Chili: massaal protest om de scholierenbeweging te steunen

Vorige maandag was er in Chili een nationale actiedag georganiseerd door de leiding van de honderdduizenden scholieren die nu al in hun vierde week van acties zitten. Deze prachtige beweging van de jongeren stelt heel het neoliberaal programma van de regering in vraag. Het Chileense neoliberale “model” werd in heel het continent als voorbeeld gesteld. De gevolgen van deze beweging zullen dan ook in heel het continent gevoeld worden.

Tony Saunois vanuit Santiago, Chili

Eén van de centrale eisen van de beweging is om komaf te maken aan de gehate wet LOCE die werd opgenomen in de grondwet. Deze wet werd reeds ingevoerd onder de dictatuur van Pinochet en wordt gebruikt om onderwijsinstellingen over te dragen aan de lokale autoriteiten die veel te weinig middelen hebben en ook aan private instellingen. De privatisering van de scholen wordt hierdoor mogelijk.

De actiedag kwam er na een bijeenkomst van verschillende sociale organisaties waartoe was opgeroepen door de scholieren. De jongeren kregen de steun van een grote meerderheid van de Chileense bevolking. Volgens een opiniepeiling steunt 84% van de bevolking de acties, terwijl slechts 14% het regeringsoptreden tegenover de beweging steunt.

Eén miljoen stakers

Uit de verslagen in de media blijkt dat meer dan een miljoen scholieren, leerkrachten en andere arbeiders hebben deelgenomen aan de staking. Dit succes kwam er ondanks de rol van de meerderheid in de vakbondsfederatie CUT. Die sprak zich uit tegen de stakingsoproep van de scholieren. Uit de verslagen van buiten Santiago blijkt dat de stakingen meer steun kregen in de steden en dorpen waar de invloed van de vakbondsleiding beperkter is.

Jammer genoeg had de scholierenbijeenkomst niet opgeroepen tot een centrale nationale betoging van iedereen die zich verzet tegen de regering. Ze riepen ten onrechte op tot een dag van “bezinning”, met activiteiten in de bezette scholen waar er concerten en andere activiteiten plaatsvonden. Anderzijds werd wel niet ingegaan tegen een oproep van andere organisaties die opriepen tot een betoging in Santiago.

Er werd toestemming gevraagd voor een betoging. Dat gebeurde door het Patriottische Front van Manuel Rodriquez, de voormalige gewapende vleugel van de Communistische Partij. Andere organisaties riepen op tot een betoging in de vroege namiddag. Duizenden jongeren en andere activisten kwamen naar het stadscentrum om samen te protestern tegen de regering en hun steun aan de beweging te betuigen. Een groep universiteitsstudenten van de faculteit geschiedenis nam deel met een spandoek waarop stond: “Geschiedenis wordt op straat gemaakt”. Dat was een uitdrukking van het bewustzijn over deze strijdbeweging.

De betogers werden geconfronteerd met een erg brutale oproerpolitie. De avond voordien werd gezegd dat er oproerpolitie werd gezien met een militaire uitrusting. Dat was er uiteraard op gericht om de activisten te intimideren en te vermijden dat ze naar het stadscentrum zouden trekken om te protesteren. Er waren heel wat waterkanonnen, politievoertuigen met traangas, zwaar bewapende oproerpolitie,… Maandagochtend werd het straatbeeld in het stadscentrum hierdoor gedomineerd.

Waterkanon

In de vroege namiddag waren er confrontaties tussen jongeren en oproerpolitie aan de Universidad de Chili en het naburige Instituto National. Groepen studenten kwamen vanuit de universiteit naar buiten om in te gaan tegen de gehate oproerpolitie. Er werden stenen gegooid naar de waterkanonnen. Ook vanop het dak van de universiteit verzamelde een groep studenten die de oproerpolitie bekogelde. Hierop werd gechargeerd en probeerde politie om een aantal jongeren er uit te pikken. Eén politieman kwam daarbij ten val. Er ontstond een kat-en-muis spel dat gedurende meer dan een uur verder ging. Een aantal jongeren gooide met alles wat ze konden vastgrijpen naar de politie.

Een groep jongeren hergroepeerde voor de universiteit. Leden van Socialismo Revolucionario (SR, onze Chileense zusterorganisatie) lanceerden slogans zoals “Jongeren en arbeiders, samen in strijd”. De politie probeerde de groep jongeren en hun aanhangers van voor de universiteit te verwijderen. Er verschenen bijzonder snel veel waterkanonnen die werden ingezet tegen de betogers. Het water bevatte chemische stoffen die een brandend effect hadden en zorgden voor ademhalingsproblemen bij enkele betogers. Er daagden al snel straatverkopers op die citroenen verkochten, citroensap helpt tegen de effecten van de chemische stoffen. Nadat traangas werd gebruikt moest de betoging ontbinden om zich elders te hergroeperen.

Kat-en-muis spel

Op dat ogenblik waren er al duizenden betogers in de buurt van de Alameyda, een grote laan doorheen het centrum van deze buurt in Santiago. De politie werd verder bekogeld met stenen. In de hele binnenstad waren er confrontaties. De jongeren waren erg moedig en wilden zich verzetten tegen de brutale repressie van de politie. Telkens opnieuw waren er hergroeperingen waarop de acties werden verdergezet. De politie had de vorige dagen nog brutale repressie gebruikt tegen de jongeren, maar lag nu zelf onder vuur. Veel jongeren vonden dat het tijd was dat de politie eens een koekje van eigen deeg kreeg toegediend.

De kat-en-muis spelletjes duurden nog enige tijd en toen was er een escalatie van de strijd. Een groep actievoerders probeerde een betoging op gang te brengen. "El pueblo unido jamas sera vencido", riepen de betogers. Dat leidde ertoe dat de oproerpolitie een nooit geziene aanval inzette op de betogers. Drie of vier waterkanonnen werden onmiddellijk ingezet. Tegelijk waren er kleine wagens met traangas. Naarmate de dag vorderde, was er een walm van traangas in heel de binnenstad.

Ook de leden van Socialismo Revolucionario werden getroffen door het traangas en het waterkanon. Het gas zorgt voor een brandend gevoel en kan mensen tijdelijk verblinden. Het was duidelijk uit onze ervaringen en deze van andere betogers, dat de politie wellicht sterk traangas heeft gebruikt dat normaal enkel in oorlogssituaties wordt gebruikt. Misschien oordeelde de politie dat er in het centrum van Santiago in de namiddag van 5 juni effectief een oorlogssituatie was.

Rond de Alemeyda zorgden het water en het gas ervoor dat de actievoerders een andere richting uittrokken. Dat werd telkens opnieuw herhaald. Een aantal betogers zocht toevlucht in een metrostation. Een groep van de oproerpolitie probeerde een dergelijke groep jongeren te omsingelen om hen op te pakken en af te voeren. De jongeren waren echter bijzonder creatief om de repressie te ontlopen. Er was ook een bizar beeld toen twee zakenlui in maatpak met aktentas voorbij het gewoel kwamen en onderling wat aan het bijpraten waren alsof het slagveld een normale dagelijkse gebeurtenis was.

Jammer genoeg was er in het gewoel ook sprake van een aantal plunderingen. Een aantal jongeren probeerde computers, CDs-pelers, televisies en andere goederen te stelen. Dat werd uiteraard overgenomen op de televisie en er werd een centraal punt van gemaakt in de nieuwsuitzendingen.

De straatgevechten in Santiago, op een plaats waar een betoging was toegelaten, stonden in een schril contrast met de betoging in Valapariso waar een betoging wel vreedzaam kon plaatsvinden. Er zouden in Santiago zo’n 300 jongeren opgepakt zijn. 250 mensen hadden medische verzorging nodig, waaronder 32 politie-agenten.

Verdeeldheid in de beweging

De gebeurtenissen in Santiago warden door de regering aangegrepen om de beweging te verdelen. Er werd heel wat druk gezet op de leiders van de jongerenbeweging om geen massabetoging te organiseren of om de rest van de bevolking op te roepen om mee te staken. Als protest tegen de gelaten reactie van de scholierenleiding, nam een scholierenleider al ontslag uit de leiding van de beweging. Naarmate de beweging ontwikkelde, werd het duidelijk dat er zowel een meer militante als een meer gematigde vleugel is.

Naarmate de beweging ervaringen opdoet, zal het noodzakelijk zijn om nieuwe organisatievormen aan te nemen. Op een bijeenkomst van alle sociale bewegingen die de acties ondersteunen, waren er op zaterdag zo’n 600 aanwezigen. De bijeenkomst was erg strijdbaar en toonde de maturiteit van de jongeren. Er werden enkel afgevaardigden toegelaten die zich konden identificeren. De identiteitskaarten moesten afgegeven worden aan een uitgebreide ordedienst en werden pas na de bijeenkomst teruggeven. Journalisten werden niet toegelaten. Het was ook niet toegelaten om opnames te maken van de discussies. Iedere poging om sprekers te onderbreken, werd tegengehouden door de scholieren.

De meest militante sprekers kregen een enorm enthousiaste reactie. Arbeiders die hun steun betuigden aan de scholieren werden warm onthaald. Een vertegenwoordiger van een vakbond van overheidspersoneel stelde dat zijn collega’s op maandag zouden meestaken. Hij ging echter verder en riep op om ‘strijdcomités’ te vormen op de werkvloer en in arbeidersbuurten waarbij deze gelieerd worden aan de scholierencomités.

Het Franse voorbeeld

Het Franse voorbeeld werd naar voor gebracht door een vertegenwoordiger van Socialismo Revolucionario (SR). Die legde uit hoe de massale studentenacties in Frankrijk hadden geleid tot toegevingen. De kameraad legde uit dat het noodzakelijk is om de actieve steun van de arbeidersbeweging te verkrijgen om de strijd uit te breiden.

Er is een enorme steun en sympathie voor de jongeren. Een aantal scholieren lijkt gefrustreerd te zijn door het schijnbare gebrek aan mobilisatie van oudere arbeiders. Aan één school hing er een cartoon van een oudere persoon die vanuit een zetel naar televisie keek. Onder de tekening stond de slogan: “Wordt wakker! Weet je niet dat je kinderen een strijd voeren?”.

De organisatiegraad van de scholieren wordt duidelijk in de scholen die bezet worden. Toen een kleine rechtse groep van neo-nazi’s probeerde een aanval uit te voeren op een aantal scholen, werd een eigen veiligheidsdienst opgezet. In een aantal regio’s, zoals Maipu, hebben de comités in de scholen zich verenigd op regionale basis.

Jongeren willen hun deel

De scholieren vertegenwoordigen een nieuwe generatie die in actie komt. Ze werden niet geboren onder de rechtse dictatuur van Pinochet, maar tijdens de periode van economische groei toen de Chileense economie een “tijger-economie” werd genoemd. De Chileense heersende klasse verwijst niet langer naar die tijgereconomie, maar stelt nu dat Chili een “ontwikkeld land” is. De jongeren willen hun deel van die “ontwikkeling”.

Maar ze strijden voor meer dan dat. Ze komen ook in actie tegen de “consumptiemaatschappij”, ook al is dat op zich een naïef concept van de samenleving. Het idee dat ook het onderwijs een marktelement is en zich naar marktnormen moet organiseren, zorgde voor een grote afkeer tegenover de markt. Dit komt tot uiting in heel wat spandoeken in Santiago die zich verzetten tegen de vermarkting van het onderwijs. Er was bijvoorbeeld een ironische spandoek met de slogan: “Als het onderwijs een markt vormt, moet de klant altijd baas zijn.”

Tijdens de beweging hebben de jongeren de regering vernederd. Ze dwongen president Bachelet tot een speciale televisieboodschap aan het land. Ze dwongen ministers twee keer tot het opstarten van onderhandelingen. De scholierenleiders stelden aan de ministers dat indien de regering niet in staat is om voorstellen te doen rond het onderwijs, ze zelf wel de nodige voorstellen zullen doen.

Iedere hoop dat Bachelet anders zou zijn dan haar voorgangers, verdwijnt onder de scholieren. Zo waren er recent affiches in Santiago waarop stond: “Bachelet – toespraken voor de armen, beleid voor de rijken.”

Het is mogelijk dat de acties de komende dagen zullen stopgezet worden opdat een commissie het onderwijssysteem kan onderzoeken. Er zijn al een aantal toegevingen afgedwongen. Bachelet stelde dat 135 miljoen dollar extra wordt vrijgemaakt voor onderwijs, onder meer voor tienduizenden schoolmaaltijden. Er komt een verandering op het vlak van inschrijvingsgeld voor toegangsexamens. Daarnaast waren er ook kleinere toegevingen;

Deze strijd kan een keerpunt vormen in de strijd tegen het kapitalisme in Chili. Na de dictatuur en de periode van overgang met de “ontwikkeling” van de economie, is een periode van strijd aangebroken. Deze strijdbeweging biedt enorm veel mogelijkheden voor de uitbouw van een socialistische kracht zoals Socialismo Revolucionario.

Delen: Printen: