Regionale oorlogsdreiging door luchtinval van het Israëlisch regime in Libanon

“We zullen de tijd 20 jaar terugdraaien in Libanon”. Dit dreigement van een Israëlische generaal wordt nu uitgevoerd door een brutaal bombardement van Libanon door het Israëlisch leger, het IDF. In zeven dagen tijd zijn verschillende delen van Libanon “onder de grond gebombardeerd” zoals een socialistische activist vanuit Beiroet het beschrijft.

Kevin Simpson

Het Israëlisch regime, met de steun van de regering-Bush en haar Britse bondgenoot Blair, dreigt de regio naar een nieuwe regionale oorlog te sturen tenzij de Israëlische kapitalistische klasse gedwongen wordt om in te binden. De vijandelijke inval van het IDF in Gaza was verwoestend genoeg. Het Israëlische regime heeft een geschiedenis van invallen en bezetting van Libanon. De recente luchtinval in Libanon, met de enorm uitgebreide vuurkracht van het Israëlische militair wapenarsenaal die het land heeft verwoest, is echter van een kwalitatief andere aard.

De gebeurtenissen lopen uit de hand. Verslagen op de Jordaanse TV spreken van Israëlische waarschuwingen aan het Syrische regime om Hezbollah te dwingen in te binden of anders volgen er binnen de 72 uur bombardementen. De Israëlische eerste minister Olmert spreekt voortdurend van een “lange oorlog”, terwijl Sheijk Nasrullah, leider van de Hezbollah, Israël bedreigt met meer raketaanvallen en ze ook uitvoert. Een Westerse diplomaat zei “Als (het nachtmerriescenario) ontwikkelt, zitten we allemaal diep, diep in de problemen” (Observer, 16 juli 2006).

Oorlogen en militaire conflicten in het algemeen hebben een eigen logica. In het Midden-Oosten, met een enorme haat tegenover het VS-imperialisme en de barbaarse decennialange onderdrukking van de Palestijnen, is dit nog meer het geval. Sedert de bezetting door het IDF van de Westelijke Jordaanoever en de Gazastrook in de Arabische-Israëlische oorlog van 1967, zijn meer dan 650.000 gevangennemingen uitgevoerd door de Israëlische staat. Meer dan 9000 Palestijnse en Libanese gevangenen kwijnen weg in Israëlische gevangenissen. Dit is slecht één aanwijzing van de onderdrukking waar de Palestijnse massa’s mee geconfronteerd worden.

Het kan niet uitgesloten worden dat het Israëlisch regime afstand neemt van een totale oorlog. Maar deze mogelijk wordt kleiner met de dag. Zelfs als dit het geval zou zijn, vertoont de politieke situatie in het Midden-Oosten een aantal gelijkenissen met de hevige spanningen en de bittere woede onder de Arabische massa’s dat bestond in de periode voorafgaand aan de Israëlisch-Arabische oorlogen in 1956 en 1967.

Grote stukken van zuid-Beiroet zijn rokend puin met inwoners ronddwalend in shock door de enorme vernieling ten gevolge van een hagel van raketten afkomstig van land, zee en lucht. Bruggen, wegen en elektriciteitscentrales zijn vernietigd. De vernietiging van fabrieken is begonnen. Alle havens en vlieghavens in Libanon zijn gebombardeerd. Voedsel en water tekorten zijn wijd verbreid. Voedselgebrek en ziekte, altijd verbonden met oorlog en conflict, bedreigen nu de armsten in Libanon.

Honderden doden

Honderden Libanese burgers zijn gedood, velen door de bommen van het Israëlische leger terwijl ze het land probeerden te ontvluchten naar de Syrische hoofdstad, Damascus. Eén miljoen vluchtelingen zijn uit Beiroet weggevlucht. Er waren al tal van slachtpartijen. Op zaterdag 15 juli waarschuwde het Israëlische leger de inwoners van Marwaheen in Zuid Libanon om hun dorp te verlaten. Toen ze dat deden werd een konvooi van trucks geraakt door een Israëlische raket. Er vielen twintig doden, waaronder veel kinderen. Afschuwelijke beelden van verscheurde lichamen werden op de TV vertoond in de Arabische en moslimwereld. Maar zoals in elk conflict is het de arbeidersklasse en de arme boeren langs beide kanten die lijden – niet de generaals, de politici en de kapitalistische elite die zich ver van het gevaar bevinden, waaronder de zoon van Hariri, de vroegere Libanese president, die zich verschanst in een vijf sterren hotel in Damascus. Libanese arbeiders en jongeren hebben de ergste dood en vernieling ondergaan. In toenemende mate zullen de Israëlische Joodse arbeiders ook lijden zoals bleek bij de dood van acht spoorarbeiders door een raketaanval van Hezbollah op Haifa afgelopen weekend.

Israëlische Arabieren zijn ook het slachtoffer geworden van raketaanvallen in dorpen in Israël zoals Majd el Krum waar een Israëlische Arabische inwoner zei dat het niet leek dat Hezbollah “een onderscheid maakt tussen Joden en Arabieren. We krijgen allemaal een koekje van hetzelfde deeg”.

Arbeiders en jongeren internationaal zullen woedend reageren op de wreedheid van dit conflict en de cynische ongevoelige onverschilligheid voor onschuldige burgers die getoond wordt door het VS-imperialisme en de EU-mogendheden. Toen een woordvoerder van de VS-president werd gevraagd of Bush de buitenproportionele reactie van Israël zou aanklagen, stelde deze: “De president moet geen militair advies geven aan Israël” (Times, 15 juli). Op de G8-top zei Bush in een persoonlijk gesprek met Blair dat toevallig werd opgenomen: “Wat ze moeten doen is Syrië de Hezbollah laten stoppen met deze shit.”

De Arabische elite is zonder ruggengraat en teneergeslagen. Een bijkomst van de Arabische Liga afgelopen weekend was niet in staat om met een verklaring naar buiten te komen! Saoedi-Arabië heeft aanvankelijk de Israëlische actie tegen de Hezbollah gesteund. Al deze daden zullen herinnerd worden door de Arabische massa’s en deze leiders zullen in de toekomst betalen voor deze misdaden.

Wat echt tot woede aanzet bij degenen die walgen van de beelden van de vernielingen op hun TV en wat de woede bij Arabieren en Moslims opdrijft, is de open en schaamteloze steun van het VS-imperialisme aan het Israëlische regime. Dat gebeurt allemaal in naam van “democratie” en strijd tegen het “terrorisme”. De G8-top, onder hevige druk van het VS imperialisme, bracht een verklaring waarin de schuld voor het conflict bij Hezbollah werd gelegd en zonder een oproep voor een staakt-het-vuren. Een bijeenkomst van de ministers van buitenlandse zaken van de EU volgden deze verklaring met gelijklopende commentaren. Daarbij werd telkens geweigerd om Israël te veroordelen. Dit betekent in de praktijk een openlijke steun aan de collectieve straf van de volledige Libanese natie door het Israëlische regime. Het westerse imperialisme zal het zich nog beklagen dat het groen licht gaf voor de vernieling van Libanon door Israël, een geval van massaal staatsterrorisme.

De houding van het VS-imperialisme ten aanzien van Israël is niet nieuw. Het afgelopen jaar steunde Bush de gigantische bouw van nederzettingen op de Westelijk Jordaanoever en gaf bijna onvoorwaardelijke steun aan het plan van Olmert om eenzijdig een “laatste nederzetting” op te leggen aan de Palestijnen, waardoor zij zullen achterblijven met slechts 11% van het originele landoppervlakte van Palestina, opgedeeld in kantons omgeven door een “afscheidingsmuur” in Berlijnse stijl.

De dagen dat het VS-imperialisme meer neutraal leek, zijn voorbij. Het is nu moeilijk voor de regering-Bush om zich voor te doen als een rem op de brutale militaire repressie van het Israëlische regime.

Veranderde politiek

Dit komt gedeeltelijk door een verandering van de politiek onder de tweede regering-Bush. Maar het gaat ook gepaard met het feit dat de mogelijkheid van het VS-imperialisme om tussen te komen in en invloed uit te oefenen op wereldgebeurtenissen nu veel beperkter is dan vroeger.

Na de aanslagen van 11 september leek de VS tijdelijk meer ruimte te hebben om in heel de wereld militair tussen te komen. Bush stelde toen het idee voorop dat het mogelijk was om het Midden-Oosten te hervormen. De VS zou de Taliban uit Afghanistan verdrijven en er een “democratisch seculier regime” vestigen. Saddam Hoessein in Irak zou aangepakt worden en daar zou er een nieuw stabiel VS-gezind regime opbloeien in het Midden-Oosten dat bovendien zou voorzien in goedkope energie voor het westen.

Een “ democratische” verandering van de rest van de regio zou volgen, het Iraanse regime dat deel uitmaakt van de “ as van het kwaad” zou aan de kant gezet worden, net zoals Bashar al-Assad’s Syrische Ba’ath regime. Misschien zouden zelfs vroegere bondgenoten van het VS-imperialisme aan de kant gezet worden en vervangen door meer meegaande en stabiele heersers in landen zoals Egypte en Saoedi-Arabië. Een definitieve oplossing voor het Israëlisch-Palestijns conflict zou volgen na het vernietigen van de meest extreme Islamitische groepen in de Bezette Gebieden.

Deze neoconservatieve utopie is vervangen door een afschuwwekkende catastrofe voor de massa’s en veroorzaakte een politieke en militaire nachtmerrie voor het imperialisme. Irak is er erger aan toe dan onder het brutale regime van Saddam Hoessein. De mogelijkheid dat het land opbreekt in vijandige onstabiele staatjes wordt groter met de dag. Iran is regionaal gezien kwalitatief versterkt omdat sjietische partijen gelinkt aan het regime in het overwicht zijn in Irak.

De weigering van het Iraanse regime om te buigen voor de Westerse druk om hun productie van verrijkt uranium te stoppen, heeft bovendien steun opgeleverd van de meerderheid van de Iraanse bevolking omwille van de anti-imperialistische retoriek.

Saoedi-Arabië en Egypte kampen met een toenemende dreiging van aan Al-Qaeda gelieerde reactionaire gewapende Islamitische groepen. Daarbij maakte de Islamitische Moslimbroeders een significante vooruitgang in de laatste algemene verkiezingen in Egypte.

Maar de grootste vernedering voor de plannen van het VS-imperialisme in de regio, was de verpletterende verkiezingsoverwinning van Hamas in de Palestijnse verkiezingen van januari.

Dit voorbeeld toonde de volslagen hypocrisie van de regering-Bush. Die lanceerde een campagne waarin werd gedreigd met een militaire interventie in het Midden-Oosten en dit in naam van de “democratie”. Toen de verkiezingen niet het door de VS verhoopte resultaat opleverden, werd plots niet meer over democratie gesproken. Toen de Israëlische heersende klasse haar campagne tegen de Palestijnen verder opdreef na de verkiezingen, kon ze daarbij rekenen op de volle steun van het VS-imperialisme en haar bondgenoten.

Maar de huidige ontwikkeling is veel ernstiger. Hezbollahs aanvankelijke aanval op het Israëlisch legerkonvooi was erop gericht om haar positie binnen Libanon te versterken, na de terugtrekking van Syrische troepen die aanzien werden als één van haar bondgenoten. De aanval was ook opgezet om de aandacht af te leiden van de vraag van de Verenigde Naties aan Hezbollah om haar milities te ontmantelen.

Hezbollah, beter gewapend en met meer samenhang dan Hamas, vormt een enorme vijand voor het Israëlische regime. Het wordt nu door militaire waarnemers aanzien als de derde machtigste gewapende kracht in de regio. Het was verantwoordelijk, op basis van massale steun onder de sjiietische bevolking en door gewapende aanvallen tegen Israëlische troepen, voor de gedwongen voorlopige terugtrekking van het Israëlische leger uit Zuid Libanon in 2000. Dit betekende een aanzienlijke deuk in het prestige van het leger. Dit is waarom sommige Israëlische media commentatoren aan Libanon refereren als “Israëls Vietnam”.

Contraproductief

Hezbollah heeft het recht om verzet te bieden aan de Israëlische agressie, maar het gebruik van willekeurige aanvallen op Israëli burgergebieden is contraproductief. Eerder dan de steun onder de bevolking voor het Israëlisch regime te ondermijnen, drijft het Israëlische arbeiders en jongeren achter hun regime.

Toen Hezbollah zeven soldaten doodde en nog twee gevangen nam, betekende dit opnieuw een harde slag voor het Israëlisch leger. Sedert de escalatie van het conflict heeft Hezbollah aangetoond dat het in staat is om toe te slaan in dicht bevolkte Israëlische centra zoals Haifa. Meer dan een miljoen inwoners in en rond deze stad, de derde grootste van Israël, zijn naar het zuiden gevlucht en alle grote werkplaatsen van Haifa zijn gesloten. Dit betekent dat het prestige van het Israëlisch regime in de schaal ligt. De decennialang gedane beloftes om te voorzien in duurzame veiligheid voor de Israëlisch Joodse bevolking wordt meer en meer als schijn ontmaskerd.

Dit is één van de hoofdredenen waarom er zo’n brutaal antwoord gekomen is op de aanvallen van Hezbollah. Het is duidelijk dat de Israëlische militaire elite een beleid wil voeren dat ze omschrijft als “deterrence” (ontgronden). Dit wil niet zeggen dat ze zich kant tegen de plannen van de regering-Olmert voor een terugtrekking vanuit delen van de Westelijke Jordaanoever en de oplegging van een definitieve nederzetting aan de Palestijnen. Maar het is duidelijk dat ze dit willen doen op basis van het aanpakken van elk teken van weerstand om zo te onderstrepen dat het Israëlisch kapitalisme de grootste militaire kracht in de regio is en de terugtrekking geen teken van zwakte vormt. De verpletterende aard van het antwoord op de raketaanvallen van Hezbollah houdt ook een duidelijke boodschap in ten aanzien van haar opponenten en de Arabische massa’s: wie zich verzet zal de gevolgen ondervinden.

Het Israëlische leger hoopt dat haar bombardementen de Libanese regering en bevolking zal dwingen zich tegen Hezbollah te keren en het zal dwingen om te ontwapenen en 25 mijl op te schuiven weg van de Israëlisch-Libanese grens naar de Litani rivier. In feite komt dit erop neer dat Hezbollah weg trekt uit de gebieden waar haar steun het grootst is.

De tactiek van het Israëlische leger zal de situatie enkel nog erger maken. Onder bepaalde delen van de Libanese bevolking, die de meest reactionaire christelijke partijen steunen, is er een volledige steun voor het vernietigen van Hezbollah, hun historische opponenten ten tijde van de Libanese burgeroorlog. Maar van bij de aanvang van de bombardementen, voelden bredere lagen van de Libanezen het aan alsof zij moesten lijden voor acties van Hezbollah. De wreedheid van de aanvallen van het Israëlische leger hebben de stemming veranderd. De haat tegenover het Israëlische regime is dominant en Hezbollah slaagt er in meer steun te verkrijgen, niet enkel onder de sjiieten.

In Israël zijn er ook belangrijke veranderingen in stemming en bewustzijn. Nooit eerder in de geschiedenis van het Israëlisch kapitalisme is de rijke elite zo gehaat door de Israëlische Joodse arbeidersklasse omwille van de neoliberale aanvallen op de levensstandaard en de toenemende corruptie onder politici. De militaire generaals zagen hun normaal hoog aanzien in de maatschappij ondermijnd worden.

Maar de dreiging van wijd verbreide raketaanvallen, en een toenemend gevoel dat ze omringd worden door vijandige Arabische landen die dreigen de Joden in de zee te drijven, betekent dat de stemming nu aan het veranderen is. Dit uit zich in steun voor militaire acties en voor de regering-Olmert, ook al kan dat gepaard gaan met twijfel en kritiek. Als de nutteloosheid van repressie en geweld tegenover massale oppositie duidelijk wordt, kan dat bewustzijn opnieuw veranderen, maar op dit ogenblik gaat het bewustzijn in de richting van steun voor oorlog.

Dit polariseert de situatie verder en verklaart ook waarom het Israëlisch kapitalisme en de Arabische elite zo weinig ruimte hebben om te schipperen. Bij iedere wreedheid aan om het even welke kant, kan de balans verder overslaan en leiden tot een verdere escalatie. Het Israëlisch leger heeft al bedekte landkrachten die operen in Libanon. Olmert ondertekende op dinsdag 18 juli een bevel om drie bataljons van reservisten te rekruteren. Dit is een teken dat het Israëlisch leger mogelijk een landinval aan het voorbereiden is.

Maar een verderzetten van de verderfelijke luchtoorlog zou, in alle waarschijnlijkheid, leiden tot het uiteenvallen van de verzwakte en verdeelde Libanese regering. Daarbij zal Hezbollah openlijk de controle nemen over de gebieden waar het door de meerderheid gesteund wordt. Het Syrische regime zou dit kunnen aanwenden als excuus om haar strijdkrachten verdoken terug te sturen naar Libanon, vermomd als Hezbollah-strijders. Het kan zelfs niet uitgesloten worden dat het Iraanse regime, dat reeds wapens en militaire adviseurs aan Hezbollah heeft geleverd, gewapende vrijwillige strijders naar Libanon zou sturen.

De spiraal naar oorlog zou mogelijk kunnen versterkt worden door bomaanvallen van Israël op Syrië of zelfs op Iran, in het bijzonder op de nucleaire voorzieningen daar. Dat kan niet worden uitgesloten, maar het is verre van zeker. Zeker niet indien de druk op het Israëlisch regime toeneemt om te komen tot een wapenstilstand. Indien de spiraal naar oorlog wel verder ontwikkelt, is een regionale oorlog mogelijk. Het Israëlische kapitalisme en het VS-imperialisme rekenen op het feit dat Hezbollah geïsoleerd is in de Arabische wereld, met verschillende Soennitische Arabische leiders die het conflict aanzien als een opportuniteit om de vleugels te knippen van een versterkte concurrent.

Een aantal ernstige militaire analisten hebben gewezen op de relatief beperkte respons van het Syrisch regime op de Israëlische aanvallen als bewijs dat ze niet bereid zijn om het nek uit te steken. Ze gebruiken zelf het feit dat de Iraanse minister van buitenlandse zaken heeft opgeroepen tot een wapenstilstand en onderhandelingen en voor het vrijlaten van gevangenen, als bewijs dat er limieten zijn voor hun steun aan Hezbollah.

Maar er bestaat ook enorme woede onder de Arabische massa’s. Als het conflict escaleert, kunnen de Arabische regimes vroeg of laat bedreigd worden door massale instabiliteit, massabewegingen en zelfs het omverwerpen van corrupte elites. De Egyptische regering leeft op het scherp van het mes, en landen zoals Saoedi-Arabië – ondanks de stijging van de olieprijs – worden geplaagd door een nooit geziene instabiliteit. Het idee van een zich verspreidende maalstroom van gewapende conflicten waarin Libanon, Syrië, Iran en ook Irak waar meer dan 140.000 Amerikaanse militairen zitten, is dan niet meer zo ver weg.

Economische gevolgen

Dit zou catastrofale gevolgen hebben op de wereldeconomie waar de prijs van de olie reeds gestegen is tot 80 dollar per vat en een stijging tot meer dan 100 dollar mogelijk is. Dit zou de kwestie van een nieuwe economische crisis, vergelijkbaar met ’74-’75, op de agenda brengen, een crisis die gedeeltelijk door de verviervoudiging van de olieprijs tot uitbarsting kwam.

Eveneens hebben de brutale militaire tactieken van het IDF en hun imperialistische bondgenoten reeds verreikende en serieuze gevolgen gehad, nu en ook in de nabije toekomst. De militaire bezetting van Afghanistan bijvoorbeeld, heeft de Taliban en Al Quada versterkt, terwijl de bezetting van Irak in de kaart van Zarqawi speelde, wat indirect leidde tot de bomaanslagen in Madrid en Londen. De gevolgen van de laatste aanval op Libanon zouden zich ongelukkigerwijs kunnen uitdrukken in een nieuwe golf van terroristische aanslagen waarvan de arbeiders en hun gezinnen het slachtoffer zullen zijn.

De arbeidersklasse van de regio, gevolgd door de arme boeren, is de enige kracht die sterk genoeg is om het imperialisme, kapitalisme en de corrupte Arabische elites te verslaan en tegemoet te komen aan het verlangen naar sociale en nationale bevrijding van de Palestijnen. Omgekeerd zal zij het deel van de bevolking zijn die het meest te lijden heeft onder gewapende conflicten en oorlogssituaties.

De enorme woede tegenover de schadelijke rol van het imperialisme moet gekanaliseerd worden in de richting van het bouwen aan nieuwe arbeidersbewegingen en partijen, gebaseerd op het idee dat alle imperialistische gewapende krachten weg moeten, de omverwerping van het kapitalisme en feodalisme in de regio en een socialistische confederatie van het Midden-Oosten.

Ongetwijfeld zullen de arbeiders en jongeren in de hele wereld en specifiek in het Midden-Oosten aangeslagen zijn door de mogelijkheid van een langdurig conflict en een oorlog, en dit omwille van het enorme lijden dat dit zou betekenen. Maar kapitalistische oorlogen en conflicten zullen steeds blijven botsen met verdere arbeidersstrijd tegen privatiseringen en aanvallen op de levensstandaard van arbeiders. Dergelijke bewegingen zagen we al in landen als Iran, Egypte en Israël. Zo’n bewegingen zullen opnieuw op de voorgrond treden, maar met een ander bewustzijn. Een bewustzijn dat doordrongen is met een verlangen naar het stoppen van bloedvergieten en het verlangen naar een nieuwe maatschappij waar de meerderheid van de bevolking de enorme rijkdom in de regio controleert.

Dit perspectief is gebaseerd op historische ervaringen. Tijdens de interne Libanese burgeroorlog in 1988 ondernamen Libanese arbeiders, los van iedere sectaire verdeeldheid, stakingsacties voor een minimumloon als gevolg van de op hol geslagen inflatie die veroorzaakt werd door het conflict. Langsheen de “groene lijn” die het christelijk en islamitisch Beiroet moest scheiden, vonden enorme betogingen plaats rond dit thema. In dezelfde periode betoogden tussen de 500.000 en 1 miljoen Israëlis in Tel Aviv tegen de invasie van het IDF in Libanon.

In elk geval kunnen socialisten en activisten niet achterover leunen en wachten op deze toekomstige ontwikkelingen. Een beweging in heel de regio voor revolutionaire socialistische verandering moet hoogdringend uitgebouwd worden.

> Neen aan de massale terreur van het Israëlisch regime tegenover het Libanese volk. Stop de bombardementen op Libanon. Bouw een massale internationale oppositie tegen de “collectieve straf” van het Libanese volk.

> Voor het recht van de Libanese arbeidersklasse en arme boerenbevolking om zich te verdedigen tegen de Israëlische staatsagressie. Neen aan het willekeurig bombarderen en insluiten van bewoonde gebieden. Voor het uitbouwen van bewapende verdedigingscomités, over de grenzen van de gemeenschap heen en onder de democratische controle van de Libanese massa’s. Neen aan het concept van het collectief straffen van onschuldige burgers. Laat alle politieke en krijgsgevangen vrij. Alle imperialistische krachten weg uit de regio.

> Voor een massale beweging van Arabische en Palestijnse arbeiders, arme boeren en jongeren tegen het kapitalistisch systeem dat oorlog, armoede, massale werkloosheid en neoliberale aanvallen in het Midden-Oosten veroorzaakt. Voor een socialistische confederatie van Arabische staten gebaseerd op een democratisch geplande economie, onder arbeiderscontrole en -beheer.

> Voor een massabeweging van Israëlische Joodse arbeiders om het Israëlisch kapitalistisch regime, dat eindeloze oorlog en aanvallen op de levensstandaard betekent, omver te werpen. Voor een socialistisch Palestina en een socialistisch Israël als onderdeel van een socialistische confederatie van het Midden-Oosten waarin arbeiders en arme boeren, en niet-corrupte leiders, beslissen hoe de maatschappij beheerd wordt en waar de nationale, religieuze en etnische rechten van alle minderheden gewaarborgd worden.

Delen: Printen: