Home / Internationaal / Europa / Naar een doorbraak van Podemos. Na Griekenland wordt er naar Spanje gekeken

Naar een doorbraak van Podemos. Na Griekenland wordt er naar Spanje gekeken

Artikel door Marisa (Brussel) uit ‘De Linkse Socialist’

podemosHet harde besparingsbeleid heeft miljoenen Grieken en Spanjaarden op straat gebracht om te protesteren tegen de loonsverlagingen, de besparingen en de privatiseringen. In Spanje leidde het protest tot massabewegingen zoals die van de indignado’s of de marsen voor waardigheid. De opkomst van Podemos geeft een politieke uitdrukking aan die bewegingen. Sinds de doorbraak van Podemos bij de Europese verkiezingen (toen de formatie 8% en 5 verkozenen haalde) is het politieke toneel in Spanje grondig door elkaar geschud. De vele verkiezingen dit jaar bieden een kans voor links. In maart zijn er verkiezingen in Andalusië, in mei volgen gemeenteraadsverkiezingen, in september wordt in Catalonië gestemd en in november zijn er algemene parlementsverkiezingen.

Crisis gevestigde partijen en kansen voor links

Volgens verschillende peilingen zou Podemos in de parlementsverkiezingen wel eens de grootste partij kunnen worden met tot 27% van de stemmen. De conservatieve PP zou van 44,6% bij de laatste parlementsverkiezingen in 2011 tot 20% terugvallen. De sociaaldemocratische PSOE staat in de peilingen op 18%. Deze cijfers bevestigen de politieke crisis van de traditionele partijen. De autoriteit van het huidige regime, dat ontstond in 1978, drie jaar na de dood van Franco, ligt in duigen. Het traditionele tweepartijenstelsel rond de PP en PSOE, maar ook de monarchie, de grondwet en het stelsel van autonome regio’s worden betwist. Dit wordt versterkt door een groot aantal gevallen van corruptie.

De crisis van de gevestigde partijen uit zich niet alleen in een opmars van Podemos. De laatste peilingen wijzen ook op een vooruitgang van de rechtse populistische formatie Ciudadanos dat een retoriek voert van democratische vernieuwing en anticorruptie maar daarachter een programma van sociale afbraak verbergt.

In de gemeenteraadsverkiezingen kunnen alternatieve linkse lijsten een voorbeeld vormen van wat in de toekomst mogelijk is op regionaal en nationaal vlak. Er is een grote diversiteit aan lijsten qua samenstelling, maar mogelijk zullen een aantal steden en gemeenten een linkse meerderheid kennen. Zo is er in Barcelona het initiatief van Guanyem (“Laat ons winnen”), een platform van militanten en activisten uit diverse sociale bewegingen waarbij een akkoord werd bekomen met verschillende politieke krachten zoals Podemos en ICV-Esquerra Unida (de alliantie tussen linkse groenen en Izquerda Unida in Catalonië), Equo (linkse ecologisten) en anderen. Podemos, IU (Verenigd Links) en Equo vormen ook elders eenheidslijsten, doorgaans onder de naam Ganemos. Dit is onder meer het geval in Cordoba, Zaragoza, Palma de Mallorca, Burgos, Bilbao, … Elders lag het moeilijker om tot eenheidslijsten te komen, zo weigerde IU in Madrid en komt Podemos met een aparte lijst op in Sevilla.

De “casta” versus “het volk”

Podemos toont aan dat het mogelijk is om te winnen. Het succes van Podemos staat in een schril contrast met de pessimistische opstelling van de vakbondsleidingen en ook van de leiding van IU die niet aarzelt om coalities te vormen met de sociaaldemocratie. Na de overwinning van Syriza in Griekenland zou een verdere vooruitgang van Podemos een kans bieden om op Europees niveau tegen het besparingsbeleid in te gaan.

Zowel in Griekenland als in Spanje is de vraag niet alleen of het mogelijk is om te winnen, maar ook met welk programma en welke strategie? Podemos speelt in op een zeker antipartijgevoel in de massabewegingen. Pablo Iglesias en andere voortrekkers verklaren dat Podemos geen ideologisch profiel heeft en noch links noch rechts is. Ze stellen in te gaan tegen de “casta”, de corrupte kaste van werkgevers en kapitalistische politici. Volgens hen staat Podemos daar tegenover als vertegenwoordiger van “het volk” waarbij de basis zich kan uitspreken over politieke beslissingen.

Het succes van Podemos geeft aan dat een groot aantal mensen de gevestigde politici willen afstraffen en tegelijk het besparingsbeleid stoppen. “Het volk” waar de activisten van de sociale bewegingen zich mee vereenzelvigen, is het deel van de bevolking dat de gevolgen van de crisis ondergaat. Het gaat om de werkenden, werklozen, jongeren, gepensioneerden, … en niet het deel van de bevolking dat beter wordt door de crisis, met name de kapitalisten. Het fenomeen Podemos is een uitdrukking van een klassenbeweging die sceptisch staat tegenover partijen en vakbonden en zich buiten de traditionele organisaties van de werkenden organiseert. De onduidelijkheid van Podemos over de klasse die ze vertegenwoordigt, kan een beslissend element worden in de discussie over het programma. Gaat Podemos voor een breuk met het kapitalisme of voor een kapitalisme met ‘een menselijk gezicht’?

Na een proces om de interne structuren te formaliseren, werd een (online) ‘volksvergadering’ opgezet als orgaan waar de leden van Podemos hun leiding kunnen verkiezen en zich over belangrijke beslissingen kunnen uitspreken. Maar de echte beslissingsmacht ligt nog steeds in de centrale kern van de leiding met Pablo Iglesias als algemeen secretaris en een kleine groep rond hem die alle mediabelangstelling krijgen. De kringen of democratische lokale vergaderingen zouden een belangrijke pijler van Podemos in de wijken en op de werkplaatsen kunnen vormen. Het zou mogelijk zijn om werkenden op die manier actief te betrekken bij de volledige werking van Podemos. Maar nu beperken de lokale kringen zich tot het stemmen over kandidatenlijsten en het verspreiden van ideeën voor het programma. Het leidt tot een politieke cultuur waarin de vertegenwoordigers in naam van het volk optreden.

Een programma om zich aan de context aan te passen of om die context te veranderen?

In Griekenland zien we hoe de heersende klasse druk zet om Syriza afstand te doen nemen van zijn meer radicale standpunten. We zien iets gelijkaardig met Podemos in Spanje. In 2014 ging Podemos naar de Europese verkiezingen met een programma dat de eisen van verschillende sociale bewegingen opnam. In het laatste discussiedocument voor het economisch programma werden heel wat elementen overboord gegooid of afgezwakt. Zo eist Podemos niet langer dat de pensioenleeftijd op 60 jaar wordt vastgelegd, maar is dit opgetrokken tot 65 jaar. Het recht op een minimuminkomen voor iedereen is beperkt tot personen die nu uitgesloten worden. Inzake de publieke schulden wordt niet langer een burgeraudit van de schulden voorgesteld om het niet legitieme deel niet langer af te betalen, maar wordt voorgesteld om de schulden en de voorwaarden inzake afbetaling te herschikken.

Het argument voor deze toegevingen is dat Podemos realistisch moet zijn binnen de huidige context. Het klopt natuurlijk dat een programma rekening moet houden met de context en de beschikbare middelen. De huidige context is er een van kapitalistische crisis, besparingen, een zware schuldenlast en dictaten van de trojka. Deze context laat geen ruimte voor een programma dat vertrekt van de noden van de meerderheid van de bevolking. We moeten dus de context veranderen zodat de noodzakelijke koerswijziging ook mogelijk wordt. De schulden zomaar verder afbetalen, betekent dat er geen middelen zijn voor de creatie van werk en om iedereen een degelijk leven aan te bieden. Als we de banken en de sleutelsectoren van de economie niet onder democratische controle en publiek bezit plaatsen, dan blijven deze in handen van de markt en kunnen ze niet op de behoeften van de bevolking gericht worden.

De Spaanse premier Mariano Rajoy (PP) reageert fors tegen Alexis Tsipras op de bijeenkomsten van de eurogroep. Hij wil daarmee ingaan tegen de eis om het besparingsbeleid te stoppen. Hij beseft ook dat succes voor Syriza in eigen land met Podemos problemen zou veroorzaken voor de heersende klasse. Die is bang dat de confrontatie rond de schulden en het besparingsbeleid zich verspreidt naar verschillende landen. De overwinning van Syriza werd in Griekenland voorafgegaan door meer dan 30 algemene stakingen. In februari waren er duizenden betogers om de Griekse regering te ondersteunen in het verzet tegen de eurogroep.

Door de druk en de mobilisatie van onderuit, is het mogelijk om de steun van een grote meerderheid van de bevolking te winnen voor een breuk met het kapitalisme. Het electorale terrein is slechts een uitdrukking van de klassenstrijd. We mogen niet aan de druk toegeven en onze eisen afzwakken. Op 31 januari waren er meer dan 100.000 aanwezigen op een ‘Mars voor verandering’ in Madrid. De oproep ging uit van Podemos met als boodschap: “De verandering die voorheen onmogelijk leek, komt nu steeds dichterbij. We moeten de kaste aan de top verdrijven en de instellingen heroveren voor het belang van de gewone bevolking.” Een nieuwe golf van intensieve strijd in Spanje kan Podemos naar links duwen en mogelijkheden creëren voor het Europese verzet tegen het besparingsbeleid.

Socialismo Revolucionario, onze Spaanse zusterorganisatie, verdedigt een programma van socialistische maatschappijverandering en benadrukt de nood aan mobilisatie en organisatie van de werkenden waarbij eigen politieke instrumenten worden opgebouwd op basis van arbeidersdemocratie.

 

Meer info in het Spaans: socialismorevolucionario.org