Home / Internationaal / Azië / Devaluatie Chinese munt leidt tot onrust op wereldmarkten

Devaluatie Chinese munt leidt tot onrust op wereldmarkten

Koerswijziging in Chinese muntpolitiek bevestigt ernst van economische problemen

Standpunt door Chinaworker.info

chinamuntOp dinsdag 11 augustus kondigde de Chinese Centrale Bank, de Volksbank van China, een devaluatie van de yuan aan. Het was de grootste devaluatie van de munt sinds 21 jaar geleden een gecontroleerde wisselkoers werd ingevoerd. De beslissing geeft aan dat China in de wereldwijde muntoorlog stapt, een vorm van economisch protectionisme waarbij munten worden gedevalueerd in de hoop handelsvoordeel te hebben op andere economische machten. Dit gaat ten koste van andere economieën en het vormt een poging om deflatie of dalende prijzen te stoppen. Die deflatie leidt immers tot nulgroei of erg beperkte groei. “De Chinese beslissing om de renminbi [zoals de yuan ook bekend is] te devalueren is belangrijk, niet alleen omwille van de potentiële gevolgen maar ook door de omvang ervan”, aldus de Financial Times.

De aanvankelijke beslissing van de Centrale Bank om de referentiekoers van de munt met 2% te verlagen, is op zich bescheiden en volgens de aankondiging een eenmalige stap [ook al volgde nadien een tweede devaluatie]. Het vormt een belangrijke koerswijziging van de Chinese dictatuur. “Het toont aan hoe wanhopig de regering is met betrekking tot de staat van de economie,” stelde Fraser Howie, co-auteur van het boek ‘Red Capitalism’ dat ingaat op het Chinese bankenstelsel. De economie kende de zwakste groei sinds 25 jaar met een officiële groei van het BBP met 7% maar een reële groei die wellicht een pak lager ligt. In maart van dit jaar nog verklaarde de Chinese premier Li Keqiang dat een devaluatie van de munt uitgesloten was. Dat stelde hij in een interview met de Financial Times. Verschillende topfiguren kwamen met gelijkaardige standpunten. Dit bevestigt de ernst van de bocht die nu wordt gemaakt. Tijdens de Aziatische crisis eind jaren 1990 kreeg Peking lofbetuigingen uit de VS en van het internationale kapitalisme omdat de yuan toen niet werd gedevalueerd en dit ondanks grote druk. Toen de wereldwijde kapitalistische crisis in 2008 toesloeg, ging de waarde van de yuan tegen de dollar achteruit. Maar het Chinese regime wilde niet devalueren. Het plaatst de beslissing vandaag in een historische context.

De afgelopen weken werden nooit geziene financiële middelen in de markten gebracht in een poging om de implosie van de aandelenprijzen de afgelopen twee maanden te stoppen. Volgens sommige schattingen kostte het ‘redden’ van de aandelenmarkten de afgelopen acht weken maar liefst 1,6 biljoen dollar. De devaluatie geeft aan dat het regime beseft dat de pogingen om de aandelenmarkt opnieuw op gang te krijgen niet lukken en dat een ander ‘medicijn’ nodig is om recessie en de dreiging van een financiële instorting te vermijden. Het verband tussen de onrust op de aandelenmarkten en de devaluatie werd ook gemaakt door Jamil Anderlini die in de Financial Times schreef: “Het barsten van de zeepbel op de aandelenmarkt vorige maand en de poging van de regering om de aandelenmarkten te onderstutten, ontzenuwden de Chinese leiders verder en lijken hen ertoe aangezet te hebben om de het taboe van de devaluatie te doorbreken.”

Op de BBC stelde de redacteur economie, Robert Peston, dat de devaluatie “wereldwijde gevolgen zal hebben, zowel op korte, medium als langere termijn.” De beslissing van Peking zal de druk op de Amerikaanse Federal Reserve opvoeren om nog eens goed na te denken over de eerste verhoging van de rentevoeten sinds een decennium, aldus Peston. De deflatoire druk maakt het voor regeringen moeilijker om het krediet te beperken door leningen duurder te maken. Dit dreigt immers elk economisch herstel te verstikken. De New York Times waarschuwt dat de beslissing van China “de geopolitieke spanningen kan versterken en groei in andere landen onder druk kan zetten.”

Toenemende deflatie

De Chinese economie gleed dit jaar verder weg in deflatie. Dit proces wordt wellicht versterkt door de sterke ineenstorting van de aandelenzeepbel in juni en juli van dit jaar. Bij die ineenstorting ging bijna 4 biljoen dollar aan waarde op de Chinese beurzen verloren. Recente gegevens suggereren dat de wanhopige pogingen van de regering om de aandelenmarkt terug op gang te trekken, leidde tot een enorme hoeveelheid kredieten die in de reële economie gepompt zijn. Met wat wellicht het begin is van een ‘geleidelijke’ devaluatie van de yuan hoopt de centrale bank de druk wat te verlichten. Het eerdere beleid waarbij de waarde van de yuan aan de dollar werd vastgekoppeld vereiste immers een grootschalige en dure interventie.

De producentenprijsindex – de prijs van afgewerkte goederen – is al 40 maanden lang negatief. De cijfers van juli wijzen op een daling op jaarbasis van 5,4%. Dat komt hard aan voor de winsten van de bedrijven en het maakt het moeilijker voor de bedrijven met grote schulden en de investeringsinstrumenten van de lokale overheden om de schulden af te betalen. De inflatie voor consumenten kende in juli een beperkte stijging van 1,6%, maar dat kwam vooral door de stijgende varkensprijzen. Zonder de voedselprijzen blijft de inflatie voor consumenten negatief (en is er dus deflatie).

Om het weinig rooskeurige beeld te vervolledigen, kwamen er ook cijfers van de handelsrelaties waaruit blijkt dat de export in juli met 8,3% op jaarbasis afnam. De scherpe stijging van de yuan tegenover de meeste andere munten, met uitzondering van de dollar, heeft een hoge tol geëist voor de export naar de Europese Unie, de belangrijkste handelspartner van China, en voor de export naar Japan, de vierde belangrijkste handelspartner. De Chinese export naar de EU nam in de eerste zeven maanden van dit jaar met 2,5% op jaarbasis af, de export naar Japan nam zelfs met 10,5% af.

Kapitaalvlucht

De poging om de gevolgen van de deflatie op anderen af te wentelen, is de logica van muntoorlogen. De afgelopen acht jaar waren er diverse dergelijke muntoorlogen in wisselende intensiteit. Het is in deze context dat China het motto volgt: “if you can’t beat them, join them.”

Het blijft natuurlijk wel een scherpe bocht voor Xi Jingping die eerder tegen een hoge economische kost een ‘stabiele’ munt wilde behouden in het kader van wereldwijde ambities. Deze ambities gingen van het internationaliseren van de yuan (waarbij meer financiële bedrijven en centrale banken de yuan mogen gebruiken) als strategisch doel om met het Chinese regime een groter economisch belang in te nemen, tot een meer directe bekommernis dat een waardeverlies voor de yuan zou leiden tot kapitaalvlucht uit China. Tom Orlik, de verantwoordelijke econoom voor Azië bij Bloomberg, schat dat elk procent waardeverlies van de yuan tegen de dollar leidt tot een vertrek van ongeveer 40 miljard dollar uit China. “Het risico is dat een waardeverlies leidt tot kapitaalvlucht, waarbij de stabiliteit van het financiële stelsel van China wordt bedreigd,” aldus Orlik.

Regionale gevolgen

De gevolgen van de aankondiging van de devaluatie zorgde meteen voor druk op munten in de region en op de prijzen van grondstoffen. Er is een groeiende bezorgdheid over de toestand van de tweede grootste economie ter wereld die bovendien de belangrijkste bijdrage aan de wereldwijde groei leverde. Grondstoffenprijzen worden in dollar gemeten. De stijging van de Amerikaanse munt als gevolg van de Chinese devaluatie had meteen gevolgen. Ook waren er gevolgen voor beurzen doorheen de wereld.

Na de Chinese beslissing verloor de Thaïse baht 0,7% tegen de dollar en de Singaporese dollar verloor 1,2% waardoor het op het laagste niveau sinds vijf jaar terecht kwam. Ook de Filippijnse peso staat op het zwakste niveau sinds vijf jaar, de Indonesische en Maleisische munten staan op het laagste peil sinds de Aziatische crisis van 1998.

De Aziatische munten werden dit jaar hard geraakt omdat grote hoeveelheden speculatief kapitaal dna de crisis van 2008 op Wall Street in de regio terechtkwamen als gevolg van de lage rentevoeten in de VS en de ‘quantitative easing’ en nu terug verdwijnen. Dit speculatief kapitaal zoekt de ‘veiligheid’ van de nieuwe sterke dollar op en hoopt op hogere rentevoeten in de VS. De Australische dollar is nauw verbonden met de waarde van de Chinese munt omwille van de onderlinge economische afhankelijkheid. “Iedere munt die aan grondstoffen verbonden is, staat nu ook onder druk omdat inkomen verloren is gegaan door de devaluatie”, verklaarde een handelaar aan de Sydney Morning Herald.

Neerwaartse spiraal

De Chinese centrale bank verklaarde aanvankelijk dat de devaluatie eenmalig was. Maar die stelling werd meteen sceptisch onthaald. De Chinese centrale bank stelt dat de devaluatie de wisselkoers meer marktgericht maakt. Dat is de slimste manier om de koerswijziging te verkopen en zich meteen te wapenen tegen beschuldigingen – bijvoorbeeld van het Amerikaanse parlement – van oneerlijke manipulatie. De Chinese centrale bank weet dat de munt verder onder neerwaartse druk van de markten zal staan naarmate het vertrouwen in de Chinese economie afneemt. Het wijst erop dat de devaluatie het begin van een tendens tot devaluatie is, waarbij de druk op andere munten zal toenemen.

Stephen Roach van Yale en een voormalige topman van Morgan Stanley stelde: “Het is niet geloofwaardig dat dit een eenmalige devaluatie is. In een zwakke wereldeconomie zal er meer dan een devaluatie van 1,9% nodig zijn om de slabakkende Chinese export te ondersteunen. Het leidt tot de mogelijkheid van nieuwe en steeds meer destabiliserende confrontaties in de steeds breder wordende wereldwijde muntoorlog. De neerwaartse spiraal werd een pak verraderlijker.”

Het wijst op de ernstige crisis van het wereldkapitalisme. Elke nationale heersende elite bewijst lippendienst aan de ‘internationale oplossingen’ maar voert tegelijk een meedogenloos nationaal beleid dat steeds meer elementen van protectionisme omvat. Elke ‘oplossing’ van de kapitalisten kan in het beste geval een verergering van de situatie uitstellen, maar leidt steevast tot nieuwe en meer ernstige problemen. Dit is ook de ervaring in China met de ‘oplossingen’ van de regering van Xi Jingping – variaties op het neoliberale beleid – die de economische crisis niet opgelost hebben en tevens geleid hebben tot een schuldexplosie. De enige echte oplossing is het einde van het kapitalisme door de samenleving op socialistische basis te herorganiseren.