Home / Op de werkvloer / Sociale zekerheid / Pensioenbetoging mag geen eindpunt zijn

Pensioenbetoging mag geen eindpunt zijn

Na een informatiecampagne waarin tienduizenden pensioenkranten werden verdeeld, wordt op 16 mei in Brussel betoogd. Het ongenoegen rond de pensioenen is erg groot: hoe komt het toch dat we steeds harder werken en dat de winsten steeds groter worden, maar dat er geen geld zou zijn voor leefbare pensioenen? De werkdruk maakt dat weinigen zich tot 67 jaar zien werken, waarop de regering nu de druk op elk van ons wil opvoeren om toch langer te werken. Actie is nodig en dus is het belangrijk dat er op 16 mei betoogd wordt. Velen stellen zich echter al de vraag: wat na 16 mei?

Artikel uit maandblad ‘De Linkse Socialist’

Mocht de regering na één betoging van gedacht veranderen, dan hadden we niet opnieuw rond de pensioenen moeten betogen. We mogen daaruit niet de conclusie trekken dat betogen en actievoeren niets uithaalt. Als we niets doen, zal de regering nog sneller en harder inbeuken op onze levensstandaard. Zonder onze acties is het publieke debat zo goed als volledig in handen van de rechterzijde en kan de tandem Michel-De Wever er straks nog een termijn bij doen. Er is niet minder maar meer actie nodig. Geen actie die beperkt is tot het versterken van de onderhandelingspositie van de vakbondsleidingen, maar opbouwende acties die bredere lagen meetrekken en de publieke opinie beïnvloeden.

Is dat onmogelijk? In de herfst van 2014 hebben we dat voor elkaar gekregen met de nationale betoging gevolgd door provinciale stakingen en dan een nationale algemene staking.

Het stilleggen van de acties na dat actieplan van 2014 heeft tot verwarring en frustratie geleid onder heel wat militanten. Strijdbare delegees moeten er alles aan doen om de frustratie om te zetten in een sterker inzicht in de oorzaken van die frustratie. De vakbondsleidingen hebben na 2014 niet durven doorzetten tot de val van de regering, onder meer omdat er zich een probleem stelt met alternatieven op die regering. Binnen het kapitalisme is er weinig marge voor toegevingen aan de werkende klasse waardoor de sociaaldemocratie zich de afgelopen decennia steeds meer heeft vereenzelvigd met het kapitalisme en het beleid dat bij ons bespaart om uit te delen aan de superrijken. De vakbonden kunnen echter zelf een politiek project verdedigen, campagne errond voeren en druk zetten.

Onze strijd voor een ander beleid zal meer dan één slag vergen en daar moeten we op voorbereid zijn. Na 16 mei mag het protest niet gestopt worden. Een goed uitgewerkt oplopend actieplan kan de druk opvoeren. Kijk naar Frankrijk en de steun voor de beweging daar. De acties moeten ook een duidelijk doel hebben: de val van de regering en het besparingsbeleid. Doorheen het protest moeten we onze politieke vertegenwoordiging tegenover die van de 1% rijksten opbouwen.