Mexico. Verkiezingsfraude van de rechterzijde

Op zaterdag 8 juli kwamen meer dan 500.000 arbeiders, studenten, intellectuelen, werklozen en anderen samen op het grote Zocalo-plein in Mexico-stad. Een zee van gele kleuren (de kleur van de verkiezingscampagne van Obrador) overspoelde het plein en alle grote straten naar het plein. Dit protest kwam er na een oproep van de populistische kandidaat bij de Mexicaanse presidentsverkiezingen, Andrés Manuel López Obrador (onder bredere lagen gekend als ‘AMLO’), de kandidaat van de PRD (Partido de la Revolución Democratica).

Tony Saunois

Het protest was bijeengeroepen om een massale campagne op te zetten tegen de flagrante verkiezingsfraude die werd gepleegd om de rechtse kandidaat Felipe Calderón van de rechtse neoliberale PAN (Partido Ación Nacional) toe te laten te verkiezingen te winnen.

Deze strijd naar aanleiding van de verkiezingsresultaten kwam er na één van de meest gepolariseerde en bittere verkiezingscampagnes in de Mexicaanse geschiedenis. De campagne werd gekenmerkt door een massale klassenpolarisatie en zelfs een geografische polarisatie. De arbeiders, boeren, indigene bevolking en geradicaliseerde stedelijke studenten en intellectuelen steunden AMLO, die vooral veel stemmen haalde in het zuiden van het land en in de megastad Mexico. De rijke elite en delen van de middenklasse, en een meerderheid van het landelijke noorden, steunden Calderón. De heersende klasse is bang dat het presidentschap van Obrador zal leiden tot massale strijd van de arbeiders en de arme boeren.

De belangrijke verkiezingscampagne zorgde ook voor een historische marginalisatie van wat nu de derde grootste partij van het land is, de Partido Revolucionario Institucional (PRI), dat het land domineerde tussen 1929 en 2000. De kandidaat van de PRI, Roberto Madrazo, werd vernederd door slechts derde te eindigen met zo’n 20% van de stemmen en door voor het eerst de PRI-meerderheid te verliezen in alle 32 deelstaten van het land. Dat is een groot verschil met de verkiezingen voor 2000 toen de corrupte, repressieve en paternalistische PRI de macht behaalde met tot 80% à 90% van de “stemmen”.

De PRI stond bekend voor haar corruptie en verkiezingsfraude, een traditie die nu opgenomen wordt door de neoliberale PAN.

Massale verkiezingsfraude

AMLO betwist de verkiezingsresultaten in 45 van de 300 verkiezingsdistricten. Het Spaanse dagblad ‘El País’ haalde op 6 juli Claudía Sheinbaum aan, een woordvoerder van de PRD, die stelde dat er in 18.000 stembureau’s meer kiesbrieven waren dan kiezers. In 50.000 van de 130.788 kiesbureau’s waren er meer kiezers dan het aantal ingeschreven kiezers.

De PRD bericht over tal van onregelmatigheden en brengt daar bewijzen over naar voor. Het rapport van de PRD stelde dat bij de hertellingen slechts in 2.600 kiesbureau’s herteld werd. Daarbij daalde de voorsprong van Calderón reeds van 400.000 tot 244.000 stemmen. In totaal werden 2,5 miljoen stemmen van 11.000 stembureaus niet opgenomen in de voorlopige resultaten omwille van “onregelmatigheden”.

Volgens het Mexicaanse blad ‘El Universal in Mexicali, Baja California’, waren er rekenkundige fouten in 80% van de kiesbureaus. Andere verslagen stellen dat de bureaus vroeger sloten, rond 18u, waardoor er honderden kiezers niet konden stemmen. El Universal haalde ook een PRD-woordvoerder aan die stelde dat de resultaten van bepaalde bureaus in totaal 85 keer werden opgenomen in het totale resultaat. Andere instanties halen een bureau aan in Mexico stad waar 188 stemmen voor Obrador werden geregistreerd, terwijl er slechts 88 werden opgenomen in de cijfers van de nationale verkiezingscomissie.

In de noordelijke staten, waar de rechterzijde sterk staat, waren er meer stemmen voor de presidentsverkiezingen dan voor de parlementsverkiezingen. In de zuidelijke staten bleken er meer stemmen te zijn voor de parlementsverkiezingen.

Deze massale verkiezingsfraude gaat verder dan de Mexicaanse grenzen. In de VS werden Mexicaanse arbeiders de toegang tot de stembusgang ontzegd omdat hun verkiezingsregistratie plots verlopen bleek te zijn. Ze mochten de registratie niet vernieuwen buiten Mexico.

El País (7 juli 2006) stelde over de tellingen: “In het nationaal hoofdkwartier van de PAN was er een opvallende rust, wat naar voor kwam door het feit dat de nationale leiders zich absoluut niet ongerust maakten over de eerste resultaten (waarin de PRD op kop lag). De situatie zal wel veranderen, stelden ze.”

En het “veranderde” inderdaad. De PRD lag gedurende 20 uur voorop, tot 99,6% van de stemmen ‘geteld’ waren en de PAN plots op mysterieuze wijze de leiding had overgenomen.

Het leek op een herhaling van de presidentsverkiezingen van 1988 toen de PRD-kandidaat, Cuauhtémoc Cárdenas, aan de leiding lag tot de verkiezingscomputers plots crashten. Toen de telling herbegon, lag de PRI op kop. Cárdenas aanvaardde de resultaten uiteindelijk wel, net zoals zijn Amerikaanse collega John Kerry dat later deed.

Grootste betoging uit de Mexicaanse geschiedenis

De pogingen van de neoliberale PAN om de PRD-overwinning tegen te houden, begonnen reeds voor de verkiezingscampagne zelf. Vorig jaar probeerde de aftredende president, Vincente Fox, om te verhinderen dat Obrador, de voormalige burgemeester van Mexico-stad, zou kunnen opkomen. Hij sloot hem zelfs op in de gevangenis. Dit leidde ertoe dat Obrador de grootste betoging uit de Mexicaanse geschiedenis organiseerde met naar schatting 1,5 miljoen deelnemers. Hierna moest Fox terugkrabbelen.

De rechtse krachten moesten een stap achteruit zetten en deden het nodige om de overwinning van de PRD te stelen. Bij de presidentscampagne werd de PRD-website gehackt waarna er valse berichten verschenen, zogenaamd in naam van de PRD. Er waren ook heel wat andere vuile trucs. In de Mexicaanse deelstaat Guerrero werden twee PRD-vertegenwoordigers die de stembusgang controleerden neergeschoten door “onbekenden”.

Achter deze vastberaden pogingen om te vermijden dat Obrador de verkiezingen won, zit een enorme polarisatie tussen arm en rijk. De arbeiders, boeren, stedelijke armen, jongeren, radicale middenklasse-elementen en intellectuelen steunden Obrador bij de verkiezingen, terwijl de elite en de rechterzijde Calderón steunde.

De steun voor AMLO toont aan dat hij een gevoelige snaar raakte bij de massa’s in het land. Hij ging in tegen de corruptie en de rijke elite en beloofde om het presidentsloon te halveren. Daarenboven beloofde hij om de lonen voor de meeste arbeiders te verhogen met 20% en om de elektriciteitsprijzen, olie- en brandstofprijzen te verlagen met 10%. Hij wou een maandelijkse uitkering van 70 dollar betalen aan alleenstaande moeders, gepensioneerden en mensen met een handicap. Tegelijk riep hij op om de FTAA (Free Trade Agreement of the Americas) te herbekijken met de VS. Dat zorgde voor tegenstand van het VS-imperialisme en het regime van president Bush.

Deze radicale, populistische eisen kregen de steun van brede lagen van de Mexicaanse massa’s. De overwinning van Obrador zou ongetwijfeld een nederlaag vormen voor het VS-imperialisme en de Mexicaanse heersende klasse. Bush en de VS zijn het gewoon om zaken te doen met een gewillige neoliberale president Fox en niet met een meer radicale, populistische nationalist zoals Obrador.

Obrador heeft ondanks zijn oppositie tegen corruptie en zijn voorstellen voor hervormingen voor de armsten, jammer genoeg geen programma dat breekt met het kapitalisme. Tijdens de verkiezingscampagne benadrukte hij dat hij niet tegen de bedrijven of tegen het kapitalisme is. “Ik ben tegen de corruptie die ons land zo hard getroffen heeft, maar ik heb absoluut geen probleem met de zakenlui in dit land”, stelde hij op een verkiezingsbijeenkomst in Tijuna.

Kapitalisme met een ‘menselijk gezicht’

In een interview met de ‘Washington Post’, legde Obrador uit: “Ik heb een goede verstandhouding met de bedrijfswereld. Ik heb problemen met ‘handelaars-in-invloed’ die de regering gebruiken voor hun eigen belangen.” Hij is met andere woorden voor een kapitalisme met een meer “menselijk gezicht” dat minder corrupt is.

Een leidinggevende figuur in de campagne van Obrador en mogelijke keuze als minister voor financiën, Rogelio Ramírez de la O, stelde aan de ‘Financial Times’: “Fiscale discipline is de voorwaarde om de kosten voor de schulden te verlagen en om de inflatie laag te houden… zo’n voorzichtige houding zou ervoor zorgen dat Obrador zich eerder zou spiegelen aan de Braziliaanse president Luis Ignacio Lula da Silva dan aan de radicale Hugo Chávez van Venezuela.” (4 april 2006).

Dit werd begrepen door een aantal kapitalistische commentatoren in Mexico. Eduardo Garcia schreef in het financiële blad ‘Sentido Común’: “Er is wat onrust in de zakenwereld, maar dat is niet erg rationeel. Het is meer gebaseerd op het feit dat er een vreemde aan de macht komt, als hij wint, waarmee ze nooit eerder te maken kregen. Het is de angst voor het onbekende, een vrees dat hij niet de regels zal volgen. Hij is ongetwijfeld tegen een aantal zakenmensen, maar niet perse tegen de zakenwereld op zich.”

Het aanvaarden van het kapitalisme door Obrador zal uiteindelijk leiden tot een crisis van de verwachtingen die hij zou opwekken moest hij president worden.

Delen van de Mexicaanse heersende klasse vrezen ook dat de verkiezing van Obrador het nodige zelfvertrouwen zou geven aan de arbeidersklasse en de armen van Mexico waardoor de deur wordt opgezet voor strijdbewegingen en voor eisen tot verandering van de arbeiders en de armen. Een recent voorbeeld daarvan werd geleverd met de strijd van meer dan 70.000 leraars in de staat Oaxaca in een loongeschil. Dit leidde tot een volksopstand waarbij het ontslag van de gouverneur van de deelstaat werd geëist. Andere arbeiders, zoals de mijnwerkers en de metaalarbeiders, kwamen ook in actie. Sociale organisatie en lokale vakbonden die tot 10 miljoen arbeiders vertegenwoordigen, riepen op tot een algemene staking voor 28 juli. Dat is een waarschuwing voor de strijdbewegingen die beginnen op te komen in Mexico.

Onder deze voorwaarden vreest de heersende klasse dat Obrador niet betrouwbaar zou zijn en mogelijk in een radicalere richting zou geduwd worden en daarbij zou overgaan tot een radicaler beleid met mogelijk meer staatsinterventies, waar de heersende klasse tegen is.

De crisis bij de verkiezingen opent een nieuw hoofdstuk in de strijd van de Mexicaanse arbeiders, en dit vlak bij de grens met het VS-imperialisme. De gevolgen van deze bewegingen zullen voelbaar zijn op heel het continent, ook in de VS. Het komt immers na massale betogingen van miljoenen Latino-arbeiders, waaronder veel Mexicanen, die opkwamen voor hun rechten in de VS.

Voor een algemene 24-urenstaking

Onder druk van het massale ongenoegen, moest Obrador oproepen tot massale protesten en moest hij de resultaten betwisten. Hij eist een hertelling van alle stemmen in ieder geval van “betwisting”. Na de verkiezingsfraude beschuldigde Obrador Calderón ervan dat hij een “schoothond is van de machtigste groepen”. Hij sprak zich ook uit tegen aftredend president Fox die hij bestempelde als een “verrader”. Ongetwijfeld zijn die uitspraken een weerspiegeling van de mening van de miljoenen mensen die de verkiezingscampagne van Obrador steunden.

Onvermijdelijk stuurde Bush onmiddellijk zijn gelukwensen naar Calderón. Bush won de Amerikaanse presidentsverkiezingen van 2000 immers met gelijkaardige methoden in de staat Florida. De felicitaties van Bush kregen ook een echo bij de Canadese conservatieve premier Stephen Harper en, wat heeft geleid tot heel veel woede in Mexico, ook van de Spaanse ‘socialistische’ premier Zapatero die nogmaals zijn ware aard toonde aan wie nog enige illusies in hem zou hebben.

Actievoerders die werden geïnterviewd door El País (10 juli) uitten hun enorme woede tegenover Zapatero. “Hij is een verrader. Hij is hetzelfde als Aznar… [de voormalige rechtse Spaanse premier]”, stelde één van hen. Een oudere arbeiders telde: “En zeggen dat wij vluchtelingen opnamen bij de Spaanse burgeroorlog… en nu doen ze ons dit aan. Vertel Zapatero maar dat hij er niet zo gemakkelijk van afkomt.”

Er is een vastberaden sfeer onder de arbeiders en jongeren die voor de PRD stemden en die de resultaten niet erkennen en willen strijden tegen de verkiezingsfraude. Het Mexicaanse blad ‘La Jornada’ berichtte dat er bij de protestacties heel wat slogans waren tegen de verkiezingsfraude. “Estamos listos, Senor, usted ordene!" (“Wij zijn er klaar voor, meneer, geef ons maar je orders”), riepen de betogers. Ook riepen ze: “Als er geen oplossing komt, is het revolutie.”

Ondanks deze protestacties, die een noodzakelijke stap zijn, zal er meer nodig zijn om de verkiezingsfraude ongedaan te maken. Het was opvallend dat er boegeroep was toen Obrador zijn aanhangers op betogingen opriep om geen straten te blokkeren. De PRD heeft opgeroepen om comités te vormen die de bevolking op de hoogte brengen van betogingen en om de verkiezingsfraude bloot te leggen.

Zo’n comités moeten uitgebreid worden en georganiseerd van onderuit door de arbeidersklasse en al wie de verkiezingsfraude wil bestrijden. Verkozen comités zijn nodig in alle werkplaatsen, scholen en arbeiderswijken om een echte strijd te organiseren tegenover de regering. Deze comités moeten zich regionaal en nationaal organiseren om deze campagne te organiseren. De strijd moet democratisch georganiseerd worden door de arbeiders, de jongeren, de boeren en de radicale middenklasse en niet door een bestaande partijleiding.

De massale betogingen moeten gekoppeld worden aan een algemene 24-urenstaking als eerste stap in een campagne tegen de fraude. Zo’n campagne moet ook opkomen voor een onafhankelijke beweging van de arbeiders en de massa’s om niet enkel de fraude te stoppen, maar om ook het huidige corrupte kapitalistische systeem te stoppen.

Corruptie en verkiezingsfraude zijn wijd verspreid in Mexico en vormen een integraal onderdeel van het kapitalisme. Er kan enkel een einde aan gemaakt worden met een regering van arbeiders en boeren met een revolutionair socialistisch programma om het kapitalisme in Mexico en de rest van Latijns-Amerika omver te werpen.

Delen: Printen: