Gisteren waren er in Oostenrijk massale betogingen uit solidariteit met de vluchtelingen. Naar aanleiding van de 71 dode vluchtelingen die in een koelwagen werden teruggevonden aan de Oostenrijks-Hongaarse grens waren er maandagavond 20.000 tot 25.000 betogers in Wenen, Linz en andere steden. In het station van Wenen verzamelden honderden vrijwilligers om de aankomende vluchtelingen vanuit Hongarije te helpen. De vluchtelingen worden er voorzien van eten, drank, speelgoed voor de kinderen, … vooraleer ze verder trekken naar Duitsland. Het spoorpersoneel organiseerde een volledige trein voor de vluchtelingen, een groot restaurant bood een eetzaal aan om er mensen te slapen te leggen vooraleer ze verder trekken.

De enorme solidariteit van de gewone bevolking komt tot uiting in de directe hulp die wordt geboden alsook in de manifestaties die aangeven dat het beleid van de regering of de racistische retoriek van onder meer extreemrechts niet gedeeld worden door de bevolking. Natuurlijk is er een impact van de aandacht voor verdeeldheid en speelt extreemrechts daar gretig op in. Maar door de solidariteit met de vluchtelingen te organiseren wordt ook een ander beeld getoond, dat van eenheid onder onderdrukten en solidariteit met mensen in nood. En het is opmerkelijk dat waar de overheid tekort schiet om vluchtelingen te helpen – het zijn immers geen bankiers – gewone mensen het humanitaire drama niet zomaar passief laten passeren, maar zich inzetten om hun medemensen te ondersteunen.

Op 3 oktober is er een nieuwe grote betoging voorzien. Daarvoor is er een mobilisatie nodig onder vluchtelingen, maar ook in de scholen waar jonge vluchtelingen onderwijs genieten of op de werkvloer. Door zo breed mogelijk te mobiliseren, wordt de ruimte voor rechts beperkt. Dit alles moet gekoppeld worden aan een verzet tegen de waanzin van het kapitalisme die leidt tot het huidige vluchtelingendrama.

slp1

slp2

slp3