Sri Lanka: acties op 1 mei ondanks verbod. United Socialist Party verzet zich tegen de heropflakkerende burgeroorlog

Op 25 april was er een zware bomaanslag op het hoofdkwartier van het leger in Colombo, de hoofdstad van Sri Lanka. Hierop kondigde de nieuwe president aan dat alle betogingen en bijeenkomsten op 1 Mei werden verboden. Die beslissing kwam er door de enorme spanningen in het land en zeker in de hoofdstad Colombo. Die spanningen komen er door het beleid van de regering zelf. De regering van de UPFA (United People’s Freedom Alliance) kwam aan de macht op basis van beloftes, onder meer rond vrede in het land.

Siritunga Jayasuriya, Sri Lanka

In plaats van vrede, zien we een evolutie in de andere richting. Het verbod op de 1 Mei optochten was bovendien een inbreuk op het fundamentele recht van de arbeiders om de internationale dag van de arbeid te vieren.

Alle grote kapitalistische partijen en vakbonden die de regering steunen, besloten om geen activiteiten te organiseren op 1 mei. Maar met de United Socialist Party (USP) besloten we om ons niet neer te leggen bij de ondemocratische actie van de president. We roepen de arbeiders op om samen met ons 1 Mei te vieren. Een inspecteur van de politie belde naar ons secretariaat om te zeggen dat we geen activiteit mochten organiseren op 1 Mei. Zowel de regering als de commerciële media stelden dat het verboden was om naar de 1 Mei activiteiten te gaan en dat er zelfs een gevaar voor incidenten was. De stad was vrij leeg op 1 Mei. Ondanks alle berichten in de media en de oproepen om niet deel te nemen, was er toch een politieke partij die een 1 Mei optocht organiseerde. Dat was de USP.

De politie kwam naar onze verzamelplaats waar de betoging zou vertrekken. Daar werd opnieuw gesteld dat de betoging verboden was. We legden uit dat de arbeiders het recht hebben om op 1 mei te betogen en dat we toch zouden betogen. Uiteindelijk hadden ze geen andere keuze en lieten ze ons betogen. We legden het volledige voorziene parkoers af en hielden op het einde een meeting. Daarvoor kregen we heel wat steun van de lokale bevolking. Alle nationale televisiezenders brachten verslagen van onze betoging, met uitzondering van de staatszender.

Het werd duidelijk dat zelfs voor het echte begin van de oorlog in het land de democratische rechten toch al onder vuur liggen. Een heropflakkering van de oorlog zal een enorme hindernis vormen voor de arbeiders en de armen. De gewone bevolking betaalt een prijs voor de oorlog. Nu reeds zijn er sterke prijsstijgingen voor basisgoederen.

Wij roepen de arbeiders en vakbondsmilitanten op om campagne te voeren tegen de oorlog. We voeren campagne voor een nationale bijeenkomst over de belangrijkste problemen waarmee de arbeiders en de arme boeren worden geconfronteerd, om zo een begin te maken van een campagne tegen de neoliberale aanvallen en de dreiging van de ontwikkeling van een burgeroorlog in het land.

Delen: Printen: