Soedan: geen gewapende interventie

De crisis in Darfur, in het westen van Soedan, is de afgelopen weken prominent in het nieuws geweest. De media stelt dat er tot een miljoen mensen zijn moeten vluchten en tot 50.000 mensen gedood werden in aanvallen van de Janjaweed militie die gesteund wordt door de regering van Soedan.

Robert Bechert

Soedan is in oppervalkte het grootste land van Afrika en werd kunstmatig gecreëerd door het Britse rijk na een militaire verovering onder leiding van Kitchener tussen 1896 en 1898. De kolonie werd formeel geleid door Egypte en Groot-Brittannië, maar Egypte was zelf afhankelijk van het Britse rijk en de Britse officiers die het leger van Egypte controleerden.

In Soedan werd de Britse koloniale overheersing georganiseerd in een vorm van ‘indirecte heerschappij’ dat de macht formeel gaf aan stamhoofden, een beleid dat de tegenstellingen tussen de stammen verscherpte. Dat was een onderdeel van het verdeel-en-heers-beleid van de Britten.

In de jaren ’20 waren de Britten bang dat het nationalisme in Egypte zich zou verspreiden naar Soedan en zou leiden tot een mogelijke splitsing van het land. Hierop kwam er een ‘zuidelijk beleid’ waarbij moslims uit het zuiden werden weggestuurd, los van hun etnische oorsprong. Er kwamen ‘gesloten districten’ waar moslims zich niet mochten vestigen.

Soedan werd onafhankelijk in 1956.

De beelden op TV zagen er verschrikkelijk uit met vrouwen en kinderen die wanhopig op zoek waren naar voedsel en medische hulp. Er waren ook tal van uitgebrande dorpen te zien. Uiteraard zijn velen hierdoor geschokt en willen ze actie om deze humanitaire noodsituatie op te lossen.

Eind juli had de Britse premier Blair het over een "morele verantwoordelijkheid om dit aan te pakken met alle mogelijke middelen." Generaal Jackson, het hoofd van het Britse leger, bevestigde onmiddellijk dat dit kan betekenen dat er troepen naar Soedan gestuurd worden.

De Verenigde Naties stellen dat er zich momenteel een enorme humanitaire crisis aan het ontwikkelen is in Darfur en de Veiligheidsraad heeft een resolutie gestemd met een oproep aan de regering van Soedan om de gewelddaden door de Arabische milities te stoppen binnen de 30 dagen. Ook beide kamers van het Amerikaans parlement hebben de genocide in Darfur veroordeeld.

Tien jaar nadat de genocide in Rwanda het leven van 800.000 mensen gekost heeft, zeggen de Britse en Amerikaanse regeringen dat er actie nodig is om een gelijkaardig scenario te vermijden. Er wordt plots in een aantal landen veel aandacht geschonken aan de verschrikkelijke situatie in Darfur en er is een groeiende vraag naar een interventie.

Cynische bedoelingen

Na de invasie van Irak zijn er echter vermoedens, zeker in Afrika en de Arabische landen, dat zowel Blair als Bush gebruik willen maken van Darfur voor hun eigen cynische doeleinden. Nog verder in zuidelijk in Afrika dreigt er een oorlog op grote schaal in Congo. Tussen 1998 en 2000 stierven er 3 miljoen mensen bij gevechten in Congo, maar hierover blijven Blair en Bush erg stil.

Bush en Blair willen hun ‘humanitaire’ imago oppoetsen na het debacle in Irak, maar hun interesse in Soedan heeft ook andere motieven. Er zit olie in Soedan, en in het zuidelijke Darfur is de olieconcessie momenteel in handen van de Chinese nationale oliemaatschappij: misschien hopen Bush en Blair een graantje te kunnen meepikken van deze olie? Er zijn in de regio al tekenen van rivaliteit tussen de belangrijkste imperialistische machten met Franse troepen die in Tsjaad opereren vlakbij de grens met Darfur.

Een interventie in Soedan door de Britten, Amerikanen, Fransen of de VN, zou in realiteit een stap in de richting van een virtuele re-kolonisatie zijn, ditmaal niet in de vorm van een formele kolonie maar in de vorm van een volgzaam pro-imperialistisch regime.

Het is mogelijk dat de Afrikaanse Unie troepen zal sturen vanuit andere Afrikaanse landen, maar deze troepen zullen ook optreden in het belang van de kapitalistische mogendheden die hen gestuurd hebben of van de imperialistische machten. Het cynisme van bepaalde Afrikaanse leiders kent geen grenzen. De Nigeriaanse president Obasanjo toonde zich van een enorm ‘morele’ kant toen hij eiste dat de Soedanese regering de gevechten zou stoppen. Hij vergeet echter dat er in zijn eigen land zo’n 10.000 slachtoffers vielen en 800.000 mensen moesten vluchten vanwege etnische conflicten sinds Obasanjo aan de macht kwam in 1999.

Wat kan er dan wel gedaan worden? Soedan is in de ban van burgeroorlogen sinds 1983 en Darfur sinds 2003. In Darfur steunt de centrale regering de Janjaweed militie tegen het Soedanese Bevrijdingsleger (SLA) en de Beweging voor Rechtvaardigheid en Gelijkheid (JEM) die verbonden zijn met de Islamitische leider Hassan al-Turabi.

Terwijl de verschillende crisissen in de Afrikaanse landen eigen karakteristieken hebben, is er het gemeenschappelijke element van een achtergrond waarbij deze landen op economisch en sociaal vlak niet vooruitgaan meer eerder achteruitgaan. Sinds 1981 is er in het deel van Afrika ten zuiden van de Sahara een daling van het nationale inkomen per persoon van 13%, waardoor er een verdubbeling is van het aantal mensen dat moet overleven met minder dan een dollar per dag. Hun aantal is gestegen van 164 miljoen tot 314 miljoen. Meer dan een half miljard Afrikanen moet leven van minder dan 2 dollar per dag.

In zulke omstandigheden zullen etnische, religieuze en stammenconflicten toenemen als er geen alternatief is in de vorm van een sterke arbeidersbeweging is die een weg vooruit kan aanbieden door een collectieve, gezamenlijke strijd tegen het kapitalisme. Dit betekent dat er behoefte is aan een verenigde beweging van arbeiders en armen die in staat is de macht zelf in handen te nemen om over hun eigen toekomst te beslissen.

Velen zullen zich echter afvragen wat er nu onmiddellijk kan gedaan worden tegenover de verschrikkingen in de vluchtelingenkampen.

De crisis in Darfur wordt door de westerse media aangegrepen om Afrika nogmaals voor te stellen als een continent in chaos waarbij de Afrikanen hulpeloos zijn en westerse hulp nodig hebben. De erfenis van het kolonialisme en de blijvende dominantie van de wereldeconomie door het imperialisme heeft ertoe geleid dat het grootste deel van Afrika zich in een crisis bevindt. Maar dit wil niet zeggen dat er geen grote bewegingen van Afrikanen zelf geweest zijn. Tot eind jaren 1970 had Soedan één van de grootste communistische partijen van Afrika en het Midden-Oosten. Tragisch genoeg baseerden de leiders van deze partij zich niet op de mobilisatie van hun achterban om te strijden voor het socialisme, maar sloten ze allianties met verschillende groepen in het leger. Dit leidde tot een enorme repressie na een mislukte militaire staatsgreep die ondersteund werd door de communisten in 1971.

Terwijl noodhulp moet aangemoedigd worden, moet de internationale arbeidersbeweging zich uitspreken tegen iedere imperialistische interventie, los van het feit of het onder de vlag van de VN of de Afrikaanse Unie gebeurt. Wij willen diegenen steunen die de krachten van het socialisme opnieuw opbouwen in Soedan.

Delen: Printen: