Home / 1917 / Jevgeni Zamjatin: vervolgd door tsaar en Stalin

Jevgeni Zamjatin: vervolgd door tsaar en Stalin

In maart 2017 was het 80 jaar geleden dat de bekende Russische schrijver Jevgeni Zamjatin overleed. Hij is vooral bekend van zijn anti-utopische novelle ‘Wij’ uit 1920. Dit boek had een grote invloed op George Orwell’s ‘1984’. Zamjatin was een sleutelfiguur in de post-revolutionaire literatuur in Rusland.

Artikel door Andy Ford, uit ‘Socialism Today’

Jevgeni Zamjatin is in 1884 geboren in de provincie Tambov op het Russische platteland. Hij ging naar St Petersburg om scheepbouwkundig ingenieur te worden. In St Petersburg sloot hij bij de bolsjewieken aan ten tijde van de revolutie van 1905. Het leverde hem een ballingschap naar Siberië op. Bij zijn terugkomst maakte hij zijn studies af, maar hij werd opnieuw opgepakt wegens politieke activiteiten. In 1913 kreeg hij amnestie. Maar een jaar nadien schreef hij een satirisch boek over de corruptie, de domheid en de seksuele uitspattingen van tsaristische officieren in het verre oosten van Rusland. Het bezorgde hem een nieuwe rechtszaak wegens gebrek aan respect voor de militaire autoriteit.

Aan de vooravond van de Eerste Wereldoorlog deed de overheid beroep op zijn kunde. Hij werd naar Newcastle upon Tyne in Engeland gestuurd om toe te zien op de bouw van ijsbrekers.  Zijn verblijf in Engeland leidde tot twee satirische werken: “De Eilandbewoners,” waarin een familie gedwongen wordt om de “verplichte voorschriften van verlossing” te volgen: een kritiek op het bekrompen leven van de Engelse middenklasse. Daarnaast schreef hij ook “De visser van mensen” waarin het dubbelleven van een schijnbaar respectabele afperser wordt beschreven.

Engeland maakte een grote indruk op Zamjatin. Na zijn terugkeer naar Rusland stond hij bekend voor zijn affectie voor Engeland op literair vlak maar ook in de manier waarop hij zich kleedde. Na de revolutie van 1917 begon hij samen met Maxim Gorki een project om de beste wereldliteratuur beschikbaar te maken voor de bevrijde arbeidersklasse door middel van vertalingen. Hij deelde zijn kennis van Britse en Amerikaanse auteurs zoals HG Wells, O Henry en Jack London met de nieuwe generatie van Sovjet schrijvers.

In de jaren 1920 schreef Zamjatin veel over Russische en buitenlandse schrijvers, over de technieken van fictie en hij bleef ook expressionistische kortverhalen publiceren. Zijn verhalen werden gebundeld in ‘De draak en andere verhalen.’ Ze tonen een enorme vernieuwing op vlak van stijl en zijn bijna surrealistisch van aard. ‘Het Noorden’ beschrijft een liefdesverhaal gesitueerd in de natuur van het Russische Lapland waar Zamjatin tijdens één van zijn ballingschappen had verbleven. ‘Het belangrijkste’ beschrijft de tragedie van een executie tijdens een antibolsjewistische boerenopstand in centraal Rusland waarbij dit wordt doorweven met een sciencefiction verhaal over twee mensen die rond de aarde vliegen.

Hij verzamelde een groep jonge schrijvers rond hem onder de naam ‘Serapionbroeders.’ Ze stelden dat kunst onafhankelijk moest zijn van politiek en verzetten zich tegen de oprukkende pogingen om de waarde van kunst en literatuur af te meten aan de hand van de loyaliteit aan het Sovjetregime. Zamjatin ging in tegen diegenen die stelden dat er niets kon geleerd worden van het verleden of van de Europese literatuur omdat ze dachten dat het mogelijk was om een zogenaamd ‘proletarische cultuur’ te ontwikkelen in het isolement van de Sovjet-Unie.

Zoals Leon Trotski meende Zamjatin dat het beste wat de burgerlijke literatuur te bieden had, moest gebruikt worden voor een nieuwe Sovjet cultuur. Ondanks hun gelijklopende benadering inzake culturele ontwikkelingen in de Sovjet-Unie, gaf Trotski kritiek op het scepticisme van Zamjatin tegenover de revolutie en zijn standpunt dat de revolutie besmeurd was door het gebruik van geweld. Trotski verweet de ‘Serapionbroeders’ een gebrek aan principes. Hij omschreef Zamjatin in zijn boek ‘Literatuur en Revolutie’ (1923) zelfs als een “flegmatische snob.” Maar Trotski dacht er niet aan om Zamjatin het zwijgen op te leggen of uit te wijzen, laat staan te vermoorden, omdat hij het niet met hem eens was.

Behalve een brede kennis over de Europese literatuur was Zamjatin ook goed thuis in de 19de eeuwse Russische realisten, zoals Tsjechov en Tolstoj, en de symbolisten zoals Andrej Bely. In 1925 schreef hij een vlammende verdediging van Tsjechov toen die door proto-stalinisten werd aangevallen als “burgerlijke schrijver” die pessimistisch was en enkel het gezeur van oppervlakkige mensen beschreef. Zamjatin wees op het onverbloemde realisme in Tsjechov’s beschrijvingen van het boerenleven onder het tsarisme, zijn sociaal idealisme en zijn vernieuwingen op vlak van beeldvorming en stijl.

Maar het was vooral een vroeger werk van Zamjatin, ‘Wij’, dat de doorslag zou geven om in ongenade te vallen bij de stalinisten. Het is een opmerkelijk boek dat een grote invloed had op Orwell’s ‘1984’ en Huxley’s ‘Brave New World.’ Het boek beschrijft het leven en werk van een ingenieur genaamd D-503 in de ‘Vereende Staat’ waar de ‘weldoener’ heerst en waar de burgers geen namen hebben, maar slechts nummers zijn.

D-503 begint een persoonlijk dagboek bij te houden en wordt verliefd op E-330, ook al is die hem niet toegewezen door de staat. Hierop begint hij alle door de staat opgelegde wijsheden in vraag te stellen. Aangezien de ‘vereende staat’ gekenmerkt wordt door massaal toezicht op de burgers, alle muren zijn er van glas, worden zowel D-503 als E-330 opgepakt en gemarteld. E-330 weigert te bekennen en wordt omgebracht door verstikking. D-503 is niet zo sterk en onderwerpt zich aan de staat.

Sinds de jaren 1920 is er controverse rond ‘Wij.’ Was het een aanval op de Sovjet-Unie ten tijde van Lenin? Was het een beschrijving van de mogelijkheden die moderne technologie aan dictators zouden bieden? Orwell zag het meer als een reactie en waarschuwing tegen het positieve technologische utopisme van HG Wells. In de Koude Oorlog werd ‘Wij’ voorgesteld als het eerste werk van dissidentie in de Sovjet-Unie.

Zamjatin had zich altijd verzet tegen ‘hofdichters’ die hun werk aanpasten aan elke bocht in het officiële beleid. In 1929 werd tegen Zamjatin opgetreden omdat ‘Wij’ in het buitenland was uitgekomen. Het werd gezien als een aanval op Stalin en de Sovjet-Unie. Zamjatin werd uit al zijn posities in de literaire wereld van de Sovjet-Unie ontzet en zijn werk mocht niet meer gepubliceerd worden. Hij werd het zwijgen opgelegd.

Zonder schrijven had het leven geen zin voor Zamjatin. Met de hulp van Gorki vroeg hij in 1931 met een opmerkelijke brief aan Stalin toestemming om naar het buitenland te gaan. Wellicht dankzij Gorki’s vriendschap met Stalin kregen Zamjatin en zijn vrouw effectief toelating om in ballingschap naar Parijs te gaan waar hij bleef schrijven over literaire thema’s. Hij zou nog weinig fictiewerken schrijven. In Parijs voelde Zamjatin zich geïsoleerd. Hij wilde niet aansluiten bij de contrarevolutie ‘witte’ ballingen, maar kon evenmin deel zijn van de officiële Russische gemeenschap. Hij stierf op 10 maart 1937.