VS: overlijden van Ronald Reagan, held van de rechterzijde

Ronald Reagan, een acteur uit B-films die de 40ste president van de VS werd (1981-88) is overleden op 93-jarige leeftijd. De beurs van Wall Street zal dichtgaan tijdens de staatsbegrafenis van Reagan, een eerbetoon aan de bedenker van de huidige beursoverwaardering.

Laurence Coates

Een getroffen George W. Bush bracht hulde aan Reagan’s “principiële houding tegen totalitarisme, tegen communisme”. Volgens de rechtse kijk op de geschiedenis was het Reagan die het stalinisme ten val bracht in de Sovjetunie. Hij was wellicht de meest rechtse VS-president van de 20e eeuw en vormt in die zin een inspiratie voor de huidige heersende kliek rond Bush, Cheney en Rumsfeld.

Het beleid dat onder toezicht van Reagan werd gevoerd tegenover rechtse terreurgroepen in Afghanistan, Pakistan en het Midden-Oosten is het VS-kapitalisme echter zuur opgebroken. Zijn economische doctrine, de ‘Reaganomics’, lag aan de basis van de huidige zogenaamde “casino economie”, waarbij er ook hier een potentieel enorme terugslag mogelijk is.

Reagan was verantwoordelijk voor een transformatie van de Republikeinse partij waarbij deze meer en meer afhankelijk werd van rechtse christelijke fundamentalisten. Samen met Margaret Thatcher, die in deze periode premier was van Groot-Brittannië, stond Reagan voorop in de strijd voor een globale neo-liberale contra-revolutie, met als belangrijkste ingrediënten: privatiseringen, deregulering, besparingen op de sociale zekerheid en een blind geloof in de ‘vrije markt’. Dit was de nieuwe rechterzijde, de illusies in een consensus van na de oorlog werden overboord gegooid en vervangen door een ruwe klassenpolitiek in het belang van de heersende elite.

Anti-vakbond

Reagan viel de vakbonden hard aan, bvb. door 12.000 stakende luchtverkeersleiders te ontslaan in 1981 en de vakbondsleiders te laten arresteren. Dit kwam er na het invoeren van meer “flexibele” arbeid, wat een model werd voor zowat alle kapitalistische regeringen. De werkloosheid in de VS steeg inmiddels tot een na-oorlogs record van 11,3% in 1983. Reagan bespaarde op de sociale zekerheid (ook al deed hij dit niet op eenzelfde schaal als Bill Clinton in de jaren ’90). Eén van zijn meer hilarische voorstellen was om ketchup te herkwalificeren als ‘groente’ bij de diensten verantwoordelijk voor schoolmaaltijden.

Ondanks zijn zware uitvallen tegen de te “vette regering”, leidde het beleid van Reagan tot het grootste overheidstekort ooit (Bush Jr. is dit record nu wel aan het scherper zetten). Als gevolg van de belastingsverlagingen voor de rijken en de toename van de militaire uitgaven, verdriedubbelde de staatsschuld onder Reagan tot 3 triljoen dollar. Hij liet er zich niet door afschrikken: “De schuld is zo groot dat het wel voor zichzelf zal zorgen.” Zelfs Bush Sr. deed het beleid van Reagan af als ‘voodoo economie’. Toen Bush Sr. vice-president werd onder Reagan kwam hij daar wel op terug. Het resultaat was een sociale polarisatie: soepbedeling in de steden naast het ‘yuppie’-fenomeen van nieuwe rijke speculanten.

Populaire politicus?

Volgens heel wat commentatoren was Reagan een populaire leider. Maar bij de presidentsverkiezingen van 1980 was er slechts een opkomst van 52%. Reagan kreeg slechts de steun van één op vier Amerikanen. Het presidentschap van Jimmy Carter (1977-1980) werd gekenmerkt door een diepe economische crisis, wat de populariteit van Carter ondermijnde. Reagan zette het beleid van Carter verder bij de liberalisering van de telecom en de media. Ook het buitenlands beleid van de Democraat Carter werd verdergezet.

Carter was begonnen met het trainen en bewapenen van reactionaire Islamistische guerilla-troepen in Afghanistan. Reagan versterkte dit nog en bracht hulde aan de troepen van Osama bin Laden en compagnie als ‘vrijheidsstrijders’ in de strijd tegen het ‘schurkenregime’ van de Sovjetunie. Op gelijkaardige wijze werd de steun opgedreven voor doodseskaders en rechtse dictaturen in wat het VS-kapitalisme ziet als haar eigen achtertuin: Latijns-Amerika.

Dit leidde tot het grootste schandaal onder het presidentschap van Reagan: de Iran-contra affaire waarbij de regering wapens had verkocht aan de religieuze dictatuur van Iran en dit geld doorsluisde naar de Contra’s, een guerrilla groepering die een bloedige terreurcampagne voerde tegen de linkse regering van Nicaragua. Als onderdeel van Reagan’s harde houding tegenover het totalitarisme, stuurde hij Donald Rumsfeld in 1983 naar Bagdad om wapens te verkopen aan Saddam Hoessein.

Tijdens een bezoek aan Berlijn in 1987 verklaarde Reagan: “Haal deze muur neer, meneer Gorbatsjov”. In werkelijkheid werd de Berlijnse Muur neergehaald door een massale rebellie tegen het stalinisme in Oost-Duitsland en andere Oost-Europese landen – een beweging die aanvankelijk zowel de heersende kapitalisten in het Westen als de heersende bureaucraten in het Oosten angst inboezemde. De redenen voor de val van het stalinisme – het feit dat het enorme potentieel verstikt werd door de bureaucratie – worden elders op deze site uitgebreid besproken. Maar de bewering dat Reagan verantwoordelijk was voor de val van de Muur is een grove veralgemening die bovendien niet correct is.

Keerpunt

Het presidentschap van Reagan betekende een keerpunt in de geschiedenis van het kapitalisme. Het neo-liberale offensief dat ingezet werd door Reagan en Thatcher heeft de wereldpolitiek verandert met een toename van de kapitalistische globalisering en een draai naar rechts van de oude arbeiderspartijen als gevolg. Dat twee simpele, om niet te zeggen stomme, politici vandaag gezien worden als de grootste visionairen van het kapitalisme zegt veel over hoe het gesteld is met het huidig systeem. In de jaren ’80 ging het om het versterken van de winsten tegen om het even welke prijs – met een versterking van de klassentegenstellingen. Geen enkel fundamenteel probleem van dit systeem werd opgelost onder Reagan. Integendeel, het beleid van Reagan heeft een explosieve economische en politieke crisis achtergelaten in de VS en voor het wereldkapitalisme in het algemeen.

Delen: Printen: