Home / Internationaal / Noord-Amerika / Half miljoen betogers tegen Bush

Half miljoen betogers tegen Bush

Met een historisch grote betoging werd in New York het afgelopen weekend duidelijk gemaakt dat het verzet tegen Bush sterk staat. De organisatoren, United for Peace and Justice, stelden dat er wellicht 500.000 betogers waren. De politie gaf geen officiële schatting van het aantal betogers, maar volgens de New York Times werd door bronnen bij de politieleiding bevestigd dat er ongeveer 500.000 betogers waren.

Burgemeester Bloomberg slaagde erin om de controverse rond de betoging te laten gaan over de vraag of de betoging zou mogen eindigen in Central Park, wellicht wou hij daarmee een inhoudelijke discussie vermijden. De standpunten die door de betogers werden ingenomen, waren op het vlak van de tegenstand tegen Bush duidelijk. Sprekers als filmmaker Michael Moore of mensenrechtenactivist Jesse Jackson spraken zich o.a. uit tegen de bezetting van Irak.

Het protest tegen Bush en de Republikeinen was enorm. Een Amerikaans dagblad laat een bezoeker van de republikeinse conventie aan het woord: “Ik ben naar de republikeinse conventies gegaan sinds 1972 en heb nooit een conventie meegemaakt waartegen zoveel betogers op straat kwamen. De ironie is dat de conventie hier gehouden werd omdat het herinneringen oproept aan 11 september, maar het begint eerder met een echo van Chicago en de Vietnam-oorlog.”

De verwijzing naar Chicago gaat over het anti-oorlogsprotest bij de conventie van de democraten in Chicago ten tijde van de oorlog in Vietnam. In 1968 was de democratische president Lyndon Johnson aan de macht en het verzet tegen de oorlog die hij voerde in Vietnam leidde tot grote acties. De democratische burgemeester van Chicago zette 12.000 politie-agenten in en probeerde de betoging te stoppen, wat leidde tot rellen waarbij 200 gewonden vielen. De Democraten verloren de daaropvolgende verkiezingen.

Terwijl de verwijzing naar het protest tegen de oorlog in Vietnam terecht is, moet van de gelegenheid gebruik gemaakt worden om ook op de nasleep van de verkiezingen van 1968 te wijzen. Richard Nixon werd de republikeinse president en zette de oorlog in Vietnam gewoon verder. Hij gaf aan hoe republikeinen en democraten voor een zelfde oorlogszuchtige politiek staan. Dit was overigens te voorzien, in 1964 werd Johnson verkozen omdat hij gezien werd als het “minste kwaad” tegenover de republikein Barry Goldwater die gekend stond om zijn standpunt dat er een grootschalige tussenkomst in Vietnam nodig was.

De cyclus van opeenvolgende presidentschappen van republikeinen en democraten die telkens even enthousiast de belangen van de grote bedrijven verdedigen, moet doorbroken worden. Kerry vormt geen alternatief voor de 500.000 betogers die zondag in New York protesteerden tegen Bush. Kerry wil de bezetting van Irak gewoon verder zetten en staat fundamenteel voor een zelfde beleid als Bush.

Daarom voert Socialist Alternative, onze zusterorganisatie in de VS, campagne voor Ralph Nader, een onafhankelijke kandidaat. Een goede uitslag voor Nader zou het idee versterken dat de arbeiders, jongeren,… een eigen politiek instrument nodig hebben en dat ze zoiets kunnen opzetten. Het kan ook een eerste stap vormen om komaf te maken met het monopolie van de twee grote partijen.

Leave a Reply