Voor een nieuwe arbeiderspartij! Waarom dan nog een revolutionaire partij opbouwen?

Linkse Socialistische Partij/Mouvement pour une Alternative Socialiste roept reeds jaren op voor de vorming van een nieuwe partij die de verdediging van de belangen van de arbeiders overneemt van de "socialistische partijen". Die houden liever de dure pennen vast waarmee ze schandalige akkoorden met het patronaat ondertekenen, dan de strijd te organiseren. Denken we dan dat een revolutionaire partij, zoals we die al jaren opbouwen in België en internationaal, de strijd niet kan organiseren?

Nicolas Croes

De revolutionairen zijn bijna steeds in minderheid in de maatschappij. Moeten we daarin het bewijs zien dat revolutionaire ideeën tot het verleden behoren? Geenszins, het is hooguit de uitdrukking van de sterkte van de dominante ideologie in eender welke maatschappij, de ideologie dus van de heersende klasse, in ons geval de burgerij. Pas als de tegenstellingen van het kapitalistisch uitbuitingssysteem op grote schaal aan het licht komen, bestaat de ruimte voor revolutionaire ideeën om op grote schaal bij de massa’s ingang te vinden. De Italiaanse revolutionair Antonio Gramsci vergeleek het kapitalisme van de Westerse landen met een beschermde burcht omringd door een mijnenveld dat bestaat uit de verdraaiingen door de burgerlijke pers, de greep van religie op ons denken en de integratie van de vakbondsleidingen en de zogenaamde arbeiderspartijen in het beheer van het kapitalisme.

Bij het spreken over “arbeiderspartijen” kan men enkel het enthousiasme vaststellen waarmee SP.a en PS de neo-liberale weg zijn opgegaan, de arbeiders en de werklozen in de steek hebben gelaten en zich steeds nadrukkelijker naar de beter begoede middengroepen hebben gericht. De actieve deelname van de militanten hebben ze ingeruild voor publiciteitscampagnes van reclamebureau’s. Aan hun lot overgelaten en aangevallen door diegenen die gisteren nog beweerden hun belangen te verdedigen (al deden ze dat meestal niet), voelen veel arbeiders zich gedesoriënteerd. Toch zijn slechts weinig van die arbeiders nu al bereid hieruit revolutionaire conclusies te trekken. Ze willen eerst iets er tussenin uittesten, een middel waarmee ze ervaring kunnen opdoen op het politieke terrein dat nu volledig beheerst wordt door de lakeien van het patronaat. Dat onmisbaar instrument om in de tegenaanval te gaan tegen de voortdurende aanvallen op onze verworvenheden, is wat we bedoelen met een nieuwe partij van de massa van de arbeiders.

Partijen in die zin kunnen snel succes boeken in het aantal leden dat ze kunnen aantrekken, in de steun onder syndicalisten en zelfs op electoraal vlak (hetgeen reeds gebeurde in verschillende landen, zie daarvoor de artikels over Nederland en Duitsland) Revolutionairen staan steeds resoluut aan de kant van de onderdrukten, van de arbeiders. Zich opsluiten in zijn gelijk en “zuiver en hard” blijven door ons te beperken tot kritiek leveren, zou ons deels medeplichtig maken aan de anti-sociale maatregelen van het patronaat en haar regering. We kunen bijgevolg enkel aandringen op de nood aan dergelijke partijen en actief deelnemen aan hun opbouw.

De rol van revolutionairen beperkt zich uiteraard niet tot het helpen tot stand brengen van dergelijke partijen. Het volstaat immers niet om zich te verzetten tegen de neo-liberale politiek om de problemen op te lossen waarmee de massa’s van de arbeiders dagelijks geconfronteerd worden. Problemen van politieke keuzes kunen vrij snel opduiken. De Nederlandse SP neemt bijvoorbeeld deel aan gemeentecoalities die priivatiseringen hebben doorgevoerd. Dat is ook het geval met de PDS (nu Linkspartei) in Duitsland. In de hoop Berlusconi te verslaan, is de leiding van de Italiaanse Partij voor de Communistische heroprichting (PRC) toegetreden tot de sociaal-liberale coalitie van Prodi en verklaart ze zich bereid toe te treden tot een “linkse” regering. In plaats van een links beleid opteren de dominante partijen in deze coalitie echter voor een gematigde liberale politiek.

De aanvaaarding van de logica van het kapitalisme kan enkel leiden tot nog meer uitbuiting van de arbeiders. Op termijn kan enkel een consequent socialistische koers, een revolutionaire dus, vermijden dat men zijn geloofwaardigheid verliest. Dat vereist een democratische, maar tegelijk efficiënte partij, een collectief dus waarin persoonlijke ambitie moet wijken voor collectieve ambitie. Een nieuwe arvbeiderspartij moet de strijd op het terrein organiseren, want het is daar, in de werkplaatsen, de scholen, de wijken dat de echte meerderheid zich bevindt, niet in de kleinzielige maneuvers in het parlement.

Opdat die koers haar enorm potentieel zou kunnen aantonen, moeten de revolutionaire krachten niet enkel georganiseerd blijven binnen die nieuwe partijen, ze moeten ich ook versterken en wegen in het praktische werk. “Een ons praktijk is meer waard dan eeen ton theorie”, zei Lenin. Een eeuw later blijft die opmerking terecht. De discussies en debatten over socialisme zijn geen gepalaver over een hypothetische toekomst, maar een onmisbaar middel om de strijd van vandaag richting te geven.

Delen: Printen: