Aanpak van de werklozen in plaats van de werkloosheid

Bart Somers lanceerde een ‘nieuw’ voorstel om de werkloosheidsuitkering in de tijd te beperken. Spirit en NVA haastten zich om te zeggen dat zij eerder eenzelfde voorstel deden. Ook Unizo en het VBO deden reeds gelijkaardige voorstellen. In plaats van de werkloosheid aan te pakken, worden de werklozen aangepakt.

Aangepaste versie van een artikel door Karel Mortier op links-socialisme.blogspot.com

De aanpak van de slachtoffers van het systeem is vandaag in. Quasi alle politieke partijen pleiten voor een verdere verharding van de asielwetgeving en straffen daarmee mensen die op zoek gaan naar een beter bestaan.

Vandaag is het opnieuw de beurt aan de werklozen. De VLD wil van de verstrenging van het werkloosheidsbeleid immers een verkiezingsthema maken. De partij streeft naar een beperking van de uitkeringen in de tijd, zoals dat in de meeste van de ons omringende landen reeds het geval is.

Dit voorstel wordt door zowat alle liberalen gesteund: Spirit, NVA, Unizo, VBO,… Allemaal deden ze reeds voorstellen in deze richting. Ook het Vlaams Belang dat nu stil is rond deze kwestie, liet eerder al weten dat het voorstanders is van een beperking van de werkloosheidsuitkering in de tijd. In een congrestekst uit 1993 klonk het nog zo: “De eerste drie maanden ontvangt een werkloze 75% van zijn laatst verdiende loon. Nadien vermindert dat elke maand met 5%. Tot de bodem is bereikt”.

Naar aanleiding van haar economisch congres vorig jaar stelde het VB dat het tijd wordt om komaf te maken met “sociale taboes”. Daarbij werd verwezen naar de situatie in Duitsland waar werklozen slechts een uitkering krijgen van 345 euro per maand. De Duitse regering wil nu bovendien nog verder gaan. Zo zijn er voorstellen om werklozen te laten werken voor hun uitkering…

Niet alleen de VLD wil de werklozen aanpakken

De VLD stelt dat het de werkloosheidsuitkering tijdens de eerste maanden van werkloosheid wil verhogen tot 80% van het laatste inkomen, in plaats van de huidige 60%. Een uitkering zou wel beperkt worden tot drie jaar. Het resultaat is dat werklozen na drie jaar afhankelijk zouden worden van een leefloon van het OCMW.

De SP.a is tegen dit voorstel. De partij stelt dat werklozen beter moeten opgevolgd worden. Wie “werkonwillig” is, kan vanaf dag 1 de uitkering verliezen. Waarom 3 jaar wachten als je mensen al na een maand kan schorsen?

Alle partijen zijn het eens over het aanpakken van de werklozen in plaats van de werkloosheid. Alleen verschillen ze over de methoden die daarbij worden toegepast.

In de jaren ‘90 verschoof de klemtoon van het beleid in ons land en in de rest van Europa van de aanpak van de werkloosheid naar de aanpak van de werklozen. Het probleem lag niet zozeer bij de vraag naar arbeid, maar bij het aanbod. De verschuiving in het economisch denken – van de (Keynesiaanse) stimulering van de vraag naar de stimulering van het aanbod – had ook een impact op het werkloosheidsbeleid.

Vande Lanotte mag dan beweren in de kranten dat dit niet het geval is: het beleid van de laatste 10 jaar bewijst het tegendeel. De actieve welvaartstaat waarin dit beleid kadert, is in eerste instantie het kind van Vandenbroucke (SP.a), die het idee meebracht van Oxford. Vandenbroucke vertoefde er tijdens zijn ballingschap na het Agusta-schandaal.

Werkloosheid werd niet langer gezien als een maatschappelijk probleem, maar als een individueel probleem waar werklozen in de meeste gevallen zelf voor verantwoordelijk zijn. Zogenaamd omdat ze “niet over de nodige competenties/attitudes beschikten” om een baan te vinden op de arbeidsmarkt. “Wie actief naar werk zoekt, zal werk vinden”, klinkt het. De traditionele partijen verschoven daarmee de verantwoordelijkheid van het beleid en het economisch systeem naar het individu.

Partijen als de SP.a geven de indruk dat ze een progressieve invulling geven aan dit beleid, door meer aandacht te besteden aan opleiding, begeleiding en training van werklozen, wat allemaal “goed” zou zijn “voor de mensen”. De liberalen willen in eerste instantie scoren bij de ondernemers, die een zo groot mogelijk aanbod van goedkope arbeidskrachten willen.

In de praktijk liggen beide visies dicht bij elkaar. Ze worden alleen op een andere manier aan de man gebracht. De traditionele partijen gaan echter bewust voorbij aan het fundamenteel onvermogen van het huidige systeem om iedereen van een baan te voorzien.

Hoe denkt men concreet de honderdduizenden werklozen, nepstatuten en mensen die ondertewerkgesteld zijn aan een baan te helpen, als er maar enkele tienduizenden vacatures zijn op een gegeven moment? Het lijkt er dan ook op dat de VLD probeert om haar retoriek over de “hardwerkende” Vlaming extra in de verf te zetten, door zich af te zetten tegen de honderdduizenden Vlamingen die op dit moment leven van een werkloosheidsuitkering.

Op die manier proberen ze door een verdeel-en-heersstrategie toe te passen en in te spelen op de laagste instincten van sommige mensen hun positie te versterken. Werkgevers krijgen ondanks de miljarden aan lastenverlagingen, waar anderen voor hebben gewerkt, geen enkele verplichting opgelegd van de overheid om bijkomende banen te scheppen. Werklozen, echter, worden voor hun beperkte uitkering – waar ze in de meeste gevallen zelf bijdragen voor hebben betaald – in toenemende mate vanuit allerlei hoeken aangevallen en verantwoordelijk gesteld voor hun werkloosheid. Het is wellicht wel leuk voor de SP.a dat hun rechtse partner naar rechts opschuift, zodat ze zelf zogenaamd “links” uit de hoek kunnen komen, zonder daar iets voor te moeten doen.

Delen: Printen: