Home / Lezers / [Lezersbrief] Neen aan de genocide tegen sjiieten

[Lezersbrief] Neen aan de genocide tegen sjiieten

We publiceren hieronder een lezersbrief door Andleeb Haider uit Antwerpen naar aanleiding van het aanhoudende sectaire geweld tegen sjiieten en het protest daartegen, onder meer in Pakistan. Als onderdeel van onze strijd tegen discriminatie verzetten we ons uiteraard ook tegen sectair geweld, geweld dat een opmars kent indien de ruimte voor reactionaire groeperingen groter is.

shiaprotest2Niet voor het eerst wordt er gesproken over een genocide tegen sjiieten, moordpartijen en protest van sjiieten daartegen. Van in Afrika over het Midden-Oosten tot in Zuid-Azië zijn sjiieten het doelwit van bomaanslagen en moorden. Toch blijft de internationale media hierover zwijgen. De meeste kanalen brengen geen nieuws over de moorden op sjiieten en willen geen solidariteit met de slachtoffers betuigen.

Er zijn nochtans tal van verhalen van mensen die vermoord worden omdat ze sjiiet zijn. Het gaat zowel om individuele moorden als om massamoorden. Zo werd de bejaarde sjeik Hassan Shehta met vier aanhangers in Egypte vermoord in 2013 (zie beelden op https://www.youtube.com/watch?v=E-k5JhxKcCQ). Op 30 november 2014 werd Rasoul Al-Mousawi in Sydney vermoord na een religieus ritueel, hij werd vermoord omdat hij een sjiiet was. Een 9-jarig Hazara-meisje werd in Afghanistan samen met haar moeder en 9 andere Hazara vermoord door de Taliban op 17 april 2015. Die had bussen laten stoppen en alle sjiieten laten uitstappen om ze te vermoorden. In Jemen werden op 20 maart 2015 ongeveer 150 sjiieten vermoord in een driedubbele zelfmoordaanslagen waarbij ook meer dan 350 gewonden vielen. Sjiietische moorden in Irak, Syrië en Libanon zijn controversiëler door de aanwezigheid van Hezbollah. Volgens het Syrische Observatorium voor Mensenrechten werden 66 sjiieten in het dorpje Hatla vermoord door ISIS. Doorheen Irak en Syrië werden duizenden sjiieten vermoord door ISIS. Toen het Irakese leger terrein heroverde op ISIS werden massagraven ontdekt.

In Nigeria werd sjeik Zakzaki opgepakt en waren er twee massamoorden op in totaal meer dan 1600 sjiieten. Dit gebeurde door het Nigeriaanse leger en het kwam amper aan bod in de internationale media. Bij de revolutionaire opstand in Bahrein in 2011 kwamen honderden jonge sjiieten om toen ze vermoord werden door soldaten van het Saoedische leger (in feite huurlingen uit arme landen betaald door het Saoedische regime). Ook daar was er amper internationale belangstelling voor. De sjiietische bevolking in Saoedi-Arabië zelf gaat gebukt onder repressie en sectair geweld.

In de gevestigde media is er ampers iets over te vinden, maar via het internet kan je duizenden berichten vinden over protestacties van sjiieten tegen het geweld en tal van video’s van terroristen die uitpakken met hun geweld en moordpartijen op sjiieten.

Na elk bloedbad waren er acties en werd de internationale gemeenschap opgeroepen om te protesteren tegen geweld op basis van religie en identiteit, maar deze oproepen vielen in dovemansoren. Tijdens de revolutie in Bahrein waren er verschillende acties voor de Saoedische ambassades in Londen en de VS, maar dit werd niet opgepikt. Toen het Nigeriaanse leger sjiieten in hun moskee aanviel en meer dan duizend mensen vermoordde, was er een totale blackout in de media. Er waren wel protestacties in verschillende landen, onder meer tijdens het bezoek van de Nigeriaanse president aan Londen op 10 mei 2016 voor een anti-corruptietop. De betogers eisten onder meer de vrijlating van Zakzaky die nog steeds in handen van het Nigeriaanse leger is.

Vooraleer in te gaan op de geschiedenis van sjiietische moorden in Pakistan, is het nuttig om het verschil tussen sjiieten en soennieten te duiden. Dit gaat lange tijd terug, met name tot de erfenis van Fatima, de dochter van Mohammed. De spanningen liepen op na de moord op Hoessein, de kleinzoon van Mohammed. Volgens sjiieten had Mohammed zijn dochter Fatima en haar man Ali aangeduid als zijn opvolgers. Soennieten verwerpen dit. Doorheen de jaren zijn er veel verschillen gegroeid, onder maar over hoe naar de jihad wordt gekeken.

Sjiietische moorden zijn niet nieuw in Pakistan. Er waren meermaals protestacties tegen geweld op sjiieten, waaronder Hazara. De wereldwijde golf van sectair geweld tegen sjiieten treft de Pakistaanse sjiieten bijzonder hard, er is dagelijks geweld. Onderzoek geeft aan dat er meer dan 40 miljoen (op meer dan 200 miljoen inwoners) sjiieten zijn in Pakistan, ander onderzoek heeft het over 20 tot 25%. Het gaat dus om de tweede grootste religieuze groep van het land.

De eerste anti-sjiietische actie vond plaats in 1963 in de provincie Sindh, meer bepaald in het plaatsje Thehri. Het geweld werd stelselmatiger onder het bewind van de militaire dictator Zia ul Haq in de jaren 1980. Haq was pro-Saoedisch en anti-sjiietisch. Zo liet hij in augustus 1979 in de wet opnemen dat 2,5% van ieders inkomen op de banken onder de islamitische “zakat”-regeling (liefdadigheid) zou vallen. Maar sjiieten zijn het niet met die regel eens en protesteerden omdat het duidelijk was dat Zia ul Haq dit geld vooral wilde gebruiken voor de oorlog in Afghanistan. Uiteindelijk stemde het parlement voor een aanpassing van de wet waardoor deze niet van toepassing was voor sjiieten. Het versterkte de haat tegen de sjiieten.

Toen de Taliban na de val van de Sovjet-Unie in Afghanistan aan de macht kwam, werden duizenden Hazara sjiieten vermoord. Dezelfde Taliban-ideologie werd in Pakistan ingevoerd onder het regime van Zia ul Haq. Er was een vruchtbare bodem voor anti-sjiietisch geweld in Pakistan. In 2011 en 2012 werden op enkele maanden tijd 1450 sjiieten vermoord van Quetta tot Gilgat en Baltistan. Dit gebeurde door verboden groepen als Sepah e Sahaba, Taliban en Lashaker e Janghvi. Mensen werden uit bussen gehaald en wie als sjiiet geïdentificeerd werd, werd neergeschoten. Honderden mensen kwamen om bij aanslagen en schietpartijen toen ze als pelgrims via Iran op weg waren naar Karbala.

Volgens Human Rights Watch werden in 2013 meer dan 400 Pakistaanse sjiieten vermoord omwille van hun religie. In de provincie Balochistan werden minstens 200 sjiieten, vooral uit de Hazara gemeenschap, vermoord in en rond de hoofdstad Quetta. In januari kwamen er minstens 96 Hazara om en vielen er 150 gewonden bij een zelfmoordaanslag. In februari waren er 84 doden en meer dan 160 gewonden toen een bom ontplofte op de groentenmarkt in de Hazara wijk van Quetta. De Hazara gemeenschap voerde een week actie om gerechtigheid te eisen. Lashaker e Janghvi eiste de verantwoordelijkheid op voor beide aanslagen. In maart van hetzelfde jaar kwamen minstens 47 sjiieten om in Karachi bij een bomaanslag op een sjiietische wijk. Zowat 50 woningen en 10 winkels werden verwoest.

Amnesty International merkte in zijn rapport over 2015 op dat sjiieten een constant doelwit zijn van groepen als LEJ, SSP, Daaish en Jamaat ul Ahraar in Pakistan. In 2015 werden 45 sjiieten vermoord in Karachi toen terroristen een bus stopten. Op 11 mei 2016 werden volgens sjiietische nieuwsbronnen vier jonge sjiieten vermoord door de grenspolitie in Kurram toen ze protesteerden en opkwamen voor hun rechten. Het stammengebied Kurram telt volgens Wikipedia 448.310 inwoners (mogelijk zijn het er meer, het gaat om oude cijfers maar er is geen recentere informatie beschikbaar). Kurram ligt als enige stammengebied met een sjiietische meerderheid altijd onder vuur van aanvallen door de Taliban omdat het dichtbij de Afghaanse grens is. Maar er is ook een constante strijd om de Taliban buiten te houden.

shiaprotestOp 7 mei 2016 werd de bekende en populaire mensenrechtactivist en blogger Khuram Zaki uit Karachi neergeschoten omdat hij een sjiiet was. Het nieuws van de moord op Zaki haalde wel de internationale media. Er waren verschillende protestacties tegen de moord op Khuram Zaki en de jongeren in het district Kurram. Er werd besloten om een zitactie te houden en in hongerstaking te gaan met enkele prominente sjiieten. Deze hongerstaking duurt al meer dan 30 dagen, maar krijgt amper weerklank in de media.