Gellingen: Een fataal ongeluk?

Op 30 juli om 8u55 ontploft een gaspijp die onder hoge druk staat en onder de industriële zone van Gellingen loopt. Hierbij komen 21 mensen om op de dag zelf. Meer dan 100 mensen raken gewond. Sommigen verkeren in kritieke toestand met 2de en 3de graads brandwonden. Enkele slachtoffers – de arbeiders aan het werk op de zone, de brandweer, bestuurders die dichtbij de catastrofe reden – die de vlammenzee probeerden te ontvluchten, werden dood teruggevonden in de verkoolde velden rond de zone.

Guy Van Sinoy

Het onderzoek om de oorzaken van de catastrofe te achterhalen, zal lang zijn. Toch zijn er nu al een aantal bezwarende feiten. Waarom staat men toe dat een industriële zone wordt geïnstalleerd boven een gaspijpleiding? Het alarm werd om 8u30 geluid, maar er vond geen enkele evacuatie van de zone plaats.

De brandweer, politie en technici van Electrabel die naar de plaats van het drama werden gestuurd enkele tientallen minuten vooraf – omdat er een gaslek was gesignaleerd – negeerden het feit dat het ging over een pijpleiding van 90cm onder hoge druk.

Erger nog: in de toelating die in september 2003 aan de groep Diamant Board – waarvan de installaties onder constructie door de explosie werden vernietigd – gegeven werd, spreekt men over de aanwezigheid van een gaspijpleiding onder de grond. In het plan voor de wijziging van de sector uit 1993 is er echter geen spoor over terug te vinden. Het stuk pijpleiding dat ontplofte vertoonde krassen aangebracht door een graafmachine (laadmachine, bulldozer).

De Confederatie Bouw heeft, naar aanleiding van deze catastrofe, een complete inventaris van alle ondergrondse leidingen in België gevraagd. Onder het asfalt is het immers een jungle! De distributiemaatschappijen (Belgacom, de water-, gas- en elek-triciteitsdistributie) treden anarchistisch op.

Met de liberalisering van de markt van telecommunicatie, gas en elektriciteit zal het aantal maatschappijen en organismen dat betrokken is bij ondergrondse leidingen nog toenemen. Dit zal het beheer van de ondergrond nog ingewikkelder maken, terwijl ons land reeds 400.000 km aan ondergrondse leidingen telt.

De catastrofe in Gellingen is voor het gastransport wat de schipbreuk van de Erika was voor het vervoer van petroleum per boot. In een wereld waar het anarchistisch kapitalisme, de wetten van de jungle en een ongebreideld winststreven heersen, is het een utopie om te geloven dat private maatschappijen bereid zijn om energieproductie (steenkool, petroleum, elektriciteit, gas, kernenergie) en het transport daarvan in alle veiligheid te laten verlopen. Deze veiligheid heeft namelijk een prijs en die weegt zwaar op de rendabiliteit en de winsten. De enige manier om te garanderen dat de productie, de opslag en de distributie van energie op een milieuvriendelijke en veilige manier gebeurt, is door de sector te nationaliseren en onder controle van de arbeiders en hun gezinnen te plaatsen.

Nog een laatste shockerende kwestie. De nationale begrafenisplechtigheid van de slachtoffers op 4 augustus werd enkel voor 7 van de slachtoffers georganiseerd: 5 brandweermannen, een politieman en een bediende van Electrabel. Geen plechtigheid voor de arbeiders van Diamand Board, die gedood werden op de plaats van hun werk. Vanwaar deze ongehoorde discriminatie? Hebben alle slachtoffers niet het recht op dezelfde eerbied?

Delen: Printen: