De uitdagingen voor de nieuwe linkse partij in Brazilië

De Braziliaanse regering onder leiding van de PT (Arbeiderspartij) van Luis Inácio da Silva – Lula – voert een scherp neo-liberaal offensief tegen de arbeidersklasse. Als verzet daartegen hebben linkse activisten gebroken met de PT en een nieuwe partij gevormd, de Partij voor Socialisme en Vrijheid. Dat is een belangrijke stap vooruit in de opbouw van een nieuwe arbeiderspartij. Peter Taaffe sprak hierover met één van de leiders van de nieuwe partij, João Babatista (algemeen gekend als Babá), één van de vier parlementsleden van de nieuwe partij. (foto hiernaast: Babá)

Peter Taaffe

In april, op hetzelfde ogenblik dat de VS-troepen een slachting aanrichtten in Falluja, voerde de Braziliaanse overheid een belegering uit op de favelas (krottenwijken) van Rio de Janeiro. 1.200 politie-agenten hielden Rocinha bezet, en er werd gesteld dat het leger een muur zou bouwen rond de favelas.

Deze gebeurtenissen hadden schijnbaar niets met elkaar te maken, maar wijzen beiden op de problemen die niet kunnen opgelost worden door het kapitalisme, een systeem dat leidt tot een steeds groter wordend probleem van geweld en armoede voor de massa’s van de neo-koloniale wereld. Brutale repressie en het afslachten van burgers in Irak, en een soort Berlijnse muur rond de verarmde bewoners van krottenwijken in Brazilië.

In het geval van Rio was de officiële reden voor de tussenkomst van de politie en een mogelijk optreden van het leger een confrontatie tussen verschillende drugsbendes. Dat is op zich echter een gevolg van de enorme verdeeldheid tussen arm en rijk in het ‘moderne’ Brazilië: “Brazilië heeft één van de meest ongelijke verdelingen van inkomen ter wereld” (Financial Times). In de krottenwijken verdienen kinderen vijf of tien keer het minimumloon door drugs te verkopen en er zijn geen andere echte jobs voorhanden. Volgens schattingen controleren drugsbendes tot 25% van de handel in de stad.

De cyclus van geweld die hieruit voortkomt, werd duidelijk bij de opstand en de doden in de gevangenissen van Rio in mei. Een linkse intellectueel, Chico de Oliveira, noemde dit een uitdrukking van de ‘barbarij’ van het kapitalisme. Deze opmerking werd gemaakt bij de oprichtingsconferentie in Brasília van de Partido Socialismo e Liberdade (P-SOL – Partij voor Socialisme en Vrijheid) tijdens het weekend van 5 en 6 juni. Oliveira verklaarde op deze conferentie dat deze eeuw “ofwel socialistisch zal zijn ofwel niet zal zijn”, een echo van de bekende uitspraak van Rosa Luxemburg of “socialisme of barbarij” als de ultieme keuze waarmee de mensheid geconfronteerd wordt. De vorming van de P-SOL kwam er door de capitulatie tegenover het kapitalisme door leiders van voormalige arbeiderspartijen.

De P-SOL is erg snel ontwikkeld, slechts 15 maanden nadat Lula’s Partido dos Trabalhadores (PT – Arbeiderspartij) aan de macht kwam. Dat was een uitdrukking van de groeiende ontgoocheling en verbittering tegenover het verraad van de Braziliaanse regering tegenover de arbeiders en de armen. De aanleiding voor de vorming van de P-SOL was de uitsluiting van vier parlementsleden die zich verzetten tegen het besparingsbeleid van de regering-Lula.

Deze parlementsleden, Heloísa Helena, João Fontes, Luciana Genro en João Babatista (algemeen gekend als Babá) – vormden de centrale krachten achter de vorming van de partij en kregen een grote respons van arbeiders en radicale jongeren. Bij de regionale en stedelijke meetings die de stichting van de partij voorafgingen, waren er in totaal zo’n 20.000 aanwezigen.

Latijns-Amerika wordt uitverkocht

Tijdens een recent bezoek aan Londen, waar hij sprak op de succesvolle Socialisme 2004 conferentie van de Socialist Party, legde Babá uit waarom de P-SOL is opgericht: “Er zijn 40 miljoen mensen die in armoede leven, waaronder een aantal in enorm slechte omstandigheden, 20 miljoen mensen leven van minder dan 20 dollar per maand. De PT was het resultaat van de woede van de arbeidersklasse. De partij werd gevormd op basis van syndicale strijd, Lula was een leider van de metaalvakbond en de partij werd opgericht in een arbeidersbuurt van São Paulo. Het is een uitdrukking van hoe diep de PT en haar leiding van die basis verwijderd zijn als je weet dat ikzelf en andere parlementsleden uitgesloten werden in een chique hotel in Brasília.

"Na het oprichten van de PT werd in 1984 ook de beweging van landloze boeren gevormd, de Movimento dos Trabalhadores Rurais Sem Terra (MST). Om een idee te geven van de inspanningen die verricht werden om de PT en de MST op te bouwen, volstaat het om erop te wijzen dat enkel in mijn regio 800 activisten vermoord werden in hun strijd om deze organisaties uit te bouwen.

"Na de nederlaag van de PT bij de verkiezingen van 1989 en omwille van de gewijzigde politieke situatie, volgde er op deze heroïsche periode van sociale strijd een meer voorzichtige aanpak door de leiding waarbij de meeste aandacht ging naar electorale activiteiten. We moesten een periode van 7 jaar neo-liberaal beleid van Cardoso ondergaan. Er was een groter verzet tegen de privatiseringen dan pakweg in Argentinië. Daar steunde de rechtse vakbondsleiding de privatiseringen en werd 60% van de industrie overgedragen aan de privé-sector. Maar Cardosos heeft eveneens 70% van de openbare diensten in Brazilië geprivatiseerd.”

Het volledige continent werd geconfronteerd met een grootschalige uitverkoop aan buitenlandse bedrijven. De natuurlijke rijkdommen werden verkocht. Het magazine Newsweek schreef recent: “Energie vormt een emotioneel thema in Latijns-amerika, waar de olie- en gasreserves evenzeer een onderdeel vormen van het nationaal patrimonium als de restanten van periode vóór de kolonisatie.” Historisch gezien heeft dit geleid tot een groots verzet tegen de uitverkoop van de natuurlijke rijkdommen waarbij enorme mogelijkheden gecreëerd werden voor het imperialisme om de arbeiders en boeren enorm uit te buiten.

Het verzet tegen de uitverkoop leidde in het verleden tot de nationalisatie van belangrijke energiesectoren en andere takken van de industrie. In Mexico bijvoorbeeld werd in 1938 overgegaan tot de nationalisatie van de olie-industrie waarbij de Britse en Amerikaanse bedrijven onteigend werden. Vandaag verbiedt Mexico nog steeds iedere vorm van buitenlandse investeringen in de olie- en gasproductie. Dit heeft de rechtse president Vicente Fox echter niet tegengehouden om pogingen te doen om de elektriciteitssector en de chemische sector open te stellen voor private bedrijven. Die pogingen werden echter afgeblokt in het Mexicaanse parlement. Fox probeert dit te omzeilen door privé-investeringen toe te laten bij de ‘uitbating en productie’. In andere landen werd echter veel verder gegaan.

In Bolivië bijvoorbeeld werd in 1996 51% van de gassector verkocht aan buitenlandse bedrijven zoals Shell en het Spaanse Repsol-YPF. Ondanks beloftes, heeft dit niet geleid tot voordelen voor de Boliviaanse staat of de bevolking. In 2003 leidde een poging van de Boliviaanse president om de export van gas naar Californië en Mexico te verkopen, tot een massale opstand waarbij de president na amper 14 maanden ontslag moest nemen. Nu is er in dat land een referendum over het gasbeleid waarbij een vakbondsleider verklaarde: “De bevolking eist dat het gas uit handen van de buitenlandse bedrijven wordt gehaald.” p> De privatiseringen gingen ook veel verder in Argentinië waar er nu voor de komende winter een tekort aan gas wordt verwacht. Dit had ook gevolgen voor Chili en Uruguay waar energie geïmporteerd wordt uit Argentinië. Het is niet verwonderlijk dat Newsweek het had over een “groeiend ongenoegen in Latijns-Amerika omwille van de privatiseringen van de energiebronnen.” Maar dit ongenoegen is er niet enkel omwille van de energiesector, maar omwille van de privatiseringen en het neo-liberalisme in het algemeen die gezien worden als een ramp voor de massa’s.

Verraad van de PT

Zoals Babá stelt, heeft de regering van Lula het neo-liberaal beleid van zijn voorganger Cardoso nog versterkt: “In plaats van de politieke en sociale verwachtingen van de massa’s in te lossen, is Lula in een andere richting gegaan. Hij heeft zich omringd door vertegenwoordigers van het internationale kapitalisme. De voorzitter van de nationale bank is het voormalige hoofd van de Bank of Boston en is nu de rechterhand van Lula.

“Voor hij aan de macht kwam, beloofde Lula om tien miljoen nieuwe jobs te creëren, maar in plaats daarvan zijn er het afgelopen anderhalf jaar zo’n miljoen jobs verdwenen. In São Paolo bijvoorbeeld, is er een werkloosheidsgraad van 20% en de afwezigheid van echte jobs leidt ertoe dat zowat 60% van de Braziliaanse arbeiders in de ‘informele sector’ werken. Lula heeft volledig toegegeven aan de dictaten van het IMF, dit werd duidelijk door zijn bereidheid om de schulden af te betalen en te aanvaarden dat er 50 miljard dollar intrest aan imperialistische banken en bedrijven moet betaald worden. In 2003 besliste de regering om 54,61% van de begroting te gebruiken voor het afbetalen van schulden en intrest. Zelfs Cardoso gaf niet zoveel uit aan de schulden. En dit terwijl Kirchner in Argentinië een gedeeltelijke herschikking van de schulden doorvoerde in 2003.”

De enorme last van de buitenlandse schulden heeft een effect op de levensstandaard in Brazilië en dat wordt algemeen zo gezien door arbeiders. Op het Wereld Sociaal Forum in Mumbai werd nog een nota voorgelegd door de Vakbond van Fiscale werknemers van de Braziliaanse overheid, waarin een gedetailleerd verslag werd gegeven van de massale druk van de schulden op de arbeiders en armen in het land.

Babá legt uit hoe de sfeer veranderd is sinds de verkiezing van Lula: “Toen Lula verkozen werd, kreeg hij een nooit gezien onthaal door de massa’s. Bij de verkiezingen van 2002 (Lula zit in de regering sinds begin 2003) kregen de PT en Lula meer stemmen dan Bush toen die verkozen werd, ze kregen 52 miljoen stemmen. Er was volgens de peilingen een enorme steun voor Lula, tot 80%. Die cijfers zijn nu sterk gedaald. De populariteit van de regering is gedaald tot haar laagste niveau, 29,4% in juni. Dit is niet verrassend als we zien hoe de regering verraad pleegt.

“Dit wordt erg scherp aangevoeld door de miljoenen landloze boeren. Lula had beloofd om tegemoet te komen aan de eisen van de MST om het land te herverdelen voor één miljoen boeren tegen 2003, maar dit blijft een verre droom als het van de huidige regering zal afhangen. Tegen eind 2003 hadden slechts 13.000 families grond gekregen, wat ver verwijderd is van de beloofde 60.000 tegen eind 2003 en het ligt nog verder af van de 120.000 die door de MST geëist werd. Dit leidt ertoe dat landloze boeren, zowel van de MST als andere organisaties, nog steeds overgaan tot landbezettingen waarbij er geregeld confrontaties zijn met grootgrondbezitters en hun gewapende troepen, waarbij arbeiders en activisten vermoord worden of gevangen gezet worden door een regering geleid door de PT.

“Dit gebeurt terwijl Lula verder de 5.000 rijkste families van het land op het gemak stelt. Die families bezitten een rijkdom gelijk aan 45% van het bruto nationaal product. Eén van de belangrijkste conflicten – wat een directe aanleiding was voor de vorming van de nieuwe partij – was de aanval van Lula op de 600.000 federale ambtenaren. Lula stelde dat deze ambtenaren ‘gepriviligeerd’ zijn en hij verhoofde de pensioenleeftijd en lanceerde een aanval op alle verworvenheden uit het verleden. Deze arbeiders hebben in het verleden echter een cruciale rol gespeeld in de vorming van de PT. De kracht die ze mee tot stand gebracht hadden, de PT en de regering van Lula, keerde zich nu tegen hen. Veel ambtenaren zijn een drijvende kracht geworden voor de nieuwe partij.

“Deze ‘hervorming’ werd aanvankelijk voorgesteld door president Cardoso en werd toen verworpen door de PT, die nu een complete bocht gemaakt heeft over dit onderwerp en ook over tal van andere zaken die gevolgen hebben voor het dagelijkse leven van arbeiders. De gemiddelde lonen zijn gedaald, de economie is vorig jaar gedaald met 0,2% en alhoewel er dit jaar een beperkte groei is, gaat die groei teniet door de bevolkingsaangroei.”

Enorme armoede, obscene rijkdom

Zelfs burgerlijke kranten die openlijke vertegenwoordigers zijn van de grote bedrijven, zoals de Financial Times, geven soms een levendig beeld van de enorme armoede in Brazilië: “Maria do Carmen gebruikt een oude verffles om drinkwater uit een modderige put te halen in Acaua, een stoffige stad in de noord-oostelijke staat Piaui in Brazilië. Haar vier kinderen hebben dysenterie, ze krijgen één maaltijd per dag en dat is steeds rijst met bonen. Ze helpen hun vader bij het hoeden van een kudde geiten, waarvan de helft gestorven is bij de laatste periode van droogte.” Miljoenen mensen hebben geen toegang tot basiszaken als voeding, een dak boven het hoofd,… In contrast daarmee “spenderen rijke families São Paolo een equivalent van drie maanden inkomen van mevrouw do Carman aan hun huisdieren.”

Terwijl ze ingaan op deze omstandigheden, hanteren de kranten van het kapitalisme in werkelijkheid het standpunt van de Bijbel: “Er zullen altijd armen zijn”. Wat voor hen van belang is, zijn de belangen van de verantwoordelijken voor de zogenaamde creatie van rijkdom, de kapitalisten die vandaag, zeker in de neo-koloniale wereld, een totaal parasitair bestaan leiden en de huidige tegenstellingen verscherpen door zelf rijker en rijker te worden, terwijl een meerderheid van armen verder wegzinkt.

Deze spiraal van wanhoop, leidt tot een enorme sociale crisis met een toename van 11% op vlak van diefstallen, er worden in Brazilië procentueel meer jonge zwarten vermoord dan in Colombia. Het aantal moorden bedraagt er het vijfde hoogste in de wereld en zoals Babá stelde: “er zijn in de voorbije twee jaar 2.000 jongeren vermoord.” Tegelijk stellen de ziekenhuizen vast dat er meer branden zijn omdat arbeiders goedkope energiebronnen zoals alcohol uitproberen.

Babá: "Tegen deze achtergrond voert Lula de dictaten van het kapitaal, zowel internationaal als nationaal, uit. Hij wordt aanbeden door Bush en Blair en bood hen zelfs aan om Braziliaanse troepen in te zetten in Haïti zodat de Amerikaanse troepen die daar zaten in Irak zouden kunnen ingezet worden. De PT-regering is bovendien reeds betrokken in drie corruptieschandalen, waardoor het voormalige zuivere banier van de partij geschaad wordt. Een voorbeeld van die corruptie was het zogenaamde “Vampierschandaal” waarbij er bloed opgekocht en verkocht werd door PT-vertegenwoordigers. Lula heeft zichzelf net een luxueuze boot aangeschaft voor 70 miljoen dollar, met een speciale badkamer in hout bezet. Tegelijk werd het minimum inkomen per maand met slechts 6 dollar verhoogd. De bitterheid en woede tegenover dit verraad van de regering van Lula leidde er toe dat wij met vier parlementsleden tegen de regering stemden en uit de PT werden gezet. Dit heeft op zijn beurt mee geleid tot de vorming van een nieuwe partij.”

De nieuwe partij

Wie is betrokken in de vorming van de partij? Babá: “De vier parlementsleden speelden een sleutelrol. Zeker Heloísa Helena, een populaire figuur onder bredere lagen. Zij nam een moedig standpunt in door de nieuwe partij te steunen in oppositie tegen haar eigen organisatie, de Democracia Socialista (DS) waarvan de meerderheid binnen de PT gebleven is. Zij waren tegen de uitsluitingen, maar steunen de nieuwe partij niet. Ze hebben bovendien tien verkozenen die nog steeds in de PT zitten en de regering steunen. Eén van hun leden, Miguel Rossetto, is minister van landbouw met een verantwoordelijkheid voor de landbouwhervormingen in de pro-kapitalistische regering die toeziet op aanvallen op de landloze boeren die land bezetten.

“Een aantal Trotskistische organisaties nemen deel aan de nieuwe partij. Het gaat daarbij om mijn eigen organisatie, de Corrente Socialista dos Trabalhadores (CST – Socialistische Arbeiderstendens), de Movimento Esquerda Socialista (MES – Linkse Socialistische Beweging), Socialismo Revolucinário (Revolutionair Socialisme – het CWI in Brazilië), de Pólo de Resistência Socialista (PRS – Pool van Socialistisch Verzet), de Movimento Terra, Trabalho e Liberdade (MTL – Beweging voor Land, Werk en Vrijheid) en de Liberdade Vermelha (LV – Rode Vrijheid). Er zijn een aantal belangrijke linkse en revolutionaire intellectuelen en belangrijke lagen van ongeorganiseerde arbeiders die deel uitmaken van de nieuwe partij.”

Wat is het programma van de P-SOL? “Het programma van de partij is erg radicaal en revolutionair. Het roept op voor een ‘revolutionaire breuk met het kapitalisme’, gaat in tegen het kapitalisme en het imperialisme die de mensheid naar een globale crisis leiden. Het programma stelt ook dat er nood is aan een nieuwe partij om socialisme en democratie als principes naar voor te brengen met een ‘strategie voor het socialisme’ als fundamenteel aspect van het programma.

“Het is belangrijk dat het programma ingaat tegen de ervaringen van het totalitarisme onder het stalinisme en zich sterk uitspreekt tegen de capitulatie tegenover de gevestigde orde in de stijl van de ‘derde weg’ van de sociaal-democratie. In het punt over democratie wordt gesteld: ‘Socialisme kan niet los gezien worden van democratie en vrijheid – er is nood aan een brede vrijheid van expressie, waarbij een één-partij model verworpen wordt’. De partij komt ook op voor een breuk met het imperialisme en stelt dat er geen onafhankelijkheid kan zijn zonder een breuk met de imperialistische dominantie, en dat er bijgevolg moet gebroken worden met het kapitalisme.”

Naar een massale arbeiderspartij

Dit programma is linkser dan het programma van andere linkse partijen die in het voorbije decennium zijn ontstaan, zelfs links van de Rifondazione Comunista bij haar oprichting in 1991. Tegelijk is de partij geen uitgewerkte revolutionaire Trotskistische partij aangezien er ook elementen zijn met en centristische of links-reformistische achtergrond. De vorming van de partij is echter een belangrijke stap vooruit voor de meest bewuste lagen van de arbeidersklasse, met het perspectief dat de partij verder kan ontwikkelen en een belangrijk wapen worden voor de Braziliaanse arbeidersklasse.

Het zal van cruciaal belang zijn om de belangrijke Trotskistische en Marxistische krachten binnen de partij te organiseren. Hun taak bestaat eruit om de partij bij te staan om het algemene programma van specifieke eisen – overgangseisen rond dagelijkse thema’s – te verbinden met het idee van de socialistische omvorming van de samenleving. Chico de Oliveira verklaarde dat hij een revolutionair is, maar stelde al snel na de oprichtingsconferentie van de P-SOL dat Lula onmiddellijk werk moest maken van een programma van uitgaven, desnoods “om piramides te bouwen”, om zo jobs te creëren en komaf te maken met de gevolgen van de werkloosheid. Er is niets mis met zo’n eis. Wij eisen ook een programma van publieke werken, maar dan wel in socialistische zin. Een Keynesiaanse politiek houdt ook in dat er meer overheidsinvesteringen zijn op een ogenblik van recessie. Maar de zwakte van het Keynesianisme is dat het binnen het kader van het kapitalisme blijft en uiteindelijk moet gefinancierd worden door een sterke groei, wat onwaarschijnlijk is in Brazilië gezien de binnenlandse en de internationale situatie, of door het belasten van de rijken waardoor een confrontatie met het kapitaal wordt aangegaan. Als anderzijds belastingen opgelegd worden aan de arbeiders, zou dit de markt doen afremmen en werkloosheid creëren.

Dit soort thema’s – hoe eisen rond de kwesties als de schuld opnemen en verbinden met dagelijkse problemen van de arbeiders – zal een bron van discussie en debat vormen binnen de nieuwe partij.

Hoe kijkt Babá aan tegenover de interne organisatie van de P-SOL? “De statuten maken duidelijk dat de verschillende organisaties – net zoals de leden die niet tot een tendens of organisatie behoren – volledige rechten hebben om hun standpunt naar voor te brengen binnen de partij en natuurlijk ook om hun standpunten publiekelijk naar voor te brengen binnen het kader van onze statuten. Er zijn veel thema’s waarover nog geen beslissingen genomen zijn, zoals het verkiezen van onze kandidaten bij parlementsverkiezingen, de lonen van de parlementsleden,… Er is volledige democratie binnen de partij, maar we moeten ook bereid zijn om beslissingen te nemen en die uit te voeren. Aanvankelijk werden beslissingen genomen op basis van consensus en het akkoord van alle partijen en organisaties, maar we moeten bereid zijn om beslissingen te nemen bij meerderheid op basis van stemmingen.”

Wat zijn de verwachtingen van Babá voor deze nieuwe partij? “Ik denk dat we een doorbraak kunnen maken in Brazilië met de oprichting van deze partij. De partij is erg snel tot stand gekomen omwille van de snel wijzigende situatie. Toen Lula net verkozen was, kwamen 40.000 mensen naar Brasília om hem te verwelkomen. Dat was een uitdrukking van het enthousiasme en de verwachtingen van de massa’s. Toen hij echter recent een begrafenis bijwoonde van Leonel Brizola (leider van de PDT – Partido Democrático Trabalhista) waren er 10.000 aanwezigen waarvan een groot deel Lula uitgejouwd heeft. Als Heloísa Helena ergens opduikt, krijgt ze echter enorm positieve reacties.

“Het is duidelijk dat de explosieve economische en sociale situatie in Brazilië kan leiden tot een groei van de nieuwe partij. Er zullen veel problemen zijn, debatten en discussies, maar deze partij vertrekt van een hoger politiek niveau dan de PT bij haar oprichting. Bovendien kan de partij een aantrekkingspunt vormen voor arbeiders in Latijns-Amerika en misschien zelfs in Europa en de rest van de wereld. Als de partij een massa-basis kan opbouwen en aan de macht komt, zal gebroken worden met het IMF en met het kapitalisme. We zouden de staatsschuld niet afbetalen en strijden voor een socialistische samenleving.

“Het kapitalisme is een systeem met massa-vernietigingswapens, maar ook van economische bommen tegen de massa’s. Er zijn recessies en crises die het leven van de massa’s aken. We moeten daar een einde aan maken en onze eerste taak is de opbouw van een massale arbeiderspartij. De vorming van de P-SOL is daarbij een belangrijke stap vooruit.”

P-SOL website:www.psol.org.br

Delen: Printen: