Wij zijn niet de enigen die stellen dat nieuwe sociale strijd in België op de agenda blijft staan. Het potentieel dat werd getoond tijdens het actieplan in het najaar van 2014 heeft een nieuwe laag vakbondsmilitanten op de voorgrond gebracht. De rechtse regering blijft bovendien onverkort een hard besparingsbeleid voeren. Het getwijfel en getalm van de vakbondsleidingen zorgde er dan wel voor dat de beweging na 15 december stilviel waardoor er hier en daar wat demoralisatie was, maar alle onderliggende elementen wijzen in de richting van nieuwe strijdbewegingen.

Ook de werkgevers zijn zich daar bewust van. Op 5 november is er zelfs een heuse vorming over “Hoe omgaan met syndicaal radicalisme in bedrijf, bij de overheid en non-profit?” (zie aankondiging). De vorming kadert in de HRM Inspiration Day georganiseerd door HRMinfo. De doelgroep bestaat uit managers die voor de vorming over syndicaal radicalisme 200 euro (zonder BTW) moeten neertellen.

hrminfoAls eerste spreker is gekozen voor André Leclercq, manager bij FN Herstal maar voorheen bij ArcelorMittal waar hij volgens de uitnodiging “het hoofd bood aan menig sociaal conflict.” Eerder was Leclercq ook betrokken bij de sociale onderhandelingen bij VW Vorst met als resultaat dat het personeelsbestand op twee jaar tijd zakte van 7.700 naar 5.400. Na de herstructureringen bij VW en ArcelorMittal, is het personeel van FN Herstal gewaarschuwd. Deze manager komt niet om te bouwen, maar om af te breken. Een geknipte figuur dus om over “syndicaal radicalisme” te praten? Of moeten we zeggen: om het patronaal radicalisme goed te praten?

De tweede spreker is Thierry Heurteaux van het Franse adviesbureau Cardinale Sud Services dat onder meer begeleiding aanbiedt bij herstructureringen of patroons tips geeft over hoe ze met vakbonden moeten omgaan. Het doel daarvan is ook duidelijk: de patroons leren hoe ze hun boodschap kunnen inpakken. Net zoals de eerste spreker op de vorming over ‘syndicaal radicalisme’ gaat het dus om iemand die vooral moet aanbrengen hoe het patronaal radicalisme goed te praten.

Het is opmerkelijk dat de werkgevers zich met een heuse vormingsdag klaarstomen om een hete herfst en nieuwe herstructureringen met sociale bloedbaden voor te bereiden. Laat het een aanzet zijn om ook langs onze kant beter voorbereid te zijn en het initiatief niet aan hen over te laten. Als het aan hen ligt, is elk verzet tegen een sociaal bloedbad meteen een vorm van “syndicaal radicalisme” en worden alle mogelijke tactieken om ons dit beleid te laten slikken bovengehaald. Daartegenover staat onze sterkste kracht: die van ons aantal. Dat hebben we eind 2014 aangetoond en we zullen het opnieuw moeten doen.

De mobilisatie naar 7 oktober, de grote betoging naar aanleiding van één jaar rechtse regering, biedt een enorme kans. Als we deze mobilisatie ernstig nemen en bijvoorbeeld voorbereiden met een militantenconcentratie begin september waarop voldoende mobilisatiemateriaal aanwezig is, dan kan 7 oktober het startpunt zijn van een nieuw actieplan. Dat zal nodig zijn als antwoord op het patronale extremisme dat op radicale wijze wordt verdedigd door de regering van rijken.