei 1999.

Robert Bechert

De benzineprijs heeft een directe invloed op de levensstandaard van bredere lagen van de bevolking in Nigeria. Er is uiteraard benzine nodig bij transport van mensen en goederen, maar kerosine wordt ook algemeen gebruikt om te koken en in veel gevallen ook om elektriciteit te genereren. De meeste Nigerianen zien niet in waarom zij, als inwoners van een olie-producerend land, meer moeten betalen voor benzine op een ogenblik dat de prijs voor olie op wereldvlak stijgt terwijl de productiekosten niet stijgen. Iedere dreiging van een toename van de benzineprijs leidt dan ook tot woede onder de Nigeriaanse arbeiders, de armste lagen en delen van de middenklasse.

Stijging met 25%

De oproep voor deze algemene staking van 4 dagen kwam er als onderdeel van de strijd tegen de laatste prijsstijging met 25% die de Nigeriaanse regering wil doorvoeren om haar neo-liberaal beleid te versterken.

De nieuwe prijsstijging werd eind september opgelegd, minder dan 48 uur nadat Nigerian Federal High Court (Hooggerechtshof) besliste dat de vakbondsfederatie Nigerian Labour Congress (NLC) geen stakingen mag uitroepen. Hierop besliste het staatsbedrijf Nigerian National Petroleum Corporation (NNCP) onmiddellijk om de prijzen te laten stijgen met 33%. In 2002 werd voor een liter benzine 22 Naira betaald, onmiddellijk na de uitspraak van het Hooggerechtshof steeg de prijs van 43 Naira tot 53 Naira per liter en steeg de prijs voor kerosine tot 60 Naira per liter.

Deze prijsstijgingen kwamen hard aan bij de bevolking. Meer dan 70% van de bevolking leeft van minder dan 1 dollar per dag en de levensverwachting bedraagt 47 jaar voor mannen en 49 jaar voor vrouwen.

Vijfde algemene staking

Historisch gezien heeft iedere poging tot een verhoging van de benzineprijs geleid tot een grote actiebereidheid van de Nigeriaanse massa’s. De voorbije jaren werd dit duidelijk gemaakt bij de massaal gesteunde algemene stakingen en protestacties tegen prijsstijgingen in juni 2000, januari 2002, juni/juli 2003 en juni 2004, naast afgelaste algemene stakingen in oktober 2003 en februari 2004.

De woede is niet enkel gebaseerd op de toegenomen kost voor vervoer of koken. Er is wordt ook erg bitter gereageerd tegenover de elite van wie aangenomen wordt dat zij met de rijkdommen van het land, vooral de olie, gaat lopen.

De officiële reden voor de prijsstijging is dat Nigeria, op dit ogenblik de derde grootste olie-exporteur in de OPEC, geraffineerde olie moet invoeren en daarom de hoge prijzen die gelden op wereldvlak moet betalen. Er is echter maar één reden waarom deze invoer noodzakelijk is en dat is het feit dat de elite er alles aan gedaan heeft om de olieraffinaderijen in Nigeria zelf ontoereikend te maken om te voorzien in de lokale markt. Dit is een gevolg van corruptie en wanbeheer. Hierdoor maken oliebedrijven grote winsten op basis van de herhaaldelijke benzine-tekorten. Bovendien wordt naar schatting jaarlijks olie ter waarde van 2 tot 3 miljard euro gestolen en geëxporteerd door corrupte elementen in het staatsapparaat en criminele bendes.

Neo-liberale agenda

De regering zou de subsidies om de benzineprijzen laag te houden kunnen in stand houden met de toename van de inkomsten uit olie-export. Voor de begroting van dit jaar hield de regering rekening met een olieprijs van 25 dollar per vat, met de huidige hoge prijzen voor een vat olie zou er een extra inkomen van zo’n 4,7 miljard dollar zijn. Maar het regime van Obasanjo wil niet ingaan tegen het imperialisme en haar instellingen zoals het IMF, en begint daarom een aanval op de levensstandaard van de Nigeriaanse massa’s. De Financial Times stelde dan ook: “Het Internationaal Monetair Fonds en de westerse regeringen zijn enthousiast over het programma” (FT, 12 oktober 2004)

Desillusies in burgerlijke leiders

De woede die gepaard gaat met deze staking heeft niet enkel betrekking op de olieprijzen. Er is een sterke ontgoocheling in het regime van president Obasanjo en andere kapitalistische politici sinds de herinvoering van een burgerlijk regime in 1999. Behalve de groeiende telefoonmarkt en de hoge olieprijzen, is de economie gestagneerd terwijl de elite rijker wordt en de verkiezingen van 2003 sterk vervalst heeft om alleszins aan de macht te kunnen blijven.

De afschuw van de heersende elite tegenover de massa werd duidelijk gemaakt toen het Federale Hooggerechtshof vorige week oordeelde dat het legaal was dat zowel de minister van buitenlandse zaken als de minister van financiën betaald worden in Amerikaanse dollars en niet in de Nigeriaanse munt. Financieminister Ngozi Okonkjo-Iweala verdient 247.000 dollar per jaar en is daarmee één van de best betaalde ministers ter wereld. Zij maakte vorig jaar duidelijk dat een loon in dollars een voorwaarde was om haar post van vice-voorzitter van de Wereldbank te laten staan voor een positie in de Nigeriaanse regering.

Arbeidersbeweging is de belangrijkste oppositie

Dit is de vijfde algemene staking sinds juni 2000 en telkens werd de oproep voor een algemene staking sterk opgevolgd, niet enkel door Nigeriaanse arbeiders maar ook door kleine winkeliers, marktverkopers,… en kregen de acties de steun van zowat de volledige bevolking. Zelfs de Financial Times moet schrijven dat de vakbonden vandaag de oppositiebeweging met het sterkste profiel geworden zijn.

Dat is ook de reden waarom de Nigeriaanse regering probeert om de vakbonden aan te pakken. Enerzijds probeert de regering om er een nieuwe wet door te krijgen waarmee het hoopt de vakbondsfederatie NLC en individuele vakbonden te kunnen breken. Tegelijk wou de regering de beslissing van het Federaal Hooggerechtshof gebruiken om de vakbondsleiding te intimideren indien zou opgeroepen worden voor verdere acties. Maar de brutale wijze waarop de beslissing van het Hooggerechtshof onmiddellijk gevolgd werd door een prijsstijging met 25% zorgde voor heel wat woede onder de massa’s.

Deze strijd is nu een belangrijke test geworden voor de regering en haar imperialistische steunpilaren om te zien hoe ver ze kunnen gaan in het ontmantelen van arbeiders- en vakbondsrechten in Nigeria. De regering Obasanjo wil zien hoe ver ze kan gaan bij het inzetten van repressie om arbeidersleiders en de vakbonden in het algemeen te intimideren.

Twee dagen voor de algemene staking zou beginnen, was er een fysieke aanval door agenten van de Staatsveiligheid die de voorzitter van de vakbondsfederatie NLC, Adams Oshiomhole, arresteerden toen die het vliegtuig wou nemen naar een andere Nigeriaanse stad. Hij werd een nacht vastgehouden zonder enige reden. Op de eerste dag van de staking was er een aanval van de politie op het secretariaat van de NLC in Abuja, de federale hoofdstad van het land, waarbij geprobeerd werd om te verhinderen dat Oshiomhole het gebouw kon verlaten om onderhandelingen te gaan voeren met de president. In andere steden, zoals Awka en Kaduna, arresteerde de politie stakingsleiders. Deze taktieken hebben de woede echter enkel maar versterkt.

Sinds 2000 hebben algemene stakingen slechts geleid tot gedeeltelijke overwinningen. In het algemeen is de benzineprijs blijven stijgen.

Voor de laatste algemene staking in juni stelde NLC-voorzitter Adams Oshiomhole in een interview met het dagblad ‘Vanguard’: "Het NLC zal niet dezelfde fouten als in het verleden maken bij de staking van volgende week en zal rekening houden met het bedrog waarmee de regering heeft gereageerd telkens er gelijkaardige stakingen werden aangekondigd… We weten nu dat ze mogelijks wachten tot het laatste moment vooraleer ze ons uitnodigen voor onderhandelingen waar ze aankondigingen kunnen doen dat ze de maatregelen niet zullen doorvoeren, we willen de Nigerianen duidelijk maken dat we de fouten van het verleden niet zullen herhalen."

Ondanks die woorden sloten de vakbondsleiders in juni opnieuw een slecht akkoord. Net voor de huidige staking herhaalde Oshiomhole zijn standpunt in een interview met het dagblad PM News: "We hebben onze lessen geleerd uit vorige nationale stakingen en ditmaal zullen we pas de staking afblazen als al onze eisen ingewilligd zijn." (29 september)

Socialisten spelen belangrijke rol

De Democratic Socialist Movement (DSM, Nigeriaanse afdeling van het CWI) heeft steeds gesteld dat de militante retoriek van de NLC-leiding ook moet omgezet worden in daden en dat er geen gemakkelijke uitweg is voor de Nigeriaanse massa’s.

Een succesvolle strijd is afhankelijk van massale acties en de betrokkenheid van bredere lagen. De DSM heeft opgeroepen en campagne gevoerd om te komen tot een echte mobilisatie. Daarbij was het opzetten van stakings- en actiecomités in de bedrijven en de wijken van enorm belang. Deze comités kunnen de centrale organen worden van een ontwikkelende strijd waarbij ze een rol spelen in het organiseren van de strijd en een middel vormen waardoor het mogelijk wordt om een langere strijd te voeren.

De DSM speelde een belangrijke rol in het organiseren van de strijd in Lagos, de grootste stad van Nigeria met 12 miljoen inwoners, en in andere steden. Onze leden hebben een leidinggevende rol in zowel de Labour Civil Society Coalition (LASCO – een gezamenlijk orgaan van vakbonden, politieke en sociale organisaties opgericht door de NLC) en de National Conscience Party.

Segun Sango

Segun Sango, de algemeen secretaris van de DSM, was één van de centrale sprekers op meetings van LASCO en kwam verschillende keren op televisie. Hij maakte ook deel uit van de delegatie van de NLC en LASCO die onderhandelde met het Forum van Gouverneurs (een orgaan met vertegenwoordigers van de gouverneurs van de deelstaten in Nigeria) voor de staking. Daarbij legde Segun Sango steeds nadruk op de noodzaak om door te gaan met de staking tot er een volledige intrekking van de prijsverhoging zou komen.

De activiteiten van de DSM baseren zich op strijd aan de basis, op de werkvloer, in de wijken en aan de universiteiten. In verschillende wijken organiseerden onze leden meetings om de strijd te verbreden en namen ze initiatieven voor stakings- en actiecomités. Alle 5.000 exemplaren van een speciale editie van het blad van de DSM, ‘Socialist Democracy’, waren binnen de vier dagen na publicatie verkocht. Het blad wordt nu bijgedrukt. De tekst ervan vind je op de website van de DSM: www.socialistnigeria.org. Tegen het einde van de eerste stakingsdag verkocht de DSM al haar materiaal, inclusief kopies van vorige nummers van haar publicaties.

De NLC wil de regering een ultimatum van 14 dagen geven om toe te geven op het punt van de benzineprijs. De DSM benadrukt dat het noodzakelijk is om deze staking van vier dagen te zien als de voorbereiding voor een volgende fase van strijd. De algemene staking toont aan dat de overgrote meerderheid van de Nigeranen achter het verzet van de arbeidersbeweging staat en de regering wil isoleren. We moeten gebruik maken van het ultimatum van twee weken om de steun voor verdere acties op te bouwen en meer mensen te betrekken in activiteiten waarbij ook uitgelegd wordt dat de constante prijsstijgingen van benzine veroorzaakt worden door de algemene crisis in het land.

Socialisme of ineenstorting

De DSM komt op voor een strategie waarbij de regering moet inbinden, maar tegelijk willen we ervoor zorgen dat arbeiders algemene conclusies trekken uit de situatie waarmee ze geconfronteerd worden. Een algemene staking stelt de vraag naar wie het land controleert: een kleine corrupte elite of de arbeidersklasse.

Er is in Nigeria nood aan het opbouwen van een massale beweging die in staat is om de samenleving te veranderen en komaf te maken met de greep van het imperialisme en het kapitalisme. Zoniet zal het land nooit ontwikkelen en zal het zelfs blijven achteruit gaan. Voor de staking begon, werd een officieel rapport gepubliceerd waaruit bleek dat bijna 54.000 doden vielen bij rellen in de deelstaat Plateau tussen september 2001 en mei 2004. Dat herinnert eraan dat de arbeidersbeweging een weg vooruit moet aanbieden, zoniet zal de wanhopige strijd op overleven leiden tot bloedige oorlogen tussen verschillende etnische groepen, stammen en religieuze groepen.

De DSM roept op voor een strijdbare strategie om de strijd rond de benzineprijs te winnen en tegelijk komen we op voor het vormen van een echte arbeiderspartij met een socialistisch programma. De meest correcte les die kan getrokken worden uit de algemene stakingen en de protestacties, is dat het uiteindelijke doel van de strijd de omverwerping van het kapitalisme, en haar vertegenwoordigers zoals Obasanjo, moet zijn om hen te vervangen door een regering van arbeiders en boeren.

Enkel op deze manier kan een begin gemaakt worden van het inzetten van de enorme rijkdommen van Nigeria voor de belangen van de bevolking en niet voor de winsten van een kleine minderheid. Enkel zo kan begonnen worden met de opbouw van een socialistisch Nigeria.

Delen: Printen: