De strijd voor socialisme in Sri Lanka

Op het WSF in Mumbai sprak Kevin Simpson van het CWI met Sajiph Sri Lakmal van de United Socialist Party (USP) in Sri Lanka. Sajiph was voorheen een gemeenteraadslid van de JVP, een communalistische anti-Tamil partij die haar reactionair karakter probeert te verbergen achter een masker van socialistische en anti-imperialistische retoriek.

Onder welke omstandigheden leven arbeiders en jongeren in jouw buurt?

"In mijn buurt zijn er tal van sociale en economische problemen. De edelstenenindustrie was vroeger de belangrijkste sector in de regio, maar is ineengestort. Dat komt deels door het uitputten van de voorraden. Maar ook door tussenhandelaars die de juwelen opkopen om er extra winst op te maken. Hierdoor krijgen de mijnwerkers niet de echte waarde uitbetaald voor hun werk. De levensstandaard is gedaald met 60% waardoor veel mijnwerkers nog bijkomende tijdelijke jobs aanpakken.

"Daarnaast zijn er ook veel arbeiders uit de textielsector. Door de constante prijsstijgingen zijn er echter problemen om basisproducten aan te kopen. Veel kinderen van textielarbeiders lijden onder slechte voeding."

Waarom stapte je uit de JVP om bij de USP aan te sluiten?

"Nadat Sri Lanka onafhankelijk werd van Groot-Brittannië, waren er twee belangrijke kapitalistische partijen: de UNP (United National Party) en de SLFP (Sri Lanka Freedom Party). Geen van beide had enige oplossing voor de gewone arbeiders. De ontwikkeling van de JVP gebeurde op basis van haar campagnes die schijnbaar een oplossing naar voor brachten voor de arbeiders in Sri Lanka. Ik werd aangetrokken tot de JVP omdat ze zeiden dat ze links en socialistisch waren. Ze zeiden altijd dat ze een massale organisatie wilden opbouwen om te strijden tegen het kapitalisme en imperialisme. Ze zeiden dat ze tegen de belangrijkste kapitalistische partijen van het land ingingen.

"In 2000 vormde de JVP een coalitie met de kapitalistische partij SLFP. Ik was daar tegen en ging zwaar in de clinch met de leiding van de JVP. In die periode werd ik gemeenteraadslid voor de JVP. Toen duidelijk werd dat de leiding ons bedroog, besliste ik om uit de partij te stappen. Alle leiders van de JVP probeerden met te overtuigen om dit niet te doen, maar uiteindelijk verliet ik toch de partij in maart 2003.

"Het duurde nog twee maanden voor ik bij de USP aansloot. Toen ik de JVP verliet, was ik nog op zoek naar een echte socialistische partij. Ik keek naar de programma’s van andere linkse partijen zoals de LSSP, NSSP en de communistische partij, maar die partijen verraden eveneens de arbeidersklasse door in coalities te stappen met burgerlijke partijen. Ik kwam leden van de USP in mijn wijk tegen en discussieerde gedurende twee dagen met hen. Hierop sloot ik aan bij de USP."

Wat is je inschatting van de nationalistische retoriek van de JVP?

"De JVP stelt altijd dat het grootste probleem in Sri Lanka de verdeel-en-heers politiek van het Britse imperialisme was en dat dit enkel kan overkomen worden door het land één te houden [de JVP gebruikt dit argument als antwoord op het recht op zelfbeschikking van de Tamils in het noorden en oosten van het land. Ze gaan echter verder en organiseren gewelddadige aanvallen op Tamils die in het door de Sinhala bevolking gedomineerde zuiden wonen].

"Toen ik lid werd van de JVP begon ik mij vragen te stellen over het nationale vraagstuk en de oorlog tussen Tamils en de Sinhalese staat. De leiding van de JVP had echter nooit antwoorden op mijn vragen, het was pas toen ik bij de USP kwam dat mijn vragen beantwoord werden.

"Noch Ranil [de eerste minister en lid van de UNP] noch Chandrika [de president van Sri Lanka] kunnen voor vrede op het eiland zorgen of voor een oplossing van het nationale vraagstuk. Uiteindelijk verdedigen zij altijd de belangen van de voornamelijk Sinhalese kapitalisten die tegen een bevrijding van de Tamils zijn. Enkel een arbeidersoplossing voor het nationale vraagstuk kan standhouden."

Delen: Printen: