Home / Op de werkvloer / Een terugblik op het Sint-Annaplan en Globaal Plan

Een terugblik op het Sint-Annaplan en Globaal Plan

Alle commentatoren en analisten lijken het eens te zijn: er komen nieuwe besparingsplannen die wel eens harder zouden kunnen zijn dan het Globaal Plan of het Sint-Annaplan. Om te weten wat dat kan betekenen, kijken we even terug naar die besparingsrondes.

Geert Cool

Sint-Annaplan

In 1986 stelde begrotingsminister Verhofstadt voor om 3,5 miljard euro (140 miljard Belgische frank) te besparen in onder meer de sociale zekerheid en het onderwijs: het optrekken van de pensioenleeftijd (zodat dit voor iedereen 65 werd), “rationaliseren” van het hoger onderwijs, “responsabiliseren” van openbare diensten,…

Dit besparingsplan kwam er na enkele jaren van rooms-blauw bewind waarbij reeds hard werd gesnoeid in de lonen en uitkeringen. De politieke crisis tussen 1978 en 1981 leidde tot een historisch compromis: de rooms-blauwe regering Martens-Gol-Verhofstadt werd gesteund door het ACV van Jef Houthuys.

Bij een eerste aanval op de ambtenaren in 1983 stond het ABVV er alleen voor, waardoor de beweging tot een nederlaag leidde. De Financial Times berichtte hierover met de stelling dat iedere Belgische regering kan aanblijven als ze kan rekenen op de steun of passiviteit van minstens één van de vakbonden.

Het harde neoliberale beleid van de rooms-blauwe regeringen zorgde ervoor dat de lonen met gemiddeld 12 tot 15% afnamen, de uitkeringen zelfs met 20%. Dat gebeurde onder meer door indexsprongen. Tegelijk stegen de bedrijfswinsten met 57%.

Het einde van deze regering kwam er toen de druk op de vakbondsleidingen te groot werd. De aankondiging van het Sint-Annaplan leidde tot een nationale ABVV-betoging op 31 mei 1986. De leiding verwachtte 100.000 aanwezigen, het werden er 250.000. ACV-topman Houthuys verklaarde dat de druk op zijn vrijgestelden te groot werd en stuurde “da joenk” Verhofstadt wandelen.

Globaal Plan

Na het verdwijnen van rooms-blauw in 1987 werden de sociaal-democraten ingeroepen om mee te besparen. De economische situatie gaf wat ademruimte om dit voor te bereiden. In 1993 sloeg Dehaene toe met zijn Globaal Plan. Onder druk van onderuit werd dit beantwoord met de grootste algemene staking sinds 1936.

Het Globaal Plan maakte deel uit van het Europese besparingsbeleid dat door het verdrag van Maastricht werd opgelegd. Christen-democraten en sociaal-democraten maakten een besparingsplan van – zo blijkt achteraf – 500 miljard frank (12,5 miljard euro). Dat gebeurde onder meer door de index aan te passen (met de invoering van de gezondheidsindex) en een loonstop door te voeren.

De vakbondsleiding deed amper iets met de woede aan de basis en liet zich eerder leiden door onderlinge tegenstellingen. In het parlement stemden alle christen-democraten en “socialisten” voor het Globaal Plan, een toiletpauze op dit cruciale ogenblik kostte Dirk Van der Maelen nadien wellicht meer dan één ministerpost. De beweging tegen het Globaal Plan stierf een stille dood.

Lessen

Twee belangrijke lessen voor het verzet tegen asociale besparingsplannen: er is nood aan democratische en strijdbare vakbonden die in verenigd front tegen de aanvallen ingaan en zonder politieke vertegenwoordiging staan we zwakker in ons verzet. Als deze lessen worden getrokken, zijn overwinningen mogelijk.

Leave a Reply