Geen ruimte voor loonsverhogingen? Inhaligheid van patronaat kent geen grenzen.

Topman Timmermans van de patroonsfederatie VBO (Verbond van Belgische Ondernemingen) stelt dat er geen ruimte is voor loonsverhogingen voor de werknemers. Die moeten verder de buikriem aanspannen, terwijl de winsten blijven stijgen. Timmermans verzet zich tegen een verhoging van de minimumlonen en wil dat de lonen niet teveel stijgen. Daartoe wil hij in de sectoren meer all-in akkoorden.

Het VBO is haar eisenpakket aan het opmaken om naar de sociale onderhandelingen van het najaar te gaan. Het valt daarbij op dat er voor het VBO zowat niets mogelijk is langs de kant van de werknemers. Zelfs een verhoging van de minimumlonen, waar zelfs Van Eetvelde van het extremistische Unizo mee instemt, kan niet door de beugel.

Timmermans stelt dat de economische groei te beperkt is om een loonsverhoging toe te kennen. Bovendien verwacht hij na de beperkte groei van 2006 een afname van de groei. Bijgevolg moeten de werknemers de broeksriem flink aanhalen. Uiteraard is het bij Timmermans nog niet opgekomen om het geld te zoeken waar het zit: bij de recordwinsten van de grote bedrijven of de riante vergoedingen voor topmanagers.

Telkens weer wordt gesteld dat de concurrentiepositie van de Belgische ondernemingen moet worden verbeterd. Tegenover de buurlanden zouden de lonen in België te snel stijgen. In feite gaat het enkel om Duitsland waar de besparingsmaatregelen van de regering hebben geleid tot lagere lonen. In vergelijking met Frankrijk en Nederland zijn de Belgische lonen trager gestegen.

Het VBO wil echter resoluut werk maken van een aanval op de lonen. Het liefst met all-in akkoorden in de sectoren. Dat zijn akkoorden waarbij een algemene loonnorm wordt afgesproken, maar waar de stijging van de index reeds in verwerkt is. Indien er een loonnorm is die bepaalt dat de lonen met 4% mogen stijgen op 2 jaar tijd en de index stijgt met 3,8%, dan blijft er nog ruimte voor een loonsverhoging met 0,2%. Als de index (en dus de stijging van de prijzen) niet meer stijgt dan de loonnorm is er ruimte voor een extra verhoging. Daarbij moet wel al worden opgemerkt dat het hier gaat om de gezondheidsindex waarin bijvoorbeeld benzine niet is opgenomen. Het aandeel van huisvesting in de index staat overigens ook niet in verhouding tot het aandeel ervan in de budgetten van veel gezinnen.

Het loon van de directieleden van Bel-20 bedrijven steeg in 2005 met 12% tegenover het jaar ervoor. De winsten van dezelfde bedrijven stegen met 25%. Het VBO ontkent dit. In De Morgen stelde Timmermans zelfs dat de lonen van de topmanagers in 2005 slechts met 2% waren gestegen in vergelijking met een jaar voordien. (Het cijfer van 12% haalden we uit Trends, een magazine dat nogal patroonsgezind is: http://www.trends.be/CMArticles/ShowRelatedArticle.asp?articleID=40440&sectionID=1422. Het cijfer van de bedrijfswinsten komt van de Nationale Bank).

Blijkbaar zijn alle argumenten goed om in te gaan tegen de looneisen van de arbeiders. Zelfs indien er bijna wordt overgegaan tot een vorm van negationisme, het ontkennen van de stijgende lonen van topmanagers en de recordwinsten.

Het VBO wil niet enkel toekomstige loonsstijgingen tegengaan, maar ook stijgingen uit het verleden terugschroeven.”Sectoren die in het verleden de loonnorm hebben overschreden, moeten een correctiemechanisme toepassen zodat onze concurrentiepositie niet verder verslechterd.” Voor het VBO zijn de lonen immers te snel gestegen, ook al is er de afgelopen jaren een daling geweest van onze reële koopkracht. Op 20 jaar daalde de koopkracht van arbeiders met gemiddeld 2%. Toch blijft het VBO spreken over onze lonen in termen van een “loonhandicap” die moet worden weggewerkt, “de vraag is nu of dat in één keer moet gebeuren of verspreid over verschillende jaren.”

Voor de vakbonden zal het belangrijk zijn om de standpunten van het patronaat te weerleggen en een duidelijk eisenpakket op te maken om te komen tot reële loonsverhogingen die de negatieve spiraal van koopkrachtdaling eindelijk doorbreken.

Delen: Printen: