Home / Sociaal / Asiel / “We staan sterker omdat we niet alleen zijn”

“We staan sterker omdat we niet alleen zijn”

Interview met Maimouna van het vrouwencomité van de mensen-zonder-papieren.

Maimouna

Maimouna op de betoging van het vrouwencomité van de mensen-zoner-papieren op 6 maart

Op 6 maart was er een opmerkelijke betoging van het vrouwencomité van de mensen-zonder-papieren. Enkele honderden mensen betoogden voor vrouwenrechten. We spraken met Maimouna, één van de organisatrices van de betoging. Het gesprek vond plaats op een ogenblik dat de strijd van de mensen-zonder-papieren op repressie botste. Kort voordien werd Hamed Karimi, de woordvoerder van de  Afghaanse mensen-zonder-papieren opgepakt en uitgewezen. Ook Aliou Diallo van het Ebola-collectief dat mensen uit de zogenaamde ‘ebolalanden’ organiseert, werd opgepakt. De vakbonden protesteerden tegen de arrestatie. “Wanneer een woordvoerder van sans-papiers wordt aangehouden, wanneer een syndicaal afgevaardigde gecriminaliseerd wordt, wanneer het stakingsrecht aan banden wordt gelegd, dan is dat om sociale opstand in de kiem te smoren.” Maimouna vult aan: we kunnen ons het best verzetten door onze strijd met nog meer vuur voort te zetten.

Interview door Laure (Brussel) uit maandblad ‘De Linkse Socialist’

 

Maimouna, kan je ons uitleggen welke moeilijkheden je ondervond toen je als vrouw-zonder-papieren in België aankwam?

“Toen ik in België aankwam, was ik zwanger. Ik ging van het ene centrum naar het andere, van de ene asielaanvraag naar de andere, van weer een negatieve beslissing naar een zoveelste beroep. Toen mijn zoon geboren werd, moest hij geopereerd worden. We waren amper het ziekenhuis uit of ik werd uit het asielcentrum gezet waar we verbleven. Ik stond op straat, helemaal alleen met mijn zoon en wat zwachtels. Ik moest maar mijn plan trekken. Er wordt gesproken over mensenrechten en rechten van het kind, maar de manier waarop wij behandeld werden heeft daar niets mee te maken. Wie zonder papieren leeft, heeft ook geen rechten. En dat geldt ook voor onze kinderen.

“Daarop ging ik noodgedwongen naar een kraakpand. Ik was bang om er met mijn zoon te leven. Ik was bang om er met een honderdtal mensen samen te wonen. Maar een andere keuze was er niet. In dat kraakpand zag ik dat we met heel veel mensen in dezelfde situatie zitten. Er waren vrouwen zoals mij, sommigen alleen en anderen met kinderen. Het gaf me moed om te strijden, we hebben een kracht omdat we niet alleen staan.”

Kan je ons iets zeggen over het vrouwencomité van de mensen-zonder-papieren?

“We hebben dat comité opgezet om ons te organiseren en elkaar te leren kennen, om uit het isolement te treden. Het comité maakt dat we ons verenigd voelen. Als iemand aan één van ons raakt, dan is het alsof we allemaal geraakt worden. Het biedt ons de mogelijkheid om elkaar te ontmoeten, over onze problemen te spreken, eisen op te stellen en onze strijd te organiseren.

“Vrouwen-zonder-papieren hebben een erg moeilijk leven. We hebben niet de mogelijkheid van normale liefdesrelaties. Het kan banaal klinken, maar als je in zo’n moeilijke situatie leeft en zo’n angst voor het dagelijkse leven hebt, dan heb je nood aan troost en comfort, je wil dingen delen. Maar als je dan een man ontmoet en die hoort dat je geen papieren hebt, dan loopt hij weg of denkt hij dat het niet om liefde gaat maar een poging om papieren te krijgen. Ik zag meermaals hoe vrouwen een man ontmoetten, zwanger raakten en vervolgens  gewoon achtergelaten werden.

“En dan is er nog het geweld. We hebben geen rechten. Om te overleven moeten we dus koste wat het kost een job vinden. Soms gaat het ook om nachtwerk wat niet evident is als er geen opvang is voor je kind. En dan moet je alles aanvaarden van de werkgever. Uitbuiting, ellendige lonen en soms ook seksuele intimidaties. Die werkgever weet ook dat we ons niet kunnen verdedigen. Om te overleven en eten te hebben voor je kind, is er soms geen andere keuze dan je lichaam te gebruiken. Ook als je dat absoluut niet wil.

“We worden twee keer vermoord. De eerste keer in het land waar we vandaan komen en de tweede keer toen we hier aankwamen. Je kan hier vrouwen-zonder-papieren ontmoeten met een glimlach op het gezicht. Maar vergis je niet, binnenin zijn ze gebroken. Alles is hen afgenomen.

“En dan hoor je dat die staatssecretaris van Asiel ons lessen wil geven over hoe met vrouwen om te gaan… Dan denk ik vooral dat hij ons niet eens als vrouwen beschouwt.”

Kan je iets zeggen over de acties tegen de arrestaties van Hamed en Aliou?

“We zijn natuurlijk kwaad en triest. Ze hebben ons twee strijdmakkers ontnomen, twee zachte en gerespecteerde mensen die als criminelen worden behandeld. Het is schokkend om te zien hoe iemand die je apprecieert en waarmee je samenleeft, op een ochtend verdwijnt en niet meer terugkomt. Enkel hun spulletjes blijven achter.

“Het ergste is wat de woordvoerder van de Dienst Vreemdelingenzaken ons wist te zeggen bij ons protest. Er komen meer gesloten centra omdat er meer asielzoekers zijn en we moeten sneller uitgewezen worden om extra plaats te maken in de centra. Voor hen zijn wij een object, geen mens.

“Ik denk dat ze ons bang willen maken, ze willen ons intimideren en breken door enkele woordvoerders op te pakken. Ze denken dat ze ons zo kunnen verdelen. Maar ze vergissen zich. Ze begrijpen niet dat een aanval op enkelen van ons, een aanval op ons allemaal is. Als ze tien mensen-zonder-papieren oppakken, zullen wij tien keer vastberadener de strijd voortzetten.”