Libanon. Moeilijke positie voor de Israëlische heersende klasse

Doorheen het bestaan van de heersende klasse in Israël heeft deze Palestijnse gebieden en naburige Arabische gebieden bezet gehouden. Daarbij heeft ze zich steeds moeten baseren op militaire macht. Tussen de oorlogen in, heeft ze zich gebaseerd op de dreiging van haar sterke militaire kracht, dankzij de dollars en de wapenleveringen van het VS-imperialisme.

Jenny Brooks

Maar nu wordt de Israëlische heersende klasse geconfronteerd met het falen om de minder bewapende guerrillakracht van Hezbollah te verslaan. Hierdoor wordt het imago van onoverwinnelijkheid van het Israëlische leger zwaar aangetast. Zoals gesteld werd in de krant Observer: “Het Israëlische leger, de vierde grootste wereldmacht, wordt nu teruggedreven door het trotse verzet van de schapenhoeders, boeren en mecaniciens die niet bang zijn om te sterven.”

Het Israëlische leger (IDF) had zich niet verwacht aan het verzet waarmee het nu geconfronteerd wordt. Hezbollah is beter bewapend en getraind als militaire kracht dan de Palestijnse milities waarmee IDF de strijd aangaat in Gaza en de Westelijke Jordaanoever. Ook is het een probleem voor het Israëlische regime dat Hezbollah meer steun krijgt in Libanon en bredere delen van het Midden Oosten door haar verzet tegen de Israëlische slachtpartijen. Hezbollah geniet nu een nooit gezien prestige onder zowel sjiieten als soennieten.

De problemen worden nu weerspiegeld door verdeeldheid aan de top van het Israëlische establishment rond de strategie en de doeltreffendheid van het IDF. De Israëlische regering wil de controle verwerven over een strook van het zuiden van Libanon die 20 kilometer breed is, om zo te vermijden dat Hezbollah in deze zone kan opereren. Maar het IDF moet heel wat strijd leveren om dorpen in die zone te veroveren, zelfs nadat luchtaanvallen enorme schade hadden aangericht.

Dit falen leidt ertoe dat de Israëlische generaals de oorlog willen uitbreiden in de hoop om meer concrete overwinningen te boeken, vooraleer ze onder internationale druk komen te staan om een staakt-het-vuren af te kondigen. Er worden meer loopgraven aangebracht en het aantal Israëlische troepen in Libanon, momenteel zijn er 10.000 soldaten, zou wel eens kunnen opgedreven worden.

Een officier van het IDF stelde in de Israëlische krant Haaretz: “We zijn in een proces van een nieuwe escalatie. We zullen blijven schieten op alles dat beweegt zoals Hezbollah – maar we zullen ook strategische burgerinfrastructuur aanvallen.”

Hezbollah van haar kant blijft verdergaan met raketaanvallen op Israël en dreigt deze tot Tel Aviv te sturen. Een escalatie van de oorlog zal niet stoppen aan de Libanese grenzen, er is de constante dreiging om buurlanden te betrekken in de oorlog. Dat zou de situatie enkel maar nog erger maken.

Internationale onderhandelingen

Een plan tot staakt-het-vuren van de Verenigde Naties werd opgesteld door vertegenwoordigers van de VS, Frankrijk en Groot-Brittannië. Dit plan werd echter afgeschoten door de Libanese regering en andere Arabische regeringen aangezien het “niet minder is dan een aanvaarding door de internationale gemeenschap van het standpunt van Israël.” Het plan maakte geen melding van een onmiddellijk staakt-het-vuren en zo bijgevolg Israël toelaten om haar offensief verder te zetten. Het stelde ook voor dat Israëlische soldaten in het zuiden van Libanon zouden blijven tot een internationale troepenmacht het overneemt.

Dit zou ertoe leiden dat de bevolking die de dorpen in het zuiden van Libanon is ontvlucht niet in staat zou zijn om binnen een korte termijn terug te keren. En met een Israëlische bezetting of een bezetting door andere buitenlandse troepen in Libanon, zal de gewapende strijd van Hezbollah verdergaan.

Op het ogenblik van het schrijven van dit artikel staan we nog ver af van de mogelijkheid van een internationale troepenmacht. Frankrijk werpt zich op als de mogelijke ruggensteun van een toekomstige grondmacht, maar het heeft al verklaard dat het niet naar Libanon trekt zonder een staakt-het-vuren.

Een internationale troepenmacht zou, indien het tot stand komt, nog steeds gezien worden als een bezettingsmacht indien het overgaat tot het ontwapenen en ondermijnen van Hezbollah. Wellicht zullen er dan aanvallen komen door Hezbollah en andere milities die de bezetting zullen verwerpen en die willen terugslaan tegen de VS en Israël. De VS en de Britse troepen die Irak bezetten hebben reeds veel dergelijke aanvallen ondergaan en de vredestroepen van de VN in Bagdad konden niet verhinderen dat ze zelf werden aangevallen in augustus 2003.

VS verliest macht

Voor het VS-imperialisme is de huidige situatie in het Midden-Oosten rampzalig. In plaats van de invloed van Iran terug te dringen, is de macht van Iran in de regio versterkt.

Een andere belangrijke factor is het feit dat Irak een dominantie kent van de sjiietische bondgenoten van Iran. Die kwamen aan de macht door de VS-invasie van Irak. Sjiietische leiders in Irak zijn zich bewust van de sfeer onder de Irakese arbeiders en hebben zich uitgesproken tegen de Amerikaanse steun voor Israël. De Irakese premier, Nuri al-Malaki, heeft zich niet uitgesproken tegen de acties van Hezbollah. De sjiieten in Irak beschuldigen de VS in eigen land er steeds meer van om de kant van de soennieten te kiezen naarmate de VS steeds wanhopiger probeert om een aantal fouten van bij de invasie van Irak recht te zetten, met name de discriminatie van de soennieten die er in realiteit was.

De pro-Westerse soennietische Arabische leiders in landen als Egypte of Jordanië staan onder een grote druk van onderuit, van bevolkingen die hun heersende elites geen steun zien geven aan de Libanese of Palestijnse bevolking en die hun eigen privileges en rijkdom proberen te verdedigen. Ze vrezen ook de opkomst van het sjiietische Iran als regionale macht in de strijd tussen Arabische en Iranese elites voor regionale macht.

Terwijl Bush en Blair steeds dieper wegzakken in de opiniepeilingen in eigen land, slagen de Syrische, Iranese en Hezbollah-leiders er in om meer steun te verwerven op basis van hun anti-imperialistische positie.

Na het bloedbad in Kana in Libanon maakte de Libanese regering duidelijk dat VS-minister Condoleezza Rice niet welkom was in Beiroet. Op het zelfde ogenblik was de Iranese minister van buitenlandse zaken wel welkom in de stad en werd hij bedankt voor het sturen van hulpgoederen.

Precedenten

De journalist Robert Fisk die werkt vanuit Beiroet, schreef: “Er worden ongelofelijke precedenten geschapen door deze Libanon-oorlog.” Eén van de grote veranderingen die plaatsvindt, is volgens Fisk het feit dat er onder de Arabieren een “toenemende weigering is om bang te zijn” en dat “hun leiders – onze ‘gematigde’ pro-Westerse Arabische leiders zoals koning Abdullah van Jordanië of president Moebarak van Egypte – wel bang zijn. Maar hun bevolking is dat niet. En eens de bevolking haar angst kwijt is, zal dit niet zomaar terugkomen.”

De Libanese oorlog leidt tot een enorme woede en protest in de Arabische en de moslimwereld. De grootste betoging tot nu toe was in Bagdad waar honderdduizenden sjiieten betoogden tegen het Israëlisch offensief. Maar ook andere repressieve regimes in het Midden Oosten, die betogingen verbieden, slagen er amper in om het protest tegen te houden.

De Libanese bevolking heeft enorm te lijden, vooral de armsten die geen auto hebben of geen geld om naar het buitenland te vluchten. Ook heel wat arbeiders in Israël lijden onder de raketaanvallen. Tegelijk hebben de Arabische elites andere bekommernissen, zij zien enkele interessante mogelijkheden in de oorlo.

Het hoofd van de bank Arcapita uit Bahrein stelde: “Op een paradoxale wijze heeft een oorlog in de brede regio een positieve impact omdat het de olieprijs nog verder omhoog stuwt.” Er wordt ook gehoopt op een exodus van geschoolde arbeiders uit Libanon en uiteindelijk zelfs op contracten voor de heropbouw van Libanon.

Kapitalisme heeft in heel de wereld enkel oorlog, terreur en armoede aan te bieden. Naast de uitbouw van anti-oorlogsbewegingen in heel de wereld, is het essentieel om socialistische ideeën naar voor te brengen in deze bewegingen. Die moeten nadruk leggen op de noodzaak van democratische arbeiderseenheid en de democratische verdediging over etnische, nationale en religieuze verdeeldheid heen in door oorlog geraakte landen zoals Irak, Libanon en de Palestijnse gebieden. Dat moet gepaard gaan met een oppositie tegenover het kapitalisme.

De Israëlische arbeidersklasse heeft de vitale taak om haar eigen onafhankelijke arbeiderspartij uit te bouwen met socialistische opvattingen, als de enige kracht die in staat is om de Israëlische heersende klasse omver te werpen en een einde te stellen aan de aanvallen op de levensstandaard van de arbeiders en aan het lijden van de Palestijnse en Libanese bevolking.

Delen: Printen: