IPA: patroons willen onze koopkracht verder laten zakken. Naar een heet najaar rond de loondiscussie?

De patroons boeken duizelingwekkende winsten, maar het is blijkbaar nooit genoeg in het huidige systeem gebaseerd op concurrentie. Ze willen beter doen dan de kapitalisten in de buurlanden. Lees: vooral in Duitsland slaagden regering en patroons erin om de uitbuiting en verarming sneller op te drijven. Tussen 1996, het jaar dat de wet op het concurrentievermogen werd ingesteld, en 2005 liepen de uurloonkosten er 10% minder op dan in België. In Nederland en Frankrijk stegen de uurloonkosten dan weer respectievelijk 20% en 5% sneller dan in ons land. Tegenover het gewogen gemiddelde van deze drie landen zou België een loonhandicap kennen van 1,8%.

Peter Delsing

Aanvallen op de lonen

Deze cijfers worden door patroonsorganisaties als VBO en Unizo gebruikt om voor de loononderhandelingen in het najaar loonmatiging te eisen. In haar Strategie 2010 stelde het VBO: "De afschaffing van de automatische loonindexering zou voor het concurrentievermogen van de Belgische ondernemingen de beste oplossing zijn." Unizo, bij monde van Karel Van Eetvelt, tapt uit hetzelfde vaatje. Hij pleit ervoor om enkel de nettolonen te indexeren: een aanval op ons indirecte brutoloon – de sociale zekerheid die onze uitkeringen voor ziekte, werkloosheid, pensioenen,… moet dekken.

Wellicht zullen de patroons naar aanleiding van de IPA-onderhandelingen aansturen op een veralgemening van All In-akkoorden: een algemene loonnorm waarin de indexering reeds vervat zit. Door dergelijke akkoorden is het mogelijk dat de prijzen sneller stijgen dan onze lonen. Het vergemakkelijkt de aanvallen op onze koopkracht.

20% van de ondernemingen in de privésector zou, in 2005, al vallen onder CAO’s met dit soort clausules. De regering en de patroons zullen trachten om deze regeling naar andere sectoren uit te breiden. Hierdoor wordt de deur opengezet om de automatische indexering van onze lonen als verworvenheid verder te ondermijnen: precies wat de bazen willen. Daarnaast zijn nu al pogingen in de media bezig om nationale loononderhandelingen als "uit de tijd" voor te stellen, om zo via "regionale loonakkoorden" de arbeidersklasse te verdelen.

Onderhandelde achteruitgang?

Schandalig genoeg zien we dat de vakbondstop weinig in te brengen heeft tegen de arrogante, patronale agressie. Nadat de vakbondsleidingen eind 2005 onder elkaar beslisten om de beweging tegen het Generatiepact stil te leggen, beklonken ze enkele maanden later een "voorakkoord" met de patroons om "de loonkosten te beheersen". Ze denken binnen hetzelfde kapitalistische kader en aanvaarden in werkelijkheid de concurrentielogica. Ook als die ingaat tegen de noden van hun leden.

Bovendien beseffen deze topfiguren van ABVV en ACV dat de arbeiders tijdens de stakingen tegen het Generatiepact even hun collectieve macht hebben ervaren. Ze willen het ten allen prijze niet tot een herhaling daarvan laten komen. De scheuren die deze beweging tegenover de SP.a toonde, wil de ABVV-leiding niet tot een openlijke barst laten ontwikkelen. Zeker als er zich een concurrent op de linkerflank voordoet: een nieuwe arbeiderspartij, getrokken door een laag strijdbare syndicalisten en politieke militanten. Ook bij de ACV-leiding moet een herhaling van het Generatiepact-scenario, waarbij de leiding tijdelijk door de basis tot gemeenschappelijke actie werd gedwongen, niet lekker zitten.

Zelfs indien deze failliete strategie van overlegsyndicalisme, het mee beheren van de achteruitgang, een fikse daling van onze koopkracht inhoudt, zo lijkt het. Sinds het begin van de neoliberale afbraakpolitiek, in 1981, kenden onze lonen – en uitkeringen – een reële daling van de koopkracht. De hele essentie van die politiek was een herstel van de winstvoet van de bazen op te leggen, en op die manier een brutale herverdeling van de rijkdom van de werkende klasse naar de kapitalisten in gang zetten.

Onze reële lonen dalen

De laatste jaren daalt de koopkracht van de werkenden steeds sneller. Dit heeft onder meer te maken met stijgende benzine- en dieselprijzen, die sinds 1994 niet meer in de index zitten. Vandaag klimt de olieprijs opnieuw tot recordhoogten van rond de 80 dollar per vat. Ook de kost van het wonen weegt enorm op het gezinsbudget. Volgens de Nationale Bank zal de inflatie voor 2005-2006 0,6% boven de stijging van de lonen liggen. Dit houdt dan nog geen rekening met de stijgende olieprijzen. Als de olieprijs stabiel blijft, zal dit een gemiddeld gezin 280 euro per jaar extra kosten! Dit jaar steeg de dieselprijs al 7% en de benzineprijs 11%.

In Europa wordt overal dezelfde politiek gevoerd. Voor heel het eurogebied groeide het loon per werknemer in 2005 gemiddeld met 1,6%, maar aangezien de inflatie 2,2% bedroeg, kan die gemiddelde werknemer met zijn loon opnieuw 0,6% minder kopen. Toegeven op de eisen tot loonmatiging van de bazen is een straatje zonder einde binnen dit kapitalistische systeem.

Rijkdom is nochtans aanwezig

97 ondernemingen die hun boekjaar eind 2005 afsloten, rapporteerden een totale nettowinst van 18 miljard euro. Een stijging van 31% tegenover 2004 – maar onze lonen moeten zakken! Het aandeel van de lonen in het BBP, het totaal van de geproduceerde waarde, is de afgelopen jaren stelselmatig blijven dalen (gemiddeld met 10% in de ontwikkelde landen). Dit leverde de bazen superwinsten op.

De gestegen productie werd niet opgevangen door onze lonen, maar vooral door goedkoop krediet en schulden. De schuldgraad van de Belgische gezinnen steeg in 2005 tot een recordpeil van 43,1% van het BBP. 20 jaar geleden was dat nog maar 28,1%. Vooral de hypotheekleningen stegen fors, met 16%.

In veel gevallen worden de enorme winsten rechtstreeks afgeroomd door de topmanagers zelf. Topmanagers van een Bel 20-bedrijf strijken gemiddeld 1,5 miljoen euro per jaar op. Voor sommigen, zoals Michel Tilmant van ING, loopt dat op tot 4 miljoen euro. De managerslonen stegen gemiddeld met 12% in 2005. Ter vergelijking: het gemiddelde maandloon van een Belgische arbeider bedraagt 1.487,7 euro…

Mobilisatie is nodig

Begin 2005 verwierp de basis van het ABVV, tegen haar leiding in, het voorstel tot loonakkoord. Het werd eenzijdig doorgedrukt door de regering, op vraag van de patroons en de ACV-top.

Er zal strijd nodig zijn om onze levensstandaard te verdedigen. Dat kan het best op basis van een brede discussie en mobilisatie van de vakbondsleden. Een actieve betrokkenheid van de basis bij belangrijke beslissingen, versterkt immers de impact van de acties.

Delen: Printen: