1.500.000 betogers bij algemene staking tegen pensioenhervormingen

Italië tot stilstand gebracht

Op vrijdag 24 oktober kwam Italië tot stilstand bij een algemene staking waartoe werd opgeroepen door de drie belangrijkste vakbondsfederaties: CGIL, CISL en UIL. De algemene 4-urenstaking was uitgeroepen tegen Berlusconi’s geplande hervorming van de publieke pensioenen.

Henry Silke, Lotta per il socialismo (Italië)

Op dit ogenblik maakt de overgrote meerderheid van de Italiaanse arbeiders gebruik van het publieke pensioen waar ze 35 jaar aan bijdragen voor ze kunnen op pensioen gaan. Bij de voorstellen van de regering zou dat aantal jaren opgetrokken worden tot 40 jaar. Dit is een enorme aanval omdat de arbeiders geacht worden 5 jaar langer te werken om hetzelfde pensioen te verkrijgen. De regering stelt daar niets tegenover en zegt enkel dat het een economische noodzaak is. Er is bijna een ‘déjà-vu’ gevoel van tien jaar geleden, in 1994, toen één miljoen arbeiders betoogden en zorgden voor de val van de eerste rechtse regering van Silvio Berlusconi toen die gelijkaardige voorstellen deed.

Deze vrijdag was er staking in alle sectoren en zo’n 100 betogingen in heel het land. In totaal waren er anderhalf miljoen betogers. Dat aantal moet bovendien gezien worden in de context van enorme regenval waardoor een aantal betogers thuisbleef. De staking vond plaats in alle sectoren. Bij het openbaar vervoer ging 95% van de arbeiders in staking. In de elektriciteitssector was dat 90%, in het onderwijs 85%, bij De ambtenaren 80% en bij de post 70%.

Honderden vluchten werden afgelast in de luchthavens en het vervoer tussen Sicilië en het Italiaanse vasteland lag bijna volledig plat. 95% van de treinen reden niet en 100% van de lokale bussen, trams en metro reed niet. Regionaal waren Veneto in het Noorden, Toscanië in het centrum en Puglia in het zuiden de regio’s met de grootste deelname aan de staking met 90% van de arbeiders die niet werkten, in andere regio’s was er een deelname rond de 80% behalve in Calabria waar dit 70% was.

Dit geeft aan dat er bij het verzet tegen de aanvallen van de regering geen tegenstelling is tussen het Noorden en het Zuiden. In heel het land, van Venetië tot Sicilië werd gestaakt en massaal betoogd.

In de grote bedrijven waren er massale acties. Bij Fiat in Miafori ging 70% van de arbeiders in staking en in Termini Imerese 90%. De arbeiders van Fiat, vooral in Termini Imerese, zijn al langere tijd betrokken in een overlevingsstrijd. In heel het land werd betoogd. Opvallend was ook dat 70% van de jonge (veelal migrante) arbeiders van Mc Donalds in staking gingen.

De grootste betoging was er in Milaan met 200.000 deelnemers, in Bolgona waren er 70.000 betogers die zich onder hun paraplu moesten verschuilen om Epifani (de leider van de CGIL) te horen spreken. Jammer genoeg legde Epifani nadruk op het feit dat dit geen politieke staking was. Hij stelde zelfs dat de val van Berlusconi in 1994 het resultaat was van de acties van de Lega Nord (één van de coalitiepartners van Berlusconi) en niet van de massa-mobilisaties tegen de pensioenhervorming in 1994.

De regering viel in 1994 nadat Umberto Bossi met zijn Lega Nord uit de regering stapte onder druk van de sociale strijdbeweging die plaatsvond. Zoals in 1994 zagen we vorige vrijdag in Venetië, het "territorium" van de Lega Nord, enorm sterk verzet tegen de pensioenhervorming.

In Rome waren er 150.000 betogers en was er een toespraak van de leider van de gematigde vakbond CISL. Een voorman van de belangrijkste oppositie-partij, de voormalige communisten die zich nu "Linkse Democraten" noemen, Fassino, was aanwezig en ook Bertinotti, een vooraanstaand figuur van de Rifondazione Comunista, was er.

In Napels waren er wat spanningen toen een leider van de gematigde vakbondsfederatie UIL sprak. Heel wat woedende arbeiders waren nog niet vergeten hoe deze vakbondsleiding de beweging tegen de afschaffing van artikel 18 van de arbeidswetgeving had verraden. Ze jouwden de vakbondsleider uit.

Leiders van de drie belangrijkste vakbonden beloofden verdere actie als de regering de maatregelen niet intrekt. Er waren grote betogingen in heel Italië, in de industriesteden Turijn en Genua waren er telkens 70.000 betogers. In Firenze waren er 70.000 betogers en in Sicilië waren er volgens de lokale televisie zo’n 100.000 manifestanten.

Dit is het begin van de strijd tegen de pensioenhervorming en niet het einde. Berlusconi zal niet zomaar toegeven na vorige vrijdag, maar het is duidelijk dat de arbeiders bereid zijn veel verder te gaan. Iedere algemene staking is politiek en de vakbonden moeten niet bang zijn om dit te zeggen. Berlusconi toont telkens weer aan dat zijn beleid ingaat tegen de meerderheid van de bevolking en het is dan ook nodig dat de vakbonden zijn ontslag eisen.

Delen: Printen: